De raad van de gemeente Loppersum; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 17 oktober 2017; gelet op artikel 15.33 van de Wet milieubeheer; b e s l u i t : vast te stellen de: "VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN AFVALSTOFFENHEFFING 2018". Artikel1Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van de verordening wordt verstaan onder: restcontainer: het van gemeentewege voor de inzameling van restafval verstrekt inzamelmiddel; verzamelcontainer: het van gemeentewege voor de inzameling van restafval verstrekt inzamelmiddel ten behoeve van een groep van percelen; gft-afval: groente-fruit-en tuinafval; restafval: huishoudelijk afval niet zijnde gft-afval; perceel: een gebouwde onroerende zaak, of gedeelte daarvan, dat blijkens indeling en inrichting bestemd is om als afzonderlijk geheel door een particuliere huishouding te worden gebruikt; groep van percelen: een groep van meerdere percelen waarvoor gemeenschappelijk gebruik wordt gemaakt van één of meerdere verzamelcontainers; gebruik maken: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 Wet milieubeheer. Artikel2Aard van de belasting en belastbaar feit 1.Onder de naam ‘afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de wet Milieubeheer. 2.De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt; Artikel3Belastingplicht De belasting wordt geheven van degene die in de gemeente naar de omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een woning of appartement ten aanzien waarvan ingevolge de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt. Artikel4Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven die staan genoemd in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, rekening houdende met de overige leden van dit artikel. 2.Het aantal aanbiedingen per perceel en het gewicht van het periodiek ingezamelde restafval van een perceel wordt, naast een vast bedrag per perceel, aangemerkt als maatstaf van heffing van de in hoofdstuk 1 van de tarieventabel genoemde belasting. 3.Het aantal aanbiedingen per perceel, niet zijnde een groep van percelen waarvoor gebruik wordt gemaakt van een verzamelcontainer, wordt vastgesteld met behulp van containerherkennings- en registratieapparatuur op de inzamelauto. Voor de berekening van de belasting wordt uitgegaan van het aantal malen dat een restcontainer ter lediging wordt aangeboden, zoals is vastgesteld met behulp van de containerherkennings- en registratieapparatuur op de inzamelauto. 4.Het gewicht van het periodiek ingezamelde restafval per inzamelbeurt per perceel dat niet behoort tot een groep van percelen wordt vastgesteld als het verschil van het gewicht van de betreffende container voor lediging en het gewicht na lediging. 5.De vaststelling van het totaal per belastingtijdvak ingezamelde gewicht van het restafval van een perceel, niet zijnde een groep van percelen waarvoor gebruik wordt gemaakt van een verzamelcontainer, vindt plaats door optelling van de gewichten van het periodiek ingezamelde restafval van dit perceel. 6.Voor de berekening van de belasting van een perceel dat behoort tot een groep van percelen waarvoor gebruik wordt gemaakt van een verzamelcontainer, wordt uitgegaan van het gemiddeld aanbod van restafval per jaar per huishouden binnen de gemeente Loppersum, zoals is opgenomen in hoofdstuk 1 van de bij deze verordening behorende tarieventabel. 7.Indien tijdens enige inzamelbeurt door een calamiteit of door een technische storing van de inzamelauto of van de op de inzamelauto geplaatste containerherkennings- of registratieapparatuur waarmee de gegevens van de geledigde containers worden opgeslagen geen automatische herkenning, registratie of gegevensverwerking plaatsvindt, wordt voor de inzameling van het restafval per perceel, ongeacht of de bij deze percelen behorende containers wel of niet worden aangeboden voor de inzamelbeurt, geen forfaitaire lediging en gewicht in rekening gebracht. Artikel5Belastingjaar Met betrekking tot de belasting die per jaar wordt geheven, is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. Artikel6Wijze van heffing 1.De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag. 2.De belasting bedoeld in hoofdstuk 2 van de tarieventabel wordt geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt. Artikel7Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang 1.De belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat voor de belasting als bedoeld in hoofdstuk 1 van de tarieventabel aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 10,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.