Verordening op de heffing en de invordering van leges 2018 (Legesverordening 2018). De raad van de gemeente Ameland; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 november 2017, gelet op de artikelen 156, tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b van de Gemeentewet. BESLUIT Vast te stellen: Artikel1Begripsomschrijvingen Deze verordening verstaat onder: a. dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt; b. week: een aaneengesloten periode van zeven dagen; c. maand: het tijdvak dat loopt van 1e dag in een kalendermaand tot de 1e dag in de volgende kalendermaand; d. jaar: het tijdvak dat loopt van de 1e dag in een kalenderjaar tot de 1e dag in het volgende kalenderjaar; e. kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december. Artikel2Belastbaar feit Onder de naam "leges" worden rechten geheven voor: a. het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten; b. het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument; een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel. Artikel3Belastingplicht Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht. Artikel4Vrijstellingen Voor zover daarin niet reeds op andere plaatsen van deze verordening is voorzien, zijn geen leges verschuldigd voor: a. het afgeven van bewijzen van onvermogen; b. het afgeven van stukken, nodig voor de ontvangst van pensioenen, lijfrenten, wachtgelden, loon, bezoldiging en dergelijke; c. de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan houdende:
(2013)e.d. en van de ontwikkeling van gemeentelijk welstandsbeleid, kan Hûs en Hiem op verzoek van de gemeente adviezen verstrekken, waardoor een uurtarief wordt berekend van: € 102,00 Dit uurtarief geldt eveneens voor deelname aan kwaliteitsteams. 2.3.1.3 Beoordeling brandveiligheid door externen Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de brandveiligheid wordt beoordeeld door externen: 1,3% van de bouwkosten met een minimumtarief van: € 248,85 en een maximumtarief van: € 1.157,60 2.3.1.4 Achteraf ingediende aanvraag Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 wordt dit tarief verhoogd met 15% van de verschuldigde leges, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit: 2.3.2 Aanlegactiviteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief: 1,3% van de aanlegkosten, met een minimum van: € 181,05 2.3.3 Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1: 2.3.3.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): € 318,95 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.2 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking): € 510,50 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking): € 3.307,50 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.4 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): € 295,45 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.5 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): € 295,45 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.6 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): € 295,45 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag; 2.3.3.7 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): € 295,45 van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag. 2.3.4 Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.4.1 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): € 318,95 2.3.4.2 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking): € 510,50 2.3.4.3 indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking): € 3.307,50 2.3.4.4 indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan): € 295,45 2.3.4.5 indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving): € 295,45 2.3.4.6 indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving): € 295,45 2.3.4.7 indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit): € 295,45 2.3.5 In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid 2.3.5.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo (brandveilig gebruik) bedraagt het tarief: € 313,20 vermeerderd met een bedrag per gebruiksoppervlakte 2.3.5.2 tot 100 m2: € 237,05 2.3.5.3 van 100 tot 500 m2 een bedrag per m2: € 2,30 2.3.5.4 van 500 tot 2.000 m2 een vast bedrag: € 726,30 2.3.5.4.1 vermeerderd met een bedrag per vierkante meter gebruiksoppervlakte: € 0,90 2.3.5.5 van 2.000 tot 5.000 m2 een vast bedrag: € 1.992,90 2.3.5.5.1 vermeerderd met een bedrag per vierkante meter gebruiksoppervlakte: € 0,30 2.3.5.6 van 5.000 tot 50.000 m2 een vast bedrag: € 2.813,90 2.3.5.6.1 vermeerderd met een bedrag per vierkante meter gebruiksoppervlakte: € 0,20 2.3.5.7 groter dan 50.000 m2 een vast bedrag: € 3.866,70 2.3.5.7.1 vermeerderd met een bedrag per vierkante meter gebruiksoppervlakte: € 0,20 2.3.5.8 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van advies indien het plan niet ontvankelijk is of bijstelling noodzakelijk is, per half uur of gedeelte daarvan: € 38,85 2.3.5.9 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een overschrijving van een omgevingsvergunning voor de activiteit brandveilig gebruik: € 77,85 2.3.5.10 Indien een afgegeven omgevingsvergunning voor de activiteit brandveilig gebruik moet worden gewijzigd ten gevolge van verbouw waarbij geen sprake is van wijziging van bestemming, en /of toename van de aanvankelijk bestaande vloeroppervlakte, wordt ter verkrijging van een aangepaste omgevingsvergunning een bedrag geheven waarbij de berekening plaatsvindt op basis van het aantal vierkante meters vloeroppervlakte waarbij de verbouw, toe- of afname betrekking heeft. 2.3.5.11 Indien de aanvrager van een omgevingsvergunning voor de activiteit brandveilig gebruik, voordat daarover definitief is beschikt, de aanvraag schriftelijk intrekt, wordt het te heffen bedrag aan leges met 50% verminderd. 2.3.6 Activiteiten met betrekking tot monumenten c.q. beeldbepalende panden en beschermde stads- of dorpsgezichten 2.3.6.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, krachtens de Monumentenverordening aangewezen gemeentelijk monument c.q. beeldbepalend pand, waarvoor op grond van die verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief: 2.3.6.1.1 voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een rijks- of gemeentelijk monument c.q. beeldbepalend pand: € 288,90 2.3.6.1.2 voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht: € 288,90 2.3.6.