← Nederland

Marktverordening gemeente Lansingerland 2007 (Lansingerland)

Marktverordening gemeente Lansingerland 2007Marktverordening gemeente Lansingerland 2007De raad van de gemeente Lansingerland;gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 27 maart 2007,gezien het advies van de commissie Wonen & Werken;gelet op artikel 147, eerste lid, alsmede artikel 149 van de Gemeentewet;overwegende dat het wenselijk is regels te stellen voor een ordelijk verloop van de markten;besluit vast te stellen de volgende verordening:Verordening op de warenmarkten voor de gemeente Lansingerland 2007 Hoofdstuk1Inleidende bepalingen Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder:a. markten: de door het college ingestelde warenmarkten;b. standplaats: de ruimte die voor de duur van de markt is aangewezen voor het uitoefenen van de markthandel;c. vaste standplaats: de standplaats die voor onbepaalde tijd ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;d. dagplaats of losse standplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;e. standwerken: de activiteit waarbij de vergunninghouder publiek om zich heen verzamelt en dat publiek door een aansprekende uiteenzetting probeert over te halen tot de aankoop van een artikel.f. standwerkersplaats: de standplaats(en) die per marktdag ter beschikking wordt gesteld om te standwerken;g. vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats;h. wachtlijst: de lijst van gegadigden voor een vaste standplaats;i. anciënniteitslijst: de lijst van vergunninghouders van een vaste standplaats;j. marktmeester: de persoon die als zodanig is aangewezen door het college;k. branche-indeling: de indeling in artikelengroepen en het aantal vastgestelde vaste plaatsen per artikelengroep;l. college: het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland;m belanghebbende: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Artikel2Dag, tijd en plaats van de markt 1De markt wordt, behoudens het bepaalde in het tweede lid van dit artikel, gehouden op de door het college van burgemeester en wethouders daartoe aangewezen marktterreinen:- in de kern Bleiswijk ;- in de kern Berkel en Rodenrijs;- in de kern Bergschenhoek,op de dagen, tijden en locaties zoals door het college wordt vastgesteld. 2Het college kan op grond van dringende redenen, in afwijking van het eerste lid,bepalen dat geen markt wordt gehouden of dat de markt tijdelijk zal plaatsvinden:a. op een andere dag;b. op een andere tijd;c. op een andere plaats. 3In de in lid 2 bedoelde gevallen geeft het college daarvan tijdig kennis aan de vergunninghouders. 4Het college is bevoegd te bepalen dat de markt tijdelijk zal plaatsvinden op een andere dag, indien de in het eerste lid bedoelde dag samenvalt met een van de in artikel 2, eerste lid onder b van de Winkeltijdenwet genoemde dagen. Artikel3Inrichting van de markt; branche-indeling 1Het college bepaalt ten aanzien van de markt:a. het aantal standplaatsen;b. de afmetingen van de standplaatsen;c. de opstelling en indeling van de markt;d. welke standplaatsen worden toegewezen als vaste standplaats en als standwerkersplaats. 2Het college kan voor de markt vaststellen:a. een lijst met artikelengroepen of branches;b. een maximum aantal standplaatsen per branche;c. een maximum aantal verkoopwagens. Artikel4Marktmeester 1De marktmeester is belast met het aanwijzen van een vaste standplaats aan de houder van een door het college verleende vergunning. 2De marktmeester is belast met het toewijzen van losse standplaatsen, alsmede met het toewijzen van plaatsen bestemd voor standwerkers. 3De marktmeester is bevoegd namens het college die aanwijzingen te geven die noodzakelijk zijn in het kader van het goed kunnen functioneren van de markt. Artikel5Marktcommissie 1Het college kan een commissie van advies instellen die tot taak heeft het college te adviseren inzake marktaangelegenheden. 2Het college kan nadere regels stellen met betrekking tot de samenstelling en werkwijze van deze marktcommissie. Artikel6Nadere regels 1Het college is bevoegd nadere regels te stellen betreffende het bepaalde in deze verordening. 2Het college beslist in die gevallen waarin deze verordening dan wel andere wetgeving niet voorziet. Artikel7Voorschriften en beperkingen 1Het college kan voorschriften en beperkingen verbinden aan een krachtens dezeverordening verleende vergunning of ontheffing, ter bescherming van de belangen inverband waarmee de vergunning of ontheffing is vereist. 2Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning of ontheffing isverleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht tenemen. Hoofdstuk2Vergunningen Paragraaf1Algemene bepalingen Artikel8Standplaatsvergunning Het is verboden een vaste standplaats op een markt in te nemen zonder vergunning van het college en het is verboden een dagplaats of een standwerkplaats in te nemen zonder toestemming van de marktmeester. Artikel9Toewijzing standplaats Een standplaats wordt toegewezen als vaste plaats, dagplaats of standwerkplaats. Artikel10Vereisten Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college en die daarbij tevens aantoont dat hij persoonlijk voldoet aan alle publiekrechtelijke verplichtingen op het gebied van bedrijfsuitoefening en bedrijfsorganisatie. Artikel11Intrekking vergunning 1De vergunning voor het innemen van een vaste plaats wordt ingetrokken:a. op schriftelijk verzoek van de vergunninghouder;b. bij overlijden van de vergunninghouder, tenzij op grond van artikel 17 de vergunning wordt overgeschreven; 2Het college kan een vergunning intrekken:c. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt;d. indien de vergunninghouder niet meer voldoet aan de in artikel 10 genoemde vereisten voor het toewijzen van een standplaats; 3Indien degene op wie een vergunning ingevolge artikel 17 is overgeschreven, reeds vergunning heeft voor een andere plaats op dezelfde markt, wordt deze vergunning ingetrokken. Paragraaf2Vaste plaatsen Artikel12Inhoud vaste standplaatsvergunning 1Een vergunning voor een vaste standplaats vermeldt in ieder geval:a. de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres en de woonplaats van de vergunninghouder;b. een duidelijke omschrijving van de toegewezen vaste standplaats met vermelding van het nummer en de afmetingen daarvan;c. de kraam of andere verkoopmaterialen die de vergunninghouder bij het innemen van de standplaats mag gebruiken;d. het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe de vergunninghouder behoort;e. de datum waarop aan de vergunninghouder voor het eerst vergunning is verleend en zijn volgnummer op de anciënniteitslijst;f. dat de vergunninghouder zelf zorg draagt voor de inzameling en afvoer van zijn afval en dat hij zijn standplaats schoon oplevert;g. de wijze waarop de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt;h. welke geluidsapparatuur op de standplaats is toegestaan; eni. welke, door de gemeentelijke brandweer goedgekeurde kook-, bak- en verwarmingsapparatuur zijn toegestaan. 2Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie gehecht. Artikel13Inschrijving op de anciënniteitslijst Vergunninghouders van vaste standplaatsen worden ingeschreven op een doorlopend genummerde lijst met vermelding van en in volgorde van de datum waarop aan hen voor het eerst een vaste standplaats is toegewezen. Bij deze inschrijving wordt tevens vermeld de soort artikelen die de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe hij behoort. Artikel14Inschrijving op de wachtlijst 1Het college schrijft de aanvrager op zijn verzoek in op de wachtlijst, indien hij voldoetaan de in artikel 10 gestelde vereisten, maar aan hem geen vaste standplaats kanworden toegewezen. 2Per branche worden maximaal 5 vergunningaanvragers op de in het eerste lidbedoelde wachtlijst geplaatst. 3Het college vermeldt bij de inschrijving in ieder geval:a. de naam en voornamen, de geboortedatum en -plaats, het adres en de woonplaats van de aanvrager;b. de datum waarop de aanvraag door hem is ontvangen;c. de soort artikelen die de aanvrager wil verhandelen of de branche waartoe hij behoort;d. de kraam of andere verkoopmaterialen die de aanvrager wil gebruiken. 4Het college verstrekt de aanvrager een schriftelijk bewijs van inschrijving. 5De inschrijving op de wachtlijst blijft gehandhaafd, indien deze door de ingeschrevenejaarlijks tussen 1 oktober en 31 december schriftelijk wordt verlengd. Artikel15Doorhalen van inschrijving op wachtlijst De inschrijving op de wachtlijst wordt doorgehaald:a. indien de ingeschrevene zijn inschrijving niet jaarlijks voor 1 januari heeft verlengd;b. op schriftelijk verzoek van de ingeschrevene;c. bij overlijden van de ingeschrevene;d. wanneer aan de ingeschrevene een vergunning voor een vaste standplaats is verleend, tenzij hij deze op grond van bijzondere omstandigheden niet aanvaardt;e. indien niet meer aan de vereisten van artikel 10 wordt voldaan. Artikel16Volgorde toewijzing vaste