RAADSBESLUIT2017/60 De raad van de gemeente Laren, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 10 oktober 2017 gelet op de artikelen 216, 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, en 156 van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet; BESLUIT: de navolgende verordening op de heffing en invordering van leges 2018, met bijbehorende tarieventabel onderdeel A en B vast te stellen: Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen; ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand; ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar; 'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor: het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;
(4a)voor het laden en lossen van bepaalde gevaarlijke stoffen binnen de bebouwde kom. 1.19.6.1 Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: 1.19.6.2 Een eenmalige ontheffing van de vastgestelde route voor het transport van gevaarlijke stoffen € 163,00 1.19.6.3 Een langdurige ontheffing van de vastgestelde route voor het transport van gevaarlijke stoffen voor terugkerende, periodieke transporten € 242,00 1.19.6.4 Een verlenging van een langdurige ontheffing van de vastgestelde route voor het transport van gevaarlijke stoffen € 122,00 1.19.6.5 Een bijzondere toestemming voor het lossen of laden van goederen op een voor publiek toegankelijke plaats binnen de bebouwde kom € 79,00 1.19.6.6 Een bijzondere toestemming voor het lossen of laden van goederen op een voor publiek toegankelijke plaats binnen de bebouwde kom gelijktijdig en tezamen met een eenmalige ontheffing van de vastgestelde route voor het transport van gevaarlijke stoffen € 163,00 Teruggaaf 1.19.6.7 Indien binnen twee weken na het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing of bijzondere toestemming deze aanvraag wordt ingetrokken, wordt op aanvraag teruggaaf van 75% van de overeenkomstig 18.2.1 t/m 18.2.5 geheven leges verleend. Hoofdstuk 20 Diversen 1.20.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.20.1.1 tot het verkrijgen van een vergunning c.q. ontheffing op grond van het bepaalde in de Algemene Plaatselijke Verordening en de Drank- en Horecaverordening, voor zover niet afzonderlijk is genoemd in deze verordening per vergunning c.q. ontheffing € 93,50 1.20.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van: 1.20.2.1 gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina € 2,00 1.20.2.2 afschriften, doorslagen of fotokopieën danwel het digitaal verstrekken daarvan van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen: De eerste tien kopieën die worden verstrekt op A4 of A3 formaat zijn gratis, bij het verstrekken van meer dan tien kopieën danwel het digitaal verstrekken daarvan geldt het volgende tarief: 1.20.2.2.1 a.per pagina formaat A0 € 10,50 1.20.2.2.2 b.per pagina formaat A1 € 9,50 1.20.2.2.3 c.per pagina formaat A2 € 6,50 1.20.2.2.4 d.per pagina formaat A3 € 2,00 1.20.2.2.5 e.per pagina formaat A4 € 1,00 1.20.2.2.6 f.cd-rom met geluidsopname € 21,00 1.20.2.2.7 g.cd-rom met één luchtfoto € 31,50 1.20.2.2.8 (Overzichts)kaarten en tekeningen: Indien ten behoeve van het reproduceren van kaarten of tekeningen derden moeten worden ingeschakeld wordt het bedrag van de externe kosten zoals deze door die derde(n) aan de gemeente in rekening wordt gebracht, doorberekend. Dit wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. Voor de toepassing hiervan wordt de aanvraag in behandeling genomen op de 5e werkdag na de dag waarop het bedrag van de externe kosten aan de aanvrager ter kennis is gebracht. 1.20.2.4 een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen € 46,50 1.20.2.5 stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina € 2,50 1.20.3 Het tarief bedraagt voor het versturen van poststukken per poststuk € 1,00 Voor overige APV gerelateerde leges zie onderdeel B Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen 2.1.1 Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder: 2.1.1.1 aanlegkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft; 2.1.1.2 bouwkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV 1989), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Dit normblad ligt ter inzage. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft; 2.1.1.3 sloopkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting,, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 1989 (UAV), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de sloopkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien het slopen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder sloopkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het slopen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft; 2.1.1.4 Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. 2.1.2 In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld. 2.1.3 In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld. Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag 2.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 2.2.1 om beoordeling van een vooroverlegplan of om te bezien of een (voorgenomen) activiteit binnen het bestemmingsplan past danwel of hieraan planologische medewerking kan worden verleend (principe verzoek): 25% van de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning van het project zou worden gesteld met een minimum bedrag van € 154,
- en bij beoordeling van wijziging gebruik bedraagt het tarief € 154,
- Indien binnen 6 maanden na het laatst uitgebrachte advies van dezelfde vooroverlegaanvraag een aanvraag om omgevingsvergunning wordt ingediend vindt verrekening plaats met de definitieve aanvraag omgevingsvergunning. 25% minimum € 154,00 wijziging gebruik € 154,00 2.2.
