Treasury-statuut Gemeente Almelo 2016Inleiding In de raadsvergadering van 16 december 2014 is ingestemd met de herziene financiële verordening artikel 212. In deze verordening is ten aanzien van treasury opgenomen: Artikel 16Financieringsfunctie Het college neemt bij de uitvoering van de financieringsfunctie de richtlijnen van het treasurystatuut in acht. Het college draagt bij de uitoefening van de financieringsfunctie zorg voor: het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden om de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting uit te kunnen voeren; het beheersen van de risico’s verbonden aan de financieringsfunctie zoals renterisico’s, koersrisico’s en kredietrisico’s; het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de leningen en het bereiken van een voldoende rendement op de uitzettingen; het beperken van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. Het college stelt regels op ter uitvoering van de financieringsfunctie en legt deze regels alsmede de regels voor taken en bevoegdheden, de verantwoordingsrelaties en de bijbehorende informatievoorziening vast in een treasurystatuut (2007/35508). Het college legt het treasurystatuut ter goedkeuring voor aan de raad. Onderliggend treasury-statuut (ook wel financieringsstatuut genoemd) geeft een uiteenzetting van het treasurybeleid van de gemeente Almelo en geeft een beschrijving van de bevoegdheden en verantwoordelijkheden in het kader van de treasuryfunctie. Deze beschrijvingen moeten worden opgevat als dwingende richtlijnen. Het doel van dit statuut is om sturing te geven aan de treasuryfunctie en risico’s te beperken. Dit financieringsstatuut kent de volgende opbouw: Algemeen: Uitgangspunten en doelstellingen treasury. Financiering en garanties: Uitgangspunten, richtlijnen, limieten en instrumenten m.b.t. het lenen en/of uitzetten van geld. Relatiebeheer: Contacten (huis)bankier. Verantwoordelijkheden en bevoegdheden: Verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden van divers actoren in proces treasury. Informatievoorziening: Operationele en verantwoordingsinformatie. Slotbepalingen: Rechtspositie, inwerkingtreding en hardheidsclausule m.bt. het treasury-statuut Memorie van toelichting: Toelichting op de betreffende artikelen van het treasury-statuut. Verklarende woordenlijst: Omschrijving van de gehanteerde begrippen. Als uitvloeisel van het Treasurystatuut zijn nog twee belangrijke documenten opgesteld: De beleidsregels publieke taak leningen en garanties gemeente Almelo 2016; deze regels scheppen een financieel toetsingskader voor het verstrekken van geldleningen en borgstellingen. De handleiding treasury; waarin de activiteiten die zich richten op het beheren, besturen en bewaken van financiële posities/stromen zijn beschreven. Deze documenten zijn afzonderlijk door het college vastgesteld. Treasurystatuut Gemeente Almelo Algemeen Artikel1Doelstellingen treasurybeleid De doelstellingen van het treasurybeleid van de gemeente zijn: het aantrekken van voldoende financiële middelen en het uitzetten van overtollige gelden met als doel het uitvoeren van de programma’s binnen de door de raad vastgestelde kaders van de begroting; Het verzekeren van een duurzame toegang tot financiële markten tegen acceptabele condities; het beschermen van de gemeentelijke vermogens en resultaten tegen ongewenste financiële risico’s zoals renterisico’s, koersrisico’s, kredietrisico’s en liquiditeitsrisico’s; het optimaliseren van renteresultaten binnen de kaders van de wet Fido, aanvullende regelgeving en de voorschriften die in dit statuut zijn opgenomen; het minimaliseren van de interne verwerkingskosten en externe kosten bij het beheren van de geldstromen en financiële posities. Artikel2Uitgangspunten risicobeheer treasuryfunctie Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten voor de treasuryfunctie: Het college van B&W kan uit hoofde van de publieke taak en met in achtneming van de “Beleidsregels publieke taak