Beleidsregel Huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder 2018Het college van burgemeester en wethouders van Noordoostpolder; Overwegende dat het wenselijk is om beleidsregels vast te stellen voor de wijze van huisvesten van arbeidsmigranten in het landelijk gebied; Gelet op: artikel 4.81, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht; artikel 2.1, eerste lid c, juncto artikel 2.12, eerste lid onder a sub 2 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo); en artikel 3.1 Wet ruimtelijke ordening (Wro); Gezien het door de gemeenteraad op 13 november 2012 vastgestelde Beleid arbeidsmigranten Noordoostpolder en de op 5 februari 2018 door de gemeenteraad vastgestelde aanpassingen daarop; BESLUIT vast te stellen: Beleidsregel huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder 2018 Beleidsregel Huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder 2018 Paragraaf1Algemeen Artikel1Doel Deze beleidsregel is het afwegingskader voor het beoordelen van aanvragen om een omgevingsvergunning voor vier verschillende vormen van huisvesting voor arbeidsmigranten in het landelijk gebied van Noordoostpolder. Artikel2Begripsbepalingen In deze beleidsregel wordt verstaan onder: arbeidsmigrant: een persoon die vanwege economische motieven tijdelijk naar gemeente Noordoostpolder komt om een inkomen te verwerven; erf: het bebouwingsvlak van een agrarisch of voormalig agrarisch bedrijf, samen met aansluitende erfbeplanting tot aan het hart van de (denkbeeldige) erfsloot, plus de daarbij behorende gronden gelegen tussen het bebouwingsvlak en de weg; huisvesting: het bedrijfsmatig aanbieden van woonruimte aan arbeidsmigranten die tijdelijke woonruimte nodig hebben; landelijk gebied: het binnendijkse grondgebied van Noordoostpolder dat niet onder de bebouwde kom valt; logiesgebouw: een gebouw waarin huisvesting voor arbeidsmigranten wordt aangeboden; solitair erf: een erf dat geen onderdeel uitmaakt van een cluster van 2, 3 of 4 erven; unit: een geprefabriceerde wooneenheid. Paragraaf2Huisvesting in vier categorieën Artikel3Vormen van huisvesting De gemeente onderscheidt vier vormen van huisvesting: huisvestingscategorie 0: huisvesting voor maximaal 20 arbeidsmigranten voor maximaal 12 weken aaneengesloten; huisvestingscategorie 1: huisvesting voor maximaal 20 arbeidsmigranten; huisvestingscategorie 2: huisvesting voor 21 tot en met 150 arbeidsmigranten; huisvestingscategorie 3: huisvesting voor 151 tot en met 300 arbeidsmigranten. Paragraaf3Algemene criteria Artikel4Algemene toetsingscriteria Een aanvraag voor of melding van huisvesting arbeidsmigranten in alle categorieën wordt in elk geval getoetst aan de volgende criteria: huisvesting vindt plaats in gebouwen; huisvesting in losse units of (sta)caravans is niet toegestaan. Uitzondering hierop zijn de tijdelijke losse units of (sta)caravans zoals bedoeld in artikel 5; er is voldoende leefruimte met voldoende privacy voor de bewoners waarbij wordt uitgegaan van een gebruiksoppervlakte van minimaal 12 m2 per bewoner; parkeren gebeurt op het erf of op gronden waar de huisvesting plaatsvindt; de huisvesting belemmert omliggende erven niet onevenredig; de wijze van ontsluiting van het perceel en de verkeersafwikkeling in relatie tot de toename van verkeer; het aantal parkeerplaatsen, waarbij bij toetsing wordt uitgegaan van een parkeernorm van minimaal 1,5 parkeerplaats per twee te huisvesten arbeidsmigranten; de verkeersveiligheid binnen en buiten het terrein en welke extra maatregelen eventueel worden genomen om die te borgen of te verbeteren; de wijze waarop de brandveiligheid is gewaarborgd. Paragraaf4Aanvullende criteria Artikel5Aanvullende toetsingscriteria huisvestingscategorie 0 Een melding