Verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen in de gemeente Heumen 1992De raad van de gemeente Heumen in openbare vergadering bijeen; Voorgenomen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 oktober 1992, nummer 38.01.12; Overwegende dat het gewenst is om regels vast te stellen voor het gebruik en beheer van de gemeentelijke begraafplaatsen; gelet op artikel 35 van de Wet op de lijkbezorging en artikel 168 van de Gemeentewet; b e s l u i t: vast te stellen de volgende: “Verordening op het beheer en het gebruik van de algemene begraafplaatsen in de gemeente Heumen 1992” HOOFDSTUK1INLEIDENDE BEPALINGEN Artikel1begripsomschrijvingen De verordening verstaat onder: Begraafplaats(en): de algemene begraafplaats Malden, gelegen aan de Groesbeekseweg te Malden; De algemene begraafplaats Nederasselt, gelegen aan het Klokstaatje te Nederasselt; De algemene begraafplaats Overasselt, gelegen aan de Valkstraat te Overasselt. Eigen graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen begraven en begraven houden van lijken; het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; Algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; Eigen urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen; het doen verstrooien van as; Algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen; Eigen urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet worden van asbussen met of zonder urnen; Urn: een voorwerp ter berging van één of meer asbussen; Asbus: een bus ter berging van as van een overledene; Verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstooid; Grafbedekking: gedenkteken en/of grafbeplanting op een graf, een verstrooiingsplaats of gedenkplaats; Gedenkplaats: een plaats ingericht om overledenen te gedenken; Beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaats(
- en)of degene die hem vervangt; Rechtshebbende: de rechthebbende op een eigen graf. Artikel2Bestemming De algemene gegraafplaatsen te Malden en Nederasselt zijn bestemd voor begraving van lijken van personen in de gemeente overleden en aldaar thuisbehorende. Burgemeester en wethouders kunnen het begraven van lijken van andere personen toestaan. De algemene begraafplaats te Overasselt is bestemd voor begraving van lijken, van de personen aan wie volgens het besluit van de raad van de voormalige gemeente Overasselt d.d. 13 december 1979, nummer 13.08 – tot aankoop van het Nederlands Hervormde kerkje en de daarbij behorende begraafplaats te Overasselt – de toezegging is gedaan dat zij op deze begraafplaats zouden worden begraven, alsmede voor begraving van lijken van personen waarvoor, voordat de begraafplaats is gesloten, alsnog schriftelijke bewijsstukken worden overgelegd, dat zij enig recht tot begraven op de begraafplaats hebben verworven. De algemene begraafplaats te Overasselt zal worden gesloten nadat de personen aan wie volgens het derde lid toezeggingen zijn gedaan, zijn overleden en begraven. Artikel3Uitbreiding begrippen eigen en algemeen graf Voor de toepassing van het bij of krachtens deze veroedening bepaalde wordt, voor zover van belang onder “eigen graf” mede verstaan: eigen urnengraf, eigen urnennis, eigen verstooiingsplaats en eigen gedenkplaats. Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder “algemeen graf” mede verstaan: algemeen urnengraf. HOOFDSTUK2OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS Artikel4Openstelling begraafplaats(
- en)de begraafplaatsen zijn voor een ieder dagelijks toegankelijk gedurende de door burgemeester en wethouders bij nadere regels vast te stellen tijden. Zij maken deze tijden openbaar bekend. Ter handhaving van de orde en rust op de begraafplaatsen kunnen de toegangen tijdelijk worden gesloten. Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaatsen niet voor het publiek geopend zijn, zich daarop te bevinden, anders dan voor het bijwonen van een begrafenis of de bezorging van as. Artikel5ordemaatregelen het is aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen personen verboden, anders dan met toestemming van burgemeester en wethouders, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaatsen te verrichten. Deze toestemming dan mondeling worden gegeven. Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaatsen te rijden: elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen anders van voor een begrafenis of voor het vervoeren van materialen; sneller dan 10 km. per uur; Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van lid 2: Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder; Degenen die zich niet aan de in het vierde lid bedoelde aanwijzing houden, moeten zich op eerste aanzegging van de beheerder van de begraafplaats verwijderen. Artikel6 Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke plechtigheden op de begraafplaats moeten vijf dagen tevoren worden gemeld aan de beheerder onder opgave van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de plechtigheid zal plaatsvinden. De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid moeten zich in het belang van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de beheerder. Artikel7Opgravingen en ruimen Het opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts toegestaan indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen die met deze werkzaamheden zijn belast. HOOFDSTUK3VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING Artikel8Kennisgeving begraven en asbezorging, openen en sluiten van het graf Degene, die wil doen begraven, as wil doen bijzetten of as wil doen verstrooien, geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan die waarop de begraving, bijzetting of verstrooiing zal plaatsvinden, schriftelijk kennis aan de beheerder. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Indien de burgemeester toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het overlijden te begraven, moet de kennisgeving aan de beheerder zo tijdig mogelijk worden gedaan. Het lijk, dan wel het omhulsel en de asbus of urn moeten zijn voorzien van een duurzaam identiteitskenmerk. De gegevens van het kenmerk moeten overeenstemmen met de administratie van de begraafplaats. Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en het daarna sluiten van een graf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mag uitsluitend geschieden door het personeel van de begraafplaats op aanwijzing en onder toezicht van de beheerder. De nabestaanden kunnen deze werkzaamheden onder toezicht van de beheerder geheel of gedeeltelijk zelf verrichten indien zij hun wens daartoe uiterlijk om 12.00 uur van de voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de beheerder hebben kenbaar gemaakt. De zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als werkdag. Zijn dienen bij deze werkzaamheden de aanwijzingen van de beheerder op te volgen. Artikel9Gebouwen en muziekinstallatie Het gebruik van de ontvangstruimten, de aula, alsmede van de muziekinstallatie moet uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande aan de dag waarop van de ruimte of de aula gebruik zal worden gemaakt, worden aangevraagd bij de beheerder. De ruimten en de muziekinstallatie staan voor iedere plechtigheid gedurende een per keer vooraf te bepalen tijdsduur ter beschikking van de aanvrager. Artikel10Over te leggen stukken Begraving mag slechts geschieden indien van tevoren het verlof tot gegraven of de bezorging van as is overlegd aan de beheerder. Indien de begraving of de bezorging van as in een eigen graf zal plaatsvinden, dient een machtiging daartoe aan de beheerder te worden overgelegd ondertekend door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door degene die in de uitvaart voorziet. Begraving of bij zetting in een eigen graf waarvan de uitgiftetermijn binnen de wettelijke minimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder gelijktijdige verlenging van de uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan resterende uitgiftetermijn ten minste gelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De verlenging dient te worden aangevraagd door de rechthebbende of, indien deze is overleden, door een van de andere personen, genoemd in artikel 18, tweede lid. De in het vorige lid bedoelde periode van verlenging wordt naar boven toe afgerond op gehele jaren. De beheerder onderzoekt de genoegdzaamheid van de overgelegde stukken. Artikel11Tijden van begraven en asbezorging De tijd van begraven en het bezorgen van as is: Op werkdagen van 10.00 tot 12.30 uur en van 14.00 tot 17.00 uur; Op zaterdag en zondag van 10.00 tot 12.30 uur Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen van deze tijden afwijken. HOOFDSTUK4INDELING EN UITGIFTE DER GRAVEN Artikel12Indeling graven en asbezorging Op de begraafplaats(
