← Nederland

Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Albrandswaard (Albrandswaard)

Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente AlbrandswaardRAADSBESLUITBesluit nr.: 2005/6871 Onderwerp:Verordening overleg lokaal Onderwijsbeleid gemeente AlbrandswaardDe raad van de gemeente Albrandswaard; Gezien het voorstel van het college van de gemeente Albrandswaard d.d.; 3 januari 2006 Overwegende, dat het noodzakelijk is een regeling vast te stellen voor het overleg tussen de gemeente en de schoolbesturen over het lokaal onderwijsbeleid en zowel de onderwijsbesturen, als de gemeente er belang bij hebben, dat er heldere afspraken vastliggen m.b.t. het consensusoverleg. Er inmiddels (sinds de vaststelling van de voorliggende verordening in 2000) diverse ontwikkelingen zijn te constateren m.b.t. het lokaal onderwijsbeleid, die niet zijn opgenomen in de huidige overlegverordening. Gelezen het verslag van het consensusoverleg onderwijs d.d. 30 augustus 2005; Gelet op deddde bepalingen over het op overeenstemming gericht overleg in de Wet op het Primair Onderwijs en de wet op het Voortgezet Onderwijs; B E S L U I T : De Verordening overleg lokaal Onderwijsbeleid gemeente Albrandswaard vast te stellen onder intrekking van de Verordening overleg lokaal Onderwijsbeleid gemeente Albrandswaard d.d. 28 februari 2000; VERORDENING OVERLEG LOKAAL ONDERWIJSBELEID GEMEENTE ALBRANDSWAARD Hoofdstuk1Begripsbepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: schoolbestuur: het bevoegd gezag van een volgens de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs bekostigde openbare of bijzondere school voor basisonderwijs, voor voorbereidend wetenschappelijk onderwijs/voor algemeen voortgezet onderwijs/voor voorbereidend beroepsonderwijs, die gelegen is op het grondgebied van de gemeente; advies: het advies van de Onderwijsraad als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs; burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders van Albrandswaard. Hoofdstuk2Overleg Paragraaf2.1Overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid Artikel2Functie overlegorgaan 1Er is een overlegorgaan lokaal onderwijsbeleid waarin burgemeester en wethouders met de vertegenwoordigers van alle schoolbesturen overleg voeren over de voorbereiding en uitvoering van het lokaal onderwijsbeleid. 2In het overlegorgaan komen aan de orde: de onderwerpen waarop het op overeenstemming gericht overleg van toepassing is als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en de Wet op het voortgezet onderwijs; overige onderwerpen van overleg aangaande het lokaal onderwijsbeleid. 3Op de onderwerpen, als genoemd in het tweede lid onder b, is artikel 9 niet van toepassing. Artikel3Samenstelling overlegorgaan 1De schoolbesturen laten zich vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Ieder schoolbestuur wijst daartoe 1 vertegenwoordiger en 1 plaatsvervanger aan, die namens dit schoolbestuur het overleg voert (voeren). 2Schoolbesturen kunnen zich gezamenlijk laten vertegenwoordigen in het overlegorgaan. Ze wijzen daartoe 1 vertegenwoordiger en 1 plaatsvervanger aan, die namens die schoolbesturen het overleg voert (voeren) . 3De portefeuillehouder belast met onderwijszaken vertegenwoordigt burgemeester en wethouders in het overlegorgaan. 4De portefeuillehouder belast met onderwijszaken fungeert als voorzitter van het overlegorgaan. Artikel4Derden Derden kunnen, indien de voorzitter van het overlegorgaan dit wenst, of 1 vertegenwoordiger van schoolbesturen, genoemd in artikel 3, dit wenst, uitgenodigd worden voor deelname aan een overleg. Paragraaf2.2Voorbereiding overleg Artikel5Uitnodiging 1Alvorens burgemeester en wethouders een voorstel aan de raad doen over een onderwerp, zenden zij de voorgenomen inhoud van dit voorstel met een toelichting daarop en de inventarisatie, als bedoeld in artikel 7, toe aan alle schoolbesturen. 