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 288,90 2.3.7 Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht 2.3.7.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk, bedraagt het tarief: 2.3.7.1.1 in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo: € 144,45 2.3.7.2 Asbesthoudende materialen Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.7.1.1 bedraagt het tarief, indien de in die onderdelen bedoelde aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk waarin asbest of een asbesthoudend product aanwezig is: € 144,45 2.3.8 Aanleggen of veranderen weg Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 144,45 2.3.9 Kappen Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand (kappen), waarvoor op grond van artikel 4:11 en 4:12a van de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 52,25 2.3.10 Natura 2000-activiteiten Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit), bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten: Nihil 2.3.11 Handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming (bescherming van soorten) Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit), bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten: Nihil 2.3.12 Andere activiteiten Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling: 2.3.12.1 behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief: € 295,45 2.3.12.2 behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.12.2.1 als het een gemeentelijke verordening betreft: € 295,45 2.3.12.2.2 als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: € 295,45 2.3.13 Omgevingsvergunning in twee fasen Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief: 2.3.13.1 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft; 2.3.13.2 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft. 2.3.14 Beoordeling bodemrapport Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld: 2.3.14.1 voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport: € 144,45 2.3.14.2 voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport: € 144,45 2.3.15 Advies Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: € 221,55 2.3.16 Verklaring van geen bedenkingen 2.3.16.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo: 2.3.16.1.1 indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: € 147,65 2.3.16.1.2 indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: € 295,45 Hoofdstuk 4 Vermindering 2.4.1 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg, beoordeling van een conceptaanvraag of van een beginseluitspraak als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk
- 2.4.2 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg, beoordeling van een conceptaanvraag of van een beginseluitspraak als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, niet binnen 1 jaar wordt aangevraagd, vervalt het recht op vermindering als genoemd in artikel 2.4.
- Hoofdstuk 5 Teruggaaf 2.5.1 Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 75% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. 2.5.2 Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 26 weken na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: 25% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. 2.5.3 Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten 2.5.3.1 Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges. 2.5.3.2 Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak. 2.5.4 Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.15 en 2.3.16 wordt geen teruggaaf verleend. Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning 2.6 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is: € 144,45 Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project 2.7 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project: 1,3% over de meerkosten ten opzichte van de oorspronkelijke omgevingsvergunning, met een minimumtarief van: € 93,70 Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten 2.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening € 3.307,50 2.8.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening: € 1.157,60 Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking 2.9 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking: € 295,45 Hoofdstuk 10 Overig 2.10 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een set aanvraagformulieren voor een omgevingsvergunning: € 10,65 Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2 Hoofdstuk 1 Horeca 1.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van: 1.1.1 een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet: € 927,95 1.1.2 een aanvraag tot het verlenen van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening: € 438,00 1.1.3 een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:29, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening: € 251,80 1.1.4 een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet: € 143,75 1.1.5 een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Drank- en Horecawet: € 26,65 1.1.6 een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet: € 150,45 Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten 2.1 Het tarief bedraagt: 2.1.1 voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, voor 2.1.1.1 een bestaand evenement, categorie 1 (lichte categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 26,65 2.1.1.2 een nieuw evenement, categorie 1 (lichte categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 100,55 2.1.1.3 een bestaand evenement, categorie 2 (middelzware categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 100,55 2.1.1.4 een nieuw evenement, categorie 2 (middelzware categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 150,45 2.1.1.5 een bestaand evenement, categorie 3 (zware categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 150,45 2.1.1.6 een nieuw evenement, categorie 3 (zware categorie) als bedoeld in het evenementenbeleid van de gemeente Ameland: € 336,45 2.1.1.7 voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een melding voor het organiseren van een klein evenement, dat voldoet aan de eisen als bedoeld in artikel 2:25, tweede lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening, worden geen leges geheven. 