Toetsingskader provinciale ondersteuningsinstelling Zuid-Holland (Prov. Blad 2017, 2963)Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland en Provinciale Staten van Zuid-Holland; Gelet op de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen; Overwegende dat het wenselijk geacht wordt te beschikken over een toetsingskader voor de beoordeling van de activiteiten ten behoeve waarvan aan de provinciale ondersteuningsinstelling als bedoeld in de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen subsidie wordt verleend; Besluit: I. Vast te stellen, een beleidsregel inhoudende een toetsingskader voor de activiteiten van de provinciale ondersteuningsinstelling voor de provincie Zuid-Holland, als bedoeld in de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen: 1.Inleiding Dit document beschrijft het inhoudelijk toetsingskader voor de activiteiten van de provinciale ondersteuningsinstelling voor Zuid-Holland. Uit hoofde van de Wet stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) zijn zogenoemde provinciale ondersteuningsinstellingen verantwoordelijk voor onder andere de distributie van fysieke werken door middel van het interbibliothecair leenverkeer en de ontwikkeling van innovaties voor lokale bibliotheken. De Wsob definieert deze ondersteuningsinstellingen als een “in overwegende mate door een of meer provincies gesubsidieerde of in stand gehouden voorziening die een pakket aan ondersteunende activiteiten biedt voor de lokale bibliotheken in de desbetreffende provincie of provincies”. Gevolg gevend aan de Wsob kent ook de provincie Zuid-Holland een provinciale ondersteuningsinstelling als bedoeld in de wet. De instandhoudingsfiguur die de provincie Zuid-Holland gekozen heeft, is die van een -ook in de wet genoemde- subsidierelatie in de vorm van een boekjaarsubsidie aan een private organisatie. Op het moment waarop dit toetsingskader tot stand komt is dit ProBiblio, die (mede) voor de provincie Zuid-Holland de functie van provinciale ondersteuningsinstelling vervult. Voor de beoordeling van de activiteiten ten behoeve waarvan de subsidie wordt verleend, is het raadzaam geacht het onderhavige toetsingskader te formuleren. Voor de provincie dient dit toetsingskader als leidraad voor de beoordeling van het jaarwerkplan dat jaarlijks in het kader van de subsidieverlening door de ondersteuningsinstelling dient te worden ingediend en bij de beoordeling van de uitgevoerde activiteiten ten behoeve van de subsidievaststelling. Ook wordt het gebruikt bij de periodieke evaluatie van de boekjaarsubsidie aan de provinciale ondersteuningsinstelling. Voor de subsidie ontvangende ondersteuningsinstelling kan dit toetsingskader houvast bieden bij het opstellen van het jaarwerkplan, de uitvoering van de activiteiten en de aanvraag voor subsidievaststelling Het toetsingskader is niet het enige sturingsinstrument in de relatie met de provinciale ondersteuningsinstelling. Goede aansturing vereist een duidelijke rolopvatting, een heldere ambitie, een goede informatiepositie, een adequate planning- en control-cyclus en voldoende beleidscapaciteit van de provincie. Elk van deze punten heeft de aandacht en waar mogelijk worden verbeteringen doorgevoerd. Het toetsingskader is gebaseerd op provinciaal beleid en de per 1 januari 2015 geldende Wsob. Deze kaders worden toegelicht in hoofdstuk
