Uitvoeringsregeling subsidie peuteropvang Waterland 2018Het college van de gemeente Waterland; overwegende dat het gewenst is om een uitvoeringsregeling subsidie peuteropvang op te stellen in verband met harmonisatie kinderopvang en peuterspeelzalen; gelet op de Algemene subsidieverordening Waterland 2017 BESLUIT vast te stellen de navolgende uitvoeringsregeling subsidie peuteropvang Waterland 2018. Hoofdstuk1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1.Begripsomschrijvingen In deze regeling wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland kinderopvang: opvang opgenomen in het landelijk register kinderopvang, het LRK, volgens de vereisten van de Wet kinderopvang. kinderopvangtoeslag (KOT): de tegemoetkoming van het Rijk via de belastingdienst aan ouders bedoeld als gedeeltelijke bijdrage in de kosten voor kinderopvang LRK: Landelijk Register Kinderopvang niet-toeslagouder(s): ouder(
- s)die geen recht heeft/hebben op de kinderopvangtoeslag van de rijksoverheid ouders: ouder(
- s)of verzorgers van de peuter peuteropvang: een aanbod voorschoolse opvang van 2 dagdelen per week gedurende 40 weken. Artikel2Reikwijdte De subsidie die op basis van deze uitvoeringsregeling wordt verstrekt bestaat uit subsidie voor deelname aan peuteropvang van peuters van niet-toeslagouders woonachtig in de gemeente Waterland. Hoofdstuk2SUBSIDIEVERLENING Artikel3Subsidie voor deelname peuters aan de peuteropvang 1.Het college kan subsidie verstrekken aan een organisatie voor kinderopvang voor peuteropvang voor een peuter van niet-toeslagouders. 2.Deze subsidie is voor deelname van peuters woonachtig in de gemeente Waterland aan peuteropvang op locaties in de gemeente Waterland. Artikel4.Aanvraag subsidie voor deelname aan de peuteropvang 1.Een organisatie voor kinderopvang kan subsidie aanvragen voor deelname van een peuter vanaf 2 jaar aan (reguliere) peuteropvang bestaande uit 2 dagdelen per week, gedurende 40 weken per jaar. 2.Hierbij gelden de volgende voorwaarden: voor deelname van maximaal 7 uren per week gedurende 40 weken per jaar; voor ouders die niet in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag van het Rijk; ouders betalen een inkomensafhankelijke ouderbijdrage conform de tabel ouderbijdragen van de kinderopvangtoeslag. Deze wordt jaarlijks vastgesteld op basis van de uurprijs dagopvang . De ouders betalen de ouderbijdrage aan de kinderopvangorganisatie; de aanvraag van de subsidie betreft het resterende deel van de kosten voor deelname aan de peuteropvang na aftrek van de ouderbijdrage; voor de hoogte van de subsidiebijdrage gaat het college uit van de kostprijs per uur conform de landelijke adviestabel voor de uurprijs van de kinderopvang, die jaarlijks wordt vastgesteld. Artikel5.Gegevens voor de subsidieaanvraag voor peuteropvang 1.Per kwartaal dient de organisatie een aanvraag voor subsidie in, met een overzicht van de volgende gegevens per peuter: naam kind, geboortedatum, adres en naam ouders/verzorgers; naam locatie; informatie waaruit blijkt dat ouders aantoonbaar geen recht op kinderopvangtoeslag hebben; deelname aantal uren per week; berekening bijdrage: totale kosten peuteropvang minus ouderbijdrage is gevraagde subsidie. 2.In overleg kan de termijn voor het aanvragen van subsidie voor peuteropvang worden aangepast. Artikel6Toetsing recht op een gesubsidieerde peuterplaats 1.Voor het toetsen of een peuter in aanmerking komt voor een gesubsidieerde peuterplaats dient de kinderopvangorganisatie vast te stellen of ouders recht hebben op kinderopvangtoeslag. Dit gebeurt door de Verklaring geen recht op kinderopvangtoeslag in combinatie met een inkomensverklaring van beide ouders. 2.De kinderopvangorganisatie houdt een administratie bij van de documenten aan de hand waarvan de toetsing recht op subsidie is gedaan, en van de bevindingen van deze toetsing. Artikel7Voorwaarden voor uitvoering peuteropvang Voor de peuteropvang dienen kinderopvangorganisaties te voldoen aan de wettelijke vereisten en criteria van de Wet OKE, de WPO, de Wet kinderopvang, het Besluit Basisvoorwaarden Kwaliteit Voorschoolse Educatie en het gemeentelijk beleid voor de voorschoolse educatie. Hoofdstuk3.SUBSIDIEVASTSTELLING Artikel8De subsidievaststelling Het college stelt op basis van de ingediende verantwoording de subsidie vast zoals omschreven in artikel 4. Hiervoor wordt een format ontwikkeld. Hoofdstuk4.SLOTBEPALINGEN Artikel9.Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als "Uitvoeringsregeling subsidie peuteropvang Waterland 2018". Artikel10Inwerkingtreding Deze uitvoeringsregeling treedt in werking de dag na bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2018. Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waterland, gehouden op 9 januari 2018. mr. N. van Ginkel MPMgemeentesecretaris/algemeen directeurL.M.B.C. Wagenaar-Kroonburgemeester