← Nederland

Verordening Tegemoetkoming Kosten Kinderopvang gemeente Bronckhorst 2005 (Bronckhorst)

Verordening Tegemoetkoming Kosten Kinderopvang gemeente Bronckhorst 2005Verordening Tegemoetkoming Kosten Kinderopvang gemeente Bronckhorst 2005 De raad van de gemeente Bronckhorst; gelezen het voorstel van het college van 22 februari 2005; nr. 22, inzake wet kinderopvang; gelet op artikel 25 van de Wet kinderopvang; overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening en de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van kinderopvang bij verordening te regelen; besluit in te trekken de verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang gemeente Hengelo Gld., Hummelo en Keppel, Steenderen, Vorden en Zelhem; en besluit vast te stellen de volgende verordening: Hoofdstuk1ALGEMENE BEPALINGEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: het college: het college van burgemeester en wethouders; de wet: de Wet kinderopvang; Hoofdstuk2VASTSTELLING NOODZAAK VAN KINDEROPVANG OP GROND VAN SOCIAAL-MEDISCHE INDICATIE Artikel2Te verstrekken gegevens 1Een aanvraag tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie als bedoeld in artikel 23 van de wet bevat in ieder geval de volgende gegevens: naam en adres van de ouder; indien van toepassing: naam van de partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner; naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de aanvraag betrekking heeft; overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming. 2Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 3Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend door de partner. Artikel3Beslistermijn 1Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst van alle benodigde gegevens. 2Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het college stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis. Artikel4Inhoud van de beschikking Het besluit tot vaststelling van de noodzaak van kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie bevat in ieder geval: de geldigheidsduur van de indicatie; de omvang van de kinderopvang die noodzakelijk wordt geacht. Artikel5Weigeringsgronden Het college weigert de noodzaak van kinderopvang op grond van een sociaal-medische indicatie vast te stellen indien: de ouder en de partner reeds een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang ontvangt of kan ontvangen; of de ouder of de partner niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel 6, eerste lid, onderdeel k of l van de wet. Hoofdstuk3AANVRAAG VAN DE TEGEMOETKOMING Artikel6Te verstrekken gegevens bij de aanvraag 1Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bevat: naam, adres en sofi-nummer van de ouder; indien van toepassing: naam en sofi-nummer van de partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner; naam, geboortedatum en sofi-nummer van het kind of de kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming betrekking heeft; een offerte of contract van het kindercentrum of gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang per kind, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de opvang; e. gegevens of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt dat de ouder behoort tot de groep personen als bedoeld in artikel 22 van de wet; f. overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming. 2Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier. 3Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend door de partner. Hoofdstuk4VERLENING VAN DE TEGEMOETKOMING Artikel7Het besluit tot verlenen van de tegemoetkoming 1Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst van alle benodigde gegevens. 2Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis. Artikel8Weigeringsgrond 1Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot de personen als bedoeld in artikel 22 van de wet. 2Als de partner geen arbeid verricht, weigeren burgemeester en wethouders vorengenoemde tegemoetkoming. Artikel9Ingangsdatum van de tegemoetkoming 1De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is genomen. 2Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de kinderopvang zal plaatsvinden. 3Met inachtneming van lid 1 en 2 wordt geen tegemoetkoming verleend van kinderopvang die vóór 1 januari 2005 plaatsvond. Artikel10De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend 1De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een kalenderjaar. 2In afwijking van het eerste lid kan het college de tegemoetkoming voor een andere periode verlenen. Artikel11Omvang van de kinderopvang 1Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren kinderopvang dat door de ouder is aangevraagd. 2In afwijking van het eerste lid verleent het college bij een ouder als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel a, of tweede lid, onderdeel a, van de wet de tegemoetkoming voor het aantal uren kinderopvang dat naar zijn oordeel redelijkerwijs noodzakelijk is voor de combinatie van arbeid en zorg. Artikel12Inhoud van de beschikking Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bevat in ieder geval: de vaststelling tot welke van de gemeentelijke doelgroepen de ouder behoort; de naam en geboortedatum van het kind of de kinderen waarop de tegemoetkoming betrekking heeft; de naam en adres van het kindercentrum of gastouderbureau waar de kinderopvang plaatsvindt; de periode en de omvang van de kinderopvang per tijdvak waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend; de wijze waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt bepaald en het bedrag dat op basis hiervan wordt verleend; de wijze waarop de tegemoetkoming wordt uitbetaald; de verplichtingen van de ouder. Artikel13De bevoorschotting van de tegemoetkoming 1De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in maandelijkse termijnen uitbetaald. 2Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze van bevoorschotting. Hoofdstuk5VASTSTELLING VAN DE TEGEMOETKOMING Artikel14Het besluit tot vaststelling van de tegemoetkoming 1De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode. 2Het college stelt de tegemoetkoming binnen acht weken na ontvangst van het overzicht van de kosten vast. Artikel15Verrekening met de voorschotten De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten. Hoofdstuk6VERPLICHTINGEN VAN DE OUDER Artikel16Inlichtingenplicht 1De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het bekend worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling van inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de vaststelling van een lagere tegemoetkoming. 2De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het college, binnen een door het college te stellen redelijke termijn, alle gegevens en inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak op en de hoogte van de tegemoetkoming van de gemeente van belang zijn. 3Het onvoldoende nakomen of het nalaten van deze informatieplicht kan leiden tot het wijzigen of intrekken van de beschikking tot verlening van de tegemoetkoming, het opschorten van de bevoorschotting, het intrekken of wijzigen van de beschikking tot subsidievaststelling, het terugvorderen van de tegemoetkoming danwel het opleggen van een bestuurlijke boete door het college. Hoofdstuk7SLOTBEPALINGEN Artikel17Inwerkingtreding 1Deze verordening treedt in werking 8 dagen na die waarop zij is bekendgemaakt 2In afwijking van het eerste lid treedt paragraaf 2 van deze verordening in werking op het moment dat artikel 23 van de Wet kinderopvang in werking treedt. Artikel18Hardheidsclausule In situaties waarin de bepalingen van deze verordening niet voorziet, nemen burgemeester en wethouders een beslissing die hen goeddunkt. Artikel19Citeertitel De verordening wordt aangehaald als: Verordening Tegemoetkoming Kosten Kinderopvang (VTKK) 2005 gemeente Bronckhorst. Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 24 maart 2005 De griffier, de voorzitter, Toelichting Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang - toelichting

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.