wet, artikel 1, eerste lid, onderdeel e, dan wel, bij het ontbreken van een bestuursorgaan als bedoeld in dit artikellid, burgemeester en wethouders; bouwbesluit: de algemene maatregel van bestuur als
Artikel 2
.6.9 Aanwezigheid van
Artikel 2
.6.10 Kwaliteit van
Artikel 2
.6.11 Gelijkwaardigheid Vervallen Artikel 2.6.12 Communicatiesysteem voor publieke hulpverleningsdiensten Vervallen Paragraaf 7 Aansluitplicht op de nutsvoorzieningen Artikel 2.7.1 Eis tot aansluiting aan de waterleiding Vervallen Artikel 2.7.2 Eis tot aansluiting aan het elektriciteitsnet Vervallen Artikel 2.7.3 Eis tot aansluiting aan het aardgasnet vervallen Artikel 2.7.4 Eis tot aansluiting aan de openbare riolering Vervallen Artikel 2.7.5 Aansluiting anders dan aan de openbare riolering Vervallen Artikel 2.7.6 Kwaliteit en dimensionering van de buitenriolering op erven en terreinen - Vervallen Artikel 2.7.7 Wijze van meten van de afstand tot de leidingen van het openbare net van de nutsvoorzieningen. Vervallen HOOFDSTUK 3 De melding Artikel 3.1 De wijze van melden Vervallen Artikel 3.2 Welstandscriteria Vervallen Noot Zie toelichting op dit hoofdstuk HOOFDSTUK 4 Plichten tijdens en bij voltooiing van de bouw en bij ingebruikneming van een bouwwerk Artikel 4.1 Intrekking bouwvergunning bij niet-tijdige start of tussentijdse staking van bouwwerkzaamheden Vervallen Artikel 4.2 Op het bouwterrein verplicht aanwezige bescheiden Vervallen Artikel 4.3 Wijzigingen in gegevens bouwregistratie Vervallen Artikel 4.4 Het uitzetten van de bouw Vervallen Artikel 4.5 Kennisgeving aan het bouwtoezicht van start van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden Vervallen Artikel 4.6 Opmetingen, ontgravingen, opbrekingen en onderzoekingen Vervallen Artikel 4.7 Bemalen van bouwputten Vervallen Artikel 4.8 Veiligheid op het bouwterrein Vervallen Artikel 4.9 Afscheiding van het bouwterrein Vervallen Artikel 4.10 Veiligheid van hulpmiddelen en het voorkomen van hinder Vervallen Artikel 4.11 Bouwafval Vervallen Artikel 4.12 Gereedmelding van (onderdelen van) de bouwwerkzaamheden Vervallen Artikel 4.13 Melden van werken bij lage temperaturen Vervallen Artikel 4.14 Verbod tot ingebruikneming Vervallen HOOFDSTUK 5 Staat van open erven en terreinen, aansluiting op de nutsvoorzieningen en het weren van schadelijk en hinderlijk gedierte Paragraaf 1 Staat van open erven en terreinen Artikel 5.1.1 Staat van onderhoud van open erven en terreinen Vervallen Artikel 5.1.2 Bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer. Brandblusvoorzieningen Vervallen Artikel 5.1.3 Bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten Vervallen Paragraaf 2 Staat van brandveiligheidinstallaties en vluchtrouteaanduidingen Artikel 5.2.1 Voorschriften inzake brandveiligheidsinstallaties en
Artikel 5
.2.2 Aanwezigheid van brandveiligheidsinstallaties in gebouwen, niet zijnde woningen, woongebouwen, logiesverblijven, logiesgebouwen of kantoorgebouwen Vervallen Artikel 5.2.3 Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in woongebouwen van bijzondere aard Vervallen Artikel 5.2.4 Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in logiesverblijven en logiesgebouwen Vervallen Artikel 5.2.5 Aanwezigheid van brandveiligheidinstallaties in kantoorgebouwen Vervallen Paragraaf 3 Aansluiting op de nutsvoorzieningen Artikel 5.3.1 Eis tot aansluiting aan de waterleiding Vervallen Artikel 5.3.2 Eis tot aansluiting aan het elektriciteitsnet Vervallen Artikel 5.3.3 Eis tot aansluiting aan het aardgasnet Vervallen Artikel 5.3.4 Eis tot aansluiting aan de openbare riolering Vervallen Artikel 5.3.5 Aansluiting anders dan aan de openbare riolering Vervallen Artikel 5.3.6 Kwaliteit en dimensionering van de buitenriolering op erven en terreinen Vervallen Artikel 5.3.7 Wijze van meten van de afstand tot