voor huisvestingscategorie 0 voldoet aanvullend aan de volgende vereisten: huisvesting vindt uitsluitend plaats op erven met een agrarische bestemming in het landelijk gebied; huisvesting vindt plaats in losse units of (sta)caravans; huisvesting is enkel voor de werknemers, die werken voor het bedrijf dat behoort bij het betreffende erf; huisvesting wordt maximaal 12 weken aaneengesloten per kalenderjaar ingezet. Na afloop van deze periode worden de units of (sta)caravans verwijderd en wordt de situatie op het perceel weer in oude staat hersteld; huisvesting vindt plaats binnen het bestaande erf; voor de melding wordt het meldingsformulier gebruikt dat hiervoor bedoeld is. Artikel6Aanvullende toetsingscriteria huisvestingscategorie 1 Een aanvraag voor huisvestingscategorie 1 voldoet aanvullend aan de volgende vereisten: huisvesting vindt plaats op een erf in het landelijk gebied met een agrarische, woon- of bedrijfsbestemming; per cluster van erven is maximaal één huisvestingscategorie 1 toegestaan; huisvesting vindt plaats in logiesgebouwen, in bestaande bebouwing of in de bedrijfswoning; de huisvesting voldoet aan de actuele criteria voor huisvesting van Stichting Normering Flexwonen (SNF) of daaraan gelijk te stellen. De aanvrager toont dit aan door binnen drie maanden na ingebruikname van de huisvesting de certificatie volgens SNF of daaraan gelijk te stellen certificatie te overleggen aan de gemeente; binnen een straal van 400 meter van een bestaande huisvestingscategorie 1, 2 of 3 wordt geen nieuwe huisvestingscategorie 1 gerealiseerd; binnen glastuintuinbouwgebieden geldt de onder e genoemde afstand niet. Artikel7Aanvullende toetsingscriteria huisvestingscategorie 2 Een aanvraag voor huisvestingscategorie 2 voldoet aanvullend aan de volgende vereisten: van huisvestingcategorie 2 mogen er binnen gemeente Noordoostpolder maximaal vijftien worden gerealiseerd; huisvesting vindt plaats op een solitair erf in het landelijk gebied; huisvesting vindt plaats in logiesgebouwen en wordt zoveel mogelijk in bestaande bebouwing gerealiseerd; binnen een straal van 750 meter van een bestaande huisvestingscategorie 2 of 3 wordt geen nieuwe huisvestingscategorie 2 gerealiseerd; huisvestingscategorie 2 wordt niet gerealiseerd binnen een straal van 400 meter van een huisvestingscategorie 1; op het erf dat wordt gebruikt voor huisvestingscategorie 2 vinden geen andere bedrijfsmatige activiteiten plaats; de huisvesting is stedenbouwkundig en landschappelijk goed ingepast. Dit blijkt uit het inrichtingsplan; er is een gemeenschappelijke recreatieruimte en er zijn sport- en spelmogelijkheden aanwezig; vóór de start van de te volgen procedure: voert de aanvrager overleg met de gemeente waarin afspraken worden gemaakt over de riolering; sluit de aanvrager een exploitatieovereenkomst met de gemeente. In deze overeenkomst worden afspraken gemaakt over het te realiseren initiatief en daarmee samenhangende kosten zoals bovenwijkse voorzieningen en riolering. Eventuele planschade wordt verhaald op de aanvrager; worden omwonenden per brief geïnformeerd over het initiatief. In deze informerende brief staat feitelijke informatie over in hoeverre dit initiatief gevolgen kan hebben voor de mogelijkheden op de naastgelegen percelen, informatie over riolering en waar men terecht kan met vragen; wordt een klankbordgroep om advies gevraagd. Het advies van de klankbordgroep weegt mee bij de besluitvorming. de huisvesting voldoet aan de actuele criteria voor huisvesting van Stichting Normering Flexwonen (SNF) of daaraan gelijk te stellen. De aanvrager toont dit aan door binnen drie maanden na ingebruikname van de huisvesting de certificatie volgens SNF of daaraan gelijk te stellen certificatie