(5)kennismaken met kunst en cultuur. De provinciale uitvoeringsagenda innovatie heeft als hoofddoel om de vernieuwingskracht van de bibliotheeksector in Zuid-Holland te versterken om zo toegevoegde waarde te kunnen bieden aan burgers en samenleving in lijn met de vijf functies van de bibliotheek. Om dat doel te kunnen realiseren wordt met de provinciale uitvoeringsagenda Zuid-Holland ingezet op: ohet aanbrengen van focus door de innovatiekracht te bundelen op een overzichtelijk aantal , dat breed worden gedeeld door het netwerk. ohet op gang brengen van een proces van permanente innovatie in Zuid-Holland op deze prioriteiten. oHet geven van helderheid over de concrete rolverdeling tussen partijen zodat optimale samenwerking kan ontstaan bij dit proces van permanente innovatie. Een innovatiecyclus kent verschillende fasen: de fase waarin ideeën en vernieuwingen ontstaan of worden bedacht, de uitwerking in de testfase (prototypes, experimenten, proeftuinen), doorontwikkeling, de fase waarin ze breed beschikbaar worden gesteld (geïmplementeerd) en waarin ze vervolgens nog verder worden ontwikkeld en spin offs worden bedacht. Bij elk van de fasen van de innovatiecyclus vindt de provincie het belangrijk dat de krachten worden gebundeld en afstemming plaatsvindt. Dit betekent overigens niet dat alle partijen in elke fase een actieve rol hebben. Per innovatie zullen hierover afspraken gemaakt moeten worden. De provincie zet haar middelen vooral in op de eerste twee fasen. Voor de provincie zijn er 3 inhoudelijke prioriteiten voor innovatie. Deze staan hieronder beschreven. 1.De provincie wil het interbibliothecair leenverkeer en het collectioneren in Zuid-Holland toekomstgericht organiseren. a)Een effectieve en efficiënte inrichting en organisatie; b)Alternatieve concepten voor fysiek interbibliothecair leenverkeer onderzoeken, ontwikkelen en implementeren. c)De provincie dient als proeftuin voor innovaties ontwikkeld door de Koninklijke Bibliotheek. 2.De provincie wil door middel van innovaties bijdragen aan de bereikbaarheid, toegankelijkheid en kwaliteit van de bibliotheekfuncties in het landelijk gebied. a)Slim samenwerken (publiek, privaat en particulier) b)Alternatieve concepten voor bibliotheekvestiging en fysieke bibliotheek c)Maatwerkoplossingen in het kader van interbibliothecair leenverkeer. d)Doelgroepgericht aanbod van functies in landelijk gebied. 3.Verbreding klassieke functie naar de maatschappelijke en educatieve functie van de bibliotheek Gemeenten zien steeds meer een rol voor bibliotheken bij het realiseren van de gemeentelijke taken in het sociaal domein. Voor bekostiging van de klassieke functie wordt de laatste jaren minder budget beschikbaar gesteld. Het bibliotheekwerk staat hierdoor voor de uitdaging om de klassieke uitleenfunctie effectiever en efficiënter in te richten en de maatschappelijke en educatieve functie uit te breiden en te innoveren. a)De provincie wil door middel van innovaties een bijdrage leveren aan taalvaardigheid, leesvaardigheid en mediawijsheid van jongeren, het voorkomen van taalachterstanden en laaggeletterdheid op latere leeftijd en de samenwerking tussen bibliotheken, onderwijsinstellingen en maatschappelijke instellingen bevorderen. b)Door innovaties te ontwikkelen met en voor lokale bibliotheken wordt een bijdrage geleverd aan het vergroten van de persoonlijke ontwikkeling, zelfredzaamheid en participatie van burgers die niet over voldoende vaardigheden beschikken om goed te kunnen meekomen in de maatschappij of een leesbeperking hebben. c)De provincie wil door middel van innovaties de samenwerking tussen bibliotheken (vanuit de vijf kernfuncties) en partners op terreinen als cultuur, erfgoed, sociaal domein en educatie en mogelijke het bedrijfsleven stimuleren. d)De provincie wil met innovaties bibliotheken ondersteunen en toerusten in de transitie van hun rol op het gebied van de klassieke naar de meer maatschappelijke en educatieve functie van