leningen en garanties gemeente Almelo”, leningen of garanties verstrekken aan derden maar neemt hierbij in beginsel een terughoudende opstelling in. De treasurer vraagt ten minste twee prijsopgaven bij verschillende financiële instellingen op bij het aantrekken van financieringen voor het doen van uitzettingen voor zover er geen mantelovereenkomst is afgesloten. Het renterisico op de korte schuld bedraagt maximaal de kasgeldlimiet conform de Wet fido. Het renterisico op de lange schuld bedraagt maximaal de renterisiconorm conform de Wet fido. Overeenkomsten voor het aangaan van financieringen, het uitzetten van middelen en het verlenen van garanties luiden in uitsluitend euro’s om valutarisico’s uit te sluiten. Financiering en garanties Artikel3Uitgangspunten omvang gemeentelijke financiering Er worden grenzen aan het treasurybeleid gesteld door: De gemeente Almelo hanteert integrale financiering in plaats van partiële- of projectfinanciering. Voor grote financieringsprojecten kan hier middels een raadsbesluit van worden afgeweken. Er worden slechts financieringen aangetrokken voor investeringen. Er worden geen financieringen aangetrokken ter financiering van de reguliere gemeentelijke exploitatie-uitgaven Richtlijnen/indicatoren met betrekking tot de omvang van de opgenomen leningenportefeuille en in het verlengde daarvan de financiële positie van de gemeente Almelo worden betrokken bij de het opstellen financieringsparagraaf voor zowel de begroting als de jaarverantwoording. Artikel4Richtlijnen en limieten externe financiering In een lange financieringsbehoefte wordt pas voorzien als de netto-vlottende schuld een omvang bereikt die gelijk is aan de kasgeldlimiet van de Wet fido. Hiervan kan worden afgeweken als: De rente op vaste schuld lager is dan de rente voor vlottende schuld. Er is sprake van een inverse rentestructuur. Wanneer uit de liquiditeitsprognose blijkt dat consolidatie onontkoombaar is en de rentevisie stijgend is. Het nu aantrekken van de lange financiering is voordeliger dan het wachten tot later met het risico dat de rente dan is gestegen. Er redenen zijn om voor een specifiek investeringsproject een projectfinanciering aan te trekken om zo de projectrente te fixeren. In de korte termijn financieringsbehoefte ter afdekking van de netto-vlottende schuld wordt voorzien door het inzetten van rekeningen courant en kasgeldleningen. In een lange financieringsbehoefte wordt voorzien door een of meer leningen aan te trekken, met een zodanige rentetypische looptijd dat het renterisico op de leningenportefeuille voor de komende jaren binnen de renterisiconorm conform de Wet fido komt of blijft. De gemeente Almelo hanteert leningsvormen met een zo laag mogelijk risicoprofiel. Vervroegde aflossing van leningschuld van de gemeente kan plaatsvinden als de contante waarde van de rentebetalingen op een nieuwe lening lager is dan de contante waarde van de rentebetalingen van de oude lening, rekening houdend met de boete, die bij vervroegde aflossing betaald moet worden. Artikel5Afgeleide financiële instrumenten Het gebruik van afgeleide financiële instrumenten (derivaten) is toegestaan; nadat de gemeenteraad conform artikel 169 van de gemeenteraad in de gelegenheid is gesteld wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Voorgaande moet passen binnen de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo). Artikel6Richtlijnen en limieten uitzettingen Overtollige liquide middelen boven het berekende drempelbedrag volgens de regeling schatkistbankieren decentrale overheden, worden aangehouden bij ’s Rijks schatkist of uitgeleend aan mede decentrale overheden voor gebruik binnen het publieke domein. Voor de uitzetting tot aan het zogenaamde drempelbedrag kunnen de volgende producten worden gehanteerd: rekening-courant spaarrekening daggeld deposito’s Uitzettingen in aandelen zijn niet toegestaan behalve voor zover deze gekocht worden in het kader van de uitoefening van de publieke taak. Risico's