Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2019De raad van de gemeente Texel gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 20 november 2018; gehoord de commissie van 3 december 2018; gelet op artikel 224 van de Gemeentewet Besluit: vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2019 Artikel1Belastbaar feit Onder de naam ‘toeristenbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven. Artikel2Belastingplicht 1.Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1. 2.De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1. 3.Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1. Artikel3Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven voor het verblijf: van degene, die: als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van hulpbehoevenden of van bejaarden verblijft; verblijf houdt in een gemeubileerde woning ter zake waarvan forensenbelasting is verschuldigd; als student, ingeschreven bij een van overheidswege erkende onderwijsinstelling, een stage loopt als verplicht onderdeel van zijn studiepakket, bij een in de gemeente gevestigde instelling; waarvoor de gemeente belasting heft ingevolge de verordening op de heffing en invordering van watertoeristenbelasting; dat gebeurt ter uitvoering van beroeps- of bedrijfswerkzaamheden; van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000 die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers. als het een schoolreis en/of werkweek betreft, georganiseerd door een van overheidswege erkende onderwijsinstelling. Artikel4Maatstaf van heffing 1.De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten met dien verstande dat er niet meer dan 7 aaneengesloten overnachtingen per persoon per verblijfsperiode worden berekend. 2.Indien een standplaats gedurende een of meerdere verhuurperiode(
- n)binnen het kalenderjaar gedurende minimaal 28 aaneengesloten dagen aan dezelfde persoon of personen wordt verhuurd, wordt de belasting voor die verhuurperiode(
- n)forfaitair geheven naar rato van de duur van de door belastingplichtige overeengekomen afzonderlijke verhuurperiode(n). Hierbij worden de volgende verhuurperioden onderscheiden: verhuurperiode A van 28 t/m 45 dagen verhuurperiode B van 46 t/m 76 dagen verhuurperiode C van 77 t/m 107 dagen verhuurperiode D van 108 t/m 138 dagen verhuurperiode E van 139 t/m 169 dagen verhuurperiode F van 170 t/m 200 dagen verhuurperiode G van 201 dagen of meer Hierbij wordt verstaan onder: Een standplaats: een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een periode van minimaal 1 maand plaatsen van een zelfde mobiel kampeeronderkomen. 3.Indien een standplaats in de loop van een jaar afwisselend voor kortere en langere perioden wordt verhuurd, wordt de heffing bepaald op de som van de afzonderlijke heffingen die op grond van lid 1 en 2 verschuldigd zijn. Artikel5Belastingtarief 1.Tarief per overnachting: Het tarief bedraagt per overnachting per persoon € 1,85 met dien verstande dat er niet meer dan 7 aaneengesloten overnachtingen per persoon en per verblijfsperiode worden berekend. 2.Tarief standplaatsen per verhuurperiode: verhuurperdiode / tarief Verhuurperiode A € 53,65 Verhuurperiode B € 81,40 Verhuurperiode C € 109,15 Verhuurperiode D € 136,90 Verhuurperiode E € 162,80 Verhuurperiode F € 190,55 Verhuurperiode G € 218,30 Artikel6Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing De belastingplichtige kan bij het doen van aangifte voor een standplaats in afwijking van artikel 4 lid 2 opteren voor een niet-forfaitaire maatstaf van heffing. De belasting wordt in dat geval geheven conform artikel 4 lid 1. Artikel7Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel8Wijze van heffing De belasting wordt geheven bij wege van aanslag. Artikel9Aanslaggrens Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd. Artikel10Termijnen van betaling 1.In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen 30 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet. 2.De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen. Artikel11Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de toeristenbelasting. Artikel12Aanmeldingsplicht 1.De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal gelegenheid tot overnachten verschaft, dit schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet. 2.De belastingplichtige bedoeld in artikel 2, eerste lid, is gehouden een nachtregister bij te houden. Artikel13Overgangsbepaling De ‘Verordening toeristenbelasting 2018’ van 9 november 2017 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 14, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. Artikel14Inwerkingtreding 1.Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking. 2.De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019. Artikel15Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening toeristenbelasting 2019’. Vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Texel,19 december 2018.Voorzitter, Griffier,M.C. Uitdehaag M. de Porto