← Nederland

Verordening Huurrechten, Begrafenisrechten en Onderhoudskosten Graven 2011 (Hilversum)

Verordening Huurrechten, Begrafenisrechten en Onderhoudskosten Graven 2011De raad van de gemeente Hilversum; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 28 september 2010; gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de: Verordening Huurrechten, Begrafenisrechten en Onderhoudskosten Graven 2011 Artikel1Begripsomschrijvingen a. begraafplaats: de Noorder begraafplaats, de Algemene begraafplaats Zuiderhof en de Nieuwe algemene begraafplaats aan de Bosdrift; b. eigen graf: een graf, een kindergraf ( bestemd voor het begraven van lijken van kinderen beneden het twaalfde levensjaar ) en een grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; c. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer, waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; d. eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; e. algemeen urnengraf of urnengraf in urnenheuvel: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; f. urnennis: een nis, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verkregen tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen of urnen; g. asbus: een bus ter berging van as van een overledene; h. urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; i. verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemd terrein, waarop as wordt verstrooid, dan wel een plaats, waarvoor voor bepaalde of onbepaalde tijd het recht is verleend om as te doen verstrooien. Artikel2Belastbaar feit Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats. Artikel3Belastingplicht De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt. Artikel4Vrijstellingen De rechten worden niet geheven voor: het begraven van het lijk van een doodgeboren of kort na de geboorte overleden kind, dat tegelijk met het lijk van de kort na de bevalling overleden moeder in één graf wordt begraven. Artikel5Maatstaf van heffing en belastingtarief 1.De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening als onderdeel behorende tarieventabel. 2.Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt. 3.Aanslagen van € 10,00 of minder worden niet opgelegd. Voor de toepassing van de vorige volzin, wordt het totaal van op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één aanslag. Artikel6Belastingjaar 1.Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar. 2.Met betrekking tot de rechten genoemd in artikel 7, tweede lid, artikel 8, tweede lid, en artikel 9, tweede lid, van de tarieventabel is het belastingtijdvak gelijk aan de periode waarvoor wordt afgekocht. Artikel7Wijze van heffing 1.De onderhoudsrechten, bedoeld in artikel 7, eerste en tweede lid, artikel 8, eerste en tweede lid, en artikel 9, eerste en tweede lid van de tarieventabel, worden geheven bij wege van aanslag. 2.Andere rechten, dan die genoemd in het eerste lid, worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld. Artikel8Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de verschuldigde rechten 1.De onderhoudsrechten, als bedoeld in artikel 7, eerste lid, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak aanvangt zijn de rechten bedoeld in artikel 7, eerste lid, artikel 8, eerste lid, en artikel 9, eerste lid, van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 3.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten als bedoeld in artikel 7, eerste lid, artikel 8, eerste lid, en artikel 9, eerste lid, van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.Indien de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten als bedoeld in artikel 7, tweede lid, artikel 8, tweede lid, en artikel 9, tweede lid, van de tarieventabel voor zoveel kalendermaanden van de voor het belastingtijdvak verschuldigde rechten als er in dat belastingtijdvak, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. Artikel9Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten Andere rechten als die bedoeld in artikel 7, eerste lid, zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen. Artikel10Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten worden betaald in één termijn, welke vervalt op de laatste dag van de tweede maand, volgende op de maand, die in de dagtekening van het aanslagbiljet of de schriftelijke kennisgeving is vermeld. 2.Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het eerste lid van overeenkomstige toepassing, voorzover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag. 3.In afwijking in zoverre van voorgaande leden met betrekking tot de aanslagen zoals vermeld in de artikelen 1, 2, 3, 4, 5, 10, 11en 12 van de tarieventabel, geldt in geval het totaalbedrag van de op één aanslag verschuldigde bedrag door middel van automatische betalingsincasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kunnen worden afgeschreven, dat de aanslag moet worden betaald in één termijn en vervalt op de laatste dag van de tweede maand na de dagtekening van het aanslagbiljet. 