de leidingen van het openbare net van de nutsvoorzieningen Vervallen Paragraaf 4 Het weren van schadelijk of hinderlijk gedierte. Reinheid Artikel 5.4.1 Preventie Vervallen HOOFDSTUK 6 Brandveilig gebruik Vervallen HOOFDSTUK 7 Overige gebruiksbepalingen Paragraaf 1 Overbevolking Artikel 7.1.1 Overbevolking van woningen Vervallen Artikel 7.1.2 Overbevolking van woonwagens Vervallen Paragraaf 2 Staken van het gebruik Artikel 7.2.1 Verbod tot gebruik bij bouwvalligheid Vervallen Artikel 7.2.2 Staken van gebruik wegens gebrek aan veiligheid en gebrek aan hygiëne Vervallen Artikel 7.2.3 Staken van het gebruik van een woonwagen Vervallen Paragraaf 3 Gebruik van bouwwerken, open erven en terreinen Artikel 7.3.1 Bepaling aantal personen nachtverblijf In afwijking van het bepaalde in artikel 2.2, eerste lid, van het Besluit omgevingsrecht, wordt het aantal personen bepaald op 5. Artikel 7.3.2 Hinder Vervallen Paragraaf 4 Het weren van schadelijk of hinderlijk gedierte. Reinheid Artikel 7.4.1 Preventie Vervallen Paragraaf 5 Watergebruik Artikel 7.5.1 Verboden gebruik van water Vervallen Paragraaf 6 Installaties Artikel 7.6.1 Gebruiksgereed houden van installaties Vervallen HOOFDSTUK 8 Slopen Paragraaf 1 Omgevingsvergunning voor het slopen Artikel 8.1.1 Omgevingsvergunning voor het slopen Vervallen Artikel 8.1.2 Aanvraag sloopvergunning Vervallen Artikel 8.1.3 In behandeling nemen Vervallen Artikel 8.1.4 Termijn van beslissing Vervallen Artikel 8.1.5 Samenloop van slopen en bouwen Vervallen Artikel 8.1.6 Weigeren omgevingsvergunning voor het slopen Vervallen Artikel 8.1.7 Intrekken omgevingsvergunning voor het slopen Vervallen Paragraaf 2 Uitzonderingen op het vereiste van een omgevingsvergunning voor het slopen Artikel 8.2.1 Sloopmelding Vervallen Artikel 8.2.2 Overige uitzonderingen op het vereiste van een omgevingsvergunning voor het slopen Vervallen Paragraaf 3 Verplichtingen tijdens het slopen Artikel 8.3.1 Veiligheid op sloopterrein Vervallen Artikel 8.3.2 Op het sloopterrein verplicht aanwezige bescheiden Vervallen Artikel 8.3.3 Plichten van de houder van de omgevingsvergunning voor het slopen Vervallen Artikel 8.3.4 Plichten van degene die sloopt Vervallen Artikel 8.3.5 Wijze van slopen, verpakken en opslaan van asbest Vervallen Artikel 8.3.6 Plichten ten aanzien van de sloop van tuinbouwkassen vervallen Paragraaf 4 Vrij slopen Artikel 8.4.1 Sloopafval algemeen Vervallen HOOFDSTUK 9 Welstand Artikel 9.1 De advisering door de commissie Stedelijk Schoon De commissie Stedelijk Schoon adviseert over de welstandsaspecten van aanvragen voor een omgevingsvergunning voor het bouwen. De commissie Stedelijk Schoon baseert haar advies op de in de welstandsnota genoemde welstandscriteria. Artikel 9.2 Samenstelling van de commissie Stedelijk Schoon De commissie Stedelijk Schoon bestaat uit 3 leden, waaronder een voorzitter, de leden zijn deskundig op het gebied van architectuur, architectuur-historie, inrichting openbare ruimte dan wel monumenten / cultuurhistorie. De leden van de commissie zijn onafhankelijk van het gemeentebestuur. De commissie Stedelijk Schoon wordt bijgestaan door een secretaris of diens plaatsvervanger. Artikel 9.3 Benoeming en zittingsduur Vervallen Artikel 9.4 Jaarlijkse verantwoording De commissie Stedelijk Schoon stelt jaarlijks een verslag op van haar werkzaamheden voor de gemeenteraad, waarin ten minste aan de orde komt: op welke wijze toepassing is gegeven aan de welstandscriteria uit de welstandsnota de werkwijze van de commissie Stedelijk Schoon op welke wijze uitwerking is gegeven aan de openbaarheid van vergaderen de aard van de beoordeelde plannen de bijzondere projecten De commissie Stedelijk Schoon kan in haar jaarverslag aanbevelingen doen ten aanzien van het gemeentelijk ruimtelijk kwaliteitsbeleid in het algemeen