Mandaatbesluit Werkorganisatie DuivenvoordeHet dagelijks bestuur van de Werkorganisatie Duivenvoorde, overwegende dat het gebruik van mandaten de agenda van bestuursorganen ontlast en het mogelijk maakt om burgers en bedrijven sneller te bedienen; overwegende dat een negatief mandaatstelsel waarin uitzonderingen op bevoegdheid worden vastgelegd, minder bewerkelijk is dan een positief mandaatstelsel waarin een lange reeks bevoegdheden wordt genoemd; gelet op de artikel 10:3, eerste lid, artikel 10:6, eerste lid, artikel 10:9, eerste lid en artikel 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht; gelet op artikel 60 van Boek 3 van het Burgerlijk Wetboek; gelet op artikel 33c en artikel 33 d van de Wet gemeenschappelijke regelingen; besluiten vast te stellen het Mandaatbesluit Werkorganisatie Duivenvoorde HOOFDSTUK1ALGEMEEN Artikel1Begripsbepaling In dit besluit wordt verstaan onder: afdelingshoofd: hoofd van een afdeling van de Werkorganisatie Duivenvoorde; algemeen bestuur het algemeen bestuur van de Werkorganisatie Duivenvoorde; budgetbeheerder: degene die door de budgethouder is aangewezen om namens de budgethouder de budgetten van één of meer subproducten of projecten te beheren; budgethouder: de door het dagelijks bestuur als zodanig voor het vervullen van het budgethouderschap aangewezen functionaris; budgethouderschap: het aangaan van verplichtingen of besteden van door de raad in de vorm van budgetten of investeringskrediet beschikbaar gestelde middelen om daarmee de in de begroting aangegeven doeleinden te bereiken; concerndirectie: de concerndirectie van de Werkorganisatie Duivenvoorde en voor het geval dat slechts één directeur is benoemd, de concerndirecteur; dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Werkorganisatie Duivenvoorde; machtiging de bevoegdheid om namens het dagelijks bestuur handelingen te verrichten die noch een besluit noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn; mandaat de bevoegdheid om namens het dagelijks bestuur besluiten te nemen; project: een éénmalige vernieuwing, verbetering of verandering met concreet beoogd resultaat met een opdrachtgever en een opdrachtnemer; projectleider: de opdrachtnemer van een project die leiding geeft aan het tijdelijk samenwerkingsverband waarmee het project wordt gerealiseerd; portefeuillehouder: het lid van dagelijks bestuur dat in het bijzonder verantwoordelijk is voor een bepaald beleidsterrein; teamleider: de leider van een team van de Werkorganisatie Duivenvoorde; verplichting: de financiële of op geld waardeerbare component van een bindende overeenkomst; volmacht: de bevoegdheid om privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten; Werkorganisatie Duivenvoorde: de werkorganisatie, genoemd in artikel 2 van de Gemeenschappelijke Regeling Werkorganisatie Duivenvoorde. Artikel2Gelijkstelling machtiging en volmacht Tenzij anders in dit besluit is bepaald, wordt in dit algemeen mandaatbesluit en de daarop berustende bepalingen onder mandaat ook machtiging en volmacht verstaan. Artikel3Bereik Dit besluit betreft de verlening van algemeen mandaat aan de concerndirectie, de afdelingshoofden, teamleiders en overige bij de Werkorganisatie Duivenvoorde ondergebrachte ambtelijke organisatie werkzame personen.. HOOFDSTUK2MANDAAT Artikel4Geen ondertekeningsmandaat Er wordt geen mandaat verleend voor het ondertekenen van door het dagelijks bestuur genomen besluiten. Artikel5Mandaat voor de concerndirectie Onverminderd het bepaalde in artikel 10:3 van de Algemene wet bestuursrecht en met de in Bijlage 1 bij dit besluit vermelde beperkingen wordt aan de concerndirectie mandaat verleend om voor de vervulling van haar functie de bevoegdheden van het dagelijks bestuur uit te oefenen. Artikel6De verlening van ondermandaat door de concerndirectie 1.Met inachtneming van de Bijlage 2 bij dit besluit vermelde beperkingen verleent de concerndirectie zonder verdere beperkingen ondermandaat aan de afdelingshoofden en de teamleiders voor de vervulling van de taken van hun afdeling of team. 2.Met inachtneming van de in Bijlage 2 bij dit besluit vermelde beperkingen kan de concerndirectie ondermandaat voor de uitoefening van hun functie verlenen aan niet als afdelingshoofd of teamleider bij de Werkorganisatie Duivenvoorde werkzame personen. 3.De concerndirectie mag het mandaat ingevolge het eerste of tweede lid gedurende vier maanden beperken. 