Reglement van Orde voor de vergaderingen van de commissies van de gemeente LansingerlandVerordening op de raadscommissies 2007 Hoofdstuk1Begripsbepalingen Artikel1Begripsomschrijvingen In deze verorde
ning wordt verstaan onder:a. lid: lid of buitengewoon lid van een raadscommissie;b. voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens vervanger;c. commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens vervanger;d. griffier: griffier van de raad of diens vervanger;e. vergadering: vergadering van een raadscommissie. Hoofdstuk2Instelling, taken en samenstelling Artikel2Instelling raadscommissies 1De raad stelt de volgende raadscommissies in: - Samenleving; - Ruimte; - Algemeen Bestuur. De raadscommissie "Samenleving" adviseert en overlegt over de volgende onderwerpen: * Sociale Zaken * Welzijn * Onderwijs * Cultuur * Jeugd en Ouderen * Volksgezondheid * Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). De raadscommissie "Ruimte" adviseert en overlegt over de volgende onderwerpen: * Ruimtelijke Ordening * Openbare Werken * Milieu * Verkeer en Vervoer * Wonen * Vinex De raadscommissie Algemeen Bestuur adviseert en overlegt over de volgende onderwerpen: * Politie * Brandweer * Financiën * Grondzaken * Economische Zaken * Glastuinbouw * Algemene en Regionale Zaken * Communicatie (voorlichting) * Nieuwbouw gemeentehuis 2Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het onderwerp in de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij de voorzitters van de betrokken raadscommissies in overleg beslissen dat een gezamenlijke vergadering van de raadscommissies wordt belegd of de raadscommissie die het onderwerp het meest aangaat, het onderwerp behandelt. 3 Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt belegd, vervult de voorzitter van de raadscommissie die het onderwerp het meest aangaat, de taken van de voorzitter. Artikel3Taken Een raadscommissie heeft de volgende taken:* het voorbereiden van de raadsvergaderingen door het in technische zin bespreken van een voorstel of onderwerp dat betrekking heeft op de in artikel 2, eerste lid, genoemde onderwerpen en het hierover uitbrengen van een advies aan de raad over de wijze van behandeling (als bespreekstuk, dan wel hamerstuk);* het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;* voeren van overleg met het college of de burgemeester over in ieder geval door het college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het gevoerde bestuur ten aanzien van de in artikel 2, eerste lid, genoemde onderwerpen. Artikel4Samenstelling 1Een raadscommissie bestaat uit maximaal drie leden per fractie indien door de fracties zes of meer zetels bekleed wordt in de raad en voor maxitaal twee leden per fractie als het zetelaantal kleiner is dan zes. 2De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op voordracht van de fracties benoemd. 3De raad kan daarnaast buitengewone leden benoemen. 4Een lid kan zowel raadslid als niet-raadslid zijn. De artikelen 10, 11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op een lid van een raadscommissie. De in het eerste lid genoemde leden dienen daarnaast tijdens de laatste verkiezingen van de raad geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van een fractie. 5De raad benoemt op voordracht van een fractie voor iedere raadscommissie tenminste een plaatsvervangend lid per fractie, die zitting in een raadscommissie heeft bij verhindering of ontstentenis van een lid als bedoeld in het eerste lid. Het plaatsvervangend lid voldoet aan de in het vierde lid, genoemde vereisten. Artikel5Voorzitter 1De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de raad uit zijn midden benoemd. 2De raad wijst, bij het begin van een nieuwe zittingsperiode van de raad, een waarnemend voorzitter aan. 3De voorzitter is geen lid van de raadscommissie. 4De voorzitter is belast met:* het leiden van de vergadering;* het handhaven van de orde;* het doen naleven van deze verordening Artikel6Zittingsduur en vacatures 1De zittingsperiode van een lid , de voorzitter en hun plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de zittingsperiode van de raad. 2Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4, vierde lid, gestelde eisen. 3De raad kan een lid ontslaan op voorstel van de fractie op wiens voordracht het lid is benoemd. 4De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan. 5Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 6Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming van artikel 4 en
- 7Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die fractie is benoemd, van rechtswege. Artikel7Griffier en commissiegriffier 1De raad benoemt ter ondersteuning van iedere raadscommissie de griffier dan wel een door de griffier aan te wijzen medewerker van de griffie als commissiegriffier. 2De commissiegriffier is in iedere vergadering aanwezig. 3Bij zijn verhindering of afwezigheid meldt de griffier door wie hij vervangen wordt. 4De griffier kan in iedere vergadering aanwezig zijn. Hoofdstuk3Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris Artikel8Burgemeester en wethouders 1De voorzitter kan de burgemeester en één of meer wethouders uitnodigen in de vergadering aanwezig te zijn en aan de beraadslagingen deel te nemen. 2Indien de burgemeester of een wethouder bij een vergadering aanwezig wil zijn en wil deelnemen aan de beraadslagingen, doet hij hiertoe een verzoek aan de voorzitter. 3De voorzitter neemt zo spoedig mogelijk een voorlopige beslissing op het verzoek. 4De raadscommissie kan bij aanvang van de vergadering beslissen dat de burgemeester en één of meer wethouders niet in de vergadering aanwezig mogen zijn of aan de beraadslagingen mogen deelnemen. Artikel9Gemeentesecretaris De raadscommissie kan het college verzoeken de secretaris aanwezig te laten zijn in de vergadering en deel te laten nemen aan de beraadslagingen als bedoeld in deze verordening. Hoofdstuk4Vergaderingen Paragraaf1Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen Artikel10Vergaderfrequentie 1In de regel vinden de vergaderingen van de raadscommissie plaats conform het door de raad vastgestelde vergaderschem. 2De vergaderingen van de raadscommissies vangen aan op de in het door de raad vastgestelde vergaderschema genoemde tijdstip en vinden plaats in de locatie Bleiswijk. 3Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties schriftelijk met opgaaf van redenen daarom verzoeken. 