en de aanpassingen van de gemeentelijke welstandsnota in het bijzonder. Artikel 9.5 Termijn van advisering De commissie Stedelijk Schoon brengt het advies over de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het bouwen uit binnen vier weken nadat door of namens burgemeester en wethouders daarom is verzocht. De commissie Stedelijk Schoon brengt het advies over de over de aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen, indien deze vergunning betrekking heeft op een deel van een project of een gefaseerde aanvraag betreft, uit binnen vier weken nadat door of namens burgemeester en wethouders daarom is verzocht. Burgemeester en wethouders kunnen in hun verzoek om advies de commissie Stedelijk Schoon een langere termijn dan genoemd in de bovengenoemde leden van dit artikel geven voor het uitbrengen van het welstandsadvies. Een langere termijn kan door burgemeester en wethouders worden gegeven indien de termijn van afdoening van de aanvraag is verlengd met toepassing van artikel 3.9, tweede lid van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Artikel 9.6 Openbaarheid van vergaderen en mondelinge toelichting De behandeling van bouwplannen door of onder verantwoordelijkheid van de commissie Stedelijk Schoon is openbaar. De agenda voor de vergadering van de commissie Stedelijk Schoon wordt tijdig bekend gemaakt in een dag-, nieuws- of huis-aan-huisblad, dan wel op een andere geschikte wijze. Indien burgemeester en wethouders - al dan niet op verzoek van de aanvrager - een verzoek doen tot niet openbare behandeling, dan dienen burgemeester en wethouders daaraan klemmende redenen op grond van artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur ten grondslag te leggen. De openbaarheid geldt zowel voor de beraadslagingen, de beoordeling als de adviezen. Indien de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen hierom bij het indienen van de omgevingsvergunning voor het bouwen heeft verzocht, wordt deze door of namens de commissie Stedelijk Schoon in staat gesteld tot het geven van een toelichting op het bouwplan. In het geval dat het bouwplan in de vergadering van de commissie wordt behandeld en een verzoek tot het geven van toelichting is gedaan, dient de aanvrager van de omgevingsvergunning voor het bouwen een uitnodiging te ontvangen van de commissie, waarin de aanvraag wordt behandeld. Er is geen spreekrecht. Artikel 9.7 Afdoening onder verantwoordelijkheid .De welstandscommissie kan de advisering over een aanvraag om advies, in afwijking van artikel 9.2, onder verantwoordelijkheid van de commissie overlaten aan een of meerdere daartoe aangewezen leden. Het aangewezen lid of de aangewezen leden adviseren over bouwplannen waarvan volgens hen het oordeel van de welstandscommissie als bekend mag worden verondersteld. 2. In geval van twijfel wordt het bouwplan alsnog voorgelegd aan de welstandscommissie.’ . Artikel 9.8 Vorm waarin het advies wordt uitgebracht De commissie Stedelijk Schoon adviseert en motiveert haar advies schriftelijk. Zodra het advies wordt uitgebracht, wordt het door of namens burgemeester en wethouders gevoegd bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor het bouwen. Artikel 9.9 Uitsluiting van gebieden en categorieën bouwwerken Vervallen HOOFDSTUK 10 overige administratieve bepalingen Artikel 10.1 De aanvraag om woonvergunning Vervallen Artikel 10.2 De aanvraag om vergunning tot hergebruik van een ontruimde onbewoonbaar verklaarde woning of woonwagen Vervallen Artikel 10.3 Overdragen vergunningen Vervallen Artikel 10.4 Overdragen mededeling Vervallen Artikel 10.5 Het kenteken voor onbewoonbaar verklaarde woningen en woonwagens alsmede onbruikbaar verklaarde standplaatsen Vervallen Artikel 10.6 Herziening en vervanging van aangewezen normen en andere voorschriften Het bevoegd