- a.Om beoordeling van de haalbaarheid van een bouwplan wat na beoordeling vergunningsvrij blijkt te zijn, of b.om beoordeling van een verzoek of een bouwplan vergunningsvrij dan wel vergunningsplichtig is, of c.voor het behandeling nemen van een aanvraag om omgevingsvergunning die na beoordeling vergunningsvrij blijkt te zijn: € 154,00 2.2.3 Indien het advies omtrent het uiterlijk van het bouwwerk uit oogpunt van welstand is ingewonnen wordt het in onderdeel 2.2.
- genoemde bedrag verhoogd met een bedrag dat gelijk aan de in de tarieventabel voor de welstandscommissie genoemde bedragen, Het op grond van de tarieventabel voor de welstandscommissie verschuldigde bedrag aan welstandsleges wordt verhoogd met de omzetbelasting die de welstandscommissie voor het uitbrengen van het advies aan de gemeente in rekening brengt. 2.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd. 2.3.1 Bouwactiviteiten 2.3.1.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief: 3,9% van de bouwkosten, met een minimum bedrag van € 203,00 2.3.1.1.1 Indien het advies omtrent het uiterlijk van het bouwwerk uit oogpunt van welstand is ingewonnen wordt het in onderdeel 2.3.1.1 genoemde bedrag verhoogd met een bedrag gelijk aan de in de tarieventabel voor de welstandscommissie genoemde bedragen. Het op grond van de tarieventabel voor de welstandscommissie verschuldigde bedrag aan welstandsleges wordt verhoogd met de omzetbelasting die de welstandscommissie voor het uitbrengen van het advies aan de gemeente in rekening brengt. Verplicht advies agrarische commissie 2.3.1.3 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie wordt beoordeeld: € 205,00 2.3.1.4 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien wordt aangevangen met de bouwactiviteit waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd of deze bouwactiviteit reeds gereedgekomen is, voordat de betreffende omgevingsvergunning is verleend: 2% van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges. met een minimum van: € 205,00 en met een maximum van: € 1.025,00 2.3.2 Aanlegactiviteiten 2.3.2.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 310,50 2.3.3 Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1: 2.3.3.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): € 333,00 2.3.3.2 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking; - tijdelijke afwijking): € 333,00 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking): € 5.126,00 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 en artikel 2.8.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.4 Leeg van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.5 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): € 414,00 2.3.3.6 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): € 1.035,00 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.7 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): € 2.071,00 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.8 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): € 333,00 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag. 2.3.4 Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.4.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): € 333,00 2.3.4.2 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking; - tijdelijke afwijking): € 333,00 2.3.4.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking): € 5.126,00 2.3.4.4 Leeg 2.3.4.5 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): € 414,00 2.3.4.6 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): € 1.035,00 2.3.4.7 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): € 2.071,00 2.3.4.8 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): € 333,00 2.3.5 In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 673,50 2.3.6 Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten 2.3.6.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de gemeentelijke verordening, aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of van die gemeentelijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief: 2.3.6.1.1 voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument: € 359,00 2.3.6.1.2 voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 359,00 2.3.6.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo,artikel 2.1., eerste lid, onder h, van de Wabo of artikel 2.2, eerste lid, onder c, van de Wabo bedraagt het tarief: € 359,00 2.3.7 Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht vervallen 2.3.8 Aanleggen of veranderen weg Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 310,50 2.3.9 Uitweg/inrit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 310,50 2.3.10 Vellen van houtopstanden Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief: a.Tot en met 5 bomen € 156,00 b.Tussen 6 en 10 bomen € 182,00 c.Tussen 11 en 19 bomen € 234,00 d.Vanaf 20 bomen € 310,50 2.3.11 Opslag van roerende zaken Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente Laren, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief: 2.3.11.1 indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo: € 310,50 2.3.11.2 indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo: € 310,50 2.3.12 Projecten of handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming (bescherming van een Natura 2000-gebied) Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een project of het verrichten van een andere handeling als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder j, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:: € 310,50 2.3.13 Handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming (bescherming van soorten) Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een handeling als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder k, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten: € 310,50 2.3.14 Andere activiteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling: 2.3.14.1 behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 310,50 2.3.14.2 behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.14.2.1 als het een gemeentelijke verordening betreft € 310,50 2.3.14.2.2 als het een provinciale of waterschapsverordening betreft € 310,50 2.3.15 Omgevingsvergunning in twee fasen Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.15.1 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft; 2.3.15.2 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft. 2.3.16 Beoordeling bodemrapport Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld: 2.3.16.1 voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport € 310,50 2.3.16.2 voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport € 310,50 2.3.16.
