← Nederland

SUBSIDIEREGELING MEERJARENSUBSIDIE VOOR AMATEURKUNSTVERENIGINGEN 2008 (Amersfoort)

SUBSIDIEREGELING MEERJARENSUBSIDIE VOOR AMATEURKUNSTVERENIGINGEN 2008Subsidieregeling Burgemeester en wethouders van gemeente Amersfoort; gelezen de nota d.d. 23 april 2008, sector WSO/MD (reg. nr. 2746678); overwegende dat het gewenst is aanvullende regels te geven voor de subsidieverstrekking ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband; gelet op de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening Amersfoort 2008; besluit vast te stellen de volgende subsidieregeling: SUBSIDIEREGELING MEERJARENSUBSIDIE VOOR AMATEURKUNSTVERENIGINGEN 2008 HOOFDSTUK1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: amateurkunst: activiteiten in verenigingsverband gericht op de voorbereiding van voorstellingen op het gebied van muziek, zang, dans, toneel en beeldende kunst waarbij de activiteiten van de vereniging gericht zijn op enigerlei vorm van presentatie van de voorstelling aan het publiek. Verenigingen die zich in hoofdzaak bezighouden met cursorische activiteiten of liturgische vieringen worden niet tot de amateurkunst gerekend. Verenigingen die zich bezighouden met kunstbeoefening in beroepsmatig verband of met beroepsmatige pretenties worden niet tot amateurkunst gerekend; vereniging: rechtspersoonlijkheid bezittende organisatie waarvan de statuten de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband als voornaamste doel stellen; lid: een natuurlijk persoon die overeenkomstig de statuten van die vereniging is ingeschreven en actief betrokken is bij het nastreven van de verenigingsdoeleinden en daarvoor jaarlijks een door de vereniging vast te stellen contributie betaalt. Donateurs of begunstigers worden daaronder niet begrepen; voorstelling: productie of expositie met een of meer uitvoeringen. Artikel2Doelgroepen/Activiteiten De volgende sectoren van verenigingen kunnen voor een structurele subsidie voor amateurkunstverenigingen in aanmerking komen: muziekkorpsen (waaronder korpsen, big bands, majorettes, color- en winterguardgroepen); zangverenigingen; instrumentale gezelschappen (waaronder huismuziekverenigingen); toneelverenigingen (waaronder theatersport); muziektheaterverenigingen dansverenigingen verenigingen voor beeldende kunst (amateurschilderkunst, -beelhouwkunst en fotografie). Artikel3Subsidieplafond Het totale beschikbare subsidiebudget voor de uitvoering van deze subsidieregeling wordt jaarlijks in de gemeentebegroting vastgesteld. Jaarlijks stellen burgemeester en wethouders per sector van amateurkunstverenigingen de bedragen vast van de maximaal te verstrekken subsidie. De structurele subsidie is samengesteld uit drie bedragen: De voorstellingsbijdrage: een vast bedrag voor alle verenigingen; Een basisbedrag per lid, vastgesteld per sector van verenigingen en tot een vastgesteld maximum per vereniging; Een procentuele bijdrage in de leidingkosten. Voor de leidingkosten kunnen verenigingen het salaris opvoeren van een maximaal aantal leidinggevenden. Per sector geldt een maximum van: Muziekkorpsen: 1 dirigent per onderdeel 3 instructeurs (inclusief majoretteninstructeurs) Zangverenigingen: 1 dirigent Instrumentale gezelschappen; 1 dirigent of 2 speelgroepleiders Toneelverenigingen: 1 regisseur Muziektheaterverenigingen: 1 dirigent 1 regisseur Dansverenigingen: 2x dansleiding Verenigingen voor beeldende kunst: 1 leiding (uitsluitend bedoeld voor professionele (bege(leiding) bij activiteiten in verenigingsverband gericht op de verbetering van de kwaliteit van het werk en de voorbereiding van tentoonstellingen/exposities) 4.Burgemeester en wethouders verzamelen jaarlijks de aanvragen en berekenen het totale bedrag waarop de aanvragers ingevolge lid 3 aanspraak kunnen maken. Indien dit bedrag het subsidieplafond overschrijdt, passen burgemeester en wethouders een evenredige korting toe op alle aanspraken, zodat het subsidieplafond niet wordt overschreden. Artikel4Toetsingscriteria Verenigingen die toegelaten willen worden tot deze subsidieregeling of die in voorafgaande jaren reeds een structurele subsidie voor amateurkunstverenigingen hebben ontvangen, dienen minimaal aan de volgende bepalingen te voldoen. tenminste 50% van het aantal werkende leden van de vereniging dient woonachtig te zijn in de gemeente Amersfoort; de vereniging dient minimaal twee jaar te bestaan, in Amersfoort gevestigd te zijn en aantoonbaar financieel gezond te zijn; de vereniging dient te beschikken over een minimum aantal leden per sector. Het minimum aantal leden om in aanmerking te komen voor subsidiering in het kader van deze subsidieregeling bedraagt per sector: Muziekkorpsen: 20 leden Zangverenigingen: 15 leden Instrumentele gezelschappen Symfonie orkesten: 20 leden Overig: 10 leden Toneelverenigingen: 10 leden Muziektheaterverenigingen: 20 leden Dansverenigingen: 10 leden Verenigingen voor beeldende kunst: 20 leden de vereniging verzorgt per jaar minimaal een openbare voorstelling binnen de gemeente Amersfoort. Voor verenigingen in de sectoren B t/m F wordt voor deze voorstelling entree geheven. Voor exposities van verenigingen voor beeldende kunst hoeft geen entree geheven te worden. Verenigingen die vallen onder de sector muziekkorpsen verzorgen tweemaal per jaar een openbaar optreden in de gemeente Amersfoort. Hiervoor hoeft geen entree geheven te worden. De vereniging dient elk jaar het programma voor deze voorstelling(