standplaatsen Indien voor de toewijzing van een beschikbare vaste standplaats meer aanvragers in aanmerking komen, wordt de standplaats achtereenvolgens toegewezen aan: a. de vergunninghouder van een vaste standplaats die aan het college schriftelijk dewens te kennen heeft gegeven van standplaats te willen veranderen, in volgorde van plaatsing op de anciënniteitslijst;b. degene die zich in dezelfde branche op de wachtlijst heeft laten inschrijven, in volgorde van inschrijving op deze lijst.c. als er geen gegadigden ingeschreven zijn in dezelfde branche, vindt toewijzing plaats door middel van loting onder alle nr. 1-noteringen op de wachtlijst in branches die nog niet vertegenwoordigd zijn op de markt. Artikel17Overschrijving vaste standplaatsvergunning 1In geval van overlijden of blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouderof in het geval van beëindiging van de detailhandelsactiviteiten op de markt kan de vaste standplaatsvergunning worden overgeschreven op de achterblijvende echtgenoot, de geregistreerde partner of een andere achterblijvende persoon met wie hij/zij duurzaam samenwoonde. 2Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een kind/medewerker van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij/zij ten minste drie jaar in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd en zich heeft laten inschrijven op de wachtlijst. 3Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste noch het tweede lid, kan het college in bijzondere omstandigheden besluiten om de vergunning voor een vaste standplaats over te schrijven op een medewerker van de vergunninghouder mits hij/zij aan de volgende eisen voldoet:a. hij/zij moet minimaal drie jaar onafgebroken in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder hebben gewerkt of gedurende eenzelfde periode als mede-eigenaar (bijvoorbeeld vennoot of aandeelhouder) in dit bedrijf hebben gefunctioneerd;b. bij notariële akte dient te worden aangetoond dat de onderneming in eigendom van de medewerker is overgegaan en dat de marktplaats geen economische factor in de overname is;c. de werknemer of de mede-eigenaar dient ingeschreven te zijn op de wachtlijst. 4Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder of nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid of de bedrijfsbeëindiging als in het eerste lid is bedoeld, is vastgesteld. 5Het college is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken van het bepaalde in dit artikel. Paragraaf3Dagplaatsen Artikel18Toewijzing dagplaats 1Toewijzing van een dagplaats geschiedt door afgifte van een vergunning door demarktmeester op het moment dat de standplaats niet om 9.00 uur als vaste standplaats wordt ingenomen. 2De dagplaats wordt toegewezen in volgorde van aanmelding van de gegadigden die zich daarvoor uiterlijk op de dag zelf vóór 9.00 uur hebben aangemeld bij de marktmeester alsmede met inachtneming van de brancheringslijst, die door het college kan worden vastgesteld. 3Aan houders van een dagplaats die hetzelfde assortiment voeren als houders van een vaste standplaats op de markt, kan niet meer dan éénmaal per vier weken een plaats worden toegewezen. Paragraaf4Standwerkersplaatsen Artikel19Toewijzing standwerkersplaats 1Het college wijst, middels de marktmeester, een standwerkersplaats toe door middelvan loting. De toelatingsprocedure wordt geregeld in artikel 20 van deze verordening. 2Indien een standwerker zich wil doen bijstaan, meldt hij dit vooraf aan de marktmeester onder vermelding van de naam van degene die hem zal bijstaan. Degene die hem zal bijstaan, mag niet op eigen naam deelnemen aan de loting. 3Aan houders van een standwerkersplaats die een artikel verkopen dat eveneens voorkomt in het assortiment van een houder van een vaste standplaats op deze markt, kan niet meer dan eenmaal per vier weken een plaats worden toegewezen. Artikel20Loting 1Tot de loting als bedoeld in artikel 19 van deze verordening worden toegelaten:a. personen van wie is gebleken dat zij in de uitoefening van de markthandel uitsluitend en daadwerkelijk als standwerker plegen op te treden;b. en dat eerst nadien tot de loting worden toegelaten andere marktkooplieden ten aanzien van wie niet gebleken is dat zij op een standwerkplaats daadwerkelijk actief zijn als standwerker. 