Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden 2002De raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg; gezien het voorstel van de stuurgroep fusie d.d. 29 november 2001, nr. gelet op de artikelen 95, 96 en 97 van de Gemeentewet en het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; be s l u i t: vast te stellen de volgende ‘Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden 2002’. Artikel1 Deze verordening verstaat onder: college: het college van burgemeester en wethouders; commissie: een commissie zoals genoemd in artikel 3, tweede lid van deze verordening; Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties; Reisregeling Binnenland: het besluit van de Minister van Binnenlandse Zaken van 16 maart 1993, nr. AB93/U280, (Stcrt. 56), betreffende Reisregeling binnenland, zoals nadien gewijzigd; leden van de gemeenteraad: leden van de gemeenteraad, niet zijnde wethouder. Artikel2 1.De leden van de raad ontvangen per kalenderjaar een vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in hun kosten gelijk aan de maximumbedragen, vermeld in de tabellen I tot en met III van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals die bedragen jaarlijks door de Minister zijn of worden vastgesteld voor een gemeente in de klasse, waartoe deze gemeente behoort. 2.Degene die gedurende een gedeelte van het kalenderjaar lid van de raad is geweest, ontvangt de vergoeding en de tegemoetkoming in de kosten als bedoeld in het eerste lid, naar evenredigheid van het aantal dagen dat hij of zij het lidmaatschap van de raad heeft bekleed. 3.De vergoeding en de tegemoetkoming worden in maandelijkse termijnen uitgekeerd. Artikel3 1.De leden van de in het volgende lid genoemde commissies ontvangen, voor zover zij geen lid zijn van de raad of het college, voor het bijwonen van de vergadering van de commissie een vergoeding gelijk aan het maximumbedrag, vermeld in de bij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden behorende tabel IV, zoals dat bedrag jaarlijks door de Minister is of wordt vastgesteld voor een gemeente in de klasse, waartoe deze gemeente behoort. 2.De in het eerste lid bedoelde commissies zijn: de raadscommissies als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet; de klachtencommissie; de Adviescommissie Beeldende Kunst; de commissie belast met de regeling van het onderwijs in lichamelijke oefening; de vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften; de Dorpsraad Stompwijk. Artikel4 Met toepassing van artikel 96 van de Gemeentewet kan bij raadsbesluit aan de leden van een commissie, voor zover zij geen lid zijn van de raad of het college, een vergoeding voor het bijwonen van de vergadering van een commissie worden toegekend die afwijkt van die bedoeld in artikel 3, eerste lid. Artikel5 De in artikel 4 genoemde mogelijkheid wordt hieronder toegepast met dien verstande dat: De leden van de vaste commissie van advies als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet zoals genoemd in artikel 3 lid 2, sub a, een vergoeding voor het bijwonen van de vergadering wordt toegekend van € 102,
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.