- Indien voor het beoordelen van het bodemrapport advies wordt ingewonnen bij een extern adviesbureau wordt het in onderdelen 2.3.16.1 en 2.3.16.2 genoemde bedrag verhoogd met het bedrag wat het adviesbureau hiervoor in rekening brengt verhoogd met de omzetbelasting die het adviesbureau voor het uitbrengen van het advies aan de gemeente in rekening brengt. 2.3.17 Advies 2.3.17.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2.3.18 Verklaring van geen bedenkingen 2.3.18.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo: 2.3.18.1.1 indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: € 363,00 2.3.18.1.2 indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen of advies moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. 2.3.18.2 Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18.1.2 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken. 2.3.19 Opvragen/inzien bouw- en/of omgevingsvergunningen Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een bouw- en/of omgevingsvergunning op te vragen of in te zien, bedraagt: € 25,50 Hoofdstuk 4 Vermindering 2.4.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk
- 2.4.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.16 en 2.3.
- De vermindering bedraagt: 2.4.2.1 bij 5 tot 10 activiteiten: 2% van de voor die activiteiten verschuldigde leges; 2.4.2.2 bij 10 tot 15 activiteiten: 3% van de voor die activiteiten verschuldigde leges; 2.4.2.3 bij 15 of meer activiteiten: 5% van de voor die activiteiten verschuldigde leges. Hoofdstuk 5 Teruggaaf 2.5.1 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, en 2.3.6 intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 2.5.1.1 indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 4 weken na het in behandeling nemen ervan, of niet ontvankelijk wordt verklaard: 100% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges; 2.5.1.2 indien de aanvraag wordt ingetrokken na 4 weken na het in behandeling nemen ervan: 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges; 2.5.1.3 Indien een aanvraag om omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg-, of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1., 2.3.2, 2.3.6, buiten behandeling worden gelaten in verband met het niet voldoen aan de ontvankelijkheidseisen, wordt 25% van het verschuldigde legesbedrag in rekening gebracht, met een minimum van € 91,00 en een maximum van € 500,00 2.5.1.
- Indien het advies omtrent het uiterlijk van een bouwwerk uit oogpunt van de welstand is ingewonnen wordt het in onderdeel 2.5.1.1, 2.5.1.
- genoemde bedrag verhoogd met een bedrag gelijk aan de in de tarieventabel voor de welstandscommissie genoemde bedragen. Het op grond van de tarieventabel voor de welstandscommissie verschuldigde bedrag aan welstandsleges wordt verhoogd met de omzetbelasting die de welstandscommissie voor het uitbrengen van het advies aan de gemeente in rekening brengt. 2.5.2 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 12 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: 20% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde gemeentelijke leges. Dit geldt niet voor het tarief van de welstandsleges en externe advieskosten. 2.5.3 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning 2.5.3.1 Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2 of 2.3.6 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 30% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. 2.5.3.2 Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. 2.5.3.3 Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit de activiteit vellen als bedoeld in het onderdeel 2.3.10 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. 30% 2.5.4 Minimumbedrag voor teruggaaf Een bedrag minder dan € 100,00 wordt niet teruggegeven. 2.5.5 Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.16 en 2.3.17 wordt geen teruggaaf verleend. Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning 2.6 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is: € 52,50 Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project 2.7 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project: € 156,00 Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen 2.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening: € 7.500,00 2.8.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen of uitwerken van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening: € 5.126,00 2.8.3 Het verschuldigde bedrag op grond van onderdeel 2.8.1en 2.8.2 wordt verhoogd met de voorafgaande aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde externe advieskosten, blijkend uit een begroting die ter zake door of vanwege het college is opgesteld. Hoofdstuk 9 Sloopmelding sloopmelding Geen tarief Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking 2.10 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking: € 207,00 Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Hoofdstuk 1 Horeca 3.1.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag door een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in de Drank- en Horecawet tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet € 378,00 3.1.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag, anders dan door een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 lid 1 van de Drank en Horecawet van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet € 890,50 3.1.