Bijdrageverordening RUD Zeeland 2017Besluit van het algemeen bestuur van de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland d.d. 20 maart 2017, houdende de vaststelling van de verordening inzake uitgangspunten voor de toerekening van kosten (Bijdrageverordening RUD Zeeland 2017) Het algemeen bestuur van de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland, Gelet op artikel 35 van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland; artikel 44, eerste lid van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland; Overwegende dat voor de berekening van de kosten van de bijdragen van de deelnemers van RUD Zeeland de uitgangspunten worden vastgelegd in een verordening; dat in het Rapport PxQ, zoals vastgesteld in het algemeen bestuur van 20 maart 2017 de uitgangspunten voor de toerekening van de bidrage van de deelnemers zijn vastgelegd; Gelezen het voorstel van het dagelijks bestuur van 6 maart 2017 Besluit vast te stellen: Bijdrageverordening RUD Zeeland 2017 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: a. deelnemers: de rechtspersonen achter de aan de regeling deelnemende bestuursorganen, te weten de gemeenten Borsele, Goes, Hulst, Middelburg, Kapelle, Noord-Beveland, Reimerswaal, Schouwen-Duiveland, Sluis, Terneuzen, Tholen, Veere, Vlissingen alsmede de provincie Zeeland en het waterschap Scheldestromen; generieke kosten: betreffen de indirecte kosten ten behoeve van het primaire proces. Deze kosten worden jaarlijks gespecificeerd in de begroting; genormeerde producten: producten uit de Producten- en Dienstencatalogus waarvoor in de Producten- en Dienstencatalogus zowel een kental (uren per product) als een frequentie is opgenomen. Deze producten hebben een vast tarief. Dit geldt voor zowel basis-, niet basis- en plustaken; niet genormeerde producten: producten uit de Producten- en Dienstencatalogus waarvoor in de Producten- en Dienstencatalogus en/of geen kental (uren per product) en/of geen frequentie is opgenomen. Deze producten worden op basis van werkelijk bestede uren verrekend. Dit geldt voor zowel basis-, niet basis- en plustaken; overhead kosten: betreffen alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van het primaire proces. Deze kosten worden jaarlijks gespecificeerd in een bijlage in de begroting; Producten- en Dienstencatalogus: Producten- en Dienstencatalogus zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 22 september 2014 dan wel een opvolgende recentere vastgestelde versie; g. PxQ-rapport: PxQ-rapport zoals vastgesteld door het algemeen bestuur d.d. 20 maart 2017; regeling: de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland; uitvoeringsdienst: Regionale uitvoeringsdienst Zeeland. Hoofdstuk2Bijdragen en vergoedingen Artikel2Grondslag voor bijdragen en vergoedingen Elke deelnemer die door de uitvoeringsdienst basistaken, en voor zover van toepassing niet basistaken en plustaken, laat uitvoeren, is een bijdrage voor deze taken verschuldigd aan de uitvoeringsdienst. Artikel3Vaststelling van het volume voor de uitvoering van basis-, en niet basis- en plustaken Het volume voor de uitvoering van de genormeerde basis- en, voor zover van toepassing, voor niet basistaken wordt berekend aan de hand van vastgestelde kentallen en frequenties zoals opgenomen per product in de Producten- en Dienstencatalogus van het jaar t-1 en het inrichtingenbestand per 1 april van het jaar t-1. Het volume voor de uitvoering van de genormeerde plustaken wordt berekend aan de hand van vastgestelde kentallen en frequenties zoals opgenomen per product in de Producten- en Dienstencatalogus van het jaar t-1 en indien van toepassing aan de hand van het inrichtingenbestand per 1 april van het jaar t-1. Het volume voor de uitvoering van de niet-genormeerde basis- en, voor zover van toepassing, voor niet basistaken wordt geraamd op basis van afname van het jaar t-2. Het volume voor de uitvoering van niet genormeerde plustaken wordt geraamd door de uitvoeringsdienst. Bij deze raming wordt uitgegaan van een continuering van afname van de niet genormeerde plustaken van de deelnemer of deelnemers van het jaar t-2, aangevuld met de niet genormeerde plustaken waarvan de deelnemer aangeeft dat zij deze willen afnemen bij de uitvoeringsdienst. In afwijking van het in het eerste en tweede lid gestelde wordt voor het jaar 2017 en 2018 het volume van de genormeerde basis-, niet basis- en plustaken berekend aan de hand van vastgestelde kentallen en frequenties zoals opgenomen in het PxQ-rapport. In afwijking van het in het derde en vierde lid gestelde wordt voor het jaar 2017 en 2018 het volume van de niet genormeerde basis-, niet basis- en plustaken berekend aan de hand van de in het PxQ-rapport opgenomen ramingen. Artikel4Tarief voor basis-, niet basistaken en plustaken Het uurtarief is een optelsom van de salariskosten per uur, de overhead per uur en de generieke kosten per uur. Het tarief voor de genormeerde