← Nederland

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oegstgeest houdende regels omtrent maatschappelijke ondersteuning Besluit maats

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oegstgeest houdende regels omtrent maatschappelijke ondersteuning Besluit maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2018Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oegstgeest; gelet op artikel 5.2 en 10.3 van de Verordening Maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2015 b e s l u i t: Vast te stellen het Besluit maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2018 Hoofdstuk1Hoogte tarieven persoonsgebonden budget Artikel1.Algemeen Lid

  1. Het persoonsgebonden budget voor maatwerkvoorzieningen dient in beginsel toereikend en vergelijkbaar te zijn met een voorziening in natura. Lid
  2. Er is sprake van een gedifferentieerde tariefstelling voor inkoop via non-professionele hulp ,(niet beroepsmatige hulp die wordt geleverd door mensen uit de eigen omgeving of het eigen netwerk), en via professionele hulp die wordt geleverd door een ter zake kundig gediplomeerde zelfstandige zonder personeel (zzp-er) of eenmansbedrijf en professionele hulp die wordt ingekocht bij een instelling. Lid
  3. In de regel wordt voor maatwerkvoorzieningen genoemd in artikel 2 t/m 7 de volgende gedifferentieerde tariefstelling gehanteerd: Non- professional (informeel) 50% van het tarief dat bij zorg in natura word gehanteerd Professional (zzp) 80% van het tarief dat in zorg in natura word gehanteerd Professional (instelling) 90% van het tarief dat in zorg in natura word gehanteerd Lid
  4. In afwijking van lid 3 wordt bij huishoudelijke ondersteuning voor non- professionele ondersteuning door iemand uit het netwerk een rekenuurtarief van € 14,00 gehanteerd. Deze vorm van ondersteuning kan vallen onder de Regeling Dienstverlening aan Huis. Deze regeling houdt in dat geen loonbelasting, premie volksverzekeringen en premies werknemersverzekeringen hoeft te worden ingehouden of afgedragen. Voor professionele ondersteuning door een zzp-er wordt een rekenuurtarief van € 17,50 gehanteerd, op basis van een Alphahulp via een formele stichting of een schoonmaakbedrijf. Lid
  5. Bij groepsbegeleiding wordt bij de berekening van het pgb gerekend met het in lid 3 genoemde percentage van het dagdeeltarief in natura, vermenigvuldigd met het midden van de bandbreedte van de gehanteerde intensiteit. Hoofdstuk2Bedragen persoonsgebonden budget voor maatwerkvoorzieningen WMO persoonsgebonden budget Artikel2Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Huishoudelijke Ondersteuning Lid
  6. De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Huishoudelijke ondersteuning basis, speciaal en thuisondersteuning luiden per periode van vier weken: Omschrijving Informeel Zzp Instelling Huishoudelijke Ondersteuning Basis € 135,75 € 169,50 € 207,00 Huishoudelijke Ondersteuning Basis intensief € 244,75 € 305,75 € 373,50 Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal € 166,00 € 207,50 € 288,00 Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal intensief € 282,50 € 353,25 € 490,50 Thuisondersteuning € 221,00 € 276,25 € 405,00 Thuisondersteuning intensief € 339,00 € 423,75 € 621,00 Artikel3Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Begeleiding Individueel Lid
