Integrale visie op transformatiegebieden binnen de Greenport regio Boskoop Een nieuwe waarde. De raad van de gemeente Alphen aan den Rijn; Gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders; Gezien artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht; B E S L U I T vast te stellen de: Integrale visie op transformatiegebieden binnen de Greenport regio Boskoop Een nieuwe waardeVoor een vitale toekomst met behoud van Boskoopse kenmerken! ColofonDatum: 30 oktober 2018 Opdrachtgever: Gemeente Alphen aan den Rijn Opgesteld door: Margreet Boer (adviseur/projectleider Greenport, gemeente Alphen aan den Rijn) In samenwerking met: Roy Prins (ruimtelijk juridisch adviseur, gemeente Alphen aan den Rijn) Agnes van der Schoot (planeconoom, gemeente Alphen aan den Rijn) Ron Kervezee (programmamanager Greenport, gemeente Alphen aan den Rijn) Mirja Hoogeveen (stedenbouwkundige, gemeente Alphen aan den Rijn) Marnix Groenland (adviseur Wonen, gemeente Alphen aan den Rijn) Alexander Ditmer (adviseur Recreatie en Toerisme, gemeente Alphen aan den Rijn) Ricardo Heine (adviseur Mobiliteit, gemeente Alphen aan den Rijn) Carina Lammers (projectondersteuner, gemeente Alphen aan den Rijn) Henk van der Smit (bestuurslid, Stichting Belangenbehartiging Greenport Boskoop) Met bijzondere dank aan: Alle betrokken collega’s en deelnemers die aan gebiedsbijeenkomsten, werksessies of individuele gesprekken hebben deelgenomen en via schriftelijke reacties hun bijdrage hebben geleverd. Uw inbreng is waardevol. Disclaimer Dit rapport is met de grootste zorgvuldigheid opgesteld. De auteur(
(2015)Figuur: Uitsnede uit plankaart HoutskoolschetsGreenport West Gezien het grote aantal woningen dat in de omliggende productiegebieden door de jaren heen is gebouwd en nu een belemmering lijkt te gaan vormen voor verdergaande schaalvergroting, kan het gebied Loeteweg uitkomst bieden. Voorwaarde is dat wordt aangetoond dat de betreffende transformatielocatie niet meer geschikt is voor duurzame sierteeltontwikkeling. 5.9.2Toekomstperspectief Ontwikkelingsrichting: Extensieve teelt, niche teelt; Waterberging; Zonneweide; Openbaar wandel-/groengebied over Padesche kade; Kleinschalige ruimte voor ruimte Een deel van het gebied blijft de komende jaren nog in gebruik voor sierteelt. Naast het huidig gebruik kunnen percelen bijvoorbeeld fungeren als buitenkavel of voor niche teelt. Het minder rendabele deel van dit gebied kan als opvanglocatie voor te verplaatsen woningen of ruimte voor ruimte woonrechten worden ingezet. Dit moet dan worden gecombineerd met water(compensatie)berging en groene inrichting. Hierdoor ontstaat een aantrekkelijke waterrijke locatie met een landelijke uitstraling en een hoog kwalitatief woonklimaat in plaats van een gebied wat steeds meer op achterstand raakt. Aangevuld met mogelijkheden tot recreatief medegebruik van vaarwater levert dit een extra meerwaarde op qua beleefbaarheid van het gebied. Het initiatief voor inrichting van een locatie met enkele woningen is reeds genomen. Dit heeft tot gevolg dat er een woning kan worden verplaatst zodat het tracé van de verlengde Roemer kan worden gerealiseerd, wat het achterste deel van het sierteeltgebied beter zal ontsluiten. Ook kan een bestaand recht op een agrarische bedrijfswoning niet in het productiegebied, maar in het westelijk deel van het transformatiegebied Loeteweg worden uitgeoefend, waardoor er geen bruikbaar sierteeltareaal verloren gaat. Een derde positief gevolg is dat er buiten de contour verspreid liggend glas en sierteelt kan worden gesaneerd, omdat er een geschikte locatie is gevonden voor het inpassen van een ruimte voor ruimte woning. Het productiegebied is met dit soort ontwikkelingen zeker gediend, wat de bouw van enkele Ruimte voor Ruimte-woningen legitimeert. Aan de zuidrand van dit gebied loopt de Padesche Kade (in de volksmond ook wel ‘Piskade’ genoemd). Deze kade is vanuit het project Modernisering Teeltareaal Greenport West weer geschikt gemaakt als wandelverbinding tussen de Roemer/Loeteweg en het Paddegat. Vanaf dit wandelpad heeft men een mooi uitzicht over het sierteeltgebied tot aan het Laag Boskoop. 