Verordening bezwaarschriftencommissie personeelszaken GGD Noord- en Oost-GelderlandHet algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter van GGD Noord- en Oost-Gelderland; ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; gelet op gelet op artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht; BESLUIT vast te stellen de volgende verordening: Verordening bezwaarschriftencommissie personeelszaken GGD Noord- en Oost-Gelderland Artikel1.Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Awb: Algemene wet bestuursrecht; commissie: bezwaarschriftencommissie personeelszaken; secretaris: de secretaris van de bezwaarschriftencommissie personeelszaken; verwerende orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen. Artikel2.Commissie Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van het dagelijks bestuur en algemeen bestuur over personele aangelegenheden. Artikel3.Samenstelling van de commissie De commissie is als volgt samengesteld: een lid aan te wijzen door het dagelijks bestuur, niet zijnde een bestuurder van de GGD of anderszins werkzaam (geweest) bij of voor de GGD; een lid aan te wijzen door de werknemersorganisaties, niet werkzaam (geweest) bij of voor de GGD en niet zijnde (geweest) een vaste adviseur van de ondernemingsraad of van het Georganiseerd Overleg; een voorzitter, aan te wijzen door de leden onder a en b, niet in enige verhouding werkzaam (geweest) bij of voor de GGD. De leden van de commissie worden benoemd, geschorst en ontslagen door het dagelijks bestuur, op aanbeveling van de onderscheidenlijke organisaties, zoals aangegeven in het eerste lid. Het dagelijks bestuur benoemt een aantal plaatsvervangende leden. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter. Artikel4.Secretaris Het dagelijks bestuur wijst de secretaris van de commissie aan. Het dagelijks bestuur kan een of meer plaatsvervangers van de secretaris aanwijzen. Artikel5.Zittingsduur De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van drie jaar. Zij zijn bij hun aftreden opnieuw benoembaar. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk melding aan het dagelijks bestuur. De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen tot dat in de opvolging is voorzien. Artikel6.Ingediend bezwaarschrift Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld. Artikel7Bemiddeling De commissie kan onderzoeken of de zaak in de minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen. Artikel8.Uitoefening bevoegdheden De bevoegdheden op grond van de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie: artikel 2:1, tweede lid; artikel 6:6, wat betreft het aan de indiener stellen van een termijn; artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; artikel, 7:4, tweede lid; artikel 7:6, vierde lid. Artikel9.Vooronderzoek De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden is vooraf machtiging van het dagelijks bestuur vereist. Artikel10.Hoorzitting De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerende orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerende orgaan. Artikel11.Uitnodiging zitting De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerende orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit; Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerende orgaan onder opgave van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerende orgaan meegedeeld. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid. Artikel12.Quorum Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger, aanwezig is. Artikel13.Niet-deelneming aan de behandeling De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van het bezwaarschrift, indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn. Zij laten zich zo nodig vervangen. Artikel14.Openbaarheid zitting De zitting van de commissie is niet openbaar. Artikel15.Verslaglegging Het verslag van de hoorzitting als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb kan zowel schriftelijk als digitaal worden vastgelegd. Het verslag van de hoorzitting als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb bestaat in de regel uit een digitale geluidsopname, die op verzoek aan de belanghebbende(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.