bij uitzettingen conform lid 2 in vastrentende waarden dienen te worden beperkt door slechts uitzettingen met een looptijd van 3 maanden of langer te doen bij financiële ondernemingen die: gevestigd zijn in een lidstaat die ten minste beschikt over een AA-rating afgegeven door ten minste 2 ratingbureaus; voor henzelf of voor de door hen uitgegeven waardepapieren kan aantonen dat ze ten minste beschikken over AA-minusrating, afgegeven door ten minste twee ratingbureaus. Voor uitzettingen met een looptijd van minder dan 3 maanden geldt dat in afwijking van lid 4b een financiële onderneming moet kunnen aantonen dat waardepapieren met ten minste beschikken een A-rating, afgegeven door ten minste 2 ratingbureaus. Artikel7Gemeenteleningen en gemeentegaranties De gemeente is bereid uit hoofde van de publiek taak geldleningen aan derden te verstrekken of als borg garant te staan conform de afzonderlijk opgestelde “Beleidsregels publieke taak leningen en garanties gemeente Almelo”. Bij besluiten die niet binnen de beleidsregels vallen, vraagt het college vooraf instemming van de raad. Het college informeert in ieder geval vooraf de raad en neemt pas een besluit, nadat de raad in gelegenheid is gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van college te brengen inzake het verstrekken van leningen en garanties groter dan € 300.000,-. Bij het aangaan van leningen of garanties bedingt het college zo veel mogelijk zekerheden. Bij elk besluit tot lening verstrekking stelt het college het verschuldigde rentetarief vast conform het gestelde in de “Beleidsregels publieke taak leningen en garanties gemeente Almelo”. Kasbeheer Artikel8Liquiditeitsbeheer De gemeente beperkt haar liquiditeitsrisico’s door haar treasuryactiviteiten te baseren op een liquiditeitenprognose van minimaal 1 jaar en liquiditeitsplanning van maximaal 4 jaren. De liquiditeitenprognose wordt tussentijds aangepast. Ten einde de kosten van het geldstromenbeheer te minimaliseren is er sprake van concentratie van liquiditeiten binnen één saldo- en rentecompensatiecircuit bij de huisbankier. Artikel 9 Betalingsverkeer Ten einde de verwerkingskosten te minimaliseren loopt het betalingsverkeer van de gemeente in beginsel alleen over bij de huisbankier aangehouden rekeningen. Iedere betaaltransactie wordt door minimaal twee functionarissen uitgevoerd (het vier-ogen-principe). Relatiebeheer Artikel10Relatiebeheer De treasurer onderhoudt namens de gemeente de contacten met de huisbankier en andere financiële instellingen en bemiddelaars over hun tarieven, producten en diensten. Banken waar rekening-courant verhoudingen mee worden aangegaan en waar betalingsverkeer is ondergebracht, dienen minimaal te voldoen aan de eisen gesteld in artikel 6. Financiële instellingen dienen onder Nederlands toezicht, zoals De Nederlandse Bank en de Verzekeringskamer, te vallen of onder vergelijkbaar toezicht vanuit de lidstaten. Tussenpersonen dienen geregistreerd te staan bij de Autoriteit Financiële Markt (AFM). Verantwoordelijkheden en bevoegdheden Artikel11Verantwoordelijkheden en taken Functie Verantwoordelijkheden en taken Gemeenteraad Vaststellen financiële beheersverordening volgens art. 212 Gemeentewet Vaststellen treasurybeleid vervat in het treasurystatuut (kaderstellende rol). Vaststellen financieringsparagraaf in de begroting en in de jaarverantwoording (controlerende rol). Goedkeuren van de te verstrekken leningen en garanties die niet vallen binnen de beleidsregels (zie artikel 7). Evalueren – en zo nodig bijstellen – van het treasurybeleid en het controleren van de uitvoering daarvan. College van burgemeester en Wethouders Het (laten) opstellen van een treasurystatuut Het (doen) uitvoeren van het treasurybeleid zoals vastgelegd in het treasurystatuut tezamen met de treasuryparagraaf (formele verantwoordelijkheid). Vaststellen van nadere richtlijnen binnen de kaders van dit statuut. Het houden van toezicht op het treasurybeleid en de uitvoering