5.10 Transformatiegebied Oude Wijk 5.10.1Gebiedsbeschrijving Het transformatiegebied Oude Wijk ligt in de Nessepolder en wordt omsloten door het Paddegat, Oude Wijk, Lombok en de Otweg. Het gebied herbergt een aantal percelen die door het slotenpatroon qua vorm en afmeting niet geschikt zijn voor modernisering van teeltareaal. Een aantal percelen zijn sterk gerend en bij een aantal percelen is schaalvergroting onmogelijk door de breedte van de tussenliggende watergangen. Hierdoor is dit gebied reeds in de Houtskoolschets ‘Modernisering Teeltareaal Greenport West’ aangeduid als transformatiegebied. Er is hier nog een aantal functionerende sierteeltbedrijven gevestigd, maar er is ook een aantal bedrijven volledig gestopt. Binnen het peilgebied van de Nessepolder bestaat er een tekort aan watercompensatie voor kwekers die willen uitbreiden. Aan de zuidrand, langs de Otweg Wetering, liggen woonboten en er is een jachthaven met directe toegang tot de Gouwe. Foto: Transformatiegebied Oude Wijk. Uitsnede plankaart Houtskoolschets ‘Modernisering Teeltareaal Greenport West: 5.10.2 Toekomstperspectief Ontwikkelingsrichting: Sierteelt; Waterberging; Wandel-/vis-/groengebied; Zoekgebied kleinschalige ruimte voor ruimte. In dit gebied wordt sierteelt zeker niet uitgesloten. Het wordt echter ook zichtbaar dat in sommige delen van het gebied de sierteelt geen gezonde economische basis meer vindt. Voor deze gebiedsdelen dient nieuw perspectief te worden geboden. Gezien het tekort aan watercompensatiemogelijkheden is het aanleggen van nieuwe waterberging een gewenste ontwikkeling, die goed aansluit op de behoefte van sierteeltbedrijven in het gebied die willen uitbreiden. Nieuwe waterberging wordt op zodanige wijze ingepast, dat het bestaande landschap wordt behouden dan wel versterkt. Nieuwe ruimte voor ruimte woningen die als gevolg van transformatie van sierteeltgrond en sanering van bebouwing ontstaan, worden daarom bij voorkeur niet in dit gebied teruggebouwd, tenzij dit het landschappelijk beeld en de ruimtelijke kwaliteit van dit gebied niet nadelig beïnvloedt. Hiermee wordt geborgd dat het bestaande karakter van het gebied zoveel mogelijk behouden blijft. Recent is een initiatiefverzoek ontvangen wat aansluit bij deze ontwikkelingsrichting. Inspiratiebeeld Transformatiegebied Oude Wijk 6. Aanbevelingen ruimtelijk instrumentarium6.1 Voorgestelde wijzigingen voor het gehele sierteeltconcentratiegebied Teneinde het palet aan ruimtelijke instrumenten te vereenvoudigen en flexibiliseren worden de volgende aanbevelingen gedaan: • De mogelijkheden voor nevenfuncties bij sierteeltbedrijven in de verschillende planologische regimes op elkaar af te stemmen en te uniformiseren. De eenvoudigste wijze daartoe is de mogelijkheden voor nevenfuncties uit het bestemmingsplan Buitengebied Boskoop aan te vullen of uit te breiden met de nevenfuncties die elders reeds zijn toegestaan. • Zoveel mogelijk nevenfuncties zonder meer toe te staan; 6.2 Voorgestelde wijzigingen voor transformatiegebieden Voor het versimpelen van transformatie in sierteeltconcentratiegebied worden onderstaande aanbevelingen gedaan: • Er wordt een verzamelbestemming (Agrarisch) toegekend, met daarin opgenomen een aantal toegestane agrarische, woon-, recreatieve en andere functies. Bij de hoofdbestemming kunnen naast deze functies ook de karakteristieken, die bij de cultuurhistorische en landschappelijke waarden horen, opgenomen worden. • Daarbij worden medebestemmingen opgenomen waarin overige activiteiten zijn toegestaan en mogelijkheden worden gecreëerd voor bijvoorbeeld nevenfuncties (verbrede landbouw); • Er wordt een specifieke gebruiksbepaling opgenomen die het gebruik van gronden en bouwwerken (i.c. sierteeltbedrijven) dat bestond ten tijde van de inwerkingtreding van het bestemmingsplan niet mag worden gewijzigd ten behoeve van ander gebruik. • Er wordt een afwijkingsregime opgenomen waarmee een sierteeltgerelateerde of sierteeltondersteunende vervolgfunctie aan het perceel kan worden toegekend (zoals extensieve teelt, kleinschalige ruimte voor ruimte locaties etc.), mits aan enkele