Beleidsregels Activeringspremies Participatiewet Stadskanaal 2018Burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal; gelet op de artikelen 10a lid6, 31 lid 2 sub j en r van de Participatiewet; gelet op de artikelen 3.9 en 3.10 van de Re-integratieverordening Participatiewet Stadskanaal 2018; gezien het advies van de Participatieraad; besluiten: vast te stellen de navolgende "Beleidsregels Activeringspremies Participatiewet Stadskanaal 2018". Artikel1Definities Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht. In deze beleidsregels wordt verstaan onder: college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Stadskanaal; wet: Participatiewet; doelgroep: personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onder a, van de Participatiewet; belanghebbende: de persoon uit de doelgroep die gebruik maakt van een voorziening; langdurig werkloze: een persoon uit de doelgroep heeft onmiddellijk voorafgaand aan het re-integratietraject ten minste 12 maanden een uitkering op grond van de Participatiewet, de IOAW of de IOAZ en/of een uitkering van de Uitvoeringsinstelling werknemersverzekeringen ontvangen of gedurende de genoemde periode gesubsidieerde arbeid verricht; grote afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs niet mogelijk binnen één jaar; korte afstand tot de arbeidsmarkt: deelname aan de arbeidsmarkt is redelijkerwijs mogelijk binnen één jaar; participatieladder: de indeling in trede van de participatieladder, zoals de gemeente Stadskanaal die gebruikt, waarbij een trede staat voor de afstand tot de arbeidsmarkt. Trede 1 is daarbij de grootste afstand en trede 6 de kortste afstand; TDC: Training en Diagnose Centrum van de gemeente Stadskanaal. additionele werkzaamheden: op de arbeidsinschakeling gerichte werkzaamheden die onder verantwoordelijkheid van het college in het kader van de Participatiewet worden verricht naast of in aanvulling op reguliere arbeid, en die niet leiden tot verdringing op de arbeidsmarkt. Artikel2Premie Sociale activering De belanghebbende die, behoort tot de doelgroep en die in het kader van een traject, sociale activiteiten verricht ontvangt een premie indien: hij is ingedeeld in trede 2 van de participatieladder; hij alle medewerking verleent aan het overeengekomen traject of aan anderszins met hem overeengekomen te verrichten activiteiten gericht op zijn activering; de activiteiten gedurende tenminste 12 uren per week worden verricht; de activiteiten gedurende tenminste één maand plaats hebben gevonden; hij geen vergoeding ontvangt van de organisatie waarvoor het werk wordt verricht. De premie bedraagt € 25,00 per maand en wordt achteraf twee maal per jaar uitgekeerd. De persoon die in aanmerking komt voor de premie sociale activering krijgt ambtshalve twee maal per jaar (juni en november) een declaratieformulier toegestuurd en dient deze binnen twee maanden in te dienen. Op het declaratieformulier wordt de partij waar de persoon de sociale activiteiten voor verricht gevraagd te verklaren dat is voldaan aan het gestelde in lid 1 onderdelen c, d en e. Artikel3Premie participatieplaats De persoon van 27 jaar of ouder, die onbeloonde additionele werkzaamheden verricht in het kader van een participatieplaats, ontvangt een premie indien naar oordeel van het college voldoende is meegewerkt aan het vergroten van de kans op inschakeling in het arbeidsproces, zoals is vastgelegd in een schriftelijke overeenkomst als bedoeld in artikel 3.5 van de Re-integratieverordening Participatiewet Stadskanaal
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.