  7. De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Individuele begeleiding luiden per periode van vier weken: Omschrijving Informeel Zzp Instelling Begeleiding Individueel Basis licht € 122,50 € 196,00 € 220,50 Begeleiding Individueel Basis midden € 290,00 € 464,00 € 522,00 Begeleiding Individueel Basis zwaar € 455,00 € 728,00 € 819,00 Begeleiding Individueel Speciaal licht € 122,50 € 280,00 € 315,00 Begeleiding Individueel Speciaal midden € 290,00 € 656,00 € 738,00 Begeleiding Individueel Speciaal zwaar € 455,00 € 1.032,00 € 1.161,00 Artikel4Bedragen voor het persoonsgebonden budget voor Begeleiding groep Lid
  8. De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor groepsbegeleiding luiden per periode van vier weken: Omschrijving Informeel Zzp Instelling Begeleiding groep Basis nvt € 251,50 € 283,00 Begeleiding groep basis (incl vervoer) nvt € 309,75 € 341,25 Begeleiding groep Basis (intensief) nvt € 628,75 € 707,50 Begeleiding groep basis (intensief en incl vervoer) nvt € 774,25 € 853,00 Begeleiding groep Speciaal nvt € 380,25 € 427,75 Begeleiding groep Speciaal (incl vervoer) nvt € 438,25 € 492,50 Begeleiding groep Speciaal (Intensief) nvt € 950,50 € 1.069,25 Begeleiding groep Speciaal (intensief en incl vervoer) nvt € 1.096,00 € 1.231,25 Artikel5Bedragen voor het persoonsgebonden budget overige maatwerkvoorzieningen Lid
  9. De bedragen voor het persoonsgebonden budget voor overige maatwerkvoorzieningen luiden: Omschrijving Informeel Zzp Instelling Kortdurend verblijf (per etmaal, max. 52/kalenderjaar) € 60,00 € 96,00 € 108,00 Maaltijdvoorbereiding (per uur) € 14,00 € 17,50 € 21,50 Kindverzorging (per uur) € 14,00 € 17,50 € 21,50 Lijfgebonden ondersteuning (per uur) € 22,50 € 36,00 € 40,50 Lid
  10. Indien met de bedragen genoemd in artikel 2, 3 en 4 niet het gewenste resultaat bereikt wordt binnen de maximaal gestelde uren/dagdelen, kan op basis van individueel maatwerk tot een oplossing worden gekomen. Hiervoor worden de pgb tarieven verhoogd met de volgende tarieven per uur/dagdeel: Omschrijving Informeel Zzp Instelling Huishoudelijke ondersteuning Basis € 14,00 € 17,50 € 21,50 Huishoudelijke ondersteuning Speciaal € 14,00 € 17,50 € 24,25 Thuisondersteuning € 14,00 € 17,50 € 25,75 Begeleiding Individueel Basis extra zwaar € 22,50 € 36,00 € 40,50 Begeleiding Individueel Speciaal extra zwaar nvt € 51,00 € 57,25 Begeleiding groep basis (per dagdeel) nvt € 21,00 € 23,50 Begeleiding groep basis met vervoer (per dagdeel) nvt € 25,75 € 28,50 Begeleiding groep speciaal (per dagdeel) nvt € 31,75 € 35,75 Begeleiding groep speciaal met vervoer (per dagdeel) nvt € 36,50 € 41,00 Artikel6Omvang van het persoonsgebonden budget bij koop en huur van hulpmiddelen Lid
  11. Het persoonsgebonden budget voor een hulpmiddel omvat twee bestanddelen: een eenmalige vergoeding voor de aanschaf inclusief standaard fabrieksopties en een jaarlijkse tegemoetkoming in de kosten van onderhoud, reparatie en eventueel verzekering. Het persoonsgebonden budget is gebaseerd op de goedkoopste huurprijs van de betreffende categorie bij de gecontracteerde aanbieders opgeteld tot de geldende afschrijvingsperiode en verminderd met 35% overhead. Het persoonsgebonden budget bedraagt, rekening houdend met de kosten voor verzekering en onderhoud voor de gehele gebruiksperiode, als bedoeld in het tweede lid, ten hoogste: SOORT VOORZIENING Totaal duwwandelwagen voor continu gebruik € 3.000 handbewogen rolstoel voor incidenteel/kortdurend gebruik € 525 handbewogen rolstoel voor (semi-)permanent/algemeen gebruik € 1.850 handbewogen rolstoel voor actief gebruik € 3.200 scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (8 km/uur) € 2.675 scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (10 km/uur) € 3.400 scootmobiel voor langere afstanden en intensief gebruik (15 km/uur) € 4.200 Lid