2Standwerkers die gezamenlijk willen optreden, kunnen slechts gezamenlijk voor een standwerkplaats loten en gezamenlijk slechts één soort artikel op de voor de standwerker gebruikelijke manier ten verkoop aanbieden. De betrokkenen dienen dit vóór de loting aan het college middels de marktmeester kenbaar maken. Hoofdstuk3Bepalingen over het gebruik van de standplaats Artikel21Persoonlijk innemen standplaats; bijstand 1De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen persoonlijk in. Hijmag de standplaats niet aan een ander afstaan of in gebruik geven. 2De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen bijstaan. 3Een standwerker mag zich alleen doen bijstaan door degene die hij overeenkomstig artikel 19, tweede lid bij de marktmeester heeft aangemeld. 4De vergunninghouder en degene die hem bijstaat mogen zich niet schuldig maken aan wangedrag of bedrog. Artikel23Aantal keren innemen vaste standplaats De vergunninghouder van een vaste standplaats neemt ten minste eenmaal per twee weken en tienmaal per dertien weken zijn standplaats op de markt in, dit met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 24 en 25. Artikel24Afwezigheid wegens ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden 1De vergunninghouder van een vaste standplaats die wegens ziekte, vakantie ofbijzondere omstandigheden verhinderd is zijn vaste standplaats in te nemen, deelt dit schriftelijk mee aan de marktmeester. Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoe lang zijn afwezigheid duurt. 2De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de desbetreffende marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld, gevolgd door een schriftelijke bevestiging daarvan aan de marktmeester in geval van langdurige absentie. Artikel25Ontheffing en vervanging 1In geval van ziekte, vakantie of bijzondere omstandigheden kan het college opaanvraag van de vergunninghouder van een vaste standplaats hem tijdelijk ontheffing verlenen van de verplichting om ten minste eenmaal per twee weken en tienmaal per dertien weken de standplaats op de markt in te nemen. 2Het college kan op aanvraag van de vergunninghouder hem vergunning verlenen zich op zijn standplaats te laten vervangen door een met name genoemde persoon. Artikel26Legitimatie en identiteit vergunninghouder 1Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen, dient opeerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat hij de vergunninghouder is, middels het kaartje dat bij de standplaatsvergunning was gevoegd en zo nodig middels andere wettelijke middelen ter identificatie. 2De vergunninghouder mag bij zijn standplaats zijn naam en eventuele bedrijfsnaam aan geven. Artikel27Tijdstip innemen standplaats/aan- en afvoer goederen 1Het is verboden voor vergunninghouders op het marktterrein meer dan 1 uur vooraanvang en meer dan 1 uur na afloop van de markt met een voertuig ruimte in te nemen of goederen of anderszins aan of af te voeren. 2De vergunninghouder is verplicht zijn standplaats tot de sluitingstijd van de markt te blijven innemen. Het college kan hiervan ontheffing verlenen. 3Indien de vergunninghouder zijn vaste standplaats niet uiterlijk om 9.00 uur heeft ingenomen, wordt de desbetreffende standplaats voor die dag als dagplaats aangemerkt, tenzij de marktmeester de standplaats op tijdig verzoek van de vergunninghouder voor hem beschikbaar houdt. 4Vergunninghouder is verplicht zijn/haar afval na het beëindigen van de verkoopdag zelf mee te nemen dan wel af te laten voeren. Op het moment dat hij/zij de standplaats verlaat dient deze schoon opgeleverd te worden. Artikel28Plaats voertuigen Het is verboden vervoermiddelen, waarmee voorwerpen of waren naar de markt worden ofzijn vervoerd, op of in de nabijheid van het marktterrein op een andere plaats neer te zetten dan die door de marktmeester is aangewezen. Artikel29Rondrijden- of lopen met goederen of waren 1Het is verboden op het marktterrein tijdens de duur van de markt met goederen of waren ten verkoop rond te lopen of te rijden. 2Van het bepaalde in het eerste lid kan door het college ontheffing worden verleend, voor zoveel betreft de verkoop van alcoholvrije dranken en geringe eet- en drinkwaren ten behoeve van de standplaatshouders. Artikel30Afvalbakken De vergunninghouder aan wie vergunning is verleend geringe eet- en drinkwaren voor consumptie gereed te maken en/of te verkopen, dient aan de voorzijde van zijn standplaats voldoende afvalbakken te plaatsen. Artikel31Elektriciteit Het is de standplaatshouder zonder ontheffing van het college verboden op zijn standplaats:a. gebruik te maken van andere dan elektrische verlichting;b. elektriciteit te betrekken van een ander dan degene die door het college voor het leveren daarvan is aangewezen of om zelf hierin te voorzien. Artikel32Geluidsapparatuur 1Het is verboden op de standplaats gebruik te maken van luidsprekers, versterkers en andere middelen ter versterking van het geluid. 