gezag is bevoegd om rekening te houden met de herziening en vervanging van de NEN-normen, voornormen, praktijkrichtlijnen en andere voorschriften waarnaar in deze verordening - of in de bij deze verordening behorende bijlagen - wordt verwezen, indien de bevoegde instantie de betrokken norm, voornorm, praktijkrichtlijn of het voorschrift heeft herzien of vervangen en die herziening of vervanging heeft gepubliceerd. HOOFDSTUK 11 Handhaving Artikel 11.1 Stilleggen van de bouw Vervallen Artikel 11.2 Overtreding van het verbod tot ingebruikneming Vervallen Artikel 11.3 Stilleggen van het slopen Vervallen Artikel 11.4 Onderzoek naar een gebrek Vervallen HOOFDSTUK 12 Straf-, overgangs-, en slotbepalingen. Artikel 12.1 Strafbare feiten Vervallen Artikel 12.2 Overgangsbepaling bodemonderzoek Vervallen Artikel 12.3 Overgangsbepaling met betrekking tot de staat van open erven en terreinen Vervallen Artikel 12.4 Overgangsbepaling (aanvragen
- om)gebruiksvergunning Vervallen Artikel 12.5 Overgangsbepaling sloopmelding Vervallen Artikel 12.6 Slotbepaling Deze gewijzigde verordening (errata) treedt na afkondiging in werking op 1 oktober 2010. Bij de inwerkingtreding van deze verordening vervalt de Bouwverordening 2010, vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 1 juli 2010. Deze verordening kan worden aangehaald als “Bouwverordening 2010”. toelichting Bijlage 1. bebouwde kom Kaart van de bebouwde kom van de gemeente Velsen. Bijlage 2 Gegevens en bescheiden aanvraag gebruiksvergunning Vervallen Bijlage 3. Gebruikseisen voor bouwwerken Vervallen Bijlage 4. Gebruikseisen voor bouwwerken met uitzondering van de niet-gemeenschappelijke ruimten in woonfuncties Vervallen Bijlage 5. Opslag brandgevaarlijke stoffen Vervallen Bijlage 6. Opslag brandgevaarlijke stoffen Vervallen Bijlage 7. Vervallen Bijlage 8. Vervallen Bijlage 9. Reglement van orde van de welstandscommissie Zie: Welstandsnota Bijlage 10. Vervallen Bijlage 11 Vervallen Bijlage 12 Vervallen toelichting Bijlagen Bijlage 1 Toelichting verordening Figuren 1 t/m 19, behorende bij de stedenbouwkundige bepalingen Figuren 1 tm 19, bij stedenbouwkundige bepalingen.pdf (versie geldig sinds: 04-05-2010; PDF-bestand; grootte: 326.57 KB) Bijlage 5 Activiteiten samenhangende met slopen en bedreigingen Activiteit samenhangende met sloopproject Sloopmethode Bedreiging Beulen (slopen met behulp van slingeren, zwaaien, vallen van bal) – onvoldoende afstand tot gebouwen – stof bij instorten – overmatige trillingen – ongecontroleerd instorten – ongecontroleerd instorten Omduwen/omtrekken (uitoefenen kracht haaks op lengterichting met als gevolg breuk) – stof bij instorten – wegspatten dommekracht (hefboom) – ongecontroleerd instorten Expanderen (sloopmethode die gebruik maakt van bepaalde stoffen die een aanzienlijke volumevergroting vertonen; o.a. explosieven.) – rondvliegend puin – opslag e.d. – trillingen – verzakkingen Afhijsen (knijpen) – vallend materiaal/onvoldoende afstand – omvallen kraan/maximum hijslast – afbreken hijslast Trekken (uitoefen kracht in de lengterichting) – kantelen trekapparatuur – stapelen palen Overige methoden: Slopen in het algemeen met de hand vanaf stellingen, al dan niet met behulp van werktuigen. Hierbij kan indien het bouwhek niet vergenoeg staat puin, gereedschap e.d. Buiten het sloopterrein vallen. Materieel (bouwkranen, mobiele puinbrekers) - aan- en afvoer - op- en afbouw - afbreken hijslast of delen daarvan - omvallen kraan - overschrijden max. wegbelasting Sloopobject - omvallen bouwdelen - wegspattend/vallend puin en gereedschap - verontreinigd sloopmateriaal Activiteit samenhangende met sloopproject Bedreiging Sloopterrein - afkalven, instorten bouwputten - opslag van materialen en materieel - onvoldoende afgrenzing Bouwputten en -sleuven - instorten/afkalven