  12. Indien de inwoner het persoonsgebonden budget aanwendt voor het huren van een hulpmiddel ontvangt hij per kalenderjaar het in het eerste lid genoemde totaalbedrag (A+B), gedeeld door het aantal gebruiksjaren (voor een hulpmiddel 7). Lid
  13. De restwaarde van het hulpmiddel wordt als volgt bepaald: Bij verhuizing of overlijden of niet meer adequaat zijn van de voorziening Restwaarde als percentage van het verstrekte aanschafgedeelte van het persoonsgebonden budget Eerste jaar 60% Tweede jaar 50% Derde jaar 40% Vierde jaar 30% Vijfde jaar 20% Zesde jaar 10% Zevende jaar 0% Artikel7Primaat van verhuizen. Het primaat van verhuizen kan worden toegepast indien de kosten van een noodzakelijke woningaanpassing hoger zijn dan € 10.000,
  14. Als het primaat van toepassing is, kan zonder aparte aanvraag een maatwerkvoorziening in de vorm van een vergoeding in de meerkosten (verhuiskosten) worden verstrekt. De cliënt kan voor een maatwerkvoorziening in de vorm van een woningaanpassing in aanmerking komen indien blijkt dat het primaat van de verhuizing niet binnen een redelijke en/of medische aanvaardbare termijn realiseerbaar is. Artikel8.Restwaarde maatwerkvoorziening in de vorm van een uitbouw Indien een maatwerkvoorziening is verstrekt in de vorm van een uitbouw aan de woning, die eigendom is van de inwoner, kan er vanuit worden gegaan dat de woning in waarde is gestegen. Daarom dienen de door de gemeente gesubsidieerde kosten bij verkoop van de woning te worden terugbetaald volgens het afschrijvingsschema overeenkomstig het schema in artikel 8 lid
  15. Hoofdstuk3overgangsregelingen persoonsgebonden budget Artikel9Overgangsregeling persoonsgebonden budget. Lid
  16. Voor cliënten met een indicatie voor: huishoudelijke ondersteuning; begeleiding individueel; begeleiding groep; kortdurend verblijf; maaltijdvoorbereiding; kindverzorging; lijfgebonden ondersteuning; ingaande vóór 1 januari 2018 blijft het Besluit maatschappelijke ondersteuning 2017 van toepassing tot 31 december 2018 of tot zoveel eerder op het moment dat deze indicatie, al dan niet vanwege een nieuwe aanvraag, wordt verlengd, gewijzigd of is komen te vervallen. Hoofdstuk4Bedragen maatwerkvoorzieningen voor vervoer Artikel10.Bedragen Collectief Vraagafhankelijk Vervoer Lid
  17. De vergoeding voor het Collectief Vraagafhankelijk Vervoer (CVV) bedraagt op jaarbasis in principe: a. voor gebruik van het CVV 384 zones b. voor vervoer vrij besteedbaar € 288,00 Lid
  18. Personen die een maatwerkvoorziening ontvangen in de vorm van het CVV, moeten een bijdrage betalen in het CVV. Het OV chip-tarief bedraagt € 0,74 per zone voor 65- en € 0,48 voor 65+. Artikel11.Bedragen maatwerkvoorzieningen vervoer Lid
  19. De vergoeding voor verschillende maatwerkvoorzieningen voor vervoer bedragen op jaarbasis maximaal: voor vervoer per taxi € 1.884,00 voor een combinatie van taxi en vervoer met de eigen auto € 1.230,00 voor taxi € 942,00 plus voor vervoer met de eigen auto € 288,00 voor een rolstoeltaxi € 2.832,00 voor een voor rolstoelgebruik aangepast vervoermiddel € 576,00 voor een combinatie van c en d: voor de rolstoeltaxi (1.000 kilometer) € 1.416,00 plus voor rolstoelgebruik aangepast vervoermiddel (1.000 kilometer) € 288,00 Voor een bruikleenauto/buitenwagen met verbrandingsmotor € 240,00 Lid
