Beleidsnotitie Zonnepanelen in het beschermd stads- en dorpsgezicht van HulstDeze beleidsnotitie bevat de gemeenteraadsbesluiten die ingaan op de samenvattende criteria voor zonnepanelen en de daarop volgende zonering in de binnenstad van Hulst. De beleidsnotitie is bedoeld als sturingsdocument en toetsingskader, als uitbreiding van de nota Ruimtelijke Kwaliteit. Algemene criteriaZonnepanelen binnen beschermd stads- en dorpsgezicht zijn in principe altijd vergunningplichtig in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en worden ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeentelijke commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Wanneer sprake is van plaatsing van zonnepanelen op een achterdakvlak dat niet naar het openbaar toegankelijk gebied is gekeerd is geen vergunning vereist. Binnen de Vesting worden de vanaf de wal zichtbare achterzijden expliciet als voorzijden beschouwd. Een zonnepaneel mag niet worden geplaatst in of direct grenzend aan de Grote Markt, een historische tuin, park of boerenerf. Plaatsing van zonnepanelen op een ondergeschikt plat dak of bijgebouw heeft de voorkeur boven plaatsing op schuin dakvlak van de hoofdkap. Indien dit geen mogelijkheden biedt kan een andere locatie onderzocht worden binnen de voorschriften voor maat en positie, zie onder voorschriften. Eén enkel samenhangend en rechthoekig paneelvlak per object toepassen. De panelen dienen hoogwaardig van kwaliteit te zijn (monocristallijn) in een antracietkleur zonder lichte accenten of randen. Uitzondering hierop vormen de dakpan-geïntegreerde zonnepanelen. Bij seriematige bouw dienen panelen altijd volgens één samenhangend principe geplaatst te worden. Algemene criteria bij monumentenPlaatsing van een zonnepaneel op een monument is altijd vergunningplichtig in het kader van de Wabo/Monumentenwet. Voor een aantal iconische monumenten binnen de Vesting is plaatsing van zonnepanelen niet toegestaan, (zie hiervoor bijlage 1 van het document “Criteria zonnepanelen Hulst”). Plaatsing van panelen bij voorkeur aan achterzijde of in zijdakvlak van object. De ingreep moet reversibel (omkeerbaar) zijn en onderhoud niet in de weg staan. De monumentale dakconstructie moet zich in voldoende technisch goede staat bevinden. Zonnepanelen mogen niet worden geplaatst in het bovendakvlak van een mansardekap of in kleine voordakschilden. Maximaal één enkel samenhangend en rechthoekig paneelvlak per object toepassen, laag in het dakvlak en opgebouwd uit hoogwaardige panelen in een antracietkleur zonder lichte accenten of randen. Het type zonnepaneel dient aan te sluiten bij de dakbedekking. Bijzondere (decoratieve) patronen in de dakbedekking mogen niet doorbroken worden. Specifieke voorschriften beschermd stads- en dorpsgezicht / monumentenVoor het te plaatsen zonnepaneel geldt een maximale maat en gelden specifieke voorwaarden voor de situering en uitvoering. Deze worden hieronder per hoofdgroep weergegeven. De extra criteria voor monumenten zijn ‘M’ gemarkeerd. Basis-situering binnen het dakvlakHet paneel vormt één gesloten vierhoekig vlak binnen het basisvlak (zie figuur 1) en houdt afstand van bestaande dakdoorbrekingen als schoorstenen en daklichten. Het paneel wordt zoveel mogelijk vrij gehouden van beëindigingen van het dakvlak en toevoegingen op het dak. Zie criteria voor plaatsing hieronder: bij zijdak:1/4 van de dakbreedte/-lengte uit de voor- en/of achtergevel, met een minimum van 5 pannen, 5 pannen onder de nok (bij minder dan 12 rijen pannen: 3), 2 pannen boven de goot (bij minder dan 12 rijen: 1), 3 pannen van dakdoorbraken, dakvensters, dakkapellen en schoorstenen, Plaatsing op een plat dak alleen mogelijk indien niet zichtbaar vanaf de openbare ruimte en binnen een vlak van 15 graden vanaf de openbare zijde gezien. Plaatsing op een plat afgedekte dakkapel is ook mogelijk, maar alleen indien paneel geheel vlak en dus onzichtbaar geplaatst wordt. Niet in de bovenste helft van het dakvlak, Plaatsing op een plat afgedekte dakkapel is ook mogelijk, maar alleen indien het platte kapeldak meer dan 8 meter boven het maaiveld gelegen is en dus ook vanuit omringende woningen gezien onzichtbaar geplaatst wordt. MaatvoeringNaast de eerder weergegeven basisafstanden tot dakbeëindigingen en dakdoorbraken gelden aanvullend de volgende maatcriteria; Zie figuur 2 en figuur 3 voor monumenten. • Voorgevel Kap evenwijdig aan de straat: Indien het paneel enkel in de onderste dakhelft ligt: maximaal 50% van de dakbreedte maximaal 30% van de dakbreedte Indien het paneel ook in de bovenste dakhelft ligt: maximaal 30% van de dakbreedte Géén paneel in de bovenste dakhelft mogelijk. • Achtergevel Kap evenwijdig aan de straat: Indien het paneel enkel in de onderste dakhelft ligt: maximaal 70% van de dakbreedte maximaal 70% van de dakbreedte Indien het paneel ook in de bovenste dakhelft ligt: maximaal 50% van de dakbreedte Géén paneel in de bovenste dakhelft mogelijk. • Zijgevel zichtbaar vanuit de openbare ruimte Kap evenwijdig aan/haaks op de straat: Tenminste 1/4 dakbreedte/-lengte uit dakranden Indien het paneel enkel in de onderste dakhelft ligt: maximaal 50% van de zijdakbreedte/-lengte maximaal 30% van de dakbreedte/-lengte Indien het paneel ook in de bovenste dakhelft ligt: maximaal 30% van de zijdakbreedte/-lengte Géén paneel in de bovenste dakhelft mogelijk. • Zijgevel/zijdak niet zichtbaar vanuit de openbare ruimte Kap evenwijdig aan/haaks op de straat: Tenminste 1/4 dakbreedte/-lengte uit voorgevel Indien het paneel enkel in de onderste dakhelft ligt: maximaal 70% van de dakbreedte maximaal 70% van de dakbreedte Indien het paneel ook in de bovenste dakhelft ligt: maximaal 50% van de dakbreedte Overige criteriaGeen zonnepaneel mogelijk in kleine voordakschilden van dwarskappen, zie fig.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.