VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING 2011 De raad van de gemeente Boekel; gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 2 november 2010 gelet op artikel 224 van de Gemeentewet: BESLUIT: vast te stellen de: VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN TOERISTENBELASTING 2011 Artikel1.Begripsomschrijvingen Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder: vakantie-onderkomens: woningen en andere verblijven, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; mobiele kampeeronderkomens: tenten, vouwwagens, kampeerauto’s, toercaravans en soortgelijke onderkomens danwel soortgelijke voertuigen welke bestemd zijn danwel gebezigd worden als verblijf voor vakantie- en andere recreatieve doeleinden; niet-beroepsmatig verhuurde ruimten: woningen en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet-zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, welke niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch welke in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd danwel te huur aangeboden; vaste standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan. Artikel2.Belastbaar feit Terzake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente zijn opgenomen, wordt onder de naam”toeristenbelasting” een directe belasting geheven. Artikel3.Belastingplicht 1.Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen. 2.De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, terzake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt. 3.Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt. Artikel4.Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven terzake van het verblijf: door degene die: als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft; verblijf houdt in een gemeubileerde woning indien hij terzake van het verblijf in of het ter beschikking houden van die woning forensenbelasting is verschuldigd; waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting; van een asielzoeker, zijnde een vreemdeling als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die een asielverzoek heeft ingediend waarover nog geen onherroepelijke beslissing is genomen, van degene die een asielverzoek heeft ingediend waarop negatief is beslist en van een verblijfsgerechtigde, die op basis van artikel 9, 10 of 15 van voornoemde wet een verblijfsvergunning heeft, voorzover deze personen verblijf houden in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2, in het kader van de centrale opvang onder verantwoordelijkheid van het ZBO Centrale Opvang Asielzoekers. Artikel5.Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Artikel6.Forfaitaire berekeningswijze van de heffingsgrondslag Het aantal personen dat heeft overnacht wordt met betrekking tot: vakantie-onderkomens en niet beroepsmatig verhuurde ruimten bepaald op 3; mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen bepaald op 3; mobiele kampeeronderkomens op niet-vaste standplaatsen bepaald op 3; Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt: ingeval verblijf wordt gehouden in vakantie-onderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten, mobiele kampeeronderkomens en stacaravans op vaste standplaatsen, welke geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een periode van: ten hoogste drie maanden bepaald op 30 meer dan drie doch ten hoogste zes maanden bepaald op 40 meer dan zes maanden doch ten hoogste negen maanden bepaald op 50 meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald op 60 ingeval verblijf wordt gehouden in mobiele kampeeronderkomens, op niet-vaste standplaatsen, bepaald op
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.