2.2 Vrijstelling van het betalen van leges kan worden verleend voor: 2.2.1 het in behandeling nemen van een aanvraag voor een dienstverlening zoals genoemd in onderdeel 2.1, voor zover deze aanvraag is gedaan door een charitatieve of algemeen nut beogende instelling danwel een daaraan gelijk te stelling instelling. 2.2.2 de vrijstelling van leges voor het in behandeling nemen van de onder onderdeel 2.1.1 genoemde aanvragen geldt voor alle aan de dienstverlening gerelateerde vergunningen of ontheffingen. 2.2.3 bij twijfel of een instelling vrijgesteld kan worden voor het betalen van leges, beslist het college hierover. Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven 3.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3:4 van de Algemene Plaatselijke Verordening, voor het exploiteren van een seksinrichting of escortbedrijf: € 928,55 Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014 4.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag: 4.1.1 tot het verlenen van een vergunning voor het onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a, van de Huisvestingswet 2014 € 410,95 4.1.2 tot het verlenen van een vergunning voor het samenvoegenvan woonruimte met andere woonruimte, als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder b, van de Huisvestingswet 2014 € 410,95 4.1.3 tot het verlenen van een vergunning voor het omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder c, van de Huisvestingswet 2014 € 410,95 4.1.4 tot het verlenen van een vergunning voor het verbouwen van woonruimte tot twee of meer woonruimten als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder d, van de Huisvestingswet 2014 € 410,95 4.1.5 tot het verlenen van een splitsingsvergunning als bedoeld in artikel 22 van de Huisvestingswet 2014 € 410,95 4.2 Indien na het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in 4.1.1 tot en met 4.1.5 deze aanvraag wordt ingetrokken, wordt op aanvraag teruggaaf van 25% van de geheven leges verleend. 4.3 Indien een aanvraag als bedoeld in 4.1.1 tot en met 4.1.5 wordt geweigerd, wordt teruggaaf van 25% van de geheven leges verleend. Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening 5.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 2 van de Brandbeveiligingsverordening gemeente Ameland 2012 5.1.1 voor een niet-bebouwd voor bedrijfsdoeleinden bestemd terrein 5.1.1.1 tot 500 m2: € 226,55 5.1.1.2 van 500 tot 1.000 m2: € 298,95 5.1.1.3 van 1.000 tot 2.000 m2: € 339,95 5.1.1.4 van 2.000 tot 5.000 m2: € 373,30 5.1.1.5 groter dan 5.000 m2 een vast bedrag: € 373,30 5.1.1.6 vermeerderd met een bedrag voor elke 5.000 m2 of gedeelte daarvan boven 5.000 m2: € 74,15 5.2 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van advies indien het plan niet ontvankelijk is of bijstelling noodzakelijk is, per half uur of gedeelte daarvan: € 37,00 Hoofdstuk 6 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 6.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking € 100,55 Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 19 december
- De raad voornoemd, de griffier de voorzitter, Artikelgewijze toelichting tarieventabel Titel 1, H. 5Geschreven en gedrukte stukken, afschriften, fotokopieën en dergelijke In dit artikel gaat het om het in behandeling nemen van een aanvraag voor een afschrift van een bestaand stuk. Dit kan elk document zijn, fysiek aanwezig, of digitaal beschikbaar, tenzij er in deze verordening al een bepaling over dat specifieke document is opgenomen. Het kan dus ook gaan om een afschrift van een eigen stuk van de aanvrager. Het woord afschrift wordt ook in de breedst mogelijk zin beschouwd. Het kan dus gaan om een kopie, een uitdraai c.q. printje van een document of deel van een document, een lichtdruk, etc. De in dit artikel genoemde tarieven gelden voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot zowel het fysiek, als digitaal afgeven en/of verstrekken van afschriften. Hiermee wordt het volgende bedoeld. Het in fysieke vorm verstrekken van afschriften betekent het verrichten van werkzaamheden (printen, kopiëren afgeven, frankeren, versturen, etc.). Bovendien worden kosten gemaakt die met deze activiteit samenhangen (papier inkt, apparatuur). De tarieven zijn bedoeld om al deze kosten te dekken. Het digitaal verstrekken van afschriften betekent eveneens dat werkzaamheden moeten worden verricht. Meestal betekent dit het mailen van bestanden, of iets dergelijks, waarvoor documenten moeten worden gescand, soms eerst gekopieerd, etc. De tarieven zijn bedoeld om ook de kosten die hiermee samenhangen te dekken. Waar in dat geval niet op wordt gedoeld zijn stukken die uit hoofde van de publieke functie van de gemeente al digitaal beschikbaar zijn en in het algemeen ook al via de website kunnen worden opgevraagd. Hiervoor worden logischerwijze geen leges in rekening gebracht. Waar in dit artikel niet op wordt gedoeld zijn stukken die moeten worden samengesteld. De tarieven die daarmee samenhangen zijn aangegeven in hoofdstuk 9 van de tarieventabel. Titel 1, H. 9Nasporingen Wanneer de gemeente het verzoek krijgt om nasporingen te verrichten, inlichtingen te verstrekken en dergelijke kost dit tijd. Het gaat hier in het algemeen om niet standaard werkzaamheden, waar soms analyses gemaakt moeten worden, zaken aan elkaar gerelateerd moeten worden, overzichten opgesteld moeten worden, met andere woorden, werkzaamheden die buiten de normale werkprocessen vallen en daarmee nogal tijdrovend zijn. Verzoeken om dit soort werkzaamheden te verrichten kunnen enkelvoudig zijn of een meer samengesteld karakter hebben. Om discussies over de aard van het verzoek, of de hoeveelheid verzoeken of opdrachten te voorkomen, is in de tariefstelling een onderscheid gemaakt in werkzaamheden waaraan maximaal een uur tijd wordt besteed en verzoeken die meer tijd kosten.