de bibliotheek. Te leveren prestaties ·De provinciale ondersteuningsinstelling stelt in samenspraak met de provincie, gemeenten, bibliotheken en relevante maatschappelijke organisaties een provinciale uitvoeringsagenda innovatie voor Zuid-Holland op en draagt er zorg voor dat deze jaarlijks met de betrokken partijen wordt geactualiseerd. ·De provinciale ondersteuningsinstelling versterkt en ondersteunt innovaties op lokaal niveau. Alle activiteiten in het kader van innovatie passen binnen de 3 provinciale prioriteiten, vloeien voort uit de Zuid-Hollandse uitvoeringsagenda innovatie en passen bij de ontwikkelingen en dynamiek binnen de prioriteit. ·De provinciale ondersteuningsinstelling participeert in samenwerkingsverbanden rond innovatie met onder andere bibliotheken, de Koninklijke Bibliotheek, kennisinstellingen, andere provinciale ondersteuningsinstellingen en/of in communities of practice. ·De provinciale ondersteuningsinstelling ontwikkelt zelf innovaties op grond van gesignaleerde behoeften (als uitvloeisel van de provinciale uitvoeringsagenda) of op verzoek van de provincie (passend binnen de 3 gestelde prioriteiten). ·De provinciale ondersteuningsinstelling vervult een scharnierfunctie tussen lokaal en landelijk. De provinciale ondersteuningsinstelling verzamelt informatie over innovaties en draagt er zorg voor dat lokale innovaties beschikbaar worden gesteld aan andere bibliotheken en in andere provincies. De provinciale ondersteuningsinstelling brengt landelijke programma’s, afspraken en effectieve innovaties onder de aandacht bij lokale bibliotheken een bevordert de implementatie er van (passend binnen de 6 gestelde prioriteiten). ·De provinciale ondersteuningsinstelling signaleert en stimuleert cross-overs tussen bibliotheken en economische en sociale opgaven waar gemeenten en provincies meer te maken hebben. ·De provinciale ondersteuningsinstelling deelt kennis en stemt af met de andere provinciale ondersteuningsinstellingen ten einde de innovatiekracht en –middelen zo goed mogelijk samen en op elkaar afgestemd in te zetten. ·De middelen van de provincie Zuid-Holland worden vooral ingezet voor innovatieactiviteiten in de eerste en tweede fase en het door ontwikkelen van innovaties voor algemeen gebruik. ·Voor alle activiteiten wordt in samenspraak met de betrokken partijen een projectvoorstel opgesteld. Hierin zijn in ieder geval de volgende zaken opgenomen: provinciale prioriteit, onderdeel provinciale uitvoeringsagenda innovatie, doelstelling, activiteiten, prestaties, deelnemers, gespecificeerde kosten, bijdrage deelnemers, fase van innovatie, rol provinciale ondersteuningsinstelling en doorlooptijd. Deze projectvoorstellen worden op verzoek ter beschikking gesteld aan de provincie. ·Alle activiteiten worden gemonitord en jaarlijks geëvalueerd. Van elke activiteit wordt jaarlijks een inhoudelijk evaluatierapport opgesteld en tijdig gedeeld met de provincie en de betrokken partijen zodat deze betrokken kunnen worden bij de beoordeling van het jaarwerkplan van het volgende jaar. ·Jaarlijks aanvullende prestatieafspraken te bepalen op basis van activiteiten in het jaarwerkplan. 3 Netwerktaken Wettelijk kader art. 6, lid 1-4 Wsob art. 7 Wsob art. 8 Wsob Artikel
