Subsidieregeling kindgebonden financiering peuteropvang gemeente WassenaarDe gemeenteraad van Wassenaar, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 januari 2018; gelet op artikel 3 Algemene Subsidieverordening Wassenaar 2017; overwegende dat: de gemeente Wassenaar aan alle kinderopvangorganisaties de mogelijkheid wil bieden om vanaf de inwerkingtreding van deze regeling een subsidieaanvraag in te dienen voor peuteropvang met ingang 1 januari 2018; de gemeente Wassenaar kwalitatief goede peuteropvang wil bieden; uit de Wet kinderopvang volgt dat de financiële verantwoordelijkheid voor de opvang van peuters van ouders, die niet in aanmerking komen voor de kinderopvangtoeslag, bij de gemeente ligt; door het Rijk en de VNG bestuursafspraken zijn gemaakt om zich gezamenlijk in te zetten voor toegankelijke voorschoolse voorzieningen en een groter bereik van kinderen; alle kinderen in Wassenaar de kans moeten krijgen zich te ontwikkelen; besluit: De “Subsidieregeling kindgebonden financiering peuteropvang gemeente Wassenaar” vast te stellen. Artikel1.Begripsbepalingen In deze regeling wordt verstaan onder: gecertificeerde voorschoolse voorziening: een voorziening voor peuteropvang die aan de geldende wettelijke eisen voldoet; KOT: ouders die recht hebben op kinderopvangtoeslag (KOT) op grond van de Wet kinderopvang; KOT-tabel: kinderopvangtoeslagtabel als opgenomen in het Besluit Kinderopvangtoeslag niet-KOT: ouders die geen recht hebben op kinderopvangtoeslag op grond van de Wet kinderopvang; ouder: de bloed- of aanverwant in opgaande lijn of de pleegouder van een kind op wie de kinderopvang betrekking heeft, met dien verstande dat bij de beoordeling of sprake is van pleegouderschap een vergoeding op grond van de Jeugdwet buiten beschouwing blijft; peuter: een kind in de leeftijd van 2 jaar en 6 maanden tot 4 jaar dat een peuteropvangplaats heeft op een gecertificeerde voorschoolse voorziening. Artikel2.Toepassingsbereik Met deze subsidieregeling wordt beoogd ouders te stimuleren om hun peuters een gecertificeerde voorschoolse voorziening te laten bezoeken. Het bepaalde in deze subsidieregeling is enkel van toepassing op de verstrekking van subsidies door college voor de in artikel 3 bedoelde activiteiten. Artikel3.Activiteiten 1.Subsidie kan voor ouders van peuters worden verstrekt voor 6 uur per week peuteropvang (2 ochtenden van 3 uur). Artikel4.Subsidieaanvrager en aanvraagtermijn 1.De subsidie voor de ouders wordt aangevraagd door de aanbieder van de gecertificeerde voorschoolse voorziening. 2.Voor subsidie komen in aanmerking de ouders van een peuter. 3.Een aanvraag voor subsidie wordt met behulp van het daartoe vastgestelde aanvraagformulier ingediend bij het college. 4.Een aanvraag voor subsidie wordt aan het eind van ieder kwartaal ingediend. 5.De aanvrager bepaalt, aan de hand van door de ouders te verstrekken actuele inkomensgegevens, welke ouders in aanmerking komen voor subsidie. Artikel5.Hoogte van de subsidie 1.De subsidie bestaat uit een bijdrage per geplaatste peuter en wordt berekend op basis van de kostprijs per uur van de peuteropvang. De kostprijs per uur wordt jaarlijks als volgt bepaald: de landelijk vastgestelde maximale uurprijs dagopvang zoals bepaald in het Besluit kinderopvangtoeslag. 2.De subsidie voor ouders van peuters (niet-KOT) bestaat uit een aanvulling op de inkomensafhankelijke ouderbijdrage tot de landelijk vastgestelde maximale uurprijs dagopvang. Artikel6.Subsidieduur 1.De subsidie wordt verstrekt aan de aanbieder van de gecertificeerde voorschoolse voorziening op basis van maximaal 40 schoolweken per kalenderjaar. 2.De subsidie gaat in op de eerste dag waarop de peuter een peuteropvangplaats bezet. 3.De subsidie eindigt met ingang van de datum waarop de peuter om welke reden dan ook de peuteropvang verlaat, doch uiterlijk op 31 december
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.