Verordening gemeenschappelijke rekenkamercommissie BUCH 2018De raad van de gemeente Castricum: Gelet op de evaluatie van de Rekenkamercommissie BUCH Gelet op het advies van de BUCH-raadswerkgroep financiële aspecten Gelet op het advies van de auditcommissie d.d. 28 juni 2018 besluit: Vast te stellen de volgende Verordening: Verordening gemeenschappelijke rekenkamercommissie BUCH 2018 HOOFDSTUK1- ALGEMEEN Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Deelnemende gemeenten: gemeenten Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo, ieder voor zover dezelfde verordening is vastgesteld; Gemeenteraad: dit betreft de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten; Rekenkamercommissie: de organisatie die is ingesteld bij besluit van de gemeenteraden op grond van artikel 81oa van de Gemeentewet; Doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin een organisatie erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde doelen of de beoogde maatschappelijke effecten te bereiken; Doelmatigheid of efficiency: het streven om met een zo beperkt mogelijke inzet van de beschikbare middelen het gewenste resultaat te bereiken; Rechtmatigheid: het voldoen aan wettelijke kaders en regelgeving; Samenwerkingsovereenkomst: de samenwerkingsovereenkomst betreffende de gemeenschappelijke rekenkamercommissie BUCH 2018. HOOFDSTUK2- TAAK, SAMENSTELLING EN BEVOEGDHEDEN VAN DE GEMEENSCHAPPELIJKE REKENKAMERCOMMISSIE Artikel2Taak van de gemeenschappelijke rekenkamercommissie 1.Er is een gemeenschappelijke rekenkamercommissie. 2.Deze rekenkamercommissie voert onderzoek uit naar: de doeltreffendheid (maatschappelijke effecten) van het gemeentelijke beleid; de doelmatigheid van het gemeentelijke beleid, van het gemeentelijk beheer en van de gemeentelijke organisatie; de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur; (alsmede) de doelmatigheid en doeltreffendheid van instellingen waarvan de activiteiten geheel of in belangrijke mate door de gemeente worden bekostigd. 3.De rekenkamercommissie stelt elk jaar voor 1 april een verslag op van haar werkzaamheden over het voorgaande jaar. Artikel3Benoeming en samenstelling gemeenschappelijke rekenkamercommissie 1.De rekenkamercommissie bestaat uit vier externe leden. De leden benoemen uit hun midden een voorzitter. De leden worden door de gemeenteraden gezamenlijk benoemd. De leden kunnen geen raadsleden zijn. 2.Op de voorzitter en de leden zijn de artikelen 81e, 81f en 81h van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 3.De rechtspositieregeling van de penvoerende gemeente is niet van toepassing op de externe leden van de Rekenkamercommissie 4.De voorzitter en de leden worden benoemd voor een periode van vier jaar, behalve de eerstvolgende periode alwaar een benoemingsduur van vijf jaar geldt. 5.De leden kunnen voor één periode worden herbenoemd. 6.De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en periodiek bijeenroepen van de vergaderingen van de rekenkamercommissie, het leiden van de vergaderingen, het bewaken van de uitvoering van de onderzoeksopzet en de werkwijze en het bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de secretariële ondersteuning. 7.Ook bewaakt de voorzitter het budget van de rekenkamercommissie en fungeert hij als centraal aanspreekpunt voor de algemene gang van zaken rond de rekenkamercommissie. Artikel4Eed of belofte 1.Ten aanzien van de externe voorzitter en leden is artikel 81g van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing. 2.Er kan worden volstaan met het afleggen van de eed of de belofte in de raad van de penvoerende gemeente zoals genoemd in artikel 2 van de samenwerkingsovereenkomst. Artikel5Einde van het lidmaatschap 1.De gemeenteraden ontslaan de voorzitter en de leden of stellen hen op non-actief overeenkomstig hetgeen daarover in lid 2 van dit artikel is bepaald, met dien verstande dat de bevoegdheden conform de Gemeentewet door de gemeenteraden gezamenlijk kunnen of worden uitgeoefend. 