- Netwerkverantwoordelijkheid 1.Onze Minister, de provinciebesturen, de gemeentebesturen en de besturen van de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn gezamenlijk verantwoordelijk voor een netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen. 2.De partijen, genoemd in het eerste lid, geven zich bij de uitoefening van de verantwoordelijkheid, bedoeld in het eerste lid, rekenschap van de gemiddelde afstand tussen de lokale bibliotheekvoorziening en de inwoners van de financierende gemeente of gemeenten. 3.Zij bevorderen dat een door hen gesubsidieerde of in stand gehouden openbare bibliotheekvoorziening aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 8, voldoet. 4.Bij een voorgenomen besluit van een partij als bedoeld in het eerste lid dat tot gevolg heeft dat een openbare bibliotheekvoorziening ophoudt te bestaan of redelijkerwijs niet meer kan voldoen aan de verplichtingen in deze wet, overlegt zij eerst met de andere partijen op wie dit van invloed kan zijn waaronder de ingezetenen. Zo nodig maken zij afspraken over de toegankelijkheid van een openbare bibliotheekvoorziening voor het betrokken algemene publiek. Artikel
- Netwerk en deelnemers De lokale bibliotheken, de provinciale ondersteuningsinstellingen en de Koninklijke Bibliotheek, voor wat betreft haar taak tot het in stand houden van de landelijke digitale bibliotheek, vormen één netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen als bedoeld in artikel
- Artikel
- Netwerktaken Een deelnemer aan het netwerk (Koninklijke Bibliotheek, provinciale ondersteuningsinstellingen en lokale bibliotheken): a)maakt met de andere deelnemers gebruik van een gezamenlijke catalogus van beschikbare werken; b)is onderdeel van het interbibliothecaire leenverkeer; c)voert zijn collectiebeleid overeenkomstig het gezamenlijk collectieplan; d)maakt gebruik van een op de andere deelnemers afgestemde digitale infrastructuur; e)stemt zijn administratie van leden en zijn algemene voorwaarden af op de andere deelnemers; en f)ondersteunt het onderwijs. Taken ter uitvoering van deze wettelijke opdracht De Zuid-Hollandse lokale bibliotheken, de provinciale ondersteuningsinstelling en de Koninklijke Bibliotheek, voor wat betreft haar taak tot het in stand houden van de landelijke digitale bibliotheek, vormen één Zuid-Hollands netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen. De provincie bevordert als één van de netwerkverantwoordelijken (art. 6) dat elke deelnemer van het Zuid-Hollandse netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen kan voldoen aan de netwerkverplichtingen (art. 8): a)met de andere deelnemers gebruik maakt van een gezamenlijke catalogus van beschikbare werken; b)onderdeel is van het interbibliothecaire leenverkeer, bedoeld in artikel 15; c)zijn collectiebeleid voert overeenkomstig het gezamenlijk collectieplan, bedoeld in artikel 10; d)gebruik maakt van een op de andere deelnemers afgestemde digitale infrastructuur; e)zijn administratie van leden en zijn algemene voorwaarden af stemt op de andere deelnemers; en f)het onderwijs ondersteunt. Te leveren prestaties ·De provinciale ondersteuningsinstelling voldoet volledig aan de netwerkverplichtingen (Wsob art. 8). ·De provinciale ondersteuningsinstelling informeert de provincie tijdig en volledig zodat zij haar verantwoordelijkheid t.a.v. het netwerk naar behoren kan nemen (Wsob art. 6). oDe provinciale ondersteuningsinstelling informeert de provincie jaarlijks over de kwaliteit van het Zuid-Hollandse netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen. oDe provinciale ondersteuningsinstelling zorgt ervoor dat de provincie zich rekenschap kan geven van de gemiddelde afstand tussen de lokale bibliotheek en de inwoners van de gefinancierde gemeente of gemeenten (art 6). De provinciale ondersteuningsinstelling maakt hiertoe jaarlijks een overzicht van de spreiding van bibliotheekvoorzieningen, inclusief functies. Dit overzicht wordt jaarlijks gedeeld met de provincie en netwerkpartners. oDe provinciale ondersteuningsinstelling signaleert knelpunten