Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Echt-Susteren houdende regels omtrent raadscommissies Verordening raadscommissies Echt-Susteren 2018De raad van de gemeente Echt-Susteren, gezien het voorstel van het presidium van Echt-Susteren d.d. 18-6-2018 met BBV nummer 573327; Besluit: De Verordening raadscommissies gemeente Echt-Susteren 2018 vast te stellen. Hoofdstuk1.Algemene bepalingen Artikel1.Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: commissiegriffier: griffier van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; commissielid: lid van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; commissievoorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens plaatsvervanger; griffier: griffier van de raad of diens plaatsvervanger. Artikel2.Instelling raadscommissies Er is een: raadscommissie Omgeving, waarvan het werkterrein de volgende onderwerpen betreft: volkshuisvesting, ruimtelijke ordening, milieu, vergunningen, wegen, groen, water- en riolering, onderwijshuisvesting, kernenbeleid, ruimtelijke projecten, grond- en pachtzaken. raadscommissie Maatschappij, waarvan het werkterrein de volgende onderwerpen betreft: sociale zaken, maatschappelijke zaken, jeugdzaken, welzijnsaangelegenheden, subsidies, sport- en welzijnsvoorzieningen. raadscommissie Algemene Zaken, waarvan het werkterrein de volgende onderwerpen betreft: belastingen, stukken van de beleids- en budgetcyclus, regelgeving, handhaving, bedrijfsvoering, dienstverlening, openbare orde en veiligheid en alle aangelegenheden welke niet tot de werkzaamheden van de onder a en b genoemde raadscommissies behoren. Artikel3.Taken a.Een raadscommissie brengt op verzoek van het presidium advies uit aan de raad over raadsvoorstellen over de onderwerpen waarop haar werkzaamheden betrekking hebben. b.Een raadsvoorstel wordt aan één commissie ter advisering voorgelegd. c.Het presidium kan thema’s over onderwerpen zoals bedoeld in art. 2a, b en c, voor een commissievergadering agenderen, met als doel informatievergaring en beeldvorming. d.Het presidium kan kaderstellende raadsnota’s over onderwerpen zoals bedoeld in art. 2a, b en c, voor een commissievergadering agenderen. Artikel4.Samenstelling; benoeming commissievoorzitter 1.Voor elk van de in artikel 2 genoemde commissies kunnen maximaal benoemen: Fracties van 3 of meer raadsleden: 2 commissieleden; Fracties van 1 of 2 raadsleden: 1 commissielid. 2.Voor elk van de in artikel 2 genoemde commissies kunnen alle fracties maximaal 1 plaatsvervanger benoemen. 3.Raadsleden kunnen altijd als plaatsvervangend commissielid fungeren bij afwezigheid van commissieleden. 4.Commissieleden kunnen elkaar in elke commissie vervangen. 5.De fractievoorzitter doet mededeling van de in de leden 1 en 2 bedoelde benoemingen aan de griffier en draagt tevens zorg voor het aanreiken van de door de griffie benodigde informatie. 6.Zowel raadsleden als niet-raadsleden kunnen commissielid zijn. De artikelen 10, 11, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op commissieleden die geen raadslid zijn. 7.De raad benoemt de commissievoorzitters en hun plaatsvervangers uit zijn midden. Zij zijn geen lid van de raadscommissie. Artikel5.Zittingsduur en vacatures 1.De zittingsperiode van een commissielid en -voorzitter eindigt in ieder geval met het einde van de zittingsperiode van de raad. 2.Een commissielid houdt op lid te zijn als niet meer voldaan wordt aan de in artikel 4, zesde lid, gestelde eisen. 3.De fractie kan een commissielid of plaatsvervanger ontslaan. 4.De raad kan de commissievoorzitter ontslaan. 5.Een commissielid en de commissievoorzitter kunnen te allen tijde ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan respectievelijk hun fractie en de raad. De fractievoorzitters berichten de griffier. Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of zoveel eerder als hun opvolger is benoemd. 6.Als door overlijden of ontslag een vacature voor voorzitter ontstaat, beslist de raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan. 7.Als een fractie niet langer vertegenwoordigd is in de raad, vervalt het lidmaatschap van commissieleden die op voordracht van die fractie zijn benoemd van rechtswege. Artikel6.De commissiegriffier 1.De griffier van de raad benoemt ter ondersteuning van iedere raadscommissie een op de griffie werkzame ambtenaar als commissiegriffier. 2.Een commissiegriffier is aanwezig in vergaderingen of wordt vervangen door een daartoe door de griffier van de raad aangewezen op de griffie werkzame ambtenaar. 