2.Het lidmaatschap van de voorzitter en de leden eindigt: op eigen verzoek; bij aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het lidmaatschap/voorzitterschap van de rekenkamercommissie; wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot gevolg heeft; indien het bij onherroepelijk geworden rechterlijke uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling heeft verkregen of wegens schulden is gegijzeld; indien het lid naar het oordeel van de raad ernstig nadeel toebrengt aan het in hem gestelde vertrouwen; bij einde van de benoemingstermijn, behoudens herbenoeming. 3.De leden kunnen door de gemeenteraden worden ontslagen wanneer zij door ziekte, gebreken of ongeschiktheid niet in staat zijn hun functie naar behoren te vervullen. 4.Tevens kan een lid ontslagen worden wanneer hij niet functioneert zoals op grond van het functieprofiel leden rekenkamercommissie BUCH mag worden verwacht. Artikel6Vergoeding voor werkzaamheden van de voorzitter en de externe leden van rekenkamercommissie 1.De leden van de rekenkamercommissie ontvangen een maandelijkse vergoeding voor hun reguliere werkzaamheden van € 300,00. Voor de voorzitter is deze vergoeding vastgesteld op € 400,00. 2.De in het vorige lid genoemde bedragen zullen bij aanvang van een nieuwe zittingstermijn opnieuw worden vastgesteld, gebaseerd op de nominale stijging van het loon- en prijsindexcijfer van het CBS gedurende de afgelopen zittingstermijn. 3.De reiskostenregeling van de werkorganisatie BUCH is van toepassing. 4.Ingeval door de voorzitter en leden van de commissie feitelijke onderzoekswerkzaamheden worden verricht, wordt daarvoor een (uurloon)vergoeding toegekend. Artikel7Openbaarheid/geheimhouding 1.De rekenkamercommissie kan op grond van een belang, genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur, omtrent de inhoud van stukken die aan haar worden overgelegd, geheimhouding opleggen. 2.De geheimhouding wordt door allen die van deze stukken kennis dragen in acht genomen totdat de rekenkamercommissie haar opheft. 3.De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar, met dien verstande dat hierin niet worden opgenomen gegevens en bevindingen die naar hun aard vertrouwelijk zijn. Artikel8Budget rekenkamercommissie 1.Ten laste van het in artikel 4 van de samenwerkingsovereenkomst bedoelde budget worden de kosten gebracht van: de vergoedingen aan de voorzitter en leden; de vergoeding van de secretaris van de commissie; eventuele onderzoeksmedewerkers en/of externe deskundigen; de kosten van de wering en selectie van de leden; eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de uitoefening van haar taak. 2.De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Deze verantwoording wordt opgenomen in het verslag zoals bedoeld in artikel 2.3 van deze verordening. 3.De rekenkamercommissie is bevoegd binnen het aan haar beschikbaar gestelde budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken. Artikel9Reglement van orde 1.De commissie stelt een reglement van orde voor haar vergaderingen en andere werkzaamheden vast. 2.Zij zendt het reglement na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de gemeenteraden. Artikel10Onderzoeksopdracht en bevoegdheden 1.Jaarlijks voor 1 november biedt de rekenkamercommissie een jaarplan met begroting voor het volgende jaar ter kennis aan, aan de gemeenteraden. In het jaarplan is in ieder geval opgenomen welke onderzoeken de rekenkamercommissie overweegt op te pakken, voorzien van een evenwichtige verdeling van te plegen onderzoeken in de deelnemende gemeenten. 2.De volgende criteria worden door de rekenkamercommissie gehanteerd bij de selectie van de te onderzoeken onderwerpen: moet te maken hebben met doelmatigheid of doeltreffendheid van het beleid, en de rechtmatigheid van het gemeentebestuur gevoerde bestuur; er moet sprake zijn van een substantieel belang; het moet door de gemeente(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.