4.De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten. Artikel12Kwijtschelding 1.Behoudens het bepaalde in het tweede lid van dit artikel wordt de in artikel 26 van de Invorderingswet 1990 bedoelde kwijtschelding voor deze belasting niet verleend. 2.Het vorige lid is niet van toepassing op het onderhoudsrecht van graven zoals bedoeld in hoofdstuk 7, eerste lid, hoofdstuk 8, eerste lid en hoofdstuk 9, eerste lid. van de tarieventabel. Artikel13Inwerkingtreding en citeertitel 1.De 'Verordening Grafrechten en Begrafenisrechten 2010' , vastgesteld bij besluit van 11 november 2009, wordt ingetrokken met ingang van de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. 2.Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking. 3.In afwijking in zoverre van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover terzake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 10 november

  1. De griffier, De voorzitter, K.E. Driehuijs E.C. Bakker Gemeente Hilversum TARIEVENTABEL behorende als onderdeel bij de Verordening Huurrechten, Begrafenisrechten en Onderhoudskosten Graven 2011 Hoofdstuk1Verlenen van huurrechten Artikel1Graven 1.Voor het verlenen van het uitsluitend huurrecht op een eigen graf wordt voor een periode van 20 jaar geheven: € 1.820,- 2.Voor het verlengen van het uitsluitend huurrecht op een eigen graf, als bedoeld in het eerste lid, met 10 jaar wordt geheven: € 910,- 3.Voor het verlenen van het huurrecht op een algemeen graf wordt voor een periode van 10 jaar geheven: € 400,- 4.Voor het verlenen van het uitsluitend huurrecht op een kindergraf wordt voor een periode van10 jaar geheven: € 250,- 5.Voor het verlengen van het uitsluitend huurrecht op een kindergraf, als bedoeld in het vierde lid, met5 jaar wordt geheven: € 125,- Artikel2Urnen en Verstrooiingsplaats 1.Voor het verlenen van het uitsluitend huurrecht op een urnengraf of urnenheuvel wordt voor een periode van 10 jaar geheven: € 400,- 2.Voor het verlengen van het uitsluitend huurrecht op een urnengraf of urnenheuvel, als bedoeld in het eerste lid, met 5 jaar wordt geheven: € 200,- 3.De verlenging, als bedoeld in het tweede lid, heeft alleen betrekking op het huurrecht en ziet dus niet op de onderhoudskosten. 4.Voor het verlenen van het huurrecht op een urnennis wordt voor een periode van 10 jaar geheven: € 940,- 5.Voor het verlengen van het huurrecht op een urnennis, als bedoeld in het vierde lid, met 5 jaar wordt geheven: € 470,- 6.Voor het verlenen van het huurrecht op een verstrooiingsplaats wordt geheven: € 180,- Hoofdstuk2Verlenen van begrafenisrechten Artikel3Begrafenis 1.Voor het begraven van een overleden persoon van 12 jaar of ouder in een eigen graf of algemeen graf wordt geheven: € 580,- 2.Voor het begraven van een overleden kind jonger dan 1 jaar in een eigen graf of algemeen graf wordt geheven: € 180,- 3.Voor het begraven van een overleden kind van 1 jaar of ouder maar jonger dan 12 jaar in een eigengraf of algemeen graf wordt geheven: € 290,- 4.De begrafenisrechten als bedoeld in het eerste, tweede en derde lid zijn inclusief het gebruik van de ontvangkamer gedurende 60 minuten en het gebruik van het orgel of de geluidsappa-ratuur (exclusief de vergoeding te betalen aan degene die de muziek verzorgt). 5.Het begrafenisrecht bedraagt voor het begraven op een maandag, dinsdag, woensdag, donder-dag of vrijdag vóór 07.30 uur of ná 15.00 uur of op een zaterdag: 100% boven de begrafenisrechten bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. 6.Het begrafenisrecht bedraagt voor het begraven op specifieke dagen zoals vermeld in de Al-gemene termijnenwet: 100% boven de begrafenisrechten bedoeld in het eerste, tweede en derde lid. 7.Het vijfde en zesde lid zijn niet van toepassing als het begraven door de burgemeester in het belang van de openbare orde of de volksgezondheid is geëist. Artikel4Begrafenisceremonie 1.Voor het gebruik van de ontvangkamer met inbegrip voor het bespelen van het orgel of geluidsapparatuur (exclusief de vergoeding, te betalen aan degene die de muziek verzorgt) wordt ná 60 minuten geheven per half uur: € 100,- 2.Indien er gebruik gemaakt wordt van de ontvangkamer en het orgel of geluidsapparatuur, anders dan bij een plechtigheid (exclusief de vergoeding te betalen aan degene die de muziek verzorgt), wordt per half uur geheven: € 160,- 3.Op zaterdag en zondag worden de genoemde tarieven met 100% verhoogd. Hoofdstuk3Grafbedekking en onderhoud Artikel5Vergunningplicht bij grafbedekking Voor het plaatsen of vernieuwen van de onderstaande voorwerpen is een vergunning vereist. De bijbehorende administratieve kosten (leges) voor deze