  1. en)in bij burgemeester en wethouders. Voor deze verplichte jaarlijkse voorstelling(
  2. en)kan geen aanspraak worden gemaakt op subsidie in het kader van de Subsidieregeling subsidiering incidentele activiteiten kunstensector 2008. HOOFDSTUK2SUBSIDIEVERSTREKKING Artikel5Vorm subsidieverstrekking 1.Het college zal de subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband eerst verlenen en vervolgens vaststellen. 2.In bijzondere gevallen kan het college besluiten om de subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband direct vaststellen. Artikel6Indieningstermijn aanvraag 1.De aanvraag voor een subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband moet voor 1 april voorafgaand aan het jaar waarvoor de subsidie wordt gevraagd worden ingediend. 2.Het college kan in bijzondere gevallen uitstel verlenen van de verplichting om voor een bepaalde datum een subsidieaanvraag in te dienen. Artikel7Eisen aan de aanvraag bij een aanvraag voor een subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband moeten de documenten worden overgelegd zoals bedoeld in de Algemene subsidieverordening Amersfoort 2008. Artikel8Beschikking op de aanvraag De beschikking op een aanvraag voor een subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband wordt bekendgemaakt voor 1 januari van het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft. Artikel9Weigeringsgronden Subsidieverstrekking kan naast de weigeringsgronden zoals bedoeld in de Algemene subsidieverordening Amersfoort 2008 tevens worden geweigerd indien niet is voldaan aan de toetsingscriteria in deze subsidieregeling. Artikel10Verantwoording De subsidieaanvrager moet rekening en verantwoording afleggen aan het college zoals bedoeld in de Algemene subsidieverordening Amersfoort 2008. Artikel11Afhandeling van de verantwoording Verantwoording van een subsidie ten behoeve van de bevordering van de beoefening van amateurkunst in verenigingsverband wordt afgehandeld zoals bedoeld in de Algemene subsidieverordening Amersfoort 2008. HOOFDSTUK3OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel12Hardheidsclausule Het college kan van de bepalingen in deze subsidieregeling afwijken indien toepassing van de bepaling zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. in alle gevallen waarin deze subsidieregeling niet voorziet of onduidelijk is beslissen. Artikel13Inwerkingtreding 1.Deze subsidieregeling treedt in werking met ingang van de dag na die van bekendmaking. 2.De Beleidsregels structurele subsidie amateurkunstverenigingen zoals vastgesteld op 1 februari 2005 wordt ingetrokken. Artikel14Overgangsbepaling 1.De bepalingen van de beleidsregels bedoeld in artikel 13 lid 2 blijven van toepassing op de subsidies die op basis van die beleidsregels zijn verstrekt. 2.Indien voor het tijdstip van de inwerkingtreding van deze subsidieregeling een aanvraag om een subsidie op grond van de beleidsregels bedoeld in artikel 13 lid 2 is ingediend en voor het tijdstip van de inwerkingtreding van deze subsidieregeling nog niet op de aanvraag is beslist, worden daarop de overeenkomstige toepasselijke bepalingen van de onderhavige subsidieregelingtoegepast. 3.Op een aanhangig beroep- of bezwaarschrift, betreffende een subsidie, bedoeld in het eerste lid, dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 13 lid 1 is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de beleidsregels bedoeld in artikel 13 lid 2. 4.De intrekking van de beleidsregels bedoeld in artikel 13 lid 2 heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die beleidsregels genomen nadere regels, beleidsregels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze beleidsregels en voor zover niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. Artikel15Citeertitel Deze subsidieregeling heet: Subsidieregeling meerjarensubsidie voor amateurkunstverenigingen 2008. Vastgesteld in de vergadering van 20 mei 2008 De secretaris, De burgemeester, PUBLICATIEDATUM: 1 oktober 2008

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.