Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Brunssum houdende Regeling Klokkenluiders gemeente BrunssumDe raad van de gemeente Brunssum; gelet op het bepaalde in artikel 15:2 van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling/Uitwerkingsovereenkomst gemeente Brunssum, gelet op het instemmende besluit van de Ondernemingsraad d.d. 15 januari 2003; BESLUITEN vast te stellen de navolgende verordening Regeling Klokkenluiders gemeente Brunssum Artikel1Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: ambtenaar: de ambtenaar bedoeld in artikel 1:1, eerste lid, onderdeel a en artikel 1:2, onderdeel a; d; e en f van de Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling/Uitwerkingsovereenkomst gemeente Brunssum; vertrouwenspersoon: functionaris die als zodanig binnen de gemeentelijke organisatie door het college van burgemeester en wethouders van Brunssum is aangewezen; meldpunt: een externe commissie of persoon die als zodanig door de gemeenteraad is aangewezen; vermoeden van een misstand: een op redelijke gronden gebaseerd vermoeden met betrekking tot de gemeentelijke organisatie waar de ambtenaar werkzaam is omtrent: een strafbaar feit; een schending van regelgeving of beleidsregels; het misleiden van justitie; een gevaar voor de volksgezondheid, de veiligheid of het milieu, of het bewust achterhouden van informatie over deze feiten. Interne procedure Artikel2Interne melding 1.De ambtenaar die een vermoeden van een misstand wil melden, doet dit bij zijn direct leidinggevende, diens leidinggevende of de vertrouwenspersoon. 2.De ambtenaar kan de vertrouwenspersoon verzoeken zijn identiteit bij burgemeester en wethouders niet bekend te maken. De ambtenaar kan dit verzoek te allen tijde herroepen. 3.De leidinggevende dan wel de vertrouwenspersoon draagt er zorg voor dat burgemeester en wethouders onverwijld op de hoogte, worden gesteld van een gemeld vermoeden van een misstand en van de datum waarop de melding ontvangen is. 4.Naar aanleiding van de melding van een vermoeden van een misstand stellen burgemeester en wethouders onverwijld een onderzoek in. 5.Burgemeester en wethouders zenden aan de ambtenaar dan wel de vertrouwenspersoon die een vermoeden van een misstand heeft gemeld, een ontvangstbevestiging. De ontvangstbevestiging bevat het gemelde vermoeden van een misstand en het moment waarop de ambtenaar het vermoeden aan de leidinggevende of de vertrouwenspersoon heeft gemeld. Artikel3Standpunt 1.Burgemeester en wethouders stellen de ambtenaar dan wel de vertrouwenspersoon, binnen zes weken schriftelijk op de hoogte van hun standpunt omtrent het gemelde vermoeden van een misstand. 2.Indien het standpunt niet binnen zes weken kan worden gegeven, kunnen burgemeester en wethouders de afhandeling voor ten hoogste vier weken verdagen. Burgemeester en wethouders stellen de ambtenaar dan wel de vertrouwenspersoon hiervan schriftelijk in kennis. Externe procedure Artikel4Het meldpunt 1.De gemeenteraad wijst een of meer personen aan die het meldpunt vormt of vormen. 2.Het meldpunt heeft tot taak een door de ambtenaar gemeld vermoeden van een misstand te onderzoeken en burgemeester en wethouders daaromtrent te adviseren. 3.Indien het meldpunt uit meerdere personen bestaat, is dit altijd een oneven aantal, inclusief de voorzitter. Tevens kunnen in dat geval een secretaris, een plaatsvervangend voorzitter en andere plaatsvervangende leden worden benoemd. Zij beslissen bij gewone meerderheid van stemmen. Artikel5Melding bij het meldpunt 1.De ambtenaar kan het vermoeden van een misstand binnen redelijke termijn melden bij het meldpunt, indien: hij het niet eens is met het standpunt bedoeld in artikel 3; hij geen standpunt ontvangen heeft binnen de termijnen bedoeld in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.