Besluit van de raad van de gemeente Noordwijk van 18 december 2007 De raad van de gemeente Noordwijk; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 6 november 2007, nr. ; gelet op artikel 223 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de navolgende verordening: Verordening op de heffing en de invordering van forensenbelasting 2008 Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder woning: een gemeubileerde woning als bedoeld in artikel 223 van de Gemeentewet. Artikel2Belastbaar feit en belastingplicht Onder de naam “forensenbelasting“ wordt een directe belasting geheven van de natuurlijke personen, die, zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, er op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Of iemand in de gemeente hoofdverblijf heeft, wordt naar de omstandigheden beoordeeld. Artikel3Vrijstellingen Niet belastingplichtig is degene die ter tijdelijke waarneming van een openbare betrekking of ter bijwoning van de vergaderingen van een vertegenwoordigend openbaar lichaam, waarvan hij het lidmaatschap bekleedt, dan wel ingevolge last of bevel van de overheid, buiten de gemeente van zijn hoofdverblijf vertoeft. Artikel4Maatstaf van heffing De belasting wordt berekend naar de waarde in het economische verkeer van de woning. De waarde in het economische verkeer wordt bepaald op die welke aan de woning dient te worden toegekend indien de volle en onbezwaarde eigendom daarvan zou kunnen worden overgedragen en de verkrijger de woning in de staat waarin deze zich bevindt, onmiddellijk en in volle omvang in gebruik zou kunnen nemen. De waarde in het economische verkeer is die bij het begin van het belastingjaar. Artikel5Belastingtarief De belasting bedraagt bij een waarde in het economisch verkeer van: minder dan € 140.000,00 € 438,80 € 140.000,00 tot € 240.000,00 € 649,40 € 240.000,00 tot € 515.000,00 € 930,30 € 515.000,00 tot € 860.000,00 € 1.439,30 € 860.000,00 of meer € 1.930,80 Artikel6Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. Artikel8Termijnen van betaling In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede twee maanden later. De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel9Kwijtschelding Bij de invordering van forensenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel10Nadere regels door het college van burgermeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de forensenbelasting. Artikel11Inwerkingtreding en citeertitel De ‘Verordening forensenbelasting 2007’ van 19 december 2006 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van bekendmaking. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2008. Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening op de heffing en invordering van forensenbelasting 2008’. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 18 december 2007 H.H.M. Groen, voorzitter H.C.A. Kolen, griffier
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.