Artikel0Dit artikel moet nog worden gesplitst Procedureverordening Planschade (raadsbesluit van 18 januari 2001) De raad der gemeente Utrecht gelet op het voorstel van b. en w. d.d. 4 januari 2001 vast te stellen de volgende: Procedureverordening Planschade Artikel 1 Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: artikel 49: artikel 49 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening; adviseur: de adviseur als bedoeld in artikel 2 van deze verordening; aanvraag: een bij de raad schriftelijk ingediend verzoek om schadevergoeding, als bedoeld in artikel 49; aanvrager: de belanghebbende in de zin van artikel 49, die een verzoek om schadevergoeding heeft ingediend; de Awb: de Algemene wet bestuursrecht; de raadscommissie: een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet; -advies: het schriftelijke advies van de adviseur als bedoeld in artikel 8, eerste lid. Artikel 2 Als adviseur treedt op een door of namens burgemeester en wethouders aan te wijzen, naar de aard van de te onderzoeken aanvraag geschikte, onafhankelijke instelling of persoon. De kosten van de door de adviseur te verrichten werkzaamheden worden door de gemeente gedragen. De adviseur is na verkregen machtiging van of namens burgemeester en wethouders, bevoegd andere deskundigen te raadplegen. Artikel 3 Onverminderd het bepaalde in artikel 4:2 van de Awb dient de aanvraag tevens te vermelden: in welk in artikel 49 genoemd geval de aanvrager verzoekt om vergoeding van schade; de aard en omvang van de schade en zo mogelijk een specificatie van het bedrag van de schade; de datum vanaf welke schade is geleden of zal worden geleden en de redenen voor vergoeding van die schade door de gemeente. Indien door de aanvrager een gemachtigde is aangewezen dient een schriftelijke machtiging te worden overgelegd. Artikel 4 Indien de aanvraag kennelijk niet ontvankelijk of kennelijk ongegrond is, kan de raad binnen vier maanden na ontvangst van de aanvraag schadevergoeding weigeren zonder toepassing te geven aan artikel 5 en volgende. Afschrift van het besluit, als bedoeld in het eerste lid zenden burgemeester en wethouders zo spoedig mogelijk aangetekend toe aan de aanvrager c.q. zijn gemachtigde, waarbij zijn aandacht wordt gevestigd op het bepaalde in de artikelen 7:1 en 8:1 van de Awb en artikel 37 van de Wet op de Raad van State. Artikel 5 Indien geen toepassing heeft plaatsgevonden van het bepaalde in het eerste lid van artikel 4 geeft de raad aan de adviseur opdracht over de aanvraag advies uit te brengen. De in het eerste lid bedoelde opdracht geschiedt binnen vier weken na het verstrijken van de termijn, bedoeld in het eerste lid van artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.