Verordening op de gemeentelijke rekenkamercommissieDe raad van de gemeente Venlo; gezien het voorstel van het projectcollege van 7 april 2009; gehoord de herindelingscommissie van 15 april 2009; gelet op het bepaalde in artikel 81o van de Gemeentewet; mede gelet op de Wet samenvoeging gemeenten Arcen en Velden en Venlo; besluit vast te stellen de navolgende Verordening op de gemeentelijke rekenkamercommissie 2010; Artikel 1 Begripsbepalingen Rekenkamer: de rekenkamerfunctie zoals bedoeld in artikel 81o van de Gemeentewet. Doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin een organisatie erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of beoogde maatschappelijke effecten te bereiken. Doelmatigheid of efficiency: het streven om met een zo gunstig mogelijke inzet van de beschikbare productiemiddelen het gewenste resultaat te bereiken. Rechtmatigheid: de mate waarin de handelingen van een organisatie in overeenstemming zijn met de gemeentelijke begroting en van toepassing zijnde wetten, verordeningen en regels. Artikel 2 Rekenkamercommissie Er is een commissie voor de rekenkamerfunctie die wordt aangeduid als de rekenkamercommissie. De rekenkamercommissie bestaat uit zes vaste leden en één plaatsvervangend lid. De rekenkamercommissie heeft tot taak het onderzoeken van de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde beleid en beheer. Artikel 3 Benoeming leden De raad benoemt de leden van de rekenkamercommissie uit zijn midden en uit externen. Van de zes vaste leden zijn er drie geen lid van of gelieerd aan een bestuursorgaan van de gemeente Venlo (zogenaamd extern lid). Verder worden drie vaste raadsleden en één plaatsvervangend raadslid benoemd. De raad benoemt de raadsleden voor de duur van de zittingsperiode van de raad dan wel de resterende zittingsduur van de raad. De drie leden die niet deel uitmaken van de raad worden op voordracht van de rekenkamercommissie benoemd door de raad voor een periode van 36 maanden met de mogelijkheid tot verlenging met nog eens 36 maanden. De rekenkamercommissie benoemt een voorzitter uit de externe leden. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de rekenkamercommissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. Tevens stuurt de voorzitter de ambtelijk secretaris aan. De voorzitter heeft stemrecht in de rekenkamercommissie. De rekenkamercommissie kiest uit haar midden een vice-voorzitter (ter vervanging van de voorzitter bij diens afwezigheid). Het plaatsvervangende lid is te allen tijde bevoegd deel te nemen aan de beraadslagingen van de rekenkamercommissie. Het plaatsvervangende lid heeft dezelfde rechten en plichten als de leden indien hij/zij in de plaats treedt van een lid dat verhinderd is. De leden van de rekenkamercommissie vervullen overigens geen betrekkingen die ongewenst zijn met het oog op een goede vervulling van hun ambt of handhaving van hun onpartijdigheid en onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin. De betrekkingen, die de leden buiten hun lidmaatschap vervullen, worden door de voorzitter openbaar gemaakt. Voor ieder onderzoek kan voor de duur van dit onderzoek, op aanbeveling van de rekenkamercommissie, één raadslid op het terrein van dat onderzoek worden benoemd door de raad als ad hoc lid van de rekenkamercommissie. Artikel 4 Eed Alvorens de functie te kunnen uitoefenen, leggen de externe leden van de rekenkamercommissie in de vergadering van de raad, in handen van de voorzitter, de volgende eed (verklaring en belofte) af: “Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de rekenkamercommissie benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamercommissie naar eer en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig! (Dat verklaar en beloof ik!)”. De verboden handelingen genoemd in artikel 15 Gemeentewet zijn ten aanzien van externe leden van overeenkomstige toepassing. Artikel 5 Ontslag en non-activiteit Het lidmaatschap van de rekenkamercommissie vervalt, behalve door het gestelde in artikel 3 lid 3 van deze verordening, door: een desbetreffend, met redenen omkleed, besluit van de gemeenteraad; ontslagname; het verlies van de hoedanigheid als raadslid; bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap van de rekenkamercommissie. Artikel 6 Vergoeding externe leden De externe leden ontvangen een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van de rekenkamercommissie ten bedrage van € 100,00 per vergadering [1]. De externe voorzitter ontvangt naast de vergoeding