Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren gemeente Giessenlanden DE RAAD DER GEMEENTE GIESSENLANDEN ; Gelet op artikel 1, van de Belemmeringenwet Privaatrecht, artikel 5.2, vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 149 van de Gemeentewet; BESLUIT : vast te stellen de volgende verordening: Verordening betreffende werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen in openbare gronden binnen het gemeentelijk gebied; Hoofdstuk I: Definities Artikel 1 In deze verordening wordt verstaan onder: a college : college van burgemeester en wethouders; b elektronisch communicatienetwerk : elektronisch communicatienetwerk als genoemd in artikel 1.1, onder d, van de Telecommunicatiewet; c openbaar elektronisch communicatienetwerk : elektronisch communicatienetwerk als genoemd in artikel 1.1, onder g, van de Telecommunicatiewet; d niet-openbaar elektronisch communicatienetwerk : elektronisch communicatienetwerk dat in hoofdzaak wordt gebruikt om elektronische communicatiediensten aan te bieden voorzover dit niet aan het publiek geschiedt; e openbare elektronische communicatiedienst : elektronische communicatiedienst als genoemd in artikel 1.1, onder f, van de Telecommunicatiewet; f kabels : kabels, genoemd in artikel 1.1, onder s, van de Telecommunicatiewet ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk; g niet-openbare kabels : kabels, zoals genoemd in artikel 1.1, onder s, van de Telecommunicatiewet ten dienste van een niet-openbaar elektronisch communicatienetwerk; h openbare gronden : openbare gronden, als genoemd in artikel 1.1, onder t, van de Telecommunicatiewet; i netwerkaanbieder : aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk, een niet-openbaar elektronisch communicatienetwerk of een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen; j aanvrager : netwerkaanbieder, als genoemd in artikel 1, onder i, van de verordening; k werkzaamheden : werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen in en op openbare gronden en daarnaast alle werkzaamheden die de gemeente uit hoofde van haar functie als beheerder van openbare grond dient uit te voeren; l gedoogplichtige : degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de Telecommunicatiewet of als bedoeld in artikel 1, van de Belemmeringenwet Privaatrecht; m melding : melding van werkzaamheden, als bedoeld onder k van de verordening; n instemmingbesluit : besluit van het college op een melding; o aansluiting : het gedeelte van de kabel of leiding door openbare grond dat een openbaar elektronisch communicatienetwerk of een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen verbindt met een netwerkaansluitpunt; p netwerkaansluitpunt : het geheel van verbindingen, met hun technische toegangsspecificaties, die deel uitmaken van een openbaar elektronisch communicatienetwerk of een netwerk ten behoeve van nutsvoorzieningen, en nodig zijn om toegang te verkrijgen tot deze netwerken; q werken : een constructie niet zijnde een gebouw, die op de plaats van bestemming hetzij direct of indirect met de openbare grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de openbare grond. Hiertoe worden ook werkzaamheden gerekend die plaatsvinden in, op of over openbare gronden; r leidingen : ondergrondse kabels of buizen, die dienen of kunnen dienen tot transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen dan wel van energie of informatie; s nutsvoorzieningen : voorzieningen van openbaar nut ten behoeve van de levering en afvoer van bijvoorbeeld energie, water en warmte; t verordening : Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren. u leidraad : Leidraad voor gemeenten en nutsbedrijven inzake (her)straatwerkzaamheden. Hoofdstuk 2: Melding werkzaamheden en beslistermijnen Artikel 2 1 Een netwerkaanbieder die werkzaamheden wil verrichten, meldt in ieder geval acht weken voor de aanvang van de werkzaamheden het voornemen daartoe bij het college. 2 Als bij werkzaamheden meerdere gedoogplichtigen zijn betrokken, wordt de melding in ieder geval twaalf weken voor de aanvang van de werkzaamheden gemeld bij het college. 3 Bij werkzaamheden waarbij meerdere gedoogplichtigen betrokken zijn, dient de aanvrager een vooroverleg te organiseren waarvoor alle betrokkenen worden uitgenodigd. 4 Voor het realiseren van incidentele aansluitingen met een gezamenlijke lengte korter dan vijfentwintig meter in en op openbare grond en waarbij geen gesloten verhardingen of groenvoorzieningenworden gekruist, is geen instemming van het college noodzakelijk. Deze werkzaamheden dienen 5 werkdagen voor de uitvoering schriftelijk bij de gemeente te worden gemeld. 5 In geval van reparaties of onderhoud moet voorafgaande aan de werkzaamheden een melding aan het college worden gedaan. Bij storingen die buiten de normale werktijden plaatsvinden en waarvoor uitstel van het verhelpen van de storing niet mogelijk is, dient de melding bij het college achteraf, doch uiterlijk binnen 5 werkdagen te worden gedaan. 6 De aanvrager dient omwonenden ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden minimaal 5 werkdagen voor de start van de werkzaamheden schriftelijk te informeren over aanvang, duur, aard en plaats van de werkzaamheden. Deze termijn geldt niet voor storingen. Artikel 3 1 Daar waar het gaat om meldingen zoals genoemd in artikel 2, eerste lid, van deze verordening neemt het college het instemmingbesluit uiterlijk acht weken na ontvangst van de melding. Het college heeft de bevoegdheid deze termijn éénmaal met acht weken te verlengen. 2 Daar waar het gaat om meldingen zoals genoemd in artikel 2, tweede lid van deze verordening neemt het college het instemmingbesluit uiterlijk twaalf weken na ontvangst van de melding. Het college heeft de bevoegdheid deze termijn éénmaal met twaalf weken te verlengen. 3 Indien van de bevoegdheid tot verlenging gebruik wordt gemaakt, doet het college daarvan voor afloop van de termijnen zoals genoemd in lid 1 en 2, een schriftelijke bevestiging met motivatie toekomen aan de aanvrager. Hoofdstuk 3: Aanleg, instandhouding en opruiming van kabels en leidingen 3.1 Algemene bepalingen Artikel 4 Voor de melding dient gebruik te worden gemaakt van een daartoe door het college vastgesteld formulier. Bij de melding worden in ieder geval de volgende gegevens verstrekt: a een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel indien de aanvrager daar ingeschreven is; b een machtiging indien het een aanvraag betreft voor de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels of leidingen in opdracht van een netwerkaanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk; c naam, adres en telefoonnummer van degene die de kabel of leiding in eigendom heeft, degene die de kabel of leiding beheert en degene die de kabel of leiding exploiteert, alsmede de naam en telefoonnummer van de contactpersoon die betrokken is bij het voorbereidingstraject; d een opgave van het aantal, de soort en het beoogde gebruik van de kabel of leiding; e welke belanghebbenden en instanties vooraf in kennis worden gesteld van de voorgenomen datum van aanvang en beëindiging en de aard van de werkzaamheden; f een uitvoeringsplan met daarin opgenomen: een opgave van het gewenste tracé; een opgave van de objecten die ten tijde van de werkzaamheden worden geplaatst, alsmede van de situering daarvan; een omschrijving van eventuele opbrekingen; de maatregelen voor de bereikbaarheid van in de openbare gronden aanwezige kabels en leidingen; het voorgenomen tijdstip van aanvang en beëindiging van de werkzaamheden; naam, adres en telefoonnummer van de aannemer(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.