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding of een aanvraag tot wijziging van de Drank- en Horecawetvergunning c.q. ontheffing € 94,50 3.1.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet € 94,50 3.1.5 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 3.1.5.1 tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf ingediend door een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 lid 1 van de Drank- en Horecawet € 378,00 3.1.5.2 tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf, ingediend door anders dan een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1lid 1 van de Drank en Horecawet € 890,50 3.1.5.3 Tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf anders dan een paracommerciële rechtspersoon als bedoeld in artikel 1 lid 1 van de Drank- en Horecawet, indien er gelijktijdig een Drank- en Horecawetgevingvergunning artikel 3 is aangevraagd. € 378,00 3.1.5.4 Tot het wijzigen van een bestaande exploitatievergunning voor een horecabedrijf € 94,50 3.1.5.5 Tot het verkrijgen van een ontheffing van het verbod sluitingsduur a.per avond € 46,00 b.per week € 142,00 c.per maand € 203,00 d.per jaar € 254,00 Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten Zie onderdeel B Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven 3.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om: 3.3.1 een exploitatievergunning of ontheffing als bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening 3.3.1.1 voor een seksinrichting € 787,00 3.3.1.2 voor een escortbedrijf € 220,00 3.3.1.3 in alle overige gevallen € 220,00 Hoofdstuk 4 Onttrekkingsvergunning woonruimte Zie onderdeel B Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening Dit hoofdstuk heeft geen artikelen Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening 3.6 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik van een inrichting, als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Brandbeveiligingsverordening € 158,00 Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 3.7 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking € 93,50 Hoofdstuk 8 Kinderopvang 8.5.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot: 8.5.1.1 het in exploitatie nemen van een kindercentrum (dagopvang en/of buitenschoolse opvang) of gastouderbureau als bedoeld in artikel 1.45, eerste lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen € 2.071,00 8.5.1.2 het bieden van gastouderopvang als bedoeld in artikel 1.45, tweede lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen indien de opvang plaatsvindt op het woonadres van de vraag- en/of gastouder € 528,00 8.5.1.3 het in exploitatie nemen van een peuterspeelzaal als bedoeld in artikel 2.2 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen € 1.055,50 8.5.2.1 Indien de in 8.5.1.1 en 8.5.1.3 bedoelde aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van twee weken na het in behandeling nemen ervan, bedraagt de teruggaaf van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges 75% 8.5.2.2 Indien de in 8.5.1.1 bedoelde aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van tien weken na het in behandeling nemen ervan, of wordt afgewezen op grond van de inspectie voor aanvang exploitatie bedraagt de teruggaaf van de op grond van dit onderdeel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges 50% 8.5.2.3 Indien de in 8.5.1.
- bedoelde aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van tien weken na het in behandeling nemen ervan, of wordt afgewezen, bedraagt de teruggaaf van de op grond van dit onderdeel voor de betreffende activiteit verschuldigde leges 50% Tarieventabel B, behorende bij de Legesverordening 2018 van de gemeente Laren. Titel 1 Algemene dienstverlening Hoofdstuk 7 Bestuursstukken 1.7.1.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: een aanvraag tot het verstrekken een kopie cd van een commissie- of raadsvergadering, per vergadering. € 20,00 1.7.1.2 Een abonnement voor een kalenderjaar op de verslagen van en de uitgebrachte adviezen en voorstellen aan de raads- en commissievergaderingen. € 181,00 Hoofdstuk 14 (Markt)standplaatsen 1.14 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 1.14.1 voor een standplaatsvergunning (Apv art. 5:15 en art. 5:18) € 94,50 1.14.2 om zich in te laten inschrijven op de wachtlijst van de jaarmarkt. € 31,50 1.14.3 om zich in te laten inschrijven (op de wachtlijst) voor een vaste standplaats. € 31,50 Hoofdstuk 20 Diversen Gebruiksvergunning 1.20.7 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gebruiksvergunning als bedoeld in artikel 6.1.1 van de bouwverordening bedraagt: a.voor bouwwerken tot 1.000 m² € 419,00 b.voor bouwwerken groter dan 1.000 m² € 942,00 Overig 1.20.8 Voor een beschikking waarbij een verzoek hetzij geheel, hetzij gedeeltelijk wordt ingewilligd, dan wel voor een verklaring of elk ander stuk in het persoonlijk belang van de aanvrager opgemaakt, voor zover deze stukken niet afzonderlijk en met name in deze verordening of in andere rechtsregels zijn genoemd bedraagt het tarief € 24,00 Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten 3.2.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren/houden van een evenement, indien het betreft: 3.2.1.1 het organiseren van een groot evenement (Apv, art. 2:25) € 315,50 Hoofdstuk 4 Onttrekkingsvergunning woonruimte 3.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een onttrekkingsvergunning als bedoeld in artikel 6.2 van de Huisvestingsverordening € 164,00