VERORDENING KLANTENPARTICIPATIE PARTICIPATIEWET 2017De raad van de gemeente Nijmegen, Bijeen in zijn openbare vergadering van 28 juni 2017 gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 12 juni 2017 gelet op artikel 47 van de Participatiewet overwegende dat de gemeente verplicht is bij verordening regels te stellen ten aanzien van de wijze waarop belanghebbenden worden betrokken bij de uitvoering van deze wet; Besluit: vast te stellen de Verordening Klantenparticipatie Participatiewet 2017 HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 1 Begripsomschrijving Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. Belanghebbende: de persoon behorend tot de doelgroep als bedoeld in artikel 7 eerste lid Participatiewet; alsmede de persoon als bedoeld in artikel 2 Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (Ioaw) of de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (Ioaz). HOOFDSTUK 2 VERANTWOORDELIJKHEDEN VAN HET COLLEGE Artikel 2 Klantenparticipatie Met klantenparticipatie beoogt het college inzicht te krijgen in de belangen, wensen en behoeften van belanghebbenden die een beroep doen op ondersteuning op het terrein van Inkomen, Armoedebestrijding en Arbeidsre-integratie en de expertise van belanghebbenden en specifieke belangengroepen te benutten bij de ontwikkeling van beleid en de uitvoering daarvan. Het college zet daarvoor twee instrumenten in: een Cliëntenraad en klantenpanels Het college stelt een Cliëntenraad in, die tot taak heeft het college gevraagd en ongevraagd van advies te dienen over beleid en uitvoering in het kader van de Participatiewet en aanverwante regelingen. Het college streeft naar een zodanige samenstelling van het overleg, dat inzicht in de diversiteit van belangen van de te onderscheiden groepen belanghebbenden wordt gegarandeerd. HOOFDSTUK 3 DE CLIËNTENRAAD Artikel 3 Samenstelling Cliëntenraad Het overleg bestaat uit vertegenwoordigers van organisaties die zich inzetten voor de belangen van belanghebbenden en 7 belanghebbenden volgens artikel 1 lid 2 van deze verordening. Tevens dient de Cliëntenraad steeds te bestaan uit een meerderheid van belanghebbenden. De betrokken organisaties wijzen een vertegenwoordiger alsmede een plaatsvervanger aan. Per organisatie neemt slechts één vertegenwoordiger deel aan het overleg. De organisaties als bedoeld in lid 1 die vertegenwoordigd zijn in het overleg, zijn vermeld in bijlage A. Het college is bevoegd de samenstelling te wijzigen, gehoord de Cliëntenraad. Artikel 4 Voorzitter Het college benoemt, gehoord de vertegenwoordigers van de in bijlage A genoemde organisaties, een onafhankelijk voorzitter wiens taak bestaat uit het uitschrijven van de vergadering, het voorbereiden en vaststellen van de agenda, het voorzitten van het overleg, en het bewaken van de uitvoering van toezeggingen door of namens het college gedaan. De voorzitter is niet afkomstig van een van de vertegenwoordigde organisaties. De voorzitter wordt benoemd voor een periode gelijk aan de vierjarige beleidscyclus die het college voor zijn beleidsplannen hanteert. Deze termijn kan eenmaal voor dezelfde periode worden verlengd. De voorzitter krijgt jaarlijks de beschikking over een werkbudget van € 5000, - ten behoeve van communicatie, onderzoek, deskundigheidsbevordering en onkosten. De voorzitter ontvangt een vergoeding voor zijn werkzaamheden en de daarmee samenhangende kosten conform de Verordening geldelijke voorzieningen commissieleden
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.