- en)kunnen worden uitgegeven: eigen graven en eigen urnengraven; eigen urnennissen; eigen verstrooiingsplaatsen eigen gedenkplaatsen. Burgemeester en wethouders bepalen bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de eigen graven en hoeveel verstrooiingen van as er op of in de eigen graven kunnen plaats hebben. Zijn bepalen tevens de afmetingen en de uitgifteduur van de eigen graven. De uitgifteduur kan niet korter zijn dan de minimumtermijn vastgesteld in de Wet op de lijkbezorging. Artikel13Aantal overledenen in algemene graven In de algemene graven kan een door burgemeester en wethouders te bepalen aantal lijken worden begraven. In de algemene urnengraven kan een door burgemeester en wethouders tebepalen aantal asbussen met of zonder urn worden bijgezet. Artikel14Volgorde van uitgifte De eigen graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde van ligging uitgegeven. Burgemeester en wethouders kunnen een eigen graf toewijzen anders dan voor directe begraving en buiten de volgorde van uitgifte, indien dit wegens de situatie op de begraafplaats(
- en)niet bezwaarlijk is. Artikel15Categorieën Burgemeester en wethouders kunnen bij nader vast te stellen regels de algemene eigen graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de verschillende categorieën de situering en de oppervlakte. Artikel16Termijnen eigen graven Burgemeester en wethouders verlenen, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de begraafplaats(
- en)zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijk in te dienen aanvraag, voor de tijd van twintig of dertig jaar het recht op een eigen graf. De termijn begint te lopen op de datum waarop het eigen graf is uitgegeven. Artikel17Grafkelder Burgemeester en wethouders kunnen aan de rechthebbende op een eigen graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden. Artikel18Overschrijving van verleende rechten Het recht op eigen graf kan op schriftelijk verzoek van de rechthebbende worden overgeschreven ten name van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloedverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. Na het overlijden van de rechthebbende kan het eigen graf worden overgeschreven op naam van de echtgenoot of levenspartner dan wel een bloed- of aanverwant tot en met de derde graad, mits het verzoek hiertoe schriftelijk wordt gedaan binnen één jaar na het overlijden van de rechthebbende. Overschrijving ten name van een ander dan de in de vorige zin bedoelde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. Indien na het overlijden van de rechthebbende het schriftelijk verzoek tot overschrijving aan burgemeester en wethouders niet wordt gedaan binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn, zijn burgemeester en wethouders bevoegd het recht op het graf te doen vervallen. Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van een jaar kunnen burgemeester en wethouders het eigen graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een eigen graf dat inmiddels is geruimd. Artikel19Afstand doen van graven Zonder aanspraak te kunnen maken op enige vergoeding kan de rechthebbende schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht op het eigen graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring doen burgemeester en wethouders schriftelijk mededeling aan de rechthebbende. Artikel20Sluiting van graven Op schriftelijk verzoek van de rechthebbende kunnen burgemeester en wethouders een graf gesloten verklaren. Gedurende de tijd dat een graf gesloten is, mag daarop geen andere grafbedekking worden geplaatst en mag daarin geen andere begraving plaats hebben, of asbus worden bijgezet, dan wel as worden verstrooid dan die van de stoffelijke overschotten van de personen die de rechthebbende in zijn verzoek met name heeft genoemd. Burgemeester en wethouders bepalen in overleg met de rechthebbende de periode waarvoor de in het eerste lid bedoelde sluiting zal geschieden. Zijn stellen de bijzondere voorwaarden vest, waaraan moet zijn voldaan alvorens het graf gesloten wordt verklaard. HOOFDSTUK5GRAFBEDEKKING Artikel21Vergunning grafbedekking Voor het hebben van een grafbedekking is de schriftelijke vergunning nodig van burgemeester en wethouders. Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning, de aard en de afmetingen van de grafbedekking en de wijze van aanbrengen kunnen burgemeester en wethouders nadere regels vaststellen. Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van de door hen vastgestelde nadere regels. Door de gemeente wordt aan de voet van ieder graf op de algemene begraafplaats een stenen gedenkplaatje geplaatst, vermeldende de naam van de begravene, diens geboortejaar en jaar van overlijden. Indien door de rechthebbende of door hen, die voor de begrafenis hebben zorg te dragen, een graf- of gedenkteken op het graf is aangebracht, wordt het in lid 4 van dit artikel geplaatste gedenkplaatje verwijderd. Burgemeester en wethouders kunnen de vergunningen weigeren indien: niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere regels; de grafbedekking afbreuk doet aan het aanzien van de begraafplaats; de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is; de constructie van de grafbedekking ondeugdelijk is. Artikel22Grafbeplanting Niet-blijvende beplantingen op een graf die in een verwaarloosde staat verkeren kunnen door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op schadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zijn verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd. Linten, siervazen en dergelijk voorwerpen worden gedurende drie maanden ter beschikking gehouden van de rechthebbende indien deze daartoe tevoren een mondeling of schriftelijk verzoek heeft gedaan bij de beheerder. Artikel23Verwijdering grafbedekking De grafbedekking kan na het verstrijken van de graftermijn door burgemeester en wethouders worden verwijderd. Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd op een op het te ruimten graf te plaatsen bordje door burgemeester en wethouders bekend gemaakt, tenzij het adres van de rechthebbende bij burgemeester en wethouders bekend is. In dat geval stellen zijn hem uiterlijk een jaar voor het genoemde tijdstip per brief van hun voornemen in kennis. Op grond van een daartoe door de rechthebbende bij burgemeester en wethouders ingediend schriftelijk verzoek, blijft de grafbedekking na verwijdering nog gedurende drie maanden ter beschikking van degene aan wie een vergunning als bedoeld in artikel 21 was verleend. Het schriftelijk verzoek kan worden ingediend gedurende de in het tweede lid genoemde termijn. De grafbedekking vervalt aan de gemeente indien: geen verzoek op grond van het derde lid is ingediend en de termijn waarbinnen dit verzoek had kunnen worden ingediend is verstreken; -de grafbedekking niet binnen drie maanden nadat deze van het graf is verwijderd, is afgehaald. Artikel24Onderhoud door de rechthebbende De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen Indien hij nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kunnen burgemeester en wethouders de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende drie maanden ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is. De verwijdering vindt niet plaats dan nadat de rechthebbende behoorlijk per brief is opgeroepen om te worden ingelicht over de toestand van de grafbedekking. De oproeping geschiedt door mededeling op het mededelingenbord op de begraafplaats als het adres van de rechthebbende niet bekend is. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht. Artikel25Onderhoud door de gemeente Burgemeester en wethouders voorzien in het schoonhouden en het na verzakking opnieuw stellen van het gedenkteken en in de zorg voor de winterharde beplantingen. In afwijking van het bepaalde in lid 1 moet de rechthebbende voorzien in het onderhoud van een eigen graf inclusief grafbedekkingen en beplanting van de algemene begraafplaatsen in Nederasselt en Overasselt. HOOFDSTUK6RUIMING VAN GRAVEN, URNENGRAVEN EN URNENNISSEN Artikel26Ruiming, bezorging van overblijfselen en as Het voornemen van burgemeester en wethouders om een graf te ruimen wordt gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden op een bij het te ruimten graf te plaatsen bordje ter kennis van de belanghebbenden gebracht, tenzij het adres van de rechthebbende op het graf aan hen bekend is. In dat geval stellen zijn hem uiterlijk een jaar voorafgaande aan het bedoelde tijdstip per brief van hun voornemen in kennis. De bij de ruiming van het graf nog aanwezige overblijfselen van lijken worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde, afgesloten gedeelten van de begraafplaats(en). Nabestaanden van een overledenen die begraven is in een algemeen graf kunnen gedurende de in het eerst lid bedoelde termijn de beheerder schriftelijk verzoeken bij ruiming de overblijfselen, indien mogelijk, bijeen te doen brengen voor herbegraving elders. Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is bijgezet in een algemeen graf kunnen de beheerder vragen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing elders. De rechthebbende op een eigen graf, kan de beheerder schriftelijk verzoeken om de overblijfselen te doen verzamelen om deze weder in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op een eigen urnengraf of urnennis kan de beheerder vragen deze ter beschikking te houden om elders bij te zetten of te doen verstrooien. HOOFDSTUK7GEDEELTE VOOR KERKGENOOTSCHAP Artikel27Afwijkende regels en kennisgeving onderhoudsbehoefte van graven. Burgemeester en wethouders kunnen na overleg met het bestuur van het kerkgenootschap ten aanzien van de openstelling van het gedeelte, de indeling van graven, de onderverdeling van graven in categorieën en de eisen voor de grafbedekking op het ter beschikking van het kerkgenootschap gestelde deel van de begraafplaats nadere regels stellen die afwijken van de regels krachtens de artikelen 4, eerste lid, 12, tweede lid, 15 en 21, tweede lid van deze verordening. Het bestuur van het kerkgenootschap kan burgemeester en wethouders schriftelijk verzoeken hem er schriftelijk van in kennis te stellen dat er onderhoud of herstel door de rechthebbende nodig is van de grafbedekking op een of meer graven op het deel van de begraafplaats dat aan het kerkgenootschap ter beschikking is gesteld. Op grond van het in het tweede lid genoemde verzoek stellen burgemeester en wethouders het bestuur van het kerkgenootschap schriftelijk in kennis dat de grafbedekking van een of meer graven onderhoud en herstel behoeft. De kennisgeving lat de bevoegdheid van burgemeester en wethouders onverlet om de rechthebbende op de graven ervan in kennis te stellen dat de grafbedekking moet worden onderhouden of hersteld. HOOFDSTUK8IN STAND HOUDEN HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKING Artikel28Lijst Burgemeester en wethouders houden een lijst bij van de graven die van historische betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft. Alvorens tot ruiming van graven wordt overgegaan onderzoeken burgemeester en wethouders of er graven zijn die in aanmerking komen om op de lijst te worden bijgeschreven. De gemeenteraad beslist over het ruimten van graven en het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan. HOOFDSTUK9INRICHTING REGISTER Artikel29Voorschriften Burgemeester en wethouders stellen voorschriften vast voor het register van de begraven lijken en de bezorgde door de beheerder. Het register wordt bijgehouden door de beheerder. HOOFDSTUK10KLACHTEN Artikel30Indiening, behandeling en beslissing Ingezetene en in de gemeente een belang hebbende natuurlijke en rechtspersonen kunnen omtrent feitelijke handelingen of het nalaten van feitelijke handelingen betreffende de begraafplaats bij burgemeester en wethouders een schriftelijke klacht indienen. Burgemeester en wethouders beslissen dertig dagen na ontvangst van de klacht. Zijn kunnen deze termijn met ten hoogste dertig dagen verlengen. Burgemeester en wethouders brengen de beslissing omtrent de klacht terstond ter kennis van de klager en de gemeenteraad. HOOFDSTUK11SLOTBEPALINGEN Artikel30Overgangsbepaling De rechten en verplichtingen met betrekking tot eigen graven die voortvloeien uit de ingevolgde artikel 32 ingetrokken verordening, worden geacht ingevolge deze verordening te zijn ontstaan. Artikel31Strafbepaling Hij die handelt in strijd met de artikelen 4, 5 en 6 wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie. Artikel32Inwerkingtreding Deze verordening treedt op en nader door burgemeester en wethouders te bepalen dag in werking, met ingang van welke datum de bestaande verordening “Verordening op het gebruik en het beheer van de algemene begraafplaatsen” van 26 februari 1981, nummer 02.05 vervalt. Artikel33Citeerartikel Deze verordening kan worden aangehaald als “Beheersverordening begraafplaatsen gemeente Heumen 1992”. AZ/DZ Malden, 19 november 1992DE RAAD VOORNOEMD;De secretaris, De voorzitter,W.E. Keurntjes F.C.W. Grienberger.