bouwputten en sleuven - onjuiste bemaling Bodemverontreiniging en afvoer van sloopmaterialen Veiligheidsaspecten reeds gedekt: p-bladen arbeidsinspectie en APV's Bijlage 6 Checklist van bedreigde objecten, functies en maatregelen ten behoeve van de opsteller van het sloopveiligheidsplan Bedreigde functies en objecten Mogelijke maatregelen (bron-, pad- en object- gericht) Aanbevelingen Belendingen Bouwkundige staat – constructief scheiden Overleg met eigenaar/beheerder - - – trillingsarm slopen belending (in extremo: met de hand) - - - – stutten/stempelen bouwputten- en sleuven - - - – gecontroleerd bemalen - - - – voorzieningen i.v.m. gemeenschappelijke bouwmuren en funderingen - - Gebruikers – trillingsarm slopen Voorlichten gebruikers - - – stofarm slopen - - - – slopen op bepaalde dagen/tijden - - - – in extreme situaties (calamiteiten): ontruimen - - - – rekening houden met verontreinigd sloopmateriaal, zoals asbest - - Gebruiksfuncties – vrijhouden / toegankelijk houden van belendende gebouwen Overleg met gebruikers, eventueel koppelen aan verkeerscirculatieplan - - – aangepaste werktijden - Gedeeltelijk te slopen objecten Bouwkundige staat resterende constructie – toetsen aan Bouwbesluit en Bouwverordening voor wat betreft veiligheid Zie ook bouwkundige staat belendingen Getoetst dient te worden aan de regelgeving met betrekking tot veiligheid, gezondheid en bruikbaarheid voor bestaande situaties. Voor mogelijke maatregelen en aanbevelingen zie ’belendingen’ - Gebruikers resterende constructie – toetsen aan Bouw besluit en Bouwverordening wat betreft veiligheid en gezondheid Zie ook gebruikers belendingen. - - Gebruiksfuncties resterende constructie (school, ziekenhuis, e.d.) – toetsen aan Bouw besluit en Bouwverordening wat betreft bruikbaarheid Zie ook gebruiksfuncties belendingen - Infrastructuur Kabels, leidingen en rioleringen – aangepaste sloopmethode Regelen in vooroverleg met betreffende nutsbedrijven - - – stutten - - - – beschermen - - - – (afdekken) - - - – afsluiten - - - – omleggen - - - – hijsplan bij grote hijsklussen - - Straatmeubilair (lantaarnpalen e.d.) – beschermen - - - – afsluiten - - - – verwijderen - - Wegen, bruggen, viaducten, e.d. – afdekken (schotten, rijplaten, zand) Overleg met verantwoordelijke instanties - - – aangepaste sloop methode - - Waterstaatkundige werken (kanalen, sluizen, dijken e.d.) - Overleg met verantwoordelijke instanties - Overig (tunnels e.d.) - Regelen in vooroverleg met verantwoordelijke instantie Verkeerssituatie Voetgangers en fietsers – afdoende afgrenzen sloopterrein Bij complexe situaties: verkeerscirculatieplan Regelen in vooroverleg met verantwoordelijke instanties en gemeentediensten - - – uitstekers (valschermen) - - - – voetgangerstunnels - - - – afzetten weggedeelte met hekwerk - - - – (tijdelijk) afzetten van de gehele weg - - Overig wegverkeer (openbaar vervoer, auto’
- s)– afdoende afgrenzen sloopterrein Bij complexe situaties: - - – vrijhouden en waarbor gen veiligheid boven leidingen trams en trolleys Regelen in vooroverleg met verantwoordelijke instanties en gemeentediensten - - – uitstekers - - - – afzetten weg verkeerscirculatieplan - - Routes voor brandweer- en ziekenhuis auto’s e.d. – vrijhouden weg Bij complexe situaties: verkeerscirculatieplan - - – aangepaste sloop methode Regelen in vooroverleg met verantwoordelijke instanties en gemeentediensten - - – beperken overige verkeersstroom - - Spoorwegen Regelen in vooroverleg met NS - - Scheepvaart Regelen in vooroverleg met waterbeheerder (RWS, provincie, waterschap, gemeente) - Bijzondere omstandigheden Veel omstanders – aanbrengen extra veiligheidsvoorzieningen Vooraf informeren omwonenden - - – afzetten wegen Bij grote manifestaties overleg met gemeente - Calamiteiten (slopen na brand, explosies e.
