Besluit van Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân houdende regels omtrent het subsidieplafonds, aanvraagperioden en/of de tarieven voor het begrotingsjaar 2019 ten behoeve van de Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer Fryslân 2016 Openstellingsbesluit Fryslân 2019, d.d. 13 november 2018 voor agrarisch natuur en landschapsbeheer SRNL 2018Gedeputeerde Staten van de provincie Fryslân; maken bekend dat in hun vergadering van 13 november 2018, nr. 01584443 is vastgesteld hetgeen volgt: Gedeputeerde Staten der provincie Fryslân; Gelet op artikel 1.2 van de Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer Fryslân 2016 Besluiten: ARTIKEL I SUBSIDIEPLAFONDS Lid 1: Voor de Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer 2015 (SRNL) worden voor het begrotingsjaar 2019 het volgende subsidieplafond vastgesteld: (Collectief) agrarisch natuur- en landschapsbeheer € 340.146,- voor subsidies als bedoeld in de Subsidieregeling Natuur en Landschapsbeheer 2015: artikel 4.1.1.
- ten behoeve van de agrarische beheertypen A01.01, A01.02, A02.01 en A02.02 die op grond van artikel 2.1, vierde lid zijn aangewezen voor collectief agrarisch natuurbeheer, (agrarisch natuurbeheer in het kader van collectief agrarisch natuurbeheer); artikel 4.1.2.4, eerste lid (toeslag collectief agrarisch natuurbeheer); artikel 5.1.1.1, eerste lid, onderdeel b, ten behoeve van de landschapstypen met de aanduiding L01.01, L01.02, L01.03, L01.04, L01.05, L01.06, L01.08, L01.11 en L01.13 die op grond van artikel 2.1, vierde lid zijn aangewezen voor collectief landschapsbeheer (collectief landschapsbeheer buiten natuurterreinen). Dit subsidieplafond is alleen beschikbaar voor het uitdienen van de in 2019 nog van kracht zijnde subsidiebeschikkingen op grond van de SRNL Fryslân voor (collectief) agrarisch natuur- en landschapsbeheer. Voor aanvragen zoals bedoeld in artikel 7.5 van de SRNL is geen budget beschikbaar. Lid 2: Voor de Subsidieregeling Natuur- en Landschapsbeheer 2016 Fryslân (SRNL2016) worden voor het begrotingsjaar 2019 de volgende subsidieplafonds vastgesteld: Agrarisch natuur- en landschapsbeheer Voor subsidies als bedoeld in artikel 3.2 voor het leefgebied met de aanduiding Open Akkerland: in deelgebied noord-oost Fryslân: € 78.300 voor de periode van 3 jaar (€ 26.100 per jaar). Voor subsidies als bedoeld in artikel 3.2 voor het leefgebied met de aanduiding Open Grasland: In deelgebied zuidwest Fryslân: € 18.300 voor gehele periode van 3 jaar (€ 6.100 per jaar). in deelgebied west Fryslân: € 48.300 voor gehele periode van 3 jaar (€ 16.100 per jaar). Voor subsidies als bedoeld in artikel 3.2 voor het leefgebied met de aanduiding Droge Dooradering: in deelgebied de waddeneilanden: € 60.000 voor gehele periode van 3 jaar (€ 20.000 per jaar). in deelgebied zuidoost Fryslân: € 30.000 voor gehele periode van 3 jaar (€ 10.000 per jaar). Voor subsidies als bedoeld in artikel 3.2 voor het leefgebied met de aanduiding Natte Dooradering: in deelgebied noord - Fryslân: € 37.800 voor gehele periode van 3 jaar (€ 12.600 per jaar). in deelgebied zuidoost Fryslân: € 108.300 voor gehele periode van 3 jaar (€ 36.100 per jaar). in deelgebied midden Fryslân: € 43.800 voor gehele periode van 3 jaar (€ 14.600 per jaar). in deelgebied west Fryslân: € 30.000 voor gehele periode van 3 jaar (€ 10.000 per jaar). Voor subsidie als bedoeld in artikel 3.2 voor het leefgebied met de aanduiding Water: € 1.000.000 voor gehele periode van 3 jaar (€ 333.333 per jaar). Voor de onderdelen waterberging, waterkwaliteit, vernatten en water vasthouden de bedragen verdeeld in de deelgebieden, per jaar: noord Fryslân: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), midden Fryslân: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), west Fryslân: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), noordelijke wouden: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), zuidoost Fryslân: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), waddeneilanden: € 30.000 voor de periode van 3 jaar, (€ 10.000 per jaar), zuidwest Fryslân: € 161,499 voor de periode van 3 jaar, (€ 53.833 per jaar), De begrenzing van de deelgebieden in opgenomen in bijlage 2 bij dit openstellingsbesluit. ARTIKEL II AANVRAAGPERIODEN EN LOKET VOOR INDIENING Aanvragen voor subsidies als bedoeld in artikel I van dit besluit kunnen in de periode van 14 november 2018 tot en met 23 november 2018 worden ingediend bij de provincie Fryslân, afdeling F&S (Subsidiezaken), Postbus 20120, 8900 HM Leeuwarden. ARTIKEL III TARIEVEN BEGROTINGSJAAR 2019 1.De jaarvergoeding voor de agrarische beheerpakketten, opgenomen in bijlage 3, onderdelen B.1 en B.2, van de SRNL, worden voor dit begrotingsjaar conform de bij dit besluit gevoegde bijlage 1, in euro’s per eenheid vastgesteld; 2.De jaarvergoeding voor de beheerpakketten landschap buiten natuurterreinen, opgenomen in bijlage 6, onderdelen B.1 en B.2 van de SRNL, worden voor dit begrotingsjaar conform de bij dit besluit gevoegde bijlage 1, in euro’s per eenheid vastgesteld; 3.De jaarvergoeding voor de toeslag, bedoeld in artikel I, lid 1, van dit besluit, wordt voor dit begrotingsjaar conform de bij dit besluit gevoegde bijlage 1, in euro's per eenheid vastgesteld. ARTIKELIV De subsidies als opgenomen in dit besluit worden uitsluitend verstrekt voor die onderdelen welke ook door de Europese Commissie zijn of worden goedgekeurd. ARTIKELV Dit besluit wordt geplaatst in het Provinciaal blad en treedt in werking met ingang van de eerste dag na de datum van uitgifte van het Provinciaal Blad waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 14 november
- ARTIKELVI Dit besluit wordt aangehaald als: Openstellingsbesluit Fryslân 2019, d.d. 13 november 2018 voor agrarisch natuur en landschapsbeheer SRNL
- Leeuwarden 13 november 2018, Gedeputeerde Staten voornoemd:drs. A.A.M. Brok, voorzitterR.E. Bouius - Riemersma, MBA MCM, secretarisUitgegeven, De secretaris:R.E. Bouius - RiemersmaBijlage1jaarvergoeding voor de agrarische beheerpakketten Bijlage 4 Tarieven agrarische beheerpakketten (oud stelsel) Agrarisch beheertype/beheerpakket €/ha/j A01.01.01 Weidevogelgrasland met een rustperiode A01.01.01a Rustperiode van 1 april tot 1 juni 274,95 A01.01.01b Rustperiode van 1 april tot 8 juni 400,09 A01.01.01c Rustperiode van 1 april tot 15 juni 531,75 A01.01.01d Rustperiode van 1 april tot 22 juni 598,98 A01.01.01e Rustperiode van 1 april tot 1 juli 1028,35 A01.01.01f Rustperiode van 1 april tot 15 juli 1190,39 A01.01.01g Rustperiode van 1 april tot 1 augustus 1375,57 A01.01.02 Weidevogelgrasland met voorweiden A01.01.02a Voorweiden 1 mei tot 15 juni 229,73 A01.01.02b Voorweiden 8 mei tot 22 juni 229,73 A01.01.03 Plas-dras Plas-dras A01.01.03a Inundatieperiode 15 februari tot 15 april 758,5 A01.01.03b Inundatieperiode 15 februari tot 15 mei 1211,05 A01.01.03c Inundatieperiode 15 februari tot 15 juni 1981,43 A01.01.03d Inundatieperiode 15 februari tot 1 augustus Greppel plas-dras 1981,43 A01.01.03e Inundatieperiode 15 februari tot 15 april 758,5 A01.01.03f Inundatieperiode 15 februari tot 15 mei 1211,05 A01.01.03g Inundatieperiode 15 februari tot 15 juni 1981,43 A01.01.03h Inundatieperiode 15 februari tot 1 augustus 1981,43 A01.01.04 Landbouwgrond met legselbeheer A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 35 broedparen 69,17 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 50 broedparen 87,82 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 75 broedparen 108,41 A01.01.04a1 Legselbeheer op grasland 100 broedparen 129,84 A01.01.04b Legselbeheer op bouwland en/of grasland 51,66 A01.01.04c1.ut Legselbeheer op grasland 150 broedparen plus maaitrappen 316,31 A01.01.04c2.ut Legselbeheer op grasland 200 broedparen plus maaitrappen 359,11 A01.01.04c3.ut Legselbeheer op grasland 300 broedparen plus maaitrappen 380,9 A01.01.05 Kruidenrijk weidevogelgrasland A01.01.05a Kruidenrijk weidevogelgrasland 1028,35 A01.01.05b Kruidenrijk weidevogelgraslandrand 926,62 A01.01.06 Extensief beweid weidevogelgrasland A01.01.06 Extensief beweid weidevogelgrasland 495,04 A01.02.01 Bouwland met broedende akkervogels A01.02.01a1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01a2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01b1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd op kleigrond 2138,73 A01.02.01b2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd op zandgrond 1652,31 A01.02.01c1
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: In het derde of vierde jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01c2
(2010)Bouwland met broedende akkervogels: In het derde of vierde jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01a1 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op kleigrond 2138,73 A01.02.01a2 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 maart en 15 april worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel op zandgrond 1652,31 A01.02.01b1 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd op kleigrond 2138,73 A01.02.01b2 Bouwland met broedende akkervogels: Jaarlijks dient 20-50% van de beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd op zandgrond 1652,31 A01.02.01c1 Bouwland met broedende akkervogels: In 3e en 4e jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel… Roulatie mogelijk op klei 2138,73 A01.02.01c2 Bouwland met broedende akkervogels: In 3e en 4e jaar dient de gehele beheereenheid opnieuw tussen 1 sept en 15 april te worden geploegd en opnieuw ingezaaid met een in het natuurbeheerplan voorgeschreven zaaimengsel… Roulatie mogelijk op zand 1652,31 A01.02.01d1 De beheereenheid is minimaal 12 meter breed. Tussen 15 april en 31 aug mag max. 10% van de oppervlakte bedekt zijn met rijsporen …. Roulatie mogelijk op klei 1739,63 A01.02.01d2 De beheereenheid is minimaal 12 meter breed. Tussen 15 april en 31 aug mag max. 10% van de oppervlakte bedekt zijn met rijsporen …. Roulatie mogelijk op zand 1302,33 A01.02.02 Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels A01.02.02a Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels klei 2028,24 A01.02.02b Bouwland met doortrekkende en overwinterende akkervogels zand 1744,97 A01.02.03 Bouwland voor hamsters A01.02.03a Bouwland voor hamsters, vollevelds 2240,05 A01.02.03b Opvangstrook voor hamsters 2028,24 A01.03.01 Overwinterende ganzen A01.03.01a Ganzen op grasland min 118 max 725,81 A01.03.01b Ganzen op bouwland min 73 max 756,8 A01.03.01c Ganzen op vroege groenbemester 252 A01.03.01d Ganzen op late groenbemester 252 A01.03.02 Overzomerende ganzen A01.03.02.Lb Opvang overzomerende grauwe ganzen Maasplassen 940 A01.04 Insectenrijke graslanden A01.04.01a.Lb Insectenrijk graslandperceelsbeheer Roerdal: basis 1386,98 A01.04.01b.Lb Insectenrijk graslandperceelsbeheer Roerdal: plus 1991,11 A01.04.02.Lb Insectenrijke graslandranden Roerdal 1991,11 A01.05.01 Foerageerrand Bever A01.05.01.Lb Foerageerrand Bever 0 A02.01 Botanisch grasland A02.01.01 Botanisch weiland 1020,09 A02.01.02 Botanisch hooiland 1164,83 A02.01.03 Botanische weide-of hooilandrand A02.01.03a Botanische weiderand 1020,09 A02.01.03b Botanische hooilandrand 1350,02 A02.01.04 Botanisch bronbeheer 1803,98 A02.02 Akker met waardevolle flora A02.02.01a Akker met waardevolle flora: Drie van de zes jaar graan 149,63 A02.02.01b Akker met waardevolle flora: Vier van de zes jaar graan 441,76 A02.02.01c Akker met waardevolle flora: Vijf van de zes jaar graan 521,6 A02.02.02 Chemie en kunstmestvrij land A02.02.02a Chemie en kunstmestvrij land: Drie van de zes jaar graan 663,24 A02.02.02b Chemie en kunstmestvrij land: Vier van de zes jaar graan 725,42 A02.02.02c Chemie en kunstmestvrij land: Vijf van de zes jaar graan 766,5 A02.02.03 Akkerflora randen A02.02.03 Akkerflora randen 1652,31 Bijlage2kaart begrenzing leefgebieden