t.a.v. de kwaliteit van het Zuid-Hollandse netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen en brengt tijdig advies uit ten behoeve van provinciale beleidsontwikkeling. ·De provinciale ondersteuningsinstelling bevordert dat lokale bibliotheken voldoen aan de netwerkverplichtingen (art 8.). ·De provinciale ondersteuningsinstelling bevordert de netwerksamenwerking ten behoeve van het bibliotheekwerk tussen de provinciale ondersteuningsinstelling, de Zuid-Hollandse bibliotheken, betrokken overheden en andere relevante stakeholders. oDe provinciale ondersteuningsinstelling deelt informatie over landelijke ontwikkelingen- en trajecten met de netwerkpartners. oDe provinciale ondersteuningsinstelling ondersteunt het provinciaal directieoverleg BOZH (ambtelijk secretariaat en advisering). ·De provinciale ondersteuningsinstelling ondersteunt de relatie van bibliotheken met het onderwijs, de implementatie van leesbevorderingsprogramma’s en de bevordering van mediawijsheid. ·Jaarlijks aanvullende prestatieafspraken te bepalen op basis van activiteiten in het jaarwerkplan. 4 Gegevenslevering Wettelijk kader art. 11, lid 1 en 2 Wsob Artikel
- Gegevenslevering Op de deelnemers van het netwerk van openbare bibliotheekvoorzieningen rust ook de verplichting de volgende gegevens te leveren: 1.Ten behoeve van de gezamenlijke catalogus voor de landelijke digitale bibliotheek verstrekken lokale bibliotheken en provinciale ondersteuningsinstellingen gegevens over de collectie en de beschikbaarheid daarvan aan de Koninklijke Bibliotheek. 2.Ten behoeve van de beleidsontwikkeling verstrekken lokale bibliotheken, de provinciale ondersteuningsinstellingen en de Koninklijke Bibliotheek aan Onze Minister gegevens over de desbetreffende openbare bibliotheekvoorziening die niet tot de persoon herleidbare gegevens van gebruikers en personeel betreffen. Taken ter uitvoering van deze wettelijke opdracht De provincie stelt de provinciale ondersteuningsinstelling in staat om bij de Koninklijke Bibliotheek de door de minister voor beleidsontwikkeling aan provinciale ondersteuningsinstellingen gevraagde gegevens aan te leveren (zie: ministeriele regeling gegevenslevering Wsob). Te leveren prestaties ·De provinciale ondersteuningsinstelling voldoet aan haar wettelijke verplichting t.a.v. gegevenslevering (Wsob art 11, lid 1 en 2 en de ministeriele regeling gegevenslevering). ·De provinciale ondersteuningsinstelling presenteert de gegevens die de Koninklijke Bibliotheek verzamelt over Zuid-Hollandse bibliotheken jaarlijks aan de provincie, BOZH en gemeenten. Deze gaat gepaard met een (trend)analyse. ·Jaarlijks aanvullende prestatieafspraken te bepalen op basis van activiteiten. 5 Collectioneren Wettelijk kader art. 8 sub c Wsob art. 10 Wsob art 17, lid 1 sub b Wsob Artikel
- Functioneren van het netwerk Een deelnemer aan het netwerk als bedoeld in artikel 7: c)voert zijn collectiebeleid overeenkomstig het gezamenlijk collectieplan, bedoeld in artikel
- Artikel
- Collectieplan 1.De Koninklijke Bibliotheek stelt elke vier jaar voor de deelnemers aan het netwerk, bedoeld in artikel 7, een gezamenlijk collectieplan vast. 2.Het collectieplan heeft tot doel samenhang te bewerkstelligen tussen de fysieke en digitale collecties van de openbare bibliotheekvoorzieningen. Het biedt een kader voor het samenstellen en beheren van de collectie door een voorziening. 3.De Koninklijke Bibliotheek stelt het gezamenlijk collectieplan vast in overeenstemming met vertegenwoordigers van de lokale bibliotheken en provinciale ondersteuningsinstellingen. Artikel