voorwaarden wordt voldaan. • Ruimte voor Ruimte regeling vindt plaats via een wijzigingsbevoegdheid, waarbij rekening wordt gehouden met de verordening Ruimte 2014 en het provinciaal standpunt ten aanzien van toekenning van Ruimte voor Ruimte binnen het sierteeltconcentratiegebied. Het wordt van belang geacht dat in het kader van vereenvoudiging van procedures de bestaande Ruimte voor Ruimteregeling zoals verwoord in de bestaande bestemmingsplannen op het gehele transformatiegebied kan plaatsvinden en niet alleen buiten het sierteeltconcentratiegebied. Daarbij zij opgemerkt dat bij deze wijzigingsbevoegdheid de provincie in het kader van vooroverleg en ontwerpplan wordt betrokken. In bijlage 1 en 2 is verder uitgewerkt hoe een en ander in het bestemmingsplan kan worden opgenomen. 7. VervolgprocesWanneer de visie in concept gereed is, wordt deze eerst afgestemd met de betrokken partijen binnen de gemeente en met de mensen die deelgenomen hebben aan het ontwikkelproces. Vervolgens wordt de visie het bestuurlijk besluitvormingsproces in gebracht. Het college van burgemeester en wethouders besluit of zij de visie al dan niet aan de gemeenteraad wil voorleggen. Bij een positief besluit wordt de gemeenteraad vervolgens gevraagd met de visie in te stemmen. Nadat de gemeenteraad heeft ingestemd, kan het beleid worden geïmplementeerd en in de eerstvolgende bestemmingsplanherziening worden meegenomen. De planning hiervan ziet er als volgt uit: Er gaat meestal de nodige tijd overheen voordat het bestemmingsplan is aangepast. Nieuwe initiatieven hoeven hier niet op te wachten. Zodra de gemeenteraad de visie heeft vastgesteld, kunnen nieuwe initiatieven die in lijn zijn met de vastgestelde visie met een afzonderlijke ruimtelijke procedure worden gefaciliteerd. 8. Implementatie en uitvoeringDe gemeente draagt zorg voor implementatie van de visie in de bestemmingsplannen. Het initiatief voor transformatie ligt in beginsel niet bij de gemeente, maar wordt genomen door de sierteeltbedrijven die een verandering in hun bedrijfsvoering ambiëren. Zij leggen het plan, individueel of als collectief, voor aan de gemeente, waarna het plan gezamenlijk en integraal wordt beschouwd op haalbaarheid en uitvoerbaarheid, mede in het licht van de gewenste ontwikkelingsrichting van het desbetreffende transformatiegebied. In samenspraak met de initiatiefnemer of diens vertegenwoordiger wordt bekeken of en in hoeverre ambities kunnen worden waargemaakt, op welke wijze dit gebeurt en welke partijen daarbij betrokken zijn of moeten worden. Veelal wordt Stichting Belangenbehartiging Greenport Boskoop als vertegenwoordiger van een initiatiefnemer daarbij betrokken, maar ook bedrijfsadviseurs of landschapsdeskundigen hebben hierin vaak een rol. Daar waar mogelijkheden liggen voor een recreatieve of toeristische invulling, komen ook lokale stichtingen, verenigingen of vrijwilligers in beeld om mede uitvoering aan het plan te geven. Zodra het plan haalbaar wordt geacht, worden de afspraken vastgelegd in een anterieure overeenkomst en kunnen de benodigde procedures voor bestemmingsplan of omgevingsvergunning worden gestart. Op deze wijze wordt gezamenlijk zowel gestreefd naar een passende oplossing voor de desbetreffende kweker als naar behoud en versterking van de bestaande gebiedskwaliteit en -functionaliteit. Een initiatiefnemer is in beginsel verantwoordelijk voor een sluitende exploitatie. De ruimte voor ruimte regeling kan worden ingezet ter compensatie van de waardedaling van gronden (wanneer de sierteeltbestemming vervalt) of van gesaneerde bedrijfsbebouwing en fungeert daarmee als kostendrager. Bij kapitaalsintensieve bedrijven biedt dat in sommige situaties te weinig dekking, waardoor een ontwikkeling niet van de grond komt. Daar waar een ontwikkeling gepaard gaat met publieke functies, zoals parkeren en openbaar toegankelijk groen, kan incidenteel worden besloten om ruimte voor ruimte toe te passen op basis van de economische waarde van een bedrijf. Dit geldt ook als transformatie in sterke mate bijdraagt aan behoud van cultuurhistorische erfgoed. BegrippenlijstBestemmingsplan: een