  20. De hoogte van de bedragen wordt voor inwoners tot 16 jaar gesteld op een percentage van de in het eerste lid genoemde bedragen op: 0% voor aanvragers tot 4 jaar; 25% voor aanvragers van 4 tot 6 jaar; 50% voor aanvragers van 6 tot 12 jaar; en 75% voor aanvragers van 12 tot 16 jaar. Lid
  21. Voor zover echtgenoten of partners beiden in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening vervoer dan wel voor het CVV en tenminste één van hen kan geen gebruik maken van het CVV, wordt aan elk van hen een percentage (50% dan wel 75%, afhankelijk van de gezamenlijke vervoersbehoefte) van het maximumbedrag voor vervoer per reguliere taxi toegekend. Partners zijn personen die meerderjarig zijn en getrouwd of geregistreerd partner zijn of een door een notaris opgemaakt samenlevingscontract met een wederzijdse zorgverplichting hebben afgesloten of allebei op hetzelfde adres staan ingeschreven in de basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente of een vergelijkbare administratie buiten Nederland. Lid
  22. Voor zover echtgenoten of partners beiden geen gebruik kunnen maken van het regulier openbaar vervoer, maar wel van het CVV wordt aan hen ieder maximaal toegekend: 100% van het aantal zones voor het gebruik van het CVV; en indien van toepassing, 50% van het vrij besteedbaar bedrag. Lid
  23. Voor zover echtgenoten of partners beiden geen gebruik kunnen maken van het regulier openbaar vervoer, maar wel van het CVV, en één van hen kiest voor de financiële tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen auto, wordt aan ieder van hen maximaal 50% toegekend van het maximumbedrag voor het gebruik van de eigen auto. Lid
  24. Indien belanghebbende gebruik maakt van een andere maatwerkvoorziening zoals een scootmobiel, dan wel een eigen verplaatsingsmiddel, kan het aantal kilometers met 50% worden verlaagd, afhankelijk van de mate waarin het andere verplaatsingsmiddel in de vervoersbehoefte voorziet. Hoofdstuk5Bijdrage in de kosten van een voorziening Artikel12.Bijdrage voor maatwerkvoorzieningen Lid
  25. De persoon, aan wie een maatwerkvoorziening in natura of in de vorm van een persoonsgebonden budget is verleend, is een bijdrage verschuldigd. Lid
  26. Het bepaalde in de voorgaande lid blijft buiten toepassing als: de maatwerkvoorziening bestaat uit een rolstoel; het een maatwerkvoorziening betreft in gemeenschappelijke ruimten van wooncomplexen; de maatwerkvoorziening, een hulpmiddel is voor een belanghebbende jonger dan 18 jaar. het de maatwerkvoorziening losse dagbesteding beschermd wonen of begeleiding individueel intensiteit waakvlam betreft. Lid
  27. De hoogte van de bijdrage voor een maatwerkvoorziening wordt vastgesteld overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.1, lid 1 van het Uitvoeringsbesluit maatschappelijke ondersteuning, zoals jaarlijks aangepast door de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en bedraagt nooit meer dan: de kostprijs van de maatwerkvoorziening in natura; de hoogte van het persoonsgebonden budget voor een maatwerkvoorziening; Lid
  28. De termijn van de inning van bijdrage voor een maatwerkvoorziening is: gelijk aan de verstrekkingsduur van een maatwerkvoorziening in natura, anders dan in eigendom; gelijk aan de verstrekkingsduur van een periodiek persoonsgebonden budget; gelijk aan de termijn tot de kostprijs van de voorziening is betaald, die in de toekenningsbeschikking van het persoonsgebonden budget voor een maatwerkvoorziening is vermeld. Lid