- Uitvoering en beheerplan 1.Het in stand houden van de landelijke digitale bibliotheek door de Koninklijke Bibliotheek houdt in ieder geval in: b)beheren en van context voorzien van de digitale collectie en de afstemming met de collectie digitale werken van de Koninklijke Bibliotheek op grond van artikel 1.5, tweede lid, van de WHW; Taken ter uitvoering van deze wettelijke opdracht ·Collectioneren heeft tot doel de collecties van de Zuid-Hollandse bibliotheken zo efficiënt en effectief mogelijk op elkaar af te stemmen overeenkomstig het gezamenlijk collectieplan, zodat de klanten van de Zuid-Hollandse bibliotheken zo goed en volledig mogelijk bediend worden in hun zoektocht naar kennis, informatie en cultuur. Te leveren prestaties ·De provinciale ondersteuningsinstelling levert input voor het gezamenlijk collectieplan (landelijk en draagt bij aan de totstandkoming van een gezamenlijke uitvoeringsagenda (elke vier jaar). ·De provinciale ondersteuningsinstelling vervult een scharnierfunctie tussen landelijk en lokaal. ·De provinciale ondersteuningsinstelling ontwikkelt en beheert het Zuid-Hollandse collectieplan en brengt dit volledig in overeenstemming met het landelijk collectieplan waarbij rekening wordt gehouden met klantonderzoek, klantprofielen en landelijke ontwikkelingen. ·De provinciale ondersteuningsinstelling ondersteunt het provinciaal gezamenlijk collectioneren van fysieke werken (in aansluiting op de digitale bibliotheek) en ondersteunt bibliotheken bij de implementatie van maatregelen die genomen moeten worden voor de afstemming van de eigen collectie op de provinciale en landelijke collectie. Hiertoe worden collectieteams gevormd. ·De provinciale ondersteuningsinstelling bevordert dat alle Zuid-Hollandse openbare bibliotheken deelnemen aan het provinciaal collectioneren en dat alle Zuid-Hollandse openbare bibliotheken voldoen aan de vastgestelde normen uit het gezamenlijk collectieplan. ·De provinciale ondersteuningsinstelling rapporteert jaarlijks aan de stakeholders, waaronder de provincie, over de mate waarin collecties en collectiegebruik aan de landelijk vastgestelde normen voldoen en de provinciale ondersteuningsinstelling doet voorstellen ter verbetering. ·De provinciale ondersteuningsinstelling onderzoekt hoe collectievorming op provinciaal niveau effectief en efficiënt uitgevoerd kan worden, formuleert aanbevelingen en ondersteunt desgewenst bij de uitvoering van de maatregelen. ·In 2019 wordt, gelijktijdig met de evaluatie van het gezamenlijk collectieplan, het provinciaal collectioneren geëvalueerd met betrokkenen waar onder de lokale bibliotheken. De resultaten worden gedeeld met de provincie en BOZH. ·De provinciale ondersteuningsinstelling stelt enkele specifieke collecties samen die ter beschikking gesteld worden van alle Zuid-Hollandse openbare bibliotheken. Het gaat hierbij om; collecties voor de 7 erfgoedlijnen en archeologie, wisselcollecties voor mensen met een leesbeperking, voor persoonlijke ontwikkeling en wisselcollecties ten behoeve van verpleeg- en verzorgingstehuizen. ·Jaarlijks aanvullende prestatieafspraken te bepalen op basis van activiteiten in het jaarwerkplan. 6 Cultureel erfgoed en archeologie Hoofdlijnenakkoord ‘Zuid-Holland: slimmer, schoner en sterker (2015 - 2019) Beleidsvisie Cultureel Erfgoed en Basisvoorzieningen Cultuur 2017 - 2020 Het Hoofdlijnenakkoord kwalificeert het provinciaal erfgoedbeleid als succesvol. Bijgevolg is besloten tot de voortzetting en intensivering ervan. Het Hoofdlijnenakkoord stelt: ‘Wij willen het bredere verhaal van de Zuid-Hollandse geschiedenis nog beter vertellen en beleefbaar maken. Bij de uitvoering van onze wettelijke taak op het gebied van archeologie verzorgen wij ook een betere presentatie