← Nederland

Speelautomaten, verordening 2000 (Oud-Beijerland)

Speelautomaten, verordening 2000De raad van de gemeente Oud-Beijerland; gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 22 augustus 2000, gelet op het bepaalde in Titel VA van de Wet op de kansspelen en artikel 148 van de Gemeentewet; BESLUIT: in te trekken de bij besluit van 31 januari 1994 vastgestelde "Verordening speelautomate n gemeente Oud-Beijerland 1994"; vast te stellen de volgende "Verordening speelautomaten 2000" Hoofdstuk1Begripsbepalingen Artikel1 In deze verordening wordt verstaan onder inrichting: een ruimte als bedoeld in artikel 1 van de Drank- en Horecawet; hoogdrempelige inrichting : een inrichting als bedoeld in artikel 30, onder D van de Wet op de Kansspelen; laagdrempelige inrichting: een inrichting als bedoeld in artikel 30, onder E van de Wet op de Kansspelen; samengestelde inrichting: een inrichting als bedoeld in artikel 30c, lid 4 van de Wet op de Kansspelen; vergunninghouder: de rechtspersoon, de bedrijfsleider en/of de beheerder van de desbetreffende inrichting. Hoofdstuk2Speelautomaten Artikel2Algemeen Aan een vergunning wordt steeds als voorschrift de bepaling verbonden dat: - de speelautomaten duidelijk zichtbaar in de publiekruimte van de inrichting worden geplaatst (dus niet in een nus, kast, "dode" hoek of iets dergelijks en dat deze automaten vanaf de buitenzijde van de inrichting niet zichtbaar zijn. Dit ter beoordeling van de burgemeester dan wel een daartoe aangewezen toezichthoudende ambtenaar;- alleen speelautomaten mogen worden opgesteld welke in eigendom toebehoren aan personen die in het bezit zijn van de exploitatievergunning, zoals bedoeld in artikel 30h, 1e lid van de Wet op de Kansspelen;- bij de kansspelautomaten minimaal 10 preventiefolders van de afdeling Preventie van het Boumanhuis te Rotterdam of Dordrecht duidelijk zichtbaar aanwezig zijn; - indien de inrichting voor het publiek toegankelijk is, de aanwezigheidsvergunning alleen geldig is bij de aanwezigheid van de vergunninghouder; - als vergunninghouder wordt aangemerkt de rechtspersoon, bedrijfsleider en/of beheerder; - indien de inrichting een samengestelde inrichting betreft, de kansspelautomaten alleen in de hoogdrempelige ruimte mogen worden opgesteld. Artikel3Vergunningperiode Een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b en 30c van de Wet op de kansspelen wordt verleend voor een periode van maximaal 12 maanden; indien de vergunning in de loop van een jaar wordt aangevraagd en verleend, geldt deze uiterlijk tot 1 januari van het daarop volgende jaar. Artikel4Hoogdrempelige inrichtingen De burgemeester kan voor een hoogdrempelige inrichting vergunning verlenen voor het aanwezig hebben van ten hoogste twee speelautomaten, te weten: - twee kansspelautomaten; - twee behendigheidsautomaten of; - één kansspelautomaat en één behendigheidsautomaat. De kansspelautomaten mogen echter alleen worden opgesteld in de hoodrempelige ruimte van de inrichting. Artikel5Laagdrempelige inrichtingen De burgemeester kan voor een laagdrempelige inrichting vergunning verlenen voor het aanwezig hebben van ten hoogste twee speelautomaten, zijnde behendigheidsautomaten en geen kansspelautomaten. Artikel6Samengestelde inrichtingen De burgemeester kan voor een samengestelde inrichting vergunning verlenen voor het aanwezig hebben van ten hoogste twee speelautomaten, te weten: - twee kanspelautomaten; - twee behendigheidsautonaten of; - één kansspelautomaat en één behendigheidsautomaat De kansspelautomaten mogen echter alleen worden opgesteld in de hoogdrempelige ruimte van de ruimte. Hoofdstuk3Speelautomatenhallen Artikel7Halverbod Het is verboden in de gemeente Oud-Beijerland een speelautomatenhal als bedoeld in artikel 30 c, lid 1, sub c van de Wet op de kansspelen in werking te houden; van dit verbod kan geen ontheffing worden verleend. Hoofdstuk4Slot- en overgangsbepalingen Artikel8 Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening speelautomaten 2000; De verordening treedt in werking op de dag na die van haar bekendmaking. Aldus vastgesteld door de raad voornoemd in zijn openbare vergadering van 30 oktober 2000.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.