2Het aanwezig hebben van radio's, cd-spelers en overige geluidsapparatuur op de standplaats, voor een ander doel dan verkoop daarvan, is evenmin toegestaan. 3Het college kan ontheffing verlenen van de in het eerste en tweede lid gestelde verboden, onder door haar te stellen voorwaarden. Hoofdstuk4Straf-, overgangs- en slotbepalingen Artikel33Strafbepaling Overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of hechtenis van ten hoogste 3 maanden en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. Artikel34Intrekking en schorsing vaste standplaatsvergunning Onverminderd artikel 11 kan het college een vergunning voor een vaste standplaats, al dan niet voorwaardelijk, intrekken dan wel telkens voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen schorsen, indien de vergunninghouder of een persoon die hem bijstaat:a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunningovertreedt;b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog; ofc. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet. Artikel35Wanbetaling Ieder, van wie wegens wanbetaling de vergunning voor een vaste standplaats is ingetrokken, wordt niet opnieuw als gegadigde voor een standplaats ingeschreven, zolang het verschuldigde marktgeld niet is voldaan. Artikel36Schriftelijke bevestiging Besluiten van de marktmeester, genomen uit hoofde van het bepaalde bij of krachtens deze verordening, worden binnen vier weken schriftelijk bevestigd door het college. Artikel37Uitsluiting dagplaatshouder of standwerker Het college kan - door tussenkomst van de marktmeester - een gegadigde voor een dagplaats of een standwerkersplaats van de toewijzing van een dagplaats of een standwerkersplaats uitsluiten voor ten hoogste vier achtereenvolgende marktdagen, indien deze: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening overtreedt;b. zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;c. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats;d. niet of niet tijdig het verschuldigde marktgeld voldoet, dat wordt geheven op grond van artikel 229 van de Gemeentewet. Artikel38Onmiddellijke verwijdering Onverminderd het bepaalde in artikel 125 van de Gemeentewet kan het college c.q. de marktmeester, indien het/hij dit noodzakelijk acht, een vergunninghouder c.q. dagplaatshouder c.q. standwerker gelasten zich onmiddellijk van de markt te verwijderen indien hij: a. het bepaalde bij of krachtens deze verordening of de voorschriften van de vergunningovertreedt;b. zich op de markt schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;c. niet als standwerker actief is op een hem toegewezen standwerkersplaats. Artikel39Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de marktmeester en de bij besluit van het college aangewezen personen. Artikel40Intrekking oude regelingen De Marktverordening Gemeente Bleiswijk, vastgesteld op 24 september 1998, gewijzigd op 8 juni 2000, de Marktverordening Gemeente Bergschenhoek, vastgesteld op 15 maart 2005 en de Marktverordening Berkel en Rodenrijs, vastgesteld op 26 januari 2006, worden ingetrokken. Artikel41Overgangsbepalingen 1Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de Marktverordening Bleiswijk1998, de Marktverordening Bergschenhoek 2005 en de Marktverordening Berkel en Rodenrijs 2006, gelden als besluiten genomen krachtens deze verordening. 2De bestaande anciënniteits- en wachtlijsten worden geacht anciënniteits- en wachtlijsten in de zin van deze verordening te zijn. 3Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om vergunning op grond van de Marktverordening Bleiswijk 1998, de Marktverordening Bergschenhoek 2005 en de Marktverordening Berkel en Rodenrijs 2006 is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet definitief op de aanvraag is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast. Artikel42Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na de bekendmaking. Artikel43Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Marktverordening gemeente Lansingerland 2007. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 april 2007.De griffier, C.J. van 't Hart De voorzitter, drs. H.B. Eenhoorn

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.