← Nederland

Verordening op de heffing en de invordering van graf- en begraafrechten 2018 (Kollumerland en Nieuwkruisland)

Verordening op de heffing en de invordering van graf- en begraafrechten 2018De raad van de gemeente Kollumerland c.a; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders dd. 21 november 2017; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; besluit vast te stellen de volgende verordening: ‘Verordening op de heffing en de invordering van graf- en begraafrechten 2018’ Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: gemeentelijke begraafplaats: de bij de gemeente Kollumerland c.a. in beheer zijnde begraafplaatsen; particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; particulier urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; urnenbewaarplaats: plaats waar een asbus dan wel asurn in een afgesloten ruimte kan worden bewaard; grafbedekking: gedenkteken en grafbeplanting op een graf; asbus: een bus ter berging van as van een overledene; (as)urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen en voor het door of vanwege de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaatsen. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor het opgraven van een lijk of asbus op rechterlijk gezag. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Artikel6Belastingjaar Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel7Wijze van heffing De rechten als bedoeld in de tarieventabel worden geheven door middel van een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, nota, of andere schriftuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld De rechten als bedoeld in de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening, of bij de aanvang van het gebruik van bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel9Termijnen van betaling

  1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van de schriftelijke kennisgeving, nota of andere schriftuur.
  2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde. Artikel10Kwijtschelding Bij de invordering van de graf- en begraafrechten wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten. Artikel12Artikel met leden De verordening op de heffing en de invordering van graf- en begraafrechten 2017 van 15 december 2016 wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. In afwijking in zoverre van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van de verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt. De datum van ingang van de heffing is 1 januari
  3. Deze verordening wordt aangehaald als de ‘Verordening graf- en begraafrechten 2018’. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 21 december 2017De griffier, T.TorenDe burgemeester, B.BilkerTarieventabel Behorende bij de Verordening graf- en begraafrechten 2018 Hoofdstuk1Verlenen van rechten 1.1 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf wordt geheven: 1.1.1 voor een periode van 20 jaar: 1.776,50 1.1.2 voor een periode van 40 jaar: 3.450,60 1.1.3 Voor het verlengen van de rechten als bedoeld in 1.1 wordt een recht geheven van € 444,15 per 5 jaar. (met een maximum van 20 jaar). 1.2 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een daartoe aangewezen kindergraf wordt geheven: 1.2.1 voor een periode van 20 jaar: 887,25 1.2.2 voor een periode van 40 jaar: 1.724,80 1.2.3 voor het verlengen van de rechten als bedoeld in 1.2 wordt een recht geheven van € 221,80 per 5 jaar. (met een maximum van 20 jaar). 1.3 Bovenop het recht als vermeld onder 1.1 en 1.2 wordt geheven: 1.3.1 voor het stichten van een grafkelder: 481,65 1.3.2 voor het plaatsen van een urnenkeldertje: 200,75 1.4 Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnengraf wordt geheven: 1.4.1 voor een periode van 20 jaar: 887,25 1.4.2 voor een periode van 40 jaar: 1.724,80 1.4.3 voor het verlengen van de rechten als bedoeld in 1.4 wordt een recht geheven van € 221,80 per 5 jaar. (met een maximum van 20 jaar) 1.5 Wanneer verlenging voor een kortere termijn dan 10 jaar noodzakelijk is, dan geldt een recht van het aantal te verlengen jaren maal 1/20 deel van de tarieven als genoemd onder 1.1.1 , 1.2.1 en 1.4.
  4. 2.1 2.1.1 Voor het gebruik maken van een algemeen graf voor een periode van 10 jaar wordt geheven: 887,25 2.1.2 Voor het gebruik maken van een algemeen kindergraf voor een periode van 10 jaar wordt geheven: 443,10 2.1.3 Voor het gebruik maken van een algemeen urnengraf voor een periode van 10 jaar wordt geheven 443,10 Hoofdstuk2Begraven 2.1 Voor het begraven van een stoffelijk overschot van een persoon van 12 jaar of ouder wordt geheven: 2.1.1 van maandag tot en met vrijdag: 743,25 op een zaterdag: 1.083,95 2.2 Voor het begraven van een stoffelijk overschot van een persoon van 0 tot 12 jaar wordt geheven: 2.2.1 van maandag tot en met vrijdag: 612,45 op een zaterdag: 904,50 Tarief voor zaterdag is gebaseerd op een tijdsbesteding van een basistarief van 1 uur cq. een deel daarvan (rekening houdende met verhoging voor zaterdag) voor 2 gemeente-mannen (zonder tractiemiddel). 2.3 Voor het herbegraven van een stoffelijk overschot geldt een bedrag dat gelijk is aan de kosten, die de hiermee te belasten onderneming de gemeente in rekening brengt. Deze kosten worden aan de aanvrager van het herbegraven bij zijn verzoek vanwege de in art. 231, tweede lid onderdeel b. van de Gemeentewet bedoelde ambtenaar, meegedeeld. Hoofdstuk3Bijzetten urnen Voor het begraven cq. bijzetten (dan wel uitstrooien) van (as)urnen, wordt per urn geheven: van maandag tot en met vrijdag: 240,30 op een zaterdag: 337,65 Hoofdstuk4Grafbedekking en onderhoud 4.1 Voor het afgeven van een vergunning ter zake van het plaatsen of vernieuwen dan wel uitbreiden van grafbedekking wordt geheven: 4.1.1 per grafbedekking: 128,75 per grafbedekking op een urnentuin: 84,15 4.2 Wanneer de zorg voor het onderhoud van grafbedekking aan de gemeente wordt overgedragen, wordt geheven voor: 4.2.1 Een graf van een volwassene bestaande uit: Voor de duur van: 10 jaar 20 jaar: 40jaar: een achterstuk: 295,05 594,20 1.142,75 een dubbel achterstuk: 431,95 870,00 1.695,40 een achterstuk +voetplaat: 846,70 1.695,40 3.351,25 4.2.2 Een kindergraf bestaande uit: Voor de duur van: 10 jaar 20 jaar: 40jaar: een achterstuk: 158,20 316,35 591,15 een achterstuk +voetplaat: 295,05 592,15 1.142,75 4.3 Bij omzetting van een voor de duur van 20 jaar uitgegeven graf in een voor de duur van 40 jaar wordt, indien de zorg voor het onderhoud van grafbedekking aan de gemeente is overgedragen, een aanvullend recht geheven. Dit recht is gelijk aan het verschil tussen de ingevolge het eerste lid geheven bedragen. Hoofdstuk5Overboekingsrecht Voor een niet ambtshalve overboeking van een graf wordt geheven: € 10,
  5. Behorende bij raadsbesluit van 21 december 2017 T.Toren, griffier B. Bilker, voorzitter

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.