verordening waarin de gemeenteraad de planologische gebruiks- en bouwmogelijkheden van percelen heeft vastgelegd. Boom- en Sierteeltgebied (ook wel genoemd: Sierteeltconcentratiegebied): een middels de Verordening Ruimte 2014 door provincie Zuid-Holland aangewezen concentratiegebied voor boom- en sierteelt. Cultuurhistorie: het totaal aan sporen van menselijke activiteiten, boven en onder de grond, in de stad en op het platteland, opgebouwd uit biotisch materiaal (behorende tot de levende natuur) en abiotisch materiaal (behorende tot de niet-levende natuur). Greenport regio Boskoop : de gehele boom- en sierteeltcluster in en rondom Boskoop, waarin boom- en sierteeltproducten worden geproduceerd en verhandeld. Ruimtelijk instrumentarium: het geheel van in een bestemmingsplan verankerde mogelijkheden waarmee ruimtelijke ontwikkelingen gestalte kunnen krijgen. Ruimte voor Ruimte regeling: compensatieregeling met als uitgangspunt een bouwrecht voor een woning toe te kennen bij sanering van 1.000 m2 bedrijfsgebouw óf 5.000 m2 kas óf 2,25 ha sierteeltbestemming óf een combinatie daarvan, teneinde de waardevermindering te compenseren. Sierteeltcluster: het geheel van productie-, handels- en agro-logistieke bedrijven, toeleveranciers en dienstverleners die tezamen de gehele sierteeltketen vormen binnen de Greenport regio Boskoop. Sierteeltcontour: de begrenzing van het boom- en sierteeltgebied. Transformatiegebieden: sierteeltgebieden die door verschillende oorzaken (bereikbaarheid, ligging, afmeting, vorm e.d.) minder tot geen perspectief hebben op duurzaam en economisch volwaardig sierteeltgebruik in de nabije of verdere toekomst. Zorgkwekerij: een kwekerij waar mensen met een lichamelijke of een verstandelijke beperking of met psychische klachten begeleid eenvoudige werkzaamheden kunnen verrichten. Geraadpleegde bronnen:Boskoop – een ruimtelijk kwaliteitskader (gemeente Alphen aan den Rijn) Houtskoolschets Modernisering Teeltareaal Greenport West (Stichting Greenport regio Boskoop) Visie op Water (gemeente Alphen aan den Rijn) Cultuurhistorische waardenkaart gemeente Alphen aan den Rijn, versie mei 2018 Programmabegroting 2018 (Alphen aan den Rijn) Infographic Kerncijfers Greenport Boskoop (Stichting Greenport Regio Boskoop) Ruimte-voor-Ruimte regeling binnen het boom- en sierteeltconcentratiegebied Greenport regio Boskoop Leggerkaart en Watergebiedsplan (Hoogheemraadschap van Rijnland) Op Weg naar Toerisme met betekenis (PReT) Gebiedsprofielen (Provincie Zuid-Holland) Rapport Herstructureren en Transformeren (St. Belangenbehartiging Greenport Boskoop) Gebiedskennis van mensen die wonen en werken in het gebied De vigerende ruimtelijke plannen Zuid-Holland.nl NBTC.nl Boskoop, vijf eeuwen boomkwekerij (A. Vuyk sr.) HVBoskoop.nl Diverse informatiebronnen via het World Wide Web Bijlage 1 Nevenfuncties voor het hele sierteeltconcentratiegebiedDe mogelijke nevenfuncties, bij recht toegestaan of via binnenplanse afwijking te realiseren, die in de bestemmingsplannen voor de sierteeltgebieden Rijnwoude en Boskoop voorkomen, moeten worden geharmoniseerd. Daarnaast bestaat er behoefte de procedure voor een aantal nevenfuncties te vereenvoudigen. Om dit te bereiken, is een actualisatie van de desbetreffende bestemmingsplannen in voorbereiding. Onderstaand een overzicht van de huidige situatie en de nieuwe situatie. Bij recht toegestaan Via binnenplanse afwijking mogelijk Daarnaast kan via een binnenplanse afwijking medewerking worden verleend aan: a. Nevenfuncties die naar aard, omvang en invloed op de omgeving geacht kunnen worden te behoren tot de ingevolge hiervoor genoemde nevenfuncties; b. Een verruiming van de voor de voornoemde nevenfuncties weergegeven maximale oppervlakte van in gebruik te nemen gronden en/of bebouwing. Voorwaarden a. nevenfuncties dienen milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; b. er mogen geen onevenredige beperkingen voor omliggende, bestaande agrarische bedrijven optreden (dit betreft zowel de bestaande bedrijfsvoering als de uitbreidings- en ontwikkelingsmogelijkheden); c. er dient sprake te zijn van een goede landschappelijke