Regeling fiscale uitruil woon-werkverkeer gemeente HeerenveenDirectie van de gemeente Heerenveen; gelet op het bepaalde in artikel 3:29 lid 2 van de CAR-UWO; mede gelet op het gestelde in artikel 160 van de Gemeentewet; BESLUIT: vast te stellen de navolgende Regeling fiscale uitruil woon-werkverkeer voor de medewerkers van de gemeente Heerenveen. Inleiding Deze regeling is een nadere uitwerking van artikel 3.29 lid 2 van de CAR-UWO waarin is opgenomen dat het college de bestedingsdoelen van het Individueel Keuzebudget (IKB), (kopen van vakantie-uren, extra inkomen door uitbetaling en het financieren van een opleiding) kan aanvullen. Artikel1Begripsbepaling Regeling: Regeling fiscale uitruil woon-werkverkeer gemeente Heerenveen Werkgever: de gemeente Heerenveen Medewerker: de ambtenaar conform artikel 1:1, lid 1 onder a van de CAR- UWO, die is aangesteld met toepassing van artikel 2:4 lid 1 van de CAR-UWO Standplaats: de vaste werkplaats van de medewerker Woonadres: het adres waar de ambtenaar gedurende de werkweek daadwerkelijk verblijft Reisafstand: de kortste route, bepaald aan de hand van de routeplanner van Routenet, van woonadres tot standplaats Woon-werkverkeer: het ten minste één maal per week heen en weer reizen van woonadres naar standplaats. Tegemoetkoming: de toegestane belastingvrije tegemoetkoming in de reiskosten woon-werkverkeer. CAR-UWO: Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling en Uitwerkingsovereenkomst voor de sector gemeenten. IKB: Individueel Keuzebudget; een maandelijks, in geld uitgedrukt budget dat de medewerker naar keuze kan gebruiken voor de doelen genoemd in artikel 3.29 van de CAR-UWO Artikel2Doelgroep 1.Medewerkers die een aanstelling conform de CAR-UWO hebben bij de gemeente Heerenveen kunnen, door inzet van het IKB, aanspraak maken op een tegemoetkoming in de kosten voor woon-werkverkeer over de werkelijk gereisde dagen. 2.Medewerkers die reeds in aanmerking komen voor een reiskostenvergoeding woon-werkverkeer, bijvoorbeeld in verband met een tijdelijke aanstelling, komen niet in aanmerking voor deze regeling. Artikel3Uitvoering van de regeling 1.De medewerker kan op zijn verzoek, op basis van artikel 3.29 lid 2 van de CAR-UWO, het IKB inzetten voor een tegemoetkoming in de kosten van woon-werkverkeer. Hierdoor heeft de medewerker een fiscaal voordeel. 2.Deze tegemoetkoming wordt verstrekt ongeacht de wijze van vervoer. 3.De keuze voor inzet van het IKB in ruil voor deze vergoeding, maakt de medewerker in het salarissysteem. Artikel4Voorwaarden 1.Bij een 5 daagse werkweek wordt uitgegaan van 214 werkdagen. Daarvan moet de medewerker minstens 128 dagen per kalenderjaar naar een vaste plek reizen. Dit betekent dus dat een medewerker die 5 dagen of meer per week werkt, tot 2 dagen per week thuis kan werken. 2.De toegestane belastingvrije tegemoetkoming in de reiskosten woon-werkverkeer bedraagt op jaarbasis: 214 x de totale reisafstand per dag x € 0,
- Bij het berekenen van de toegestane belastingvrije tegemoetkoming per maand, dient de tegemoetkoming op jaarbasis te worden gedeeld door
- 3.De reisafstand wordt bepaald aan de hand van routenet.nl met als optie de “kortste” route; 4.Bij een enkele reisafstand van meer dan 75 kilometer van het woonadres naar de standplaats, is nacalculatie verplicht. Hierbij dient vastgesteld te worden of de vaste kostenvergoeding overeenkomt met de werkelijke aantal woon-werkkilometers in het kalenderjaar. 5.In de volgende situaties moeten de 214 en 128 dagen naar evenredigheid worden toegepast, of de berekening van de uitruil worden aangepast: de ambtenaar werkt minder dan vijf dagen per week de dienstbetrekking begint of eindigt in de loop van het kalenderjaar; de reisafstand wijzigt, bijvoorbeeld door verhuizing. Artikel4Wijzigingen De medewerker is verplicht elke wijziging, die gevolgen heeft op de hoogte van de tegemoetkoming, middels het IKB in het salarissysteem door te geven aan de werkgever. Artikel5Onrechtmatig gebruik Wanneer de medewerker onrechtmatig gebruik maakt van deze regeling, wordt de eventuele naheffingsaanslag (inclusief de boete en heffingsrente) van de belastingdienst met terugwerkende kracht op de medewerker verhaald. Artikel6Berekeningstijdvak 1.Het aantal woon-werk kilometers wordt berekend over de periode van 1 januari t/m 31 december van enig kalenderjaar. Voor de berekening van het aantal kilometers woon-werkverkeer is de feitelijk situatie van het woonadres naar de standplaats leidend. 2.Bij langdurige afwezigheid wordt de tegemoetkoming nog uitgeruild tijdens de lopende en de eerstvolgende kalendermaand, daarna wordt deze door het team P&O stopgezet. 3.De tegemoetkoming mag weer uitgeruild worden vanaf de maand na de maand waarin de werknemer weer gaat werken. De medewerker dient dit zelf in het IKB in het salarissysteem aan te geven. Artikel7Gevolgen voor de werknemersverzekeringen Door gebruik te maken van deze regeling wordt een deel van het belaste IKB overgeheveld naar een onbelaste reiskostenvergoeding. Het gevolg hiervan is dat het loon voor sociale verzekeringen omlaag gaat, waardoor er minder WIA- en WW-rechten worden opgebouwd. Artikel8Gevolgen voor het pensioen Deze regeling heeft geen invloed op het pensioengevend inkomen. Artikel10Onvoorziene gevallen In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan de werkgever een bijzondere voorziening treffen. Artikel11Slotbepalingen Deze regeling kan worden aangehaald als de als “Regeling fiscale uitruil woon-werkverkeer gemeente Heerenveen” en treedt in werking met ingang van 1 januari
- Vastgesteld in de directievergadering van 4 december 2017 Gemeentesecretaris,Jeroen vanLeeuwestijn Voorbeeld berekening Een medewerker werkt 2 dagen per week. De enkele reisafstand van zijn woning naar de standplaats is 25 kilometer. De tegemoetkoming voor uitruil met het IKB is dan voor het hele jaar maximaal 85 dagen (2/5 x 214) x 50 kilometer x € 0,19 = € 807,
- Per maand kan de medewerker voor deze reizen € 67,29 uitruilen met het IKB, als hij in 2018 op minstens 51 dagen (2/5 x 128) naar de vaste arbeidsplaats reist.