Eilandsverordening regelende de bescherming van fauna en flora op het eiland Sint Eustatius of in de territoriale wateren rondom het eiland Sint Eustatius. (Verordening bescherming fauna en flora) HOOFDSTUKIAlgemene bepalingen Artikel1 In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: bestuurscollege: het bestuurscollege van het eilandgebied Sint Eustatius; eilandgebied: het eilandgebied Sint Eustatius; fauna en flora: de fauna en flora op het land en in de territoriale wateren rond het eilandgebied Sint Eustatius. Artikel2 Bij eilandsbesluit, houdende algemene maatregelen, worden aangewezen: planten, struiken, heesters, struikgewas, bomen of klimplanten; dieren die vallen onder speciale bescherming van deze verordening. HOOFDSTUKIIBeschermende maatregelen Artikel3 Het is verboden om de krachtens artikel 2 aangewezen fauna en flora species: te plukken, af te snijden, te transplanteren, te verstekken, te verzamelen, te vernietigen, te verstoren, te beschadigen of het direct of indirect nalaten van handelingen die het vernietigen of verstoren van de flora tot gevolg hebben; te vangen, in bezit hebben, te rapen, te doden, te verwonden of het direct of indirect verstoren van de leefomgeving met als resultaat een fysieke bedreiging en/of beschadiging van de fauna. Artikel4 Personen die dieren houden zijn verantwoordelijk voor iedere schade die de dieren aanbrengen aan de krachtens artikel 2 aangewezen fauna en flora. Artikel5 De gebieden die worden aangemerkt als gezichtsbepalend of uniek natuurlandschap worden bij eilandsbesluit, houdende algemene maatregel, vastgesteld. Artikel6 Het is niet toegestaan om gezichtsbepalende of unieke natuurlandschappen te beschadigen, vernietigen of te veranderen. HOOFDSTUKIIIOntheffingen Artikel7 1.Het Bestuurscollege kan ontheffing verlenen van de in de artikelen 3 en 5 opgenomen verboden. 2.Bij eilandsbesluit, houdende algemene maatregelen, kunnen nadere regels worden gegeven voor de voorwaarden waaraan moet worden voldaan om voor ontheffing in aanmerking te komen. Artikel8 Een verzoek om ontheffing wordt schriftelijk door de aanvrager bij het Bestuurscollege ingediend onder: opgaaf van reden(en); overlegging van bescheiden waaruit de noodzaak van ontheffing blijkt. Artikel9 Het Bestuurscollege kan aan een ontheffing voorwaarden en andere beperkende regelingen te verbinden waarbij, voorafgaande aan het inwerking treden van de ontheffing, moet worden voldaan. Artikel10 Het Bestuurscollege zal de aanvrager schriftelijk informeren over de ontheffing en de datum van inwerkingtreding. Artikel11 Het Bestuurscollege zal een geheel of gedeeltelijke afwijzing schriftelijk motiveren. Artikel12 1.De aanvrager kan bezwaar indienen tegen een geheel of gedeeltelijke afwijzing van de ontheffing. 2.Het bezwaarschrift moet binnen een
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.