4De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of aanvangsuur bepalen of een andere vergaderplaats aanwijzen. Hij voert hierover overleg met de griffier. Artikel11Oproep 1De voorzitter zendt ten minste vijf dagen voor een vergadering de leden een schriftelijke oproep onder vermelding van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering. 2De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de schriftelijke oproep aan de leden verzonden. 3Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in artikel 12, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde voorstellen of onderwerpen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden 3/9 gezonden. Artikel12De agenda 1Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt de voorzitter in samenspraak met de griffier de agenda van de vergadering voorlopig vast. 2In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van de schriftelijke oproep tot uiterlijk 48 uur voor de aanvang van een vergadering een aanvullende agenda opstellen. 3Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda vast. Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de vaststelling van de agenda onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren. 4Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende voor de beraadslaging voorbereid acht, kan hij aan het college of de burgemeester nadere inlichtingen of advies vragen. De raadscommissie bepaalt in welke vergadering het onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. 5Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie de volgorde van behandeling van de agendapunten wijzigen. Artikel13Ter inzage leggen van stukken 1Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op de agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproepvoor een ieder op het gemeentehuis ter inzage gelegd. De voorzitter maakt van de terinzagelegging melding in de openbare kennisgeving, bedoeld in artikel
- Indien na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een openbare kennisgeving. 2Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten het gemeentehuis gebracht. 3Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de griffier en verleent de griffier een lid inzage. Artikel14Openbare kennisgeving 1De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep door aankondiging in één of meer dag-, nieuws-, of huis-aan-huisbladen en door plaatsing op de internetsite van de gemeente ter openbare kennis gebracht. 2De openbare kennisgeving vermeldt: * de datum, aanvangstijd en plaats van de vergadering;* de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en de daarbij behorende stukken kan inzien;* de mogelijkheid tot het uitoefenen van het spreekrecht als bedoeld in artikel
- Paragraaf2Orde der vergadering Artikel15Presentielijst Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekent ieder lid onmiddellijk op volgorde, van binnenkomst de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de voorzitter en de commissiegriffier door ondertekening vastgesteld. Artikel16Opening vergadering; quorum 1De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur, indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is. 2Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het vereiste aantal leden 4/9 aanwezig is, bepaalt de voorzitter onder verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de namen der afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, op een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de schriftelijke oproep is gelegen. 3Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is. Artikel17Spreekrecht burgers 1Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over onderwerpen die de vakcommissie aangaan. 2Het woord kan niet gevoerd worden over:* een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan;* benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen;* een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden ingediend. 3Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit ten minste 24 uur voor de aanvang van de vergadering aan de griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil voeren. 4De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 5Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 6De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter en de leden van de commissie hebben vervolgens de gelegenheid vragen te stellen of opmerkingen te maken. Eventuele vragen van commissieleden worden meteen na afloop van de bijdrage van de inspreker gesteld en beantwoord. Over het ingesprokene kan geen discussie ontstaan. 7De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger. Artikel18Notulen; besluitenlijst en digitale opname van de beraadslagingen 1Van de beraadslagingen worden door de zorg van de griffier een besluitenlijst opgemaakt alsmede een digitale geluidsopname. 2De geluidsdrager van de vergadering wordt binnen een termijn van maximaal 5 dagen aan de raadsleden beschikbaar gesteld en is voor een ieder in het gemeentehuis openbaar af te luisteren. 3De ontwerpbesluitenlijst van de voorgaande vergadering wordt, zo mogelijk, aan de leden van de raad toegezonden gelijktijdig met de schriftelijke oproep. De besluitenlijst wordt gelijktijdig aan de overige personen die aan de beraadslagingen hebben deelgenomen toegezonden. 4Bij het begin van de vergadering wordt, zoveel mogelijk, de besluitenlijst van de vorige vergadering vastgesteld. 5De leden, de voorzitter, de griffier en degenen die hebben deelgenomen aan de beraadslagingen hebben het recht, een voorstel tot wijziging van de ontwerpbesluitenlijst aan de raad te doen, indien de ontwerpbesluitenlijst onjuistheden bevat of niet duidelijk weergeeft wat gezegd of besloten is. Een voorstel tot wijziging van de ontwerpbesluitenlijst dient tenminste 24 uur voor het begintijdstip van de vergadering waarin de ontwerpbesluitenlijst wordt vastgesteld, schriftelijk bij de griffier te worden ingediend. 6De ontwerpbesluitenlijst moet inhouden: 5/9 e de namen van de voorzitter, de griffier en de in de vergadering aan- en afwezige leden, de namen van de aan- en afwezige leden van het college alsmede die van de overige personen die het woord gevoerd hebben; o een vermelding van de agendapunten die aan de orde zijn geweest met per agendapunt het advies van de commissie met betrekking tot verdere behandeling van dit punt; « de tekst van de ter vergadering ingediende initiatiefvoorstellen en burgerinitiatiefvoorstellen alsmede voorstellen van orde. 7Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de commissie besluiten tot het opstellen van een uitgebreide besluitenlijst.