genoemd in het 1e lid een vaste onkostenvergoeding per maand. De vergoedingen genoemd in lid 1 en lid 2 komen ten laste van het budget van de rekenkamercommissie. Artikel 7 Secretariaat De gemeenteraad benoemt, op voordracht van de rekenkamercommissie, een ambtelijk secretaris. De ambtelijk secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitoefening van haar taken terzijde. De ambtelijk secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden verricht. De ambtelijk secretaris wordt bij zijn inhoudelijke werkzaamheden aangestuurd door de voorzitter van de rekenkamercommissie; onderdeel van de werkzaamheden van de ambtelijk secretaris vormen de agendaplanning, de verslaglegging en de vorming van dossiers. Op de ambtelijk secretaris zijn de Arbeidsvoorwaarden van de gemeente Venlo van toepassing. De ambtelijk secretaris wordt om organisatorisch-technische redenen ondergebracht bij de raadsgriffie. Artikel 8 Onderwerpselectie De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast. De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de rekenkamercommissie ter kennisneming aan de gemeenteraad gestuurd. De rekenkamercommissie verzoekt periodiek de gemeenteraad en de inwoners van de gemeente Venlo onderwerpen voor onderzoek aan te dragen. De rekenkamercommissie stelt jaarlijks, mede aan de hand van de aangedragen onderwerpen, een onderzoeksplan vast en brengt dit ter kennis van de gemeenteraad. De gemeenteraad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot het instellen van een onderzoek. De rekenkamercommissie bericht de gemeenteraad binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de gemeenteraad voldoet, motiveert zij dat naar behoren. Artikel 9 Werkwijze en bevoegdheden De rekenkamercommissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter bespreking van de procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek. De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen. De rekenkamercommissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de rekenkamercommissie gestelde termijn te verstrekken. Indien de zorg voor een administratie aan een derde is uitbesteed, is lid 4 van overeenkomstige toepassing op de administratie van de betrokken derde, dan wel van degene die de administratie in opdracht van die derde voert. Het college van burgemeester en wethouders verstrekt aan de rekenkamercommissie de planning en de resultaten van onder haar verantwoordelijkheid uitgevoerde doelmatigheids-, doeltreffendheid- en rechtmatigheidonderzoeken. De accountant als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet verstrekt desgevraagd aan de rekenkamercommissie controleprogramma’s en licht haar volledig in omtrent de resultaten daarvan door overlegging van rapporten of op andere door de rekenkamercommissie aan te geven wijze. De rekenkamercommissie stelt betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de rekenkamercommissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen waarvan de taakuitoefening (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt verder wie nog meer als betrokkenen worden aangemerkt. Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het onderzoeksrapport en de nota van conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college van burgemeester en wethouders en betrokkenen aan de raad aangeboden. Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie, met inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus inschakelen. De rekenkamercommissie stelt jaarlijks vóór 1 april een verslag op van haar werkzaamheden over het voorgaande jaar. Dit jaarverslag wordt ter kennisneming toegezonden aan de gemeenteraad en aan het college van burgemeester en wethouders. Artikel 10 Budget De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar door de raad beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten gebracht van: de vergoedingen aan de externe leden; externe deskundigen die door de rekenkamercommissie worden ingeschakeld; de eventuele overige uitgaven die de rekenkamercommissie nodig acht voor de uitoefening van haar taak. De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad. Zij verantwoordt de besteding van de middelen in haar jaarverslag. Artikel 11 Reglement van orde De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de raad. Artikel 12 Onvoorziene omstandigheden In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist de rekenkamercommissie. Artikel 13 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.