Besluit van het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling Laborijn houdende regels omtrent verlof ambtelijk personeel Verlofregeling ambtelijk personeel LaborijnInleiding In de CAR-UWO zijn onder hoofdstuk 6 Vakantie en verlof bepalingen opgenomen met betrekking tot de verlofregeling. De Verlofregeling ambtelijk personeel Laborijn is gebaseerd op de bepalingen van dit hoofdstuk en aangevuld met een nadere uitwerking daarvan voor de eigen organisatie. Artikel1Begrippenkader Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder: ambtenaar: hij die door Laborijn is aangesteld in vaste of tijdelijke dienst; aanstellingsomvang: de arbeidsduur per week volgens de aanstelling; feitelijke arbeidsduur: de arbeidsduur per week zoals die voor de ambtenaar is vastgesteld; regeling: de Verlofregeling ambtelijk personeel Laborijn. Artikel2Wettelijke verlofrechten 1.De ambtenaar met een volledige aanstelling heeft op jaarbasis recht op 144 uren wettelijk verlof. 2.De ambtenaar met een deeltijdaanstelling heeft op jaarbasis recht op het aantal verlofuren naar rato van de aanstellingsomvang. 3.De ambtenaar die gebruikmaakt van de Regeling Generatiepact Laborijn heeft op jaarbasis recht op het aantal verlofuren naar rato van de feitelijke arbeidsduur. Artikel3Extra verlofrechten 1.De ambtenaar met een volledige aanstelling heeft op jaarbasis recht op 14,4 uur verlof (z.g. Doetinchemse dagen). 2.De ambtenaar met een volledige aanstelling, ingedeeld in schaal 9 of hoger, heeft op jaarbasis recht op 7,2 uur extra verlof. 3.De ambtenaar met een deeltijdaanstelling heeft op jaarbasis recht op het aantal verlofuren naar rato van de aanstellingsomvang. 4.De ambtenaar die gebruikmaakt van de Regeling Generatiepact Laborijn heeft op jaarbasis recht op het aantal verlofuren naar rato van de feitelijke arbeidsduur. Artikel4Leeftijdsverlofuren 1.De ambtenaar met een volledige aanstelling heeft recht op leeftijdsverlofuren, als volgt: 18 jaar 21,6 19 jaar 14,4 20 jaar 7,2 21 t/m 29 jaar 0 30 t/m 34 jaar 7,2 35 t/m 39 jaar 14,4 40 t/m 44 jaar 21,6 45 t/m 49 jaar 28,8 50 t/m 54 jaar 36 vanaf 55 jaar 43,2 2.Bij een deeltijdaanstelling heeft de ambtenaar recht op leeftijdsverlofuren naar rato van de aanstellingsomvang. 3.De ambtenaar die gebruikmaakt van de Regeling Generatiepact Laborijn heeft geen recht op leeftijdsverlofdagen. Tot 1 januari 2021 is sprake van een overgangsregeling, waarbij de ambtenaar die gebruikmaakt van de Regeling Generatiepact Laborijn nog wel recht heeft op leeftijdsverlofdagen naar rato van de feitelijke arbeidsduur. Artikel5Buitengewoon verlof 1.De volgende dagen worden aangemerkt als feestdag, waarop de ambtenaar buitengewoon verlof heeft: Goede Vrijdag Bevrijdingsdag. 2.Voor bezoek aan huisarts, medisch specialist, tandarts of andere medische deskundigen of instanties, anders dan wegens spoedeisend karakter, wordt geen buitengewoon verlof toegekend. Van de ambtenaar wordt verwacht dat hij deze in eigen tijd bezoekt. De Werktijdenregeling ambtelijk personeel Laborijn biedt hiervoor voldoende regelruimte. 3.Voor overige vormen van buitengewoon verlof zijn de bepalingen van de Wazo van toepassing. In aanvulling hierop wordt in de volgende situaties aan de ambtenaar buitengewoon verlof toegekend: op de dag van sluiting van zijn huwelijk of geregistreerd partnerschap bij overlijden van echtgenoot, geregistreerd partner, de persoon met wie hij ongehuwd samenwoont, of bloed- en aanverwanten in de 1e graad: 4 werkdagen; van bloed- en aanverwanten in de 2e graad: 2 werkdagen, tenzij de ambtenaar belast is met de regeling van de begrafenis en/of nalatenschap; in dat geval verlof voor ten hoogste 4 werkdagen. Dit verlof dient binnen een periode van 7 kalenderdagen te worden opgenomen; bij bevalling van de echtgenote, geregistreerd partner of de persoon met wie hij ongehuwd samenwoont: 2 werkdagen. Artikel6Verplicht verlof Per kalenderjaar kunnen door de directie, na instemming van de Ondernemingsraad, maximaal twee dagen als verplicht verlof worden aangewezen. Artikel7Aanvragen verlof 1.De ambtenaar dient een aanvraag voor verlof tijdig in, behoudens zeer bijzondere omstandigheden of spoedeisende situaties, en stemt de verlofaanvraag vooraf af met zijn team/afdeling. 2.De leidinggevende keurt verlofaanvragen goed of af. Bij afkeuren van een verlofaanvraag wordt de reden hiervan aangegeven. 3.Per jaar kan in overleg met de leidinggevende eenmaal een langere periode (maximaal vier weken) aaneengesloten verlof worden opgenomen. Artikel8Verlofopname / voorkomen verlofstuwmeren 1.De ambtenaar heeft een inspanningsverplichting om het hem toegekende verlof over een kalenderjaar zoveel mogelijk in datzelfde kalenderjaar op te nemen. 2.Laborijn heeft een inspanningsverplichting om de ambtenaar in de gelegenheid te stellen het hem toegekende verlof over een kalenderjaar zoveel mogelijk in datzelfde jaar op te nemen. 3.Het in lid
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.