- d)– afzetten weg Overleg met deskundige instanties - - – ontruimen belendende percelen - - Vandalen en daklozen – extra afscheiding - - - – verscherpt toezicht - Bijlage 7 Voorbeeld voor inhoudsopgave sloopveiligheidsplan Voorbeeld inhoudsopgave sloopveiligheidsplan Naam en correspondentieadres van de aannemer Ligging van het te slopen perceel Doel en opzet sloopveiligheidsplan Beschrijving werkzaamheden Beschrijving toe te passen sloopmethode(
- n)en materialen, materieel en hulp- en beveiligingsmiddelen Verantwoordelijkheden en verantwoordelijke personen met betrekking tot externe veiligheid Betrokken instanties Dagindeling werkzaamheden Instructies aan werknemers Instructies/voorlichting omwonenden Voorgenomen veiligheidsmaatregelen Uitvoering toezicht op maatregelen Logboek Bijlagen bij het sloopveiligheidsplan belangrijke telefoonnummers tekening waarop staat aangegeven: de situering van het sloopobject; de plaats van de bouwkranen; de aan- en afvoerwegen; de laad-, los- en hijszones; de plaats van de bouwketen; de situering van het sloopobject ten opzichte van aangrenzende wegen, bouwwerken e.d.; de grenzen van het sloopterrein, waarbinnen alle sloopwerkzaamheden, het laden en lossen daaronder begrepen, plaatsvinden; de in of op de bodem van het bouwperceel aanwezige leidingen; de plaats van ander hulpmaterieel. De schaal van deze tekening mag niet kleiner zijn dan 1:1.000. (indien nodig bij detailleringen niet kleiner dan 1:100). controlelijst ten behoeve van externe veiligheid op de werken transportroutes afkomende materialen Bijlage 8 Keuzetabel voor de vaststelling van deelstromen bij sloop niveau I minimumscheiding niveau I-plus minimumscheiding niveau II niveau III maximumscheiding gevaarlijke afvalstoffen (voorheen: chemische of chemisch verontreinigde afvalstromen) gevaarlijke afvalstoffen (voorheen: chemische of chemisch verontreinigde afvalstromen olieproducten overig gevaarlijk afval afgewerkte olie brandstofrestanten batterijen accu's schoorsteenkanalen rookkanalen overig chemisch belast puin verontreinigde leidingen oliehoudende elementen coatings, kitten bitumineuze materialen zeefzand tl-buizen/starters halogeen lampen niet uitputtende lijst, voor overzicht zie EURAL asbest en asbesthoudende afvalstromen asbest en asbesthoudende afvalstromen asbestproducten golfplaat spouwbladen brandwerende platen isolatiemateriaal producten niet elders genoemd met asbest en asbeststof verontreinigd sloopafval met asbest en asbeststof verontreinigd sloopafval metalen metalen ferro constructiebalken e.d. metalen trappen e.d. betonijzer schroot tanks, silo's ferro niet elders genoemd non ferro aluminium (kozijnen, instructies) lood (buis, slabben) zink (regenpijp, dakgoot) koperbuis non ferro niet elders genoemd elektriciteitskabels kabels 220 V kabels > 220 V steenachtig afval i.c. betonpuin en baksteenpuin steenachtig afval i.c. betonpuin en baksteenpuin beton gewapend beton schuimbeton gasbeton staalvezelbeton hoge sterkte beton betonproducten beton niet elders genoemd metselwerk metselwerkpuin metselmortel kalkzandsteen metselwerkpuin bouwblokken dakpannen/bedekking (beton, keramiek, leisteen) intacte dakpannen gebroken dakpannen dakleien keramiek wandtegels plavuizen sanitair gipshoudende elementen gipsplaat stucwerk anhydriet vloeren gipsvezelplaat gipshoudende elementen asfalt asfaltbeton asfaltpuin freesafval steenwol steenwol steenwol glaswol glaswol glaswol massief hout (zonder verduurzamingsmiddelen, direct herbruikbaar) massief hout (zonder verduurzamingsmiddelen, direct herbruikbaar) massief hout (direct herbruikbaar) balken vloerdelen trapelementen dakbeschot regels/tengels pallets schoon hout niet elders genoemd geverfd/gelakt hout gevelelementen kozijnen deuren parketvloeren geverfd/gelakt hout niet elders genoemd verlijmd hout (plaatmateriaal) spaanplaat multiplex hardboard vezelplaat houtwolcementplaat bekistingmateriaal vloerplaat plaatmateriaal