hiervan. Sectordirecteur BO Het (laten) uitvoeren van het treasurybeleid Concerncontroller Het toezicht houden op de uitvoering van het treasurybeleid.Het (laten) afleggen van verantwoording aan het college van B&W over de uitvoering van het treasurybeleid. Treasurer (treasuryfunctie) Financiering: Initiëren van financieringstransacties. Adviseren bij en over besluiten tot lening- en garantieverstrekking. Uitvoering: Opstellen en actualiseren van de liquiditeitsplanning. Geven van aanwijzingen aan de sectoren inzake het betalingsverkeer. Voeren van het functioneel applicatiebeheer ten aan zien van het elektronisch betalingsverkeer. Coördineren van het toekennen van autorisatie ten aanzien van het elektronisch betalingsverkeer.Relatiebeheer met financiële instellingen. Control: Monitoren van limieten zoals vastgelegd in treasuryparagraaf. Per kwartaal vindt overleg plaats tussen de concerncontroller en de treasurer inzake de financieringsstrategie en overige treasury activiteiten. \Voeren van ‘control’ op vastleggen gegevens van leningene en garanties. Financiële administratie Registreren van opgenomen en verstrekte leningen en garanties. Verzorgen van betalen van rente en aflossing van opgenomen geldleningen. Innen van rente- en aflossingsverplichtingen op verstrekte leningen. Afdeling AOIC/Externe accountant Vaststellen of de preventieve maatregelen worden nageleefd en de administratieve vastlegging een juiste, volledige en tijdige weergave is van de stand van zaken op enig moment. Controle op de mate waarin de treasury haar doelen realiseert. Artikel12Bevoegdheden Taak Autorisatie Uitvoering Control Financiering (zie artikel 4 en artikel 5treasurystatuut) Het aantrekken van kasgeld-leningen (looptijd < 1 jaar) College B&W Treasurer AOIC Aantrekken van langlopende geldleningen (looptijd >= 1 jaar) College B&W Treasurer AOIC Uitzettingen (artikel 6treasurystatuut) Verrichten van kortlopende uitzettingen (looptijd < 1 jaar). College B&W Treasurer Concerncontroller Verrichten van langlopende uitzettingen (looptijd >= 1 jaar). College B&W Treasurer Concerncontroller Verstrekte leningen en garanties (zie artikel 7 treasurystatuut) Verstrekken van leningen en garanties. College B&W Sectoren met advies vantreasurer Concerncontroller Liquiditeitenbeheer Bankrekeningen openen/sluiten/wijzigen. Concerncontroller Treasurer AOIC Vaststellen/wijzigen bankcondities bij huidige bankrelaties. Concerncontroller Treasurer AOIC Aangaan nieuwe bankrelaties. College van B&W Treasurer Concerncontroller Betalingsverkeer (zie artikel 10 treasurystatuut) Verrichten betaalopdrachten Budgethouder/prestatieverklaarders Financiële administratie AOIC Selecteren betaalinstrumenten Concerncontroller Financiële administratie AOIC Autorisaties verstrekken voor het verrichten betaaltransacties Applicatiebeheerder/treasurer Financiële administratie AOIC Informatievoorziening Artikel13Operationele en verantwoordingsinformatie Informatie Informatieverstrekker Informatieontvanger Frequentie Treasurystatuut Treasurer Gemeenteraad 1x per 4 jaar. Treasuryparagraaf Treasurer Gemeenteraad 2 x per jaar, begro-ting en rekening. Besluiten tot lening en/of garantieverstrekking Treasurer College van B&W Variabel. Treasuryrapportage Treasurer College van B&W 2 x per jaar. Liquiditeitenprognose en -planning Treasurer College van B&W 1 x per jaar + actu-alisatie. Slotbepalingen Artikel14Rechtspositie treasurystatuut Het treasurystatuut is geschreven als uitwerking van artikel 16 uit de Financiële Verordening artikel 212 Gemeentewet zoals vastgesteld in de vergadering 16 december 2014. Artikel15Inwerkingtreding Dit Treasurystatuut treedt in werking na vaststelling door de gemeenteraad in haar vergadering van 12 juli 2016 en vervangt het door het college van Burgemeester en Wethouders vastgestelde Treasurystatuut (en de daarbij behorende handleiding Treasury) gemeente Almelo 2007. Memorie van toelichting Treasurystatuut 2016 gemeente Almelo In deze memorie van