en toegankelijkheid van de in provinciaal beheer toevertrouwde vondsten’. In de Beleidsvisie Cultureel Erfgoed en Basisvoorzieningen Cultuur 2017 – 2020 staan de volgende relevante passages: ·Binnen de boekjaarsubsidie van de provinciale ondersteuningsinstelling wordt een meerjarig project publieksbereik archeologie uitgevoerd. ·Binnen de boekjaarsubsidie brengt de provinciale ondersteuningsinstelling vondsten uit ons depot terug naar de lokale gemeenschap waar ze vandaan komen. In de plaatselijke bibliotheek worden ze door vrijwilligers uitgepakt, gefotografeerd en nader beschreven. Met de meest interessante vondsten wordt een kleine tentoonstelling ingericht voorzien van reconstructietekeningen van het dorp of de wijk in een ver verleden. ·Sleutel van het succes is niet alleen dat het concept ‘erfgoedlijn’ wordt herkend; ook de nieuwe manier van werken brengt succes. Niet meer van bovenaf, maar van onderop als een voortdurende stroom van energie, ideeën en geld, die binnen zekere grenzen haar eigen weg vindt. Daartoe zijn rond elke erfgoedlijn permanente tafels gevormd waar alle partijen, die geïnteresseerd zijn in de erfgoedlijn of er belang bij denken te hebben, aanzitten. De tafels variëren in bezetting van 20 tot meer dan 50 partijen zoals overheden, eigenaren van monumenten, allerhande ondernemers, musea, bibliotheken, vrijwilligers, stichtingen, verenigingen en fondsen. Provinciale ambitie in Zuid-Holland ·Bij de uitvoering van de wettelijke taak op het gebied van archeologie wil de provincie ook het publieksbereik van de in provinciaal beheer toevertrouwde vondsten vergroten. ·De provincie wil het erfgoed behouden door het te beschermen, beleefbaar te maken en bij voorkeur economisch rendabel te benutten. Te leveren prestaties ·De provinciale ondersteuningsinstelling ondersteunt het provinciaal beleid van Zuid-Holland met betrekking tot cultureel erfgoed en archeologie door het mogelijk te maken voor Zuid-Hollandse bibliotheken hieraan een actieve bijdrage te leveren. ·Binnen de boekjaarsubsidie van de provinciale ondersteuningsinstelling wordt een meerjarig project publieksbereik archeologie uitgevoerd. ·De provinciale ondersteuningsinstelling neemt actief deel aan de netwerktafels van de provinciale erfgoedlijnen ·De provinciale ondersteuningsinstelling informeert de Zuid-Hollandse bibliotheken over de relevante ontwikkelingen rondom de erfgoedlijnen en archeologie. ·De provinciale ondersteuningsinstelling ontwikkelt samen met bibliotheken een pakket aan activiteiten waarmee bibliotheken informatie over Zuid-Hollands erfgoed en archeologie voor een breed publiek ontsluiten. ·Jaarlijks worden de activiteiten geëvalueerd (doelbereik en doelmatigheid) en besproken met de provincie. ·Jaarlijks aanvullende prestatieafspraken te bepalen op basis van activiteiten in het jaarwerkplan. De genoemde prestaties worden jaarlijks opgenomen in het jaarwerkplan. Deze worden aangevuld met prestaties die afgeleid worden van de activiteiten uit het betreffende jaar. Deze worden zo specifiek mogelijk geformuleerd. 5.Evaluatie toetsingskader Het toetsingskader wordt gelijktijdig met de Beleidsvisie Cultureel erfgoed en Basisvoorzieningen 2017 – 2020 geëvalueerd op basis waarvan eventueel bijstelling zal plaatsvinden. 6.Citeertitel Deze beleidsregel wordt aangehaald als Toetsingskader provinciale ondersteuningsinstelling openbare bibliotheekvoorzieningen Zuid-Holland. II. Deze beleidsregel treedt in werking de dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin deze wordt geplaatst. Den Haag, 7 juli 2017Gedeputeerde Staten van Zuid-Hollanddrs. J.H. de BAAS, secretarisdrs. J. SMIT, voorzitter