4.Voor de verlening van ondermandaat mag de concerndirectie een projectleider gelijkstellen aan een afdelingshoofd of teamleider. 5.Het ondermandaat houdt niet de bevoegdheid in om verder ondermandaat te verlenen. 6.Een ondermandaat aan een afdelingshoofd of teamleider wordt omschreven door het benoemen van beperkingen ten opzichte van de bevoegdheden van de concerndirectie. 7.Een ondermandaat aan een afdelingshoofd of teamleider wordt bij voorkeur omschreven door het benoemen van beperkingen ten opzichte van de bevoegdheden van de concerndirectie. 8.Een ondermandaat aan een medewerker niet zijnde afdelingshoofd of teamleider wordt bij voorkeur omschreven door het benoemen van beperkingen ten opzichte van de bevoegdheden van de concerndirectie. Artikel8Vervanging 1.De concerndirectie wordt bij afwezigheid van één directeur vervangen door de aanwezige directeur. 2.Afdelingshoofden worden bij afwezigheid vervangen door een plaatsvervangend afdelingshoofd. 3.Teamleiders worden bij afwezigheid vervangen door het hoofd van de afdeling waar zij werkzaam zijn. 4.Andere medewerkers dan teamleiders en afdelingshoofden worden vervangen door de teamleider of het hoofd van de afdeling waar zij werkzaam zijn. Artikel9Beperking gebruik Van een ingevolge dit hoofdstuk verleend mandaat of ondermandaat wordt geen gebruik gemaakt als: de gemandateerde of ondergemandateerde een particulier belang heeft bij het gebruik van het mandaat; daardoor in strijd wordt gehandeld met de begroting; daardoor uitgaven worden gedaan of verplichtingen worden aangegaan waarvoor geen of onvoldoende budget of investeringskrediet beschikbaar is anderszins in strijd wordt gehandeld met het geldend treasurystatuut of de geldende budgethoudersregeling. Artikel10Geen ondertekeningsmandaat Er wordt geen algemeen mandaat verleend voor het ondertekenen van door de burgemeester of het college genomen besluiten. Artikel11Ondertekening 1.Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt als volgt namens welk bestuursorgaan het is genomen: namens [bestuursorgaan] functie van de (onder)gemandateerde handtekening (onder)gemandateerde naam (onder)gemandateerde 2.Een krachtens mandaat en bij vervanging genomen besluit vermeldt als volgt de plaatsvervanging en namens welk bestuursorgaan en het is genomen: namens [bestuursorgaan] functie van de vervangen (onder)gemandateerde gevolgd door “(plv.)” handtekening plaatsvervanger naam plaatsvervanger 3.Het bepaalde in de voorgaande leden is van overeenkomstige toepassing op de ondertekening van een document dat een privaatrechtelijke rechtshandeling inhoudt. Daarbij komt tot uiting dat de ondertekening plaatsvindt namens de Werkorganisatie Duivenvoorde. 4.Een handtekening wordt ‘nat’ gezet of digitaal op een beveiligde wijze. Van stempels wordt geen gebruik gemaakt. HOOFDSTUK3SLOTBEPALINGEN Artikel16Citeertitel Dit besluit wordt aangehaald als “Mandaatbesluit Werkorganisatie Duivenvoorde”. Artikel17Intrekking oudere algemene mandaten Het Algemeen mandaatbesluit Werkorganisatie Duivenvoorde en overige aan de concerndirectie verleende algemene mandaten worden ingetrokken zonder gevolg voor de geldigheid van voor de inwerkingtreding van dit besluit genomen besluiten. Artikel18Bekendmaking en inwerkingtreding Dit besluit treedt tien weken na de dag van bekendmaking in werking. SLOTFORMULE EN ONDERTEKENING Aldus vastgesteld in de vergadering van 4 juli 2017, het dagelijks bestuur, Ch.B. Aptrootde concerndirectie,H.I.P. Oppajade voorzitter (wnd),Bijlage 1 – Beperking algemeen mandaat De volgende bevoegdheden zijn uitgezonderd van algemeen mandaat ingevolge het Mandaatbesluit Werkorganisatie Duivenvoorde Tenzij in deze bijlage anders is vermeld betreft de beperking geen voorbereidings- of uitvoeringshandelingen. A. Publiekrechtelijke bevoegdheden - algemeenHet doen van voorstellen aan het algemeen bestuur. Het afleggen van verantwoording aan het algemeen bestuur. Het informeren van het algemeen bestuur. Het raadplegen van het dagelijks bestuur. Het vaststellen, wijzigen of intrekken van regels omtrent de ambtelijke organisatie. Het vaststellen, wijzigen of intrekken van algemeen verbindende voorschriften, beleidsregels of beleidsnota’s. Het beslissen op een bezwaar. Het verlenen van inspraak. Het vaststellen van een inspraakprocedure. Besluiten tot het sluiten van een convenant of een intentieovereenkomst. Het kwijtschelden of oninbaar verklaren van een bestuursrechtelijke geldschuld van meer dan € 5.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.