te overleggen aan de gemeente. Artikel8Aanvullende toetsingscriteria huisvestingscategorie 3 Een aanvraag voor huisvestingscategorie 3 voldoet aanvullend aan de volgende vereisten: huisvesting vindt plaats binnen of in de nabijheid van de glastuinbouwgebieden van Noordoostpolder; van huisvestingscategorie 3 mogen er maximaal drie gerealiseerd worden, waarvan twee bij Luttelgeest/Marknesse en één bij Ens; er wordt gestart met de huisvesting voor maximaal 150 arbeidsmigranten, tenzij de klankbordgroep akkoord is met maximaal 300 ineens; de huisvesting wordt verruimd naar maximaal 300 arbeidsmigranten als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: minimaal een jaar na de start bedrijfsvoering van huisvestingscategorie 3 wordt een evaluatie gedaan; uit de evaluatie blijkt dat de huisvesting voldoet; een schriftelijk advies van de klankbordgroep over de doorgroei is bij de aanvraag om verruiming gevoegd. Het advies van de klankbordgroep weegt mee bij de besluitvorming; huisvesting vindt plaats in logiesgebouwen; bij ligging aan een erftoegangsweg: als de breedte van de erftoegangsweg minder dan 4,5 meter is, onderzoekt de aanvrager met een verkeersonderzoek of opwaardering van de weg nodig is; bij ligging aan een gebiedsontsluitingsweg: als de locatie aan een provinciale gebiedsontsluitingsweg ligt, stemt aanvrager zijn initiatief af met Provincie Flevoland. Eventuele opwaarderingskosten zijn voor de aanvrager; huisvestingscategorie 3 wordt niet gerealiseerd binnen een straal van: 400 meter van een huisvestingscategorie 1; 750 meter van een huisvestingscategorie 2; 1000 meter van een andere huisvestingscategorie 3, in het inrichtingsplan zijn de stedenbouwkundige en landschappelijke inpassing van de huisvesting toegelicht; maximaal één extra dienstwoning is toegestaan; er is een gemeenschappelijke recreatieruimte en er zijn sport- en spelmogelijkheden aanwezig; vóór de start van de procedure: voert de aanvrager overleg met de gemeente waarin afspraken worden gemaakt over de riolering; sluit de gemeente een exploitatieovereenkomst met de aanvrager. In deze overeenkomst worden afspraken gemaakt over het te realiseren initiatief en daarmee samenhangende kosten zoals bovenwijkse voorzieningen en riolering en waarbij in ieder geval eventuele planschade wordt verhaald op aanvrager; worden omwonenden per brief geïnformeerd over het initiatief. In deze informerende brief staat feitelijke informatie over in hoeverre dit initiatief gevolgen kan hebben voor de mogelijkheden op de naastgelegen percelen (verplichting tot een zogenaamde milieueffectenonderzoek), informatie over riolering en waar men terecht kan met vragen; wordt een klankbordgroep om advies gevraagd. Het advies van de klankbordgroep weegt mee bij de besluitvorming; de huisvesting voldoet aan de actuele criteria voor huisvesting van Stichting Normering Flexwonen (SNF) of daaraan gelijk te stellen. De aanvrager toont dit aan door binnen drie maanden na ingebruikname van de huisvesting de certificatie volgens SNF of daaraan gelijk te stellen certificatie te overleggen aan de gemeente. Paragraaf5Slotbepalingen Artikel9Intrekken oude regeling De Beleidsregel Huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder uit 2013 wordt ingetrokken. Artikel10Overgangsbepaling Als vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze beleidsregel een aanvraag is gedaan voor huisvesting arbeidsmigranten in het landelijk gebied waarop nog niet is beslist, dan is de Beleidsregel Huisvesting arbeidsmigranten landelijk gebied Noordoostpolder uit 2013 van toepassing op die aanvraag. Artikel11Inwerkingtreding Deze beleidsregel treedt in werking op 8 november
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.