niet elders genoemd geïimpregneerd hout tuinhout bielzen geïmpregneerd hout niet elders genoemd overig afval kunststof gevelelementen kunststof gevelelementen kunststof gevelelementen PVC- en PE-leidingen PVC leidingsystemen (riolering, afvoer) PP en PE leidingsystemen (riolering, afvoer) dakfolies wandfolies vlak glas vlak glas vlak glas draadglas spiegelglas dubbelglas HR- en LE-glas papier en karton papier en karton papier karton overig afval LDPE/HDPE dakfolies wandfolies leidingsystemen XPS/EPS vloerisolatie dakisolatie wandisolatie PUR isolatieplaten PUR-producten niet elders genoemd overige kunststoffen gemengd EPDM overige kunststoffen gemengd cellulose isolaties cellulose isolaties textiel gordijnen vloerbedekking door vuil voor hergebruik ongeschikte materialen folies met aanhangend papier/karton met aanhangend vuil textiel met aanhangend vuil glas met kitresten composiet-materialen beton met PS-platen sandwichtpanelen metselwerk met stucwerk beton met stucwerk thermohardende kunststoffen meterkasten deurknoppen overig afval overig afval Toelichting tabel In de tabel worden drie niveaus onderscheiden. Niveau I en niveau I-plus staan voor de vereiste minimumscheiding zoals bedoeld in artikel 8.4.1. Dit minimumniveau correspondeert met artikel 4.11 waarin de vereiste minimumscheiding van bouwafval is vastgelegd. Het bestaan van twee niveaus, respectievelijk I en I-plus, is nodig omdat de gemeenteraad bij de vaststelling van artikel 4.11 juncto 8.4.1, een keuze heeft uit twee alternatieven. Niveau III geeft een optimaal scenario weer, waarin sprake is van een maximale scheiding. Niveau II is te beschouwen als een tussenstap, waarmee een verder inzicht wordt verkregen in het opsplitsen naar de verschillende afvalstromen. De verschillende categorieën van afvalstoffen die in niveau II worden onderscheiden, kunnen niet worden opgevat als definitieve oplossingen met betrekking tot scheiden. Hierna wordt kort beschreven op welke wijze de tabel kan worden gebruikt als hulpmiddel. - Gevaarlijke afvalstoffen; chemische en chemisch belaste afvalstromen: Op het gevaarlijke afval is het Besluit aanwijzing gevaarlijke afvalstoffen van toepassing (EURAL). Het scheiden van de herbruikbare componenten uit het gevaarlijke afval heeft alleen zin indien deze gescheiden worden op niveau III. - Asbest en asbesthoudende afvalstromen Het scheiden van asbestproducten tot op niveau III is niet zinvol. Volstaan kan worden met het apart houden van asbest en asbesthoudende producten in één afvalstroom, omdat asbest altijd moet worden gestort. - Overige afvalstromen Het scheiden van de diverse componenten is alleen zinvol indien hiermee een afvalstroom wordt verkregen die in aanmerking komt voor hergebruik en waarvoor inzamel- en verwerkings- of bewerkingscapaciteit bestaan. Voor sommige componenten betekent dit dat gescheiden dient te worden tot niveau III (bijvoorbeeld bepaalde betonproducten, steenachtige isolatiematerialen, dakpannen, metalen, kunststoffen, glas, schoon hout). Voor andere componenten kan ook worden volstaan met scheiding op niveau II (asfalt, metselwerk, kalkzandsteen, geverfd en gelakt hout, verlijmd hout, papier en karton, textiel, kabels). - Niet-herbruikbare niet-gevaarlijke (c.q. chemisch verontreinigde) afvalstromen In verband met het stortverbod voor bouw- en sloopafval, moet ook deze categorie worden beschouwd als overig afval en worden afgevoerd naar de sorteerinrichting. De tabel is niet meer dan een hulpmiddel voor de gemeente bij het bepalen van de mate van scheiding die zal worden voorgeschreven in de sloopvergunning. Er is bewust voor gekozen om geen indicatie te geven voor de verschillende inzamelstructuren en bewerkings- of verwerkingsstructuren, omdat deze regionaal of lokaal kunnen verschillen en aan wijzigingen onderhevig zijn. Het is daarom noodzakelijk dat de desbetreffende ambtenaar, verantwoordelijk voor de controle van de vergunningaanvraag, op