3.Een commissiegriffier kan op uitnodiging van de commissievoorzitter aan beraadslagingen in vergaderingen deelnemen. Hoofdstuk2.Vergaderingen Paragraaf1.Voorbereidingen Artikel7.Oproep en voorlopige agenda 1.De commissievoorzitter zendt ten minste 1 week voor een vergadering de commissieleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda met de daarbij behorende stukken - voor zover deze stukken niet al eerder aan de commissieleden zijn verzonden - met uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet bedoelde stukken. 2.Als een aanvullende agenda als bedoeld in artikel 8, eerste lid, wordt vastgesteld, wordt deze met de daarbij behorende stukken zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 24 uur voor aanvang van de vergadering aan de leden gezonden. 3.De plaatsvervangende commissieleden als bedoeld in art. 4 lid 2 ontvangen geen stukken. Artikel8.Aanvullende agenda; vaststellen agenda 1.In spoedeisende gevallen kan de commissievoorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep op verzoek van het presidium een aanvullende voorlopige agenda opstellen. De daarbij behorende stukken worden openbaar gemaakt. 2.Als omtrent de inhoud van stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste lid onder berusting van de griffier en verleent deze de commissieleden op verzoek inzage. 3.Een agenda wordt bij aanvang van een vergadering door de raadscommissie vastgesteld met dien verstande dat er geen onderwerpen van de agenda kunnen worden afgevoerd of aan de agenda worden toegevoegd. Artikel9.Ter inzage leggen van stukken 1.Stukken die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen op een voorlopige agenda dienen, worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke oproep op het gemeentehuis ter inzage gelegd. Als na het verzenden van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd, wordt hiervan mededeling gedaan aan de leden van de raadscommissie en zo mogelijk door middel van openbare kennisgeving. 2.Stukken die digitaal beschikbaar zijn worden op de website van de gemeente geplaatst.. 3.Als omtrent stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze stukken in afwijking van het eerste en tweede lid onder berusting van de griffier en verleent deze de commissieleden op verzoek inzage. Artikel10.Openbare kennisgeving Commissievergaderingen worden ten openbare kennis gebracht op de voor de gemeente gebruikelijke wijze. Paragraaf2.Ter vergadering Artikel11.Presentielijst 1.De commissiegriffier draagt zorg voor het bijhouden van presentielijsten van vergaderingen. 2.Bij binnenkomst in de vergaderzaal tekenen commissieleden de presentielijst. Aan het einde van elke vergadering wordt die lijst door de commissievoorzitter en de commissiegriffier door ondertekening vastgesteld. Artikel12.Opening vergadering en quorum 1.Een vergadering wordt niet geopend voordat blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden tegenwoordig is. 2.Als ingevolge het eerste lid de vergadering niet kan worden geopend, belegt de commissievoorzitter opnieuw een vergadering tegen een tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de oproeping is gelegen. 3.Op een vergadering als bedoeld in het tweede lid is het eerste lid niet van toepassing. Een raadscommissie kan echter over andere aangelegenheden dan die waarvoor de ingevolge het eerste lid niet geopende vergadering was belegd alleen beraadslagen of besluiten, als blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal zitting hebbende commissieleden tegenwoordig is. Artikel13.Verslag / opname 1.Een commissiegriffier draagt zorg voor verslagen van vergaderingen. 2.Een verslag bevat in ieder geval: de namen van de commissievoorzitter, de griffier, de commissiegriffier, de burgemeester, de wethouders en de commissieleden, allen voor zover aanwezig, alsmede van de overige personen die het woord gevoerd hebben; een aantekening van welke commissieleden afwezig waren; een vermelding van de zaken die aan de orde zijn geweest; een zakelijke samenvatting van het gesprokene; een samenvatting van het advies aan de raad onder vermelding van de namen van de commissieleden die mededeling hebben gedaan van hun goed- of afkeuring, en met aantekening van de namen van de commissieleden die zich niet uitgelaten hebben; bij het desbetreffende agendapunt de naam en de hoedanigheid van die personen aan wie het op grond van het bepaalde in artikel 16 door de raadscommissie is toegestaan deel te nemen aan de beraadslagingen.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.