Verordening/regeling commissie bezwaarschriften gemeente Súdwest-FryslânDe raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester van de gemeente Súdwest-Fryslân; ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 28 augustus 2018; gelet op artikel 7:13 van de Awb en artikel 15 van de Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden; b e s l u i t : vast te stellen de volgende Verordening/ regeling commissie bezwaarschriften gemeente Súdwest-Fryslân ARTIKEL1 Begripsbepalingen In deze verordening/regeling wordt het volgende bedoeld: verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen. commissie: vaste commissie van advies voor bezwaarschriften. kamer: de commissie is ingedeeld in kamers. Awb: Algemene wet bestuursrecht. ARTIKEL2De commissie Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college van burgemeester en wethouders en de burgemeester. De commissie heeft geen bevoegdheid ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken; gemeentelijke belastingverordeningen; de Ambtenarenwet en de gemeentelijke rechtspositieregelingen, voor zover die betrekking hebben op functiewaarderingen; ARTIKEL3Samenstelling van de commissie De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste vier leden waaronder een plaatsvervangend voorzitter. De voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en de overige leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. De voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en de overige leden van de commissie maken geen deel uit van of zijn werkzaam onder verantwoordelijkheid van een bestuursorgaan van de gemeente Súdwest-Fryslân. ARTIKEL3aKamers De commissie bestaat uit ten minste twee kamers namelijk: de sociale kamer: deze kamer bereidt adviezen voor met betrekking tot bezwaren tegenbesluiten op grond van de sociale zekerheidswetgeving. de algemene kamer: deze kamer bereidt adviezen voor van alle bezwaren die niet tot de bevoegdheid van de sociale kamer behoren. Het college kan, naar gelang de behoefte, besluiten tot het instellen van een extra kamer. Elke kamer bestaat, met inachtneming van het bepaalde in lid 4 en lid 5, uit een voorzitter overeenkomstig artikel 7:13 Awb en ten minste twee leden. De voorzitter van de commissie is tevens voorzitter van de algemene kamer. De plaatsvervangend voorzitter van de commissie is tevens voorzitter van de sociale kamer. ARTIKEL4Secretaris De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen ambtenaar. Het college kan tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aanwijzen. De secretaris maakt geen deel uit van de commissie. ARTIKEL5Zittingsduur De voorzitter, plaatsvervangend voorzitter en de overige leden worden benoemd voor een termijn van vier jaar en kunnen desgewenst ten hoogste één keer voor maximaal vier jaar worden herbenoemd. In afwijking van het voorgaande lid kan de voorzitter, in een bijzonder geval, na de tweede termijn zoals genoemd in lid 1 nog éénmaal worden herbenoemd voor de maximale periode van vier jaar. Het college verleent de voorzitter, plaatsvervangend voorzitter of een lid ontslag wanneer: hij daarom verzoekt; hij een functie heeft aanvaard die bij deze verordening onverenigbaar is verklaard met het lidmaatschap van deze functie; hij naar het oordeel van het college niet langer geschikt is voor het lidmaatschap van de commissie; hij naar het oordeel van het college door handelen of nalaten het aanzien van de commissie ernstig schaadt; ARTIKEL6Taak van de commissie Aan het bestuursorgaan wordt schriftelijk een gemotiveerd advies uitgebracht over de te nemen beslissing op een bezwaarschrift dat is ingediend tegen een besluit als genoemd in artikel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.