← Nederland

Verordening op de raadscommissie Omgevingsbeleid (Enschede)

Verordening op de raadscommissie OmgevingsbeleidDe Raad van de gemeente Enschede, gelezen het voorstel “Raadscommissie Omgevingsbeleid” op grond van Art. 84 Gemeentewet b e s l u i t vast te stellen de volgende “Verordening op de raadscommissie Omgevingsbeleid” HoofdstukI Algemene bepalingen Artikel1Begripsomschrijving Onder de raadscommissie Omgevingsbeleid wordt verstaan een commissie als bedoeld in artikel 84 van de Gemeentewet. Commissie: de raadscommissie Omgevingsbeleid Raad: de raad van de gemeente Enschede Fractie: een politieke groepering in de raad Presidium: het presidium van de gemeenteraad van Enschede Artikel2Taken en bevoegdheden 1.De commissie heeft tot taak om aan de stedelijke commissie gefundeerde adviezen uit te brengen over hoe de gemeente Enschede haar ruimtelijke ordening kan inrichten onder de huidige omstandigheden en onder de nieuwe Omgevingswet; 2.De commissie wordt in ieder geval vooraf in de gelegenheid gesteld advies te geven over voorstellen betreffende de ruimtelijke ordening die in de raad aan de orde komen. 3.De commissie wordt voor zaken die haar bevoegdheid betreffen en binnen haar taakstelling, genoemd in het eerste lid van dit artikel, vallen, tijdig betrokken bij de beleidsvoorbereiding in die zin dat zij zich kan uitspreken over politieke dilemma’s, keuzes, te stellen prioriteiten en aandachtspunten. Artikel3Samenstelling 1.De commissie bestaat uit maximaal 15 leden waarvan minimaal 3 leden die geen lid zijn van de raad zoals vermeld onder artikel 3-5b. 2.Een lid van de commissie kan zich laten vervangen door een ander raadslid van zijn fractie. 3.De raad benoemt een externe voorzitter voor de commissie. De raad wijst tevens uit haar midden een plaatsvervangend voorzitter aan. De voorzitter is geen lid van de commissie en heeft tot taak de vergadering te leiden, de orde tijdens de vergadering te handhaven en deze verordening te doen naleven. 4.De griffier dan wel een griffiemedewerker is commissiegriffier. Deze is geen lid van de commissie. 5.Tot leden van de commissie zijn door de raad benoembaar: leden van de raad; personen die geen lid van de raad zijn, maar een specifieke deskundigheid bezitten waarmee zij een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan het uitvoeren van de opdracht van de commissie. 6.De leden onder artikel 3 5a dienen een redelijke afspiegeling te vormen van de samenstelling van de raad. 7.De leden van de commissie worden zo spoedig mogelijk na inwerkingtreding van deze verordening benoemd door de gemeenteraad. De benoeming geldt tot het einde van de zittingsperiode van de raad. 8.Voor een commissielid bedoeld in het vijfde lid, onder a, eindigt het lidmaatschap wanneer hij tussentijds ophoudt lid van de raad van de gemeente Enschede te zijn. 9.Voor personen met een specifieke deskundigheid eindigt het lidmaatschap tussentijds wanneer zij de raad hierom schriftelijk verzoeken ofwel de commissie van mening is dat de specifieke deskundigheid niet (meer) bijdraagt aan het uit te brengen advies. 10.In een tussentijds ontstane vacature kan de raad na het ontstaan ervan een nieuw lid benoemen. HoofdstukII De werkwijze Artikel4Dag, uur en plaats van de vergaderingen De commissie vergadert indien de voorzitter dat nodig oordeelt of ten minste twee leden, met opgave van redenen, dit verzoeken. In het laatste geval belegt de voorzitter een vergadering voor een tijdstip gelegen binnen een periode van veertien dagen, gerekend vanaf de dag waarop hij het verzoek heeft ontvangen. Artikel5Agenda en oproeping voor de vergadering 1.De voorzitter stelt voor de vergadering de agenda in concept vast. Daarin worden tevens de agendapunten opgenomen die door tenminste twee leden, met opgave van redenen, bij de voorzitter zijn aangemeld. Tijdens de vergadering stelt de voorzitter de agenda vast. 2.De voorzitter roept de leden ten minste vijf werkdagen tevoren tot de vergadering op, spoedeisende gevallen uitgezonderd. De oproeping vermeldt dag, tijdstip, plaats en concept-agenda van de vergadering. Artikel6Verhindering vergadering bij te wonen De leden die verhinderd zijn een vergadering bij te wonen, laten dat tevoren weten aan de commissiegriffier. Artikel7Openbaarheid 1.De vergaderingen van de commissie zijn openbaar. 2.Van het bepaalde in het eerste lid kan in uitzonderlijke gevallen worden afgeweken wanneer de commissie op voorstel van de voorzitter of één der leden besluit dat een vergadering of een deel daarvan besloten zal zijn. De beraadslaging daarover vindt achter gesloten deuren plaats. 3.In geval van een besloten vergadering beslist de commissie over de aanwezigheid van andere personen dan de leden van de commissie, de voorzitter en de commissiegriffier. Aan het eind van een besloten vergadering neemt de commissie een besluit over het al dan niet openbaar maken van het besprokene en de eventuele betrokken stukken. Artikel8Aankondiging vergaderingen Dag, tijdstip en plaats van de vergaderingen worden ter openbare kennis gebracht door aankondiging op de gemeentelijke internetsite, waarbij tevens de digitaal beschikbare vergaderstukken worden geplaatst; Artikel9Verslaglegging Van de vergadering van de commissie wordt door de commissiegriffier een verslag gemaakt dat in de eerstvolgende vergadering ter kennisname aan de commissie wordt voorgelegd. Artikel10Voorstel van orde 1.De voorzitter en de leden van de commissie kunnen tijdens de vergadering mondeling een voorstel van orde doen, dat kort kan worden toegelicht. 2.Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering betreffen. 3.Over een voorstel van orde beslist de commissie terstond. Artikel11Besluitvorming en stemming Na behandeling van een agendapunt sluit de voorzitter het onderwerp af en doet daarbij zo nodig een voorstel inzake de verdere afhandeling van het onderwerp. HoofdstukIII Slotbepalingen Artikel12Vergoeding Aan de voorzitter en commissieleden, zijnde geen raadsleden, wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden. Artikel13Beslissing in geval van onduidelijkheid verordening In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of wanneer een artikel voor meerdere uitleg vatbaar blijkt te zijn, beslist: voor zover het betreft de werkwijze van de commissie: de voorzitter; voor zover het betreft de bevoegdheden van de commissie: de raad op voorstel van het raadspresidium; Artikel14Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag nadat deze is bekendgemaakt. Aldus vastgesteld in de vergadering van 12 november 2018.de Griffier, de Voorzitter,R.M. Jongedijk dr. G.O. van Veldhuizen

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.