- De vastgestelde besluitenlijst wordt door de voorzitter en de griffier ondertekend. Artikel19Spreekregels 1Een lid, de voorzitter, de burgemeester, een wethouder en de secretaris spreken vanaf hun plaats of van de spreekplaats en richten zich tot de voorzitter. 2Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de in het eerste lid genoemde personen vanaf een andere plaats spreken. Artikel20Volgorde sprekers 1Een lid, de burgemeester, een wethouder of de secretaris, voeren het woord na het aan de voorzitter gevraagd en van hem verkregen te hebben. 2De volgorde van sprekers kan worden gewijzigd, wanneer het woord wordt gevraagd over de orde van de vergadering. Artikel21Aantal spreektermijnen 1De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders beslist. 2Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten. 3Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel. 4Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het spreken over een voorstel van orde. Artikel22Spreektijd Vervallen. Artikel23Voorstellen van orde 1De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht. 2Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen. 3Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie terstond. Artikel24Handhaving orde; schorsing 1Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij:* de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze verordening te herinneren;* een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. 2Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de 6/9 orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 3De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten. 4De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering worden ontzegd. Artikel25Beraadslaging 1De raadscommissie kan op voorstel van de voorzitter of een lid beslissen over één of meer onderdelen van een onderwerp of voorstel afzonderlijk te beraadslagen. 2Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie beslissen de beraadslaging voor een door hem te bepalen tijd te schorsen teneinde het college of de leden de gelegenheid te geven tot onderling nader beraad. De beraadslagingen worden hervat nadat de schorsingsperiode verstreken is. Artikel26Deelname aan de beraadslaging door anderen 1De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de beraadslaging. 2Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt genomen. Artikel27Advies 1Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de raadscommissie anders beslist.
- Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of er een advies over de wijze van behandeling (hamerstuk dan wel bespreekstuk) aan de raad wordt uitgebracht. 2Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud van het advies. Hoofdstuk5Besloten vergadering Artikel28Algemeen Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van overeenkomstige toepassing voorzover deze bepalingen niet strijdig zijn met het besloten karakter van de vergadering. Artikel29Notulen 1De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld, maar liggen uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier. 2Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de raadscommissie een beslissing over het al dan niet openbaar maken van deze notulen. De vastgestelde notulen worden door de voorzitter en de commissiegriffier ondertekend. Artikel30Geheimhouding Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie overeenkomstig artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de inhoud van de stukken en het verhandelde geheimhouding zal gelden. De raadscommissie kan besluiten de geheimhouding op te heffen. Artikel31Opheffing geheimhouding Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de Gemeentewet voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover, indien de raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, in een besloten vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd. Hoofdstuk6Toehoorders en pers Artikel32Toehoorders en pers 1De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen bijwonen. 2Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze verstoren van de orde is verboden. 3De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen. Artikel33Geluid- en beeldregistraties Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter en gedragen zich naar zijn aanwijzingen. Artikel34Verbod gebruik mobiele telefoons In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de vergadering het gebruik, alsmede het standby houden van mobiele telefoons of andere communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de orde van de vergadering zonder toestemming van de voorzitter niet toegestaan. Hoofdstuk7Slotbepalingen Artikel35Uitleg verordening In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over de toepassing van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel van de voorzitter. Artikel36Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking op 2 januari
- 2Dit reglement kan worden aangehaald als: Reglement van Orde voor de vergaderingen van de commissies van de gemeente Lansingerland. de griffier, Kees van 't Hartde voorzitter,Ewald van Vliet