basis-, niet basis- en plustaken wordt bepaald door het aantal genormeerde uren per product te vermenigvuldigen met het daarbij behorende uurtarief. Het tarief voor niet genormeerde basis-, niet basis- en plustaken is gelijk aan het uurtarief van de voor taak ingezette medewerker. De tarieven worden jaarlijks aangepast aan de algemene loon- en prijsontwikkeling. In aanvulling op het vorige lid kunnen de tarieven ook buiten de algemene loon- en prijsontwikkeling worden aangepast. Artikel5Tarievenblad De tarieven zoals opgenomen in artikel 4 worden vastgelegd in een tarievenblad. Jaarlijks stelt het algemeen bestuur een tarievenblad voor het jaar t vast voorafgaand aan het jaar waar de tarieven betrekking op hebben. Artikel6Berekening bijdrage De jaarlijkse bijdrage voor de genormeerde basis-, en voor zover van toepassing genormeerde niet basistaken bedraagt de som voor alle geraamde producten van de in artikel 4, lid 2 genoemde tarieven. Deze jaarlijkse bijdrage wordt tussentijds niet bijgesteld. De jaarlijkse bijdrage voor de genormeerde plustaken bedraagt de som voor alle geraamde producten van de in artikel 4, lid 2 genoemde tarieven. Deze jaarlijkse bijdrage wordt tussentijds niet bijgesteld. De jaarlijkse bijdrage voor niet genormeerde basis en niet basistaken wordt berekend aan de hand van het daadwerkelijk aantal te leveren uren vermenigvuldigd met het in artikel 4, derde lid, genoemde tarief. De jaarlijkse bijdrage hiervoor wordt afgerekend op basis van werkelijke uren inzet. De jaarlijkse bijdrage voor niet genormeerde plustaken wordt berekend aan de hand van het daadwerkelijk aantal te leveren uren vermenigvuldigd met het in artikel 4, derde lid, genoemde tarief. De jaarlijkse bijdrage hiervoor wordt afgerekend op basis van werkelijke uren inzet. Artikel7Facturering en betaling De betaling van de jaarlijkse bijdrage voor basistaken en, voor zover van toepassing, voor niet basistaken en plustaken vindt plaats in 12 maandelijkse termijnen met dien verstande dat de deelnemer iedere 15e van de maand de eerstvolgende maand 1/12 deel van de bijdrage betaalt voor af te nemen basistaken en, voor zover van toepassing, 1/12 deel van de bijdrage voor niet basistaken en plustaken. In aanvulling op het bepaalde in het eerste lid, wordt na elk boekjaar op 15 maart de eindfactuur opgemaakt voor de uitgevoerde niet genormeerde basistaken en, voor zover van toepassing, voor niet basistaken en plustaken in het voorafgaande boekjaar. Artikel8Overschotten en tekorten Jaarrekening Alvorens het rekeningresultaat te bepalen, vindt een controle plaats op de opbrengsten en kosten van de taken in het kader van de vennootschapsbelasting. Een overschot op wettelijke taken wordt eerst toegevoegd aan de algemene reserve voor zover de norm voor het weerstandsvermogen niet gerealiseerd is. Het alsdan resterende overschot wordt aan de opdrachtgevers terugbetaald. De verrekening vindt plaats op basis van de relatieve bijdragen van de deelnemers in de uitvoeringsdienst . Ten aanzien van andere taken wordt door opdrachtgevers een integrale kostprijs betaald, zodat hier geen overschot wordt behaald. Tekorten bij het opstellen van de jaarrekening worden met de deelnemers verrekend op basis van hun relatieve bijdragen in de uitvoeringsdienst. Artikel9Onvoorziene omstandigheden In gevallen waarin sprake is van omstandigheden of wijzigingen waarin deze verordening niet voorziet besluit het dagelijks bestuur, na overleg met de betreffende deelnemer of deelnemers. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel10Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Bijdrageverordening Regionale Uitvoeringsdienst Zeeland 2017. Artikel11Bekendmaking en inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking in het blad gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland en werkt terug tot en met 1 januari 2017. Aldus vastgesteld in de vergadering van het algemeen bestuur van RUD Zeeland d.d. 20 maart 2017.De Voorzitter De SecretarisDe heer A.G. van der Maas De heer ing. A. van Leeuwen MPAToelichting Algemeen In artikel 44 van de Gemeenschappelijke regeling Regionale uitvoeringsdienst Zeeland is opgenomen dat het algemeen bestuur een bijdrageverordening vaststelt. In de bijdrageverordening dienen de uitgangspunten voor de toerekening van de kosten vastgelegd te worden. De uitgangspunten voor de toerekening van de kosten zijn vastgelegd in het rapport ‘PxQ RUD Zeeland 2016, Verrekensystematiek Zeeuws Kwaliteitsniveau, Versie 23 augustus 2016’ (verder: PxQ-rapport). In het PxQ-rapport zijn de taken vastgelegd die door de Regionale uitvoeringsdienst Zeeland voor de deelnemers worden uitgevoerd, met het daarbij behorende kwaliteitsniveau. Dit kwaliteitsniveau wordt gevormd door het samenstel van (gemiddeld) aan een product te besteden uren, het opleidingsniveau en de minimaal benodigde ervaring van de perso(o)n(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.