Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2018 De raad van de gemeente De Wolden; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 21 november 2017; gelet op de artikelen 216, 219 en 224 van de Gemeentewet; Besluit: vast te stellen de volgende verordening: Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2018 (Verordening toeristenbelasting 2018) Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto's, toercaravans en soortgelijke onderkomens dan wel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden; niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd dan wel te huur aangeboden; vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van een zelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan. voorseizoenplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een zelfde kampeeronderkomen of stacaravan gedurende de weken 13 tot en met 27 van het belastingjaar; naseizoenplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het plaatsen van een zelfde kampeeronderkomen of stacaravan gedurende de weken 33 tot en met 44 van het belastingjaar Artikel2Belastbaar feit Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten, op vaste standplaatsen en voor- of naseizoenplaatsen tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, wordt onder de naam 'toeristenbelasting' een directe belasting geheven. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen. De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt. Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt. Artikel4Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf: door degene, die: a. als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft; b. verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij ter zake van het verblijf in of het ter beschikking houden van die woning forensenbelasting is verschuldigd; een leeftijd heeft tot en met twaalf jaar. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voorzover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. Artikel5Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Artikel6Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot een: kampeeronderkomen op een vaste standplaats welke - ten hoogste 7 maanden wordt gebruikt, bepaald op 2,2 - meer dan 7 doch ten hoogste 12 maanden wordt gebruikt, bepaald op 1,8 - als voorseizoenplaats wordt gebruikt, bepaald op 2 - als naseizoenplaats wordt gebruikt, bepaald op 2 Het aantal malen dat de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht, wordt met betrekking tot een kampeeronderkomen op een vaste standplaats welke: - ten hoogste 7 maanden wordt gebruikt, bepaald op 51 - meer dan 7 doch ten hoogste 12 maanden wordt gebruikt, bepaald op 84,5 - als voorseizoenplaats wordt gebruikt, bepaald op 35 - als naseizoenplaats wordt gebruikt, bepaald op 30 Artikel7Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing In afwijking van het bepaalde in artikel 6 wordt op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op grond van artikel 6 berekende aantal. Artikel8Belastingtarief Het tarief bedraagt per overnachting € 1,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.