vergunning zijn: voor de aanleg van een grafkelder € 590,- voor het plaatsen van een (urnen)tegel op een algemeen graf of aan een urnennis € 180,- voor het plaatsen van grafbedekking op een kindergraf € 180,- voor het plaatsen van grafbedekking op een eigen graf of aan een urnennis € 220,- Artikel6Onderhoudsrechten graven 1.Voor het onderhoudsrecht van een kindergraf wordt geheven: voor een periode van 10 jaar € 480,- voor een periode van 5 jaar € 240,- 2.Voor het onderhoudsrecht van een algemeen graf wordt geheven: voor een periode van 10 jaar € 580,- 3.Voor het onderhoudsrecht van een urnengraf/urnenheuvel wordt geheven: voor een periode van 10 jaar € 350,- voor een periode van 5 jaar € 175,- Artikel7Onderhoudskosten graven in kelder of met grafbedekking 1.Voor het door of vanwege de gemeente algemeen onderhouden van voorwerpen, zoals bedoeld in artikel 5, onderdelen a, c en d (exclusief een urnennis) wordt geheven per jaar: € 139,- 2.Het afkopen van de onderhoudskosten als bedoeld in het eerste lid voor een periode van 10 jaar geeft een heffing van: € 1.421,- 3.Het algemeen onderhoud zoals aangegeven in het eerste lid betreft: 1x per jaar behandelen van de grafbedekking van eigen graven tegen algen 7x per jaar groenonderhoud van de eigen graven, inclusief de omliggende groenstroken 4.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de onderhoudskosten bij code
  2. 5.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de afkoop onderhoudskosten bij code
  3. Artikel8Onderhoudskosten graven zonder grafbedekking of beplanting 1.Voor het door of vanwege de gemeente in staat houden van eigen gravenwaarop géén grafbedekking (géén grafsteen en géén beplanting) is aangebracht wordt geheven per jaar: € 70,- 2.Het afkopen van de in stand houdingskosten als bedoeld in het eerste lid voor een periode van 10 jaar geeft een heffing van: € 716,- 3.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de onderhoudskosten bij code
  4. 4.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de afkoop onderhoudskosten bij code
  5. Artikel9Onderhoudskosten (urnen)tegel 1.Voor het door of vanwege de gemeente algemeen onderhouden van voorwerpen, zoals bedoeld in artikel 5, onderdeel b wordt geheven per jaar: € 70,- 2.Het afkopen van de onderhoudskosten als bedoeld in het eerste lid voor een periode van 10 jaar geeft een heffing van: € 716,- 3.Het algemeen onderhoud zoals aangegeven in het eerste lid betreft: 1x per jaar behandelen van urnennissen tegen algen 7x per jaar groenonderhoud van de omliggende groenstroken 4.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de onderhoudskosten bij code
  6. 5.Op de aanslag van de afdeling Belastingen staan de afkoop onderhoudskosten bij code
  7. Artikel10Inschrijvingen en overschrijvingen Aan het op naam van de rechthebbende inschrijven of overschrijven in het daartoe bestemde register van eigen graven, eigen urnengraven en urnennissen zijn kosten (leges) verbonden. Deze kosten (leges) voor het inschrijven of overschrijven zijn: € 29,- Hoofdstuk4Begrafenisrechten inzake opgraven, ruimen, verstrooien en bijzetten. Artikel11Begrafenisrechten inzake opgraven, ruimen, verstrooien 1.Het begrafenisrecht voor het opgraven van een overledene bedraagt voorelk afzonderlijk individu dan wel elke afzonderlijke bekisting: € 420,- 2.Artikel 11.1 is niet van toepassing indien er sprake is van het op gerechtelijk gezag ruimen van een graf op aanvraag van de rechthebbende of voor het verzetten dan wel verschikken van lijkkisten, 3.Voor het opgraven van een urn/asbus wordt geheven: € 240,- 4.Voor het openen en weer sluiten van een graf wordt geheven: € 340,- 5.Voor het, na opgraven, herbegraven in een ander graf wordt het recht geheven zoals aangegeven in Hoofdstuk
  8. Artikel12Bijzetten van asbussen en urnen 1.Voor het bijzetten van een urn in een urnennis wordt geheven: € 160,- 2.Voor het bijzetten van een urn in een graf wordt geheven: € 220,- 3.Voor het bijzetten van een tweede urn in een urnennis, urnengraf of urnenheuvel wordt geheven: € 220,- Aldus vastgesteld in de openbare vergaderingvan 10 november 2010.De griffier, De voorzitter,K.E. Driehuijs E.C. BakkerBijlageKostenopzetVerordening Huurrechten, Begrafenisrechten en Onderhoudskosten graven 2011 Uitgaven: 1 Kapitaallasten € 171.000,- 1 Exploitatiekosten € 260.000,- 1 Personeelskosten € 792.000,- 1 Organisatiekosten € 91.000,- 1 Bestuurskosten € 301.000,- Totale uitgaven t.l.v. Lijkbezorging € 1.615.000,- Inkomsten: 1 Geraamde opbrengsten grafrechten € 1.198.000,- 1 Onttrekking transitorische passiva € 161.000,- --------------- Totale inkomsten t.g.v. Lijkbezorging € 1.359.000,- ------------------ Netto ten laste van de gemeente komende kosten € 256.000,- Dekkingspercentage: 84%

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.