2De toezending geschiedt onder bekendmaking van de plaats, de datum en het tijdstip waarop het overleg hierover zal aanvangen. Tussen de datum van de toezending van het voorstel en de datum van het overleg liggen ten minste twee weken. 3De schoolbesturen die niet deelnemen aan het overleg kunnen voor de datum van dit overleg hun zienswijzen schriftelijk kenbaar maken aan burgemeester en wethouders. Burgemeester en wethouders stellen de deelnemers aan dit overleg hiervan in kennis. Artikel6Secretariaat Burgemeester en wethouders dragen zorg voor het secretariaat van het overlegorgaan. Artikel7Voorbereiding Burgemeester en wethouders kunnen een voorbereidend overleg tussen vertegenwoordigers van de schoolbesturen en burgemeester en wethouders instellen, dat voorafgaat aan het overleg in het overlegorgaan. Dit voorbereidend overleg wordt afgerond met een inventarisatie van de onderwerpen waarover al dan niet overeenstemming is bereikt. Per onderwerp wordt aangegeven of het gaat om een onderwerp als bedoeld in artikel 2, tweede lid onder a. Artikel8Agendaoverleg 1Burgemeester en wethouders kunnen een agendaoverleg instellen. Hierin wordt nagegaan welke onderwerpen op welk tijdstip in het overlegorgaan aan de orde kunnen komen. Op grond hiervan stellen burgemeester en wethouders de agenda op. 2Aan het agendaoverleg nemen de portefeuillehouder belast met onderwijszaken en 1 vertegenwoordiger van schoolbesturen deel. Paragraaf2.3Uitvoering overleg Artikel9Advies Onderwijsraad 1Indien een of meer schoolbesturen of burgemeester en wethouders een advies wensen over een onderwerp waarop het op overeenstemming gericht overleg van toepassing is, maken ze dit uiterlijk kenbaar in het overleg waarin het onderwerp in finale zin aan de orde is. Dit gebeurt aan de hand van een schriftelijk gemotiveerde omschrijving van het onderwerp waarover het advies wordt verwacht. Hierbij wordt tevens het verband aangegeven tussen het onderwerp en de vrijheid van richting en de vrijheid van inrichting van het onderwijs. 2Alle vertegenwoordigers krijgen in het overleg de gelegenheid hun zienswijzen naar voren te brengen over het verzoek om advies. 3Burgemeester en wethouders zijn belast met de indiening van een verzoek om advies. Zij doen dit uiterlijk twee weken na afloop van het overleg. Daarbij informeren zij tevens de Onderwijsraad over de in het tweede lid bedoelde zienswijzen. 4De wettelijke termijn voor het uitbrengen van het advies wordt opgeschort met ingang van de dag, waarop de Onderwijsraad burgemeester en wethouders uitnodigt het verzoek voor het uitbrengen van het advies, aan te vullen met de gegevens, die hij nodig heeft voor een goede vervulling van zijn taak, tot de dag waarop het verzoek is aangevuld. 5De raad neemt gedurende de termijn voor het uitbrengen van het advies geen besluit over het onderwerp, waarover advies is gevraagd. 6Burgemeester en wethouders zenden zo spoedig mogelijk een afschrift van het uitgebrachte advies toe aan alle schoolbesturen. Indien het geheel of gedeeltelijk opvolgen van het advies zou leiden tot een of meer inhoudelijke bijstellingen van het voorstel over een onderwerp, waarover advies is gevraagd, worden de schoolbesturen bij de toezending van het afschrift van het advies uitgenodigd voor nader overleg. In alle andere gevallen beoordelen burgemeester en wethouders of nader overleg over het advies wenselijk is. Zij geven dit aan bij de toezending van het afschrift van het advies. 7Het overleg, als bedoeld in het vorige lid, vindt binnen twee weken plaats nadat het advies is uitgebracht. Burgemeester en wethouders informeren de raad over dit overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag als bedoeld in artikel 10. Artikel10Verslaglegging; informeren raad 1Burgemeester en wethouders dragen zorg voor een verslag van het overleg. 