de hoogte is van de lokale en regionale verwerkingscapaciteit voor de bij sloop vrijkomende afvalstromen. Al dan niet verontreinigde grond is niet in deze tabel opgenomen. Grond die tijdens of na het slopen wordt afgevoerd, is geen sloopafval en kan dus geen onderwerp zijn in een voorschrift van de sloopvergunning. Toch verdient het aanbeveling alert te zijn op de afvoer van (verontreinigde) grond. Bijlage 10 Handreiking voor de visuele inspectie van woningen en daarmee vergelijkbare bouwwerken op de aanwezigheid van asbest Product Mogelijk toegepast in Mate waarin het is toegepast Uiterlijk Asbestcement, vlakke plaat Gevels, dakbeschot, rondom schoorstenen Vaak Grijze plaat van 3 tot 8 mm dik, vaak aan een kant ‘wafelstructuur' Asbestcement, vlakke gevelplaat met coating Decoratieve buitengevels, galerij Vrij algemeen in flats Als vlakke plaat maar met aan een kant gekleurde geëmailleerde of gespoten coating Asbestcement, schoorsteen of luchtkanaal Bij kachel of CV-installatie, ventilatiekanalen Vaak Rond of vierkant kanaal, verder als vlakke plaat Asbestcement, bloembak Zowel buiten als binnen, balkons Vaak In diverse vormen, verder als vlakke plaat, meestal dunner dan betonnen bak Asbestcement, golfplaat Daken van schuren en garages Vaak Als golfplaat, in diverse dikten Asbestcement met cellulosevezels (asbestboard) Alleen geschikt voor binnentoepassingen, aftimmeringen, inpandige kasten Soms Geelbruine, dunne plaat, lijkt op hardboard Asbestcement, dakleien Imitatieleien In Nederland weinig toegepast Vlakke plaatjes, aan één zijde gecoat Asbestcement, standleidingen Afvoer toilet Vaak Als luchtkanaal, maar dikker Asbestcement, imitatiemarmer Vensterbanken en schoorsteenmantels Soms Als marmer, in breuk of zaagvlakken zijn witte vezels zichtbaar Harde asbesthoudende vinyltegels Toiletten, keukens Soms, meestal bij de bouw gelegd Harde tegel met meestal een wit gevlamd motief Toelichting tabel Herkennen van asbest Alleen in een laboratorium kan met 100 procent zekerheid worden vastgesteld of een materiaal of een product asbest bevat. Wel kunt u materialen herkennen waarin mogelijk asbest zit. Het bovenstaande overzicht helpt daarbij. Dit overzicht is niet volledig. Voor de herkenning van vinylvloertegels en vinylvloerbedekking (in de volksmond zeil) waarin mogelijk asbest zit, kan de volgende informatie worden gegeven: - Asbesthoudende vinylvloertegels Tot omstreeks 1985 waren vinylvloertegels te koop, die verstevigd zijn met asbest. Meestal zijn deze kunststoftegels al tijdens de bouw gelegd. Vinylvloertegels zijn veelal toegepast in vochtige ruimten, zoals toiletten en keukens. Vinylvloertegels zijn hard en een beetje glanzend, vaak met een wit 'gevlamde' decoratie. - Asbesthoudende vinylvloerbedekking Vinylvloerbedekking met asbest was tussen 1968 en 1983 te koop. Het is veel gebruikt in keukens en op trappen. De toplaag is van PVC en in de onderlaag zit asbest. Deze viltachtige onderlaag lijkt op karton en is lichtgrijs tot lichtbeige en soms lichtgroen. Asbest zit bijna nooit in de volgende soorten vloerbedekking: vloerbedekking van textiel (tapijt); ondertapijt van vilt; breekbaar, dun zeil met een doffe, zwarte of wijnrode onderkant; stijve, zeilachtige vloerbedekkingen met een harde, ruwe onderzijde met daarin een grofmazig juteweefsel, zoals linoleum; buigzaam zeil met een dikke, bruine, harige onderzijde; soepel zeil met een onderkant van kunststof (plastic) of foam (schuim). Ten slotte is het van belang het volgende te weten: Toepassing en verkoop van asbest is sinds 1 juli 1993 nagenoeg verboden. Na 1983 is vrijwel geen losgebonden asbest meer toegepast. Sinds enkele jaren zijn ook asbestvrije cementplaten (bijvoorbeeld golfplaten) op de markt. De in Nederland gefabriceerde asbestvrije cementplaten zijn te herkennen aan de opdruk NT aan de onderzijde van de plaat. Bijlage_1_Bebouwde_Kom.pdf (versie geldig sinds: 03-01-2011; PDF-bestand; grootte: 189.94 kB)