  29. De inning van de bijdrage voor een maatwerkvoorziening stopt te allen tijde bij het overlijden van belanghebbende of bij beëindiging van de maatwerkvoorziening. Lid
  30. De persoon, aan wie een vergoeding in de meerkosten is verleend, is geen bijdrage verschuldigd. Artikel13.Hoogte kostprijs voor berekening bijdrage maatwerkvoorzieningen Lid
  31. De hoogte van de kostprijs voor berekening van de bijdrage, als bedoeld in artikel 5.2 van de Verordening, in natura bedraagt voor: Huishoudelijke Ondersteuning Basis: € 22,20 per uur; Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal: € 22,20 per uur; Huishoudelijke Ondersteuning Speciaal Plus € 22,20 per uur. Begeleiding Individueel Basis: € 22,20 per uur; Begeleiding Individueel Speciaal: € 22,20 per uur; Lijfgebonden ondersteuning: € 22,20 per uur; Begeleiding Groep Basis: € 22,20 per dagdeel; Begeleiding Groep Speciaal: € 22,20 per dagdeel; Kortdurende verblijf : € 44,40 per etmaal (max. 52 etmalen per kalenderjaar); Maaltijdvoorbereiding: € 22,20 per uur; Kindverzorging: € 22,20 per uur; voor beschermd wonen intramuraal (ZZP): op basis van door het ministerie van VWS bepaalde regels voor zorg met verblijf; beschermd wonen en beschut wonen LVB, wonen en zorg gescheiden volgens regels eigen bijdrage Wmo extramuraal, zijnde: € 34,20 per dag; overbruggingszorg en transitiezorg beschermd wonen (extramuraal): € 22,20 per uur (ind. begeleiding); € 22,20 per dagdeel (beg groep BW); overbruggingszorg en transitiezorg beschut wonen LVB (extramuraal): € 22,20 per uur (ind. begeleiding); € 22,20 per dagdeel (beg groep BW); Lid
  32. De hoogte van de kostprijs voor berekening van de bijdrage, als bedoeld in artikel 5.2 van de Verordening, voor de maatwerkvoorziening vervoer in natura voor: scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (8 km/uur) huurprijs per vier weken: € 24,50 scootmobiel voor gebruik in de woonomgeving (10 km/uur) huurprijs per vier weken € 28,00 scootmobiel voor langere afstanden en intensief gebruik (15 km/uur) huurprijs per vier weken € 33,
  33. Lid
  34. De bijdrage op het persoonsgebonden budget is maximaal het verstrekte (jaar)budget. De bijdrage op het persoonsgebonden budget voor begeleiding en dagbesteding is maximaal 53% van het verstrekte (jaar)budget. Lid
  35. De hoogte van de bijdrage in de kosten voor verblijf in de opvang wordt vastgesteld en geïnd door de opvanginstellingen. De instellingen die opvang verlenen zijn Stichting De Binnenvest, Stichting Vrouwenopvang Rosa Manus en Stichting Uitgeprocedeerde Vluchtelingen. Het uitgangspunt is dat voor de cliënt in ieder geval de norm voor zak- en kleedgeld, zoals genoemd in artikel 23 van de Participatiewet, beschikbaar blijft. Hoofdstuk7Overige bepalingen Artikel14.Hardheidsclausule Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken van de bepalingen in dit Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2018, indien toepassing daarvan zou leiden tot onbillijkheden van overwegende aard. Artikel15.Citeertitel en inwerkingtreding Dit Besluit wordt aangehaald als: 'Besluit maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2018'. Dit Besluit treedt in werking op 1 januari 2018; Het 'Besluit maatschappelijke ondersteuning Oegstgeest 2017’ wordt ingetrokken. Aldus vastgesteld in de vergadering van.Het College van Burgemeester en wethouders,De secretaris, H.A. Leegstra secretaris de burgemeester, E.R. Jaenschburgemeester

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.