Verordening externe klachtenbehandeling gemeente BronckhorstArtikel1Definities In deze Verordening wordt verstaan onder: Klachtencommissie: de commissie voor de behandeling van bezwaarschriften gemeente Bronckhorst; De voorzitter: de voorzitter van de klachtencommissie; Bestuursorgaan: het gemeentelijk bestuursorgaan waartegen de klacht(
- en)is/zijn gericht; Klager: degene die één of meer klacht(
- en)kenbaar maakt over de wijze waarop een bestuursorgaan, één of meer leden van een bestuursorgaan of een medewerker werkzaam onder de verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan zich jegens de klager of een ander heeft of hebben gedragen; Klacht(en):één of meer schriftelijke blijken van ongenoegen, met vermelding van: - naam en adres van klager- de dagtekening- een omschrijving van de gedraging (door en jegens wie) waarop het ongenoegen betrekking heeft; Telefonische klacht(en): een door de secretaris of de plaatsvervangend secretaris van de klachtencommissie op schrift gestelde telefonisch ingediende klacht(en), door de klager ondertekend, ten minste met vermelding van: - naam en adres van klager- de dagtekening- een omschrijving van de gedraging (door en jegens wie) waarop het ongenoegen betrekking heeft. Mondelinge klacht(en): een door de secretaris of de plaatsvervangend secretaris van de klachtencommissie op schrift gestelde en door klager ondertekende mondelinge klacht(en), ten minste met vermelding van: - naam en adres van klager- de dagtekening- een omschrijving van de gedraging (door en jegens wie) waarop het ongenoegen betrekking heeft. Artikel2Onafhankelijkheid klachtencommissie 1De klachtencommissie is niet ondergeschikt aan het gemeentebestuur van Bronckhorst. 2De klachtencommissie ontvangt voor de uitoefening van haar werkzaamheden geen instructies in het algemeen of voor een enkel geval in het bijzonder. Artikel3Verplichte voorprocedure 1Klager dient, alvorens te klagen bij de klachtencommissie, een klacht in bij het bestuursorgaan, tenzij dit redelijkerwijs niet van hem kan worden gevergd. 2Het eerste lid is niet van toepassing indien het verzoek betrekking heeft op de wijze van klachtbehandeling door het bestuursorgaan. Artikel4Termijn indienen klacht(
- en)1Een klacht kan niet meer worden ingediend indien na de gedraging waartegen de klacht zich zou hebben gericht, een termijn van zes weken is verstreken na bekendmaking van de uitkomst van de interne klachtbehandeling. 2Ten aanzien van een na afloop van de termijn ingediende klacht blijft niet-ontvankelijk verklaring achterwege indien redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat de indiener in verzuim is geweest. Artikel5Wijze indienen klachten 1Klachten kunnen schriftelijk, mondeling en/of telefonisch worden ingediend. Mondelinge en telefonisch ingebrachte klachten worden door de secretaris van de klachtencommissie, indien deze niet bij de klacht of de behandeling ervan is betrokken, op schrift gesteld en ter ondertekening aan klager aangeboden. 2Indien de secretaris van de klachtencommissie als partij bij de klacht is betrokken, stelt de plaatsvervangend secretaris de klacht op schrift en biedt deze ter ondertekening aan klager aan. Artikel6Niet ontvankelijkheid klacht Een klacht is niet ontvankelijk indien niet aan de vereisten van artikel 4.1 en 5.1 van deze Verordening is voldaan. Artikel7Onbevoegdheid klachtencommissie De klachtencommissie is niet bevoegd een onderzoek in te stellen naar een klacht die betrekking heeft op: - een algemeen verbindend voorschrift of algemeen beleid;- een gedraging waartegen bezwaar kan worden gemaakt of beroep kan worden ingesteld, tenzij die gedraging bestaat uit het niet tijdig nemen van een besluit;- een gedraging waarover een administratieve rechter uitspraak heeft gedaan;- een gedraging die door het instellen van een procedure aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan een administratieve rechter onderworpen is (geweest);- kwesties over belastingen en andere heffingen indien tegen een gedraging bezwaar kan worden gemaakt, beroep ingesteld of beklag gedaan;- gedragingen waarop de rechterlijke macht toeziet. Artikel8Procedure behandeling klachten 1De burgemeester stelt (een) klacht(