toelichting wordt het wettelijke kader voor de treasuryfunctie van de gemeente kort beschreven. Onderliggend Treasurystatuut voldoet aan de wettelijke verplichtingen en opgelegde randvoorwaarden. Wettelijk kader Het wettelijke kader aangaande treasuryfunctie betreft een drietal wetten namelijk: de Gemeentewet Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten (BBV) de Wet financiering en decentrale overheden (fido) en daaruit voortvloeiende regelingen. Ad 1: Gemeentewet In de Gemeentewet staat ten aanzien van treasury het volgende: Artikel 212 van de Gemeentewet stelt dat een verordening moet worden opgesteld waarin o.a. de regels voor de treasuryfunctie zijn opgenomen. In dit Treasurystatuut is de verdere uitwerking van de in deze verordening opgenomen regels met betrekking tot de treasuryfunctie opgenomen. In artikel 160, lid 1e is opgenomen dat het college bevoegd is tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van de gemeente te besluiten. Het college is daarom verantwoordelijk voor een deugdelijke uitvoering van het treasurybeleid en –functie. In artikel 169, lid 4 is hier wel een beperking op aangebracht. Het college behoort geen besluiten te nemen aangaande privaatrechtelijke handelingen indien de raad daarom verzoekt of het besluit ingrijpende gevolgen heeft voor de gemeente. In dit geval moet de raad in staat zijn om vooraf wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen. Vervolgens is in artikel 171 opgenomen dat de burgemeester de gemeente in en buiten rechte vertegenwoordigt en deze bevoegdheid ook over kan dragen aan een door hem aan te wijzen persoon. Ad 2: Besluit Begroting en Verantwoording In het BBV zijn een aantal zaken vermeld ten aanzien van de treasuryfunctie, zijnde: De verplichting tot het opstellen van een financierings/treasuryparagraaf in zowel de begroting als de jaarrekening staat in artikel 9, lid 2d en artikel 26 van het Besluit begroting en verantwoording en (BVV). In artikel 13 is vervolgens vermeld dat in de treasuryparagraaf minimaal de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille moet zijn opgenomen. Ad 3: Wet fido De Wet fido (Financiering Decentrale Overheden) heeft begin 2001 de Wet filo (Financiering Lagere Overheden) uit 1987 vervangen. In 2006 is de wet geëvalueerd en enigszins aangepast. In december 2013 is vervolgens de regelgeving ten aanzien van de verplichting tot schatkistbankieren toegevoegd. Daarnaast gelden, als uitvloeisel van de Wet fido: De uitvoeringsregeling financiering decentrale overheden. De regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden die is aangescherpt naar aanleiding van de problemen met de beleggingen in IJsland uit het najaar van 2008. In 2014 zijn deze regels wederom worden aangepast als gevolg van het beleidskader inzake het gebruik van financiële derivaten door (semi)publieke instelling. De regeling schatkistbankieren decentrale overheden waarin de spelregels zijn vastgelegd ten aanzien van het verplichte aanhouden van overtollige liquide middelen bij ’s Rijks schatkist. De hoofdzaken uit de Wet fido en bijbehorende regelingen zijn: De gemeente gaat slechts leningen aan, zet middelen uit of verleent garanties ten behoeve van de publieke taak. Decentrale overheden kunnen binnen het wettelijke kader zelf bepalen wat zij tot hun publieke taak rekenen. Wel wordt terughoudendheid van de decentrale overheden verwacht en zal door de toezichthouder worden gekeken of de gemeente degelijk motiveert waarom een activiteit tot zijn publieke taak wordt gerekend. Bij het vaststellen van criteria ten aanzien van het begrip en het doel van de publieke taak kunnen de volgende punten in ogenschouw genomen worden: Op die gebieden waar de gemeente geen beleidsvormende c.q. stimulerende taak voor haar ziet weggelegd, worden in beginsel geen garanties/leningen verstrekt; Pas als de raad van mening is dat het doel van de lening of garantie voldoende past in het (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.