2Het verslag bevat een overzicht van de besproken onderwerpen, waarbij per onderwerp wordt aangegeven: of het bepaalde in artikel 2, tweede lid, onder a of b van toepassing is; of volledige, geen volledige of geen overeenstemming is bereikt; de in het overleg door de deelnemers naar voren gebrachte zienswijzen en - indien van toepassing - de zienswijzen als bedoeld in artikel 5, derde lid; de door de portefeuillehouder belast met onderwijszaken in het overleg toegezegde wijzigingen in het oorspronkelijke voorstel. Indien artikel 9, eerste lid van toepassing is, wordt hiervan eveneens een weergave opgenomen in het verslag. 3Het overlegorgaan stelt het verslag vast. In afwijking hiervan kunnen burgemeester en wethouders met spoed het verslag ter commentaar toezenden aan de schoolbesturen. Binnen 10 dagen na de dag waarop het conceptverslag is toegezonden, maken de schoolbesturen, die deel hebben genomen aan het overleg, schriftelijk hun opmerkingen over het concept van het verslag kenbaar. 4Burgemeester en wethouders brengen het verslag gelijktijdig met het voorstel over het onderwerp ter kennis van de raad. Voorzover burgemeester en wethouders afwijken van de tijdens het overleg naar voren gebrachte zienswijzen, wordt dit gemeld in het voorstel aan de raad. Daarbij geven zij de redenen aan van het niet, of niet geheel overnemen van deze zienswijzen. Artikel11Heropening overleg Indien uit het oordeel van het betrokken interactieve raadsoverleg over het voorgenomen voorstel aan de raad over een onderwerp blijkt dat de meerderheid van het interactieve raadsoverleg, of een deel van het interactieve raadsoverleg, dat volgens burgemeester en wethouders geacht wordt een meerderheid in de raad te vertegenwoordigen, van oordeel is, dat het voorstel inhoudelijk bijstelling behoeft, dan kan een heropening van het overleg plaatsvinden. Burgemeester en wethouders beslissen daarover. Zij heropenen het overleg in ieder geval, indien de inhoudelijke bijstelling betrekking heeft op een onderwerp, als bedoeld in artikel 2, tweede lid, onder a, waarover overeenstemming in het overlegorgaan was bereikt. Indien burgemeester en wethouders het overleg heropenen, dan roepen zij het overlegorgaan zo spoedig mogelijk bijeen, doch uiterlijk vóór het moment waarop de raad een definitief besluit neemt over het onderwerp. In dit overleg hebben de vertegenwoordigers de gelegenheid om hun zienswijze te geven op het oordeel van het interactieve raadsoverleg. Burgemeester en wethouders informeren de raad over het resultaat van dit overleg in de vorm van een aanvulling op het verslag, als bedoeld in artikel 10. De raad betrekt de in dit aanvullend verslag neergelegde zienswijzen bij zijn definitieve besluitvorming over het onderwerp. Hoofdstuk3Slotbepalingen Artikel12Beslissing burgemeester en wethouders in gevallen waarin de verordening niet voorziet In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslissen burgemeester en wethouders, gehoord de vertegenwoordigers van de schoolbesturen in het overleg. Artikel13Citeertitel; inwerkingtreding 1De verordening kan worden aangehaald als: Verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Albrandswaard; 2Deze verordening treedt, onder gelijktijdige intrekking van de verordening overleg lokaal onderwijsbeleid gemeente Albrandswaard d.d. 28 februari 2000, in werking met ingang van de dag na de bekendmaking. Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Albrandswaard in zijn openbare vergadering van 13 februari 2006. De griffier,A. AarssenDe voorzitter,mr. H.M. Bergmann

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.