- en)onmiddellijk in handen van de voorzitter; burgemeester en wethouders zenden de klager bericht van ontvangst. 2De voorzitter zendt een kopie van het klaagschrift en de eventueel daaraan toegevoegde stukken aan het bestuursorgaan. 3De klachtencommissie is bevoegd alle nodige informatie in te winnen om zich een juist beeld over de klacht(
- en)te kunnen vormen; het bestuursorgaan is verplicht medewerking te verlenen aan het verstrekken van informatie. 4De voorzitter legt alle stukken voor partijen ten minste één week vóór de hoorzitting ter inzage in het gemeentehuis 5Tegen vergoeding van de kosten zijn kopieën van de stukken verkrijgbaar. 6Binnen zes weken na ontvangst van de klacht(
- en)houdt de klachtencommissie een hoorzitting waarbij alle betrokken partijen in elkaars aanwezigheid worden gehoord; de voorzitter nodigt partijen uiterlijk twee weken vóór de zitting uit. 7In bijzondere omstandigheden, ter beoordeling aan de voorzitter, kan de klachtencommissie klager en bestuursorgaan afzonderlijk horen. 8Klager en bestuursorgaan kunnen zich door getuigen en/of deskundigen laten bijstaan tijdens de hoorzitting. 9De hoorzittingen van de klachtencommissie zijn niet openbaar. 10Tot uiterlijk vijf dagen vóór de zitting kunnen partijen al hetgeen zij dienstig achten voor de behandeling van de klacht(
- en)schriftelijk aan de klachtencommissie kenbaar maken; de voorzitter voegt deze nadere memorie toe aan de overige stukken en zendt partijen kopieën. 11Van de hoorzitting wordt een verslag gemaakt dat de voorzitter en de secretaris van de klachtencommissie ondertekenen. 12Indien de klachtencommissie het nodig oordeelt, kan na de zitting nog een nader onderzoek volgen. 13Indien nieuwe feiten of omstandigheden dit naar zijn oordeel noodzaken, kan de voorzitter een nieuwe hoorzitting beleggen. 14Betrokken partijen kunnen verzoeken om een nieuwe hoorzitting te houden. De voorzitter beslist of aan dit verzoek gevolg wordt gegeven. 15De klachtencommissie beraadslaagt achter gesloten deuren over haar uitspraak Artikel9Intrekken klacht Klager heeft te allen tijde het recht de klacht schriftelijk in te trekken. Ten tijde van de hoorzitting kan klager de klacht ook mondeling intrekken. Artikel10Niet-horen Van het horen van klager en bestuursorgaan kan de klachtencommissie afzien indien: - de klacht(
- en)kennelijk niet ontvankelijk of ongegrond is/zijn; - klager en bestuursorgaan geen gebruik willen maken van het recht te worden gehoord;- de klager een ander is dan degene jegens wie de gedraging heeft plaatsgevonden;- zolang het verzoek betrekking heeft op een gedraging die nauw samenhangt met een onderwerp dat door het instellen van een procedure aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan een administratieve rechter onderworpen is. Artikel11Uitspraak klachtencommissie 1Binnen vier weken na de hoorzitting stelt de klachtencommissie klager en het bestuursorgaan, schriftelijk op de hoogte van haar bevindingen. 2De klachtencommissie kan bij haar bevindingen een advies of aanbeveling voegen. Het bestuursorgaan bericht klager en klachtencommissie binnen vier weken na ontvangst van de bevindingen over eventueel te treffen maatregelen Artikel12Geheimhoudingsplicht klachtencommissie De klachtencommissie is verplicht tot geheimhouding van hetgeen haar bij de uitoefening van haar taak is bekend geworden. Artikel13Klacht in een vreemde taal Indien de klacht in een vreemde taal is gesteld en een vertaling voor een goede behandeling van de klacht noodzakelijk is, moet klager binnen een door de voorzitter te bepalen termijn, zorgdragen voor een vertaling. Artikel14Rechten Voor de behandeling van een klacht is geen recht verschuldigd. Artikel15Jaarverslag De commissie brengt jaarlijks aan de gemeenteraad schriftelijk verslag uit van haar werkzaamheden. Dit verslag wordt algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel16Inwerkingtreding en citeertitel Deze Verordening treedt in werking op 1 januari 2006 en kan worden aangehaald als “Verordening externe klachtenbehandeling Bronckhorst.”