← Nederland

Algemene Subsidieverordening Soest (Soest)

Algemene Subsidieverordening SoestDe raad van de gemeente Soest; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 3 juni 2005, nr. RV 05-58; -gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en de bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht; b e s l u i t: vast te stellen de Algemene Subsidieverordening Soest HOOFDSTUK1.ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen Deze verordening verstaat onder: wet: Algemene wet bestuursrecht. college: het college van burgemeester en wethouders van Soest structurele subsidie: een subsidie per boekjaar of aantal boekjaren verstrekt voor activiteiten zoals bedoeld in artikel 4.58 van de wet. Hieronder mede te verstaan een projectsubsidie, dat wil zeggen een meerjarensubsidie voor activiteiten met een einddoel en een beperkte looptijd. incidentele subsidie: een subsidie voor in principe eenmalige en kortdurende activiteiten. investeringssubsidie: een subsidie in de kosten van het stichten, wijzigen of uitbreiden van accommodaties en/of het inrichten hiervan. garantiesubsidie: een incidenteel subsidie dat alleen wordt uitbetaald bij eventuele tekorten door onvoorziene omstandigheden. Artikel2Toepassingsgebied Deze verordening is van toepassing op subsidies voor activiteiten op de volgende beleidsterreinen tenzij een andere wettelijke regeling of gemeentelijke verordening daarin voorziet. veiligheid verkeer en vervoer economie natuur en milieu wonen en ruimtelijke ordening onderwijs en kinderopvang zorg en welzijn sport, recreatie, kunst en cultuur bestuurlijke taken Artikel3Bevoegdheid van het college 1.Het college is het bevoegd bestuursorgaan met betrekking tot het nemen van beslissingen op grond van deze verordening. Het college kan nadere regels stellen ter uitvoering van deze verordening. Het college kan voor de uitvoering van de subsidiebeschikking een overeenkomst sluiten zoals bedoeld in artikel 4.36 van de wet. Artikel4Subsidieplafond 1.Indien in de door de Gemeenteraad vastgestelde begroting of in een daarvan deel uitmakende bijlage een post is opgenomen die blijkens de daarbij behorende omschrijving uitsluitend is bestemd als subsidie ten behoeve van een bepaalde activiteit, geldt deze begrotingspost als subsidieplafond voor die activiteit. 2.Indien uit de omschrijving, behorend bij een in de begroting of in een daarvan deel uitmakende bijlage opgenomen post, niet of niet zonder meer blijkt dat de in het eerste lid bedoelde post uitsluitend als subsidie voor een bepaalde activiteit kan worden aangewend, is het college bevoegd ten behoeve van de subsidiëring van die activiteit een subsidieplafond vast te stellen. HOOFDSTUK2.DE AANVRAAG Artikel5Indieningstermijn aanvraag 1.De aanvraag voor een structurele subsidie moet vóór 1 april voorafgaand aan het jaar waarvoor het subsidie wordt gevraagd schriftelijk worden ingediend bij het college. 2.De aanvraag voor een incidentele-, investerings- of garantiesubsidie moet tenminste drie maanden voor aanvang van de te realiseren activiteit of voorziening worden ingediend. 3.Het college kan in door haar aan te geven gevallen of categorieën van gevallen een andere datum dan is genoemd in lid 1 of 2 vaststellen. Zij maken dit besluit algemeen bekend. Artikel6In te dienen stukken Bij een aanvraag voor een structurele subsidie moeten worden overgelegd: een beschrijving van de aard en omvang van de activiteiten als bedoeld in artikel 4:62 van de wet en de daarmee beoogde doelstellingen een begroting als bedoeld in artikel 4:63 van de wet van de aan de activiteiten verbonden inkomsten en uitgaven, voorzien van een toelichting Bij een aanvraag voor een incidentele of garantiesubsidie moeten worden overgeleg: een op de activiteit betrekking hebbende begroting, voorzien van een toelichting waarin de te leveren prestaties expliciet worden genoemd. Bij een aanvraag voor een investeringssubsidie moeten worden overgelegd: een kostenraming van de investering voorzien van een toelichting een financieringsplan een exploitatiebegroting waarin de gevolgen van de investering zijn verwerkt. Bij een eerste subsidieaanvraag moeten daarnaast worden overgelegd: een motivering van de aanvraag de statuten of het reglement van de instelling een opgave van de bestuurssamenstelling de laatste jaarrekening en het laatste verslag van de activiteiten. Het college kan bepalen dat bij een tweede of volgende aanvraag de in lid 4 genoemde gegevens moeten worden overgelegd. Het college kan indien zij dit nodig acht voor het beoordelen van de aanvraag nadere gegevens vragen. HOOFDSTUK3.DE BESCHIKKING OP DE AANVRAAG Artikel7Beschikking op de aanvraag De beschikking op een aanvraag wordt genomen door het college. De beschikking op een aanvraag voor een structureel subsidie wordt bekendgemaakt vóór 1 januari van het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft. 3.De beschikking op een aanvraag voor een incidentele-, investerings- of garantiesubsidie wordt bekendgemaakt binnen drie maanden nadat de aanvraag is ingediend. Deze termijn kan eenmaal met maximaal drie maanden worden verlengd, maar in ieder geval wordt de beschikking bekend gemaakt voor de aanvang van de te realiseren activiteit of voorziening. Artikel8Weigeringsgronden 1.De subsidie-aanvraag kan worden afgewezen als de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente de hiervoor benodigde gelden niet in de gemeentebegroting zijn opgenomen de instelling geen rechtspersoonlijkheid heeft de activiteit of voorziening waarvoor subsidie wordt gevraagd niet (voornamelijk) is gericht op inwoners van Soest of op de promotie van Soest de instelling met winstoogmerk werkzaam is de doelstellingen of middelen van de instelling in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden, hetzij eigen middelen, hetzij middelen van derden, kan beschikken om de kosten van de activiteiten te dekken een doublure ontstaat met activiteiten van een reeds door het gemeentebestuur gesubsidieerde (rechts)persoon; de door de aanvrager aan de deelnemers van de activiteiten gevraagde eigen bijdrage zo laag is gesteld, dat door een redelijke verhoging hiervan subsidieverlening achterwege kan blijven. 2.In bijzondere gevallen kan van het gestelde in lid 1 onder c en e worden afgeweken. Artikel9Subsidievaststelling of -verlening 1.Toekenning van een structurele, een incidentele of een investeringssubsidie subsidie gebeurt door middel van een beschikking tot het verlenen of vaststellen van subsidie. 2.Toekenning van een garantiesubsidie gebeurt door middel van een beschikking tot het verlenen van subsidie. Artikel10Inhoud van de beschikking 1.De beschikking tot subsidievaststelling of -verlening als bedoeld in artikel 9 vermeldt hetgeen in de afdeling 4.2.3 en 4.2.4. van de wet is bepaald. Aan de subsidievaststelling of -verlening kunnen nadere voorwaarden worden verbonden. De beschikking tot verlening van een structurele subsidie kan vermelden dat voor een aangegeven datum een rapportage en een voorlopige verantwoording moeten worden ingediend. De beschikking tot subsidieverlening kan vermelden dat voorschotten worden verleend. In de subsidiebeschikking kan het voorbehoud worden gemaakt dat het subsidie kan worden ingetrokken of gewijzigd als de te verwachten rijksgelden niet of niet volledig worden verkregen. HOOFDSTUK4.VERANTWOORDING VAN HET SUBSIDIE Artikel11Verantwoording 1.De aanvrager dient vóór 1 april van het jaar volgend op het jaar waarvoor een structurele subsidie is verleend een jaarrekening, een verantwoording van de prestaties en een inhoudelijk jaarverslag bij college in. 2.De aanvrager dient binnen drie maanden na realisering van de activiteit of de voorziening waarvoor een incidentele, investerings- of garantiesubsidie is verleend, een gespecificeerde afrekening, een verantwoording van de prestaties en een inhoudelijk verslag bij het college in. 3.Het college kan bepalen dat de jaarrekening en de verantwoording van de prestaties moeten zijn voorzien van een accountantsverklaring. Artikel12Afhandeling van de verantwoording na subsidieverlening Als een subsidie is toegekend door middel van een beschikking tot het verlenen van een subsidie stelt het college binnen negen maanden na indiening van de verantwoording het subsidie vast. Artikel13Afhandeling van de verantwoording na subsidievaststelling 1.Als een subsidie is toegekend door middel van een beschikking tot het vaststellen van subsidie toetst het college de realisering van de in de beschikking omschreven prestaties de aard en hoogte van de benodigde voorzieningen en reserves. Binnen negen maanden na indiening van de verantwoording informeert het college de instelling over het resultaat van de toetsing. HOOFDSTUK5.OVERIGE BEPALINGEN Artikel14Toezicht op werkzaamheden en financieel beheer 1.De financiële administratie van de aanvrager moet zodanig zijn ingericht dat de exploitatieresultaten en de vermogenspositie daaruit op eenvoudige wijze duidelijk worden. 2.Het college kan bindende voorschriften geven voor de inrichting van de financiële administratie en de jaarrekening. Het college kan de aanvrager verplichten aan door hen daartoe aangewezen ambtenaren : inzage te geven in de financiële administratie inlichtingen te geven over en controle toe te staan op de werkzaamheden en/of het financieel beheer. Het college kan bepalen dat de aanvrager de controle op het financieel beheer opdraagt aan een registeraccountant. Artikel15Toestemming voor handelingen 1.De instelling behoeft de toestemming van het college voor de handelingen als bedoeld in artikel 4:71 lid 1 van de wet met uitzondering van het daar bepaalde onder g en h. 2.Daarnaast behoeft de instelling bij ontbinding toestemming van het college voor de bestemming van een eventueel batig liquidatiesaldo, voor zover dit mede is gevormd door subsidiegelden van de gemeente. Artikel16Onvoorziene gevallen In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college. Artikel17Hardheidsclausule In bijzondere gevallen en voor zover toepassing van deze verordening tot een onbillijkheid leidt van overwegende aard kan het college afwijken van deze verordening. Artikel18Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2006. De Algemene subsidieverordening welzijn, vastgesteld 14/15 oktober 1998, wordt per 1 januari 2006 ingetrokken met dien verstande dat ze van kracht blijft voor subsidies die vóór dit tijdstip zijn verstrekt. Artikel19Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als Algemene Subsidieverordening Soest. Vastgesteld in de openbare vergadering van 23 juni 2005Soest, 23 juni 2005de raad voornoemd, de griffier, de voorzitter,M.van Vliet MPM AA drs. J.J.L.M. Janssen: : : __

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.