Aanwijzingsbesluit cameratoezicht MarktDe burgemeester van Druten; gelet op het bepaalde in artikel 151c Gemeentewet en artikel 2.10.1 van de Algemene Plaatselijke Verordening 2010 van de gemeente Druten; overwegende: dat de burgemeester bevoegd is om, indien dat in het belang van de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is, te besluiten om voor een bepaalde duur camera’s in te zetten ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats en andere plaatsen die voor een ieder toegankelijk zijn; dat de aanwezigheid van, met name, groepen jongeren overlast geeft voor de bewoners van de Markt en ook voor de ondernemers aan de Markt en de directe omgeving ; dat onder meer door de omvang van deze groepen jongeren, het middelengebruik, het schelden en schreeuwen, het crossen met auto’s op het marktplein, het veroorzaken van geluidsoverlast door muziek en crossen en het beschijnen van winkels met de koplampen, zij overlast gevend zijn en bedreigend op bewoners, passanten en ondernemers overkomen; dat het in het belang van de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is om ten behoeve van het toezicht op de Markt camera’s in te zetten voor de duur van twee jaar, welke periode minimaal nodig is om de effectiviteit van de maatregel te kunnen beoordelen; dat over de inzet van cameratoezicht op de Markt overleg heeft plaatsgevonden met de Officier van Justitie en de teamchef van het basisteam Tweestromenland van de Politie; dat het cameratoezicht moet worden gezien in samenhang met andere maatregelen in het kader van de handhaving van de openbare orde zoals de inzet van toezichthouders, politie en jongerenwerk; dat het cameratoezicht in deze gebieden voldoet aan de eisen die artikel 151c van de Gemeentewet stelt aan het instellen van cameratoezicht, zoals de kenbaarheid van cameratoezicht en de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit; Besluit: De Markt en het gebied dat direct grenst aan de Markt, zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende overzichtskaart, als plaats aan te wijzen waar cameratoezicht zal plaatsvinden; Vast te stellen, dat de periode waarin, in het belang van de handhaving van de openbare orde, daadwerkelijk gebruik van de camera’s plaatsvindt, twee jaar bedraagt en dat het rechtstreeks bekijken van de met de camera’s gemaakte beelden wordt afgestemd op het incidentenpatroon; Te bepalen dat dit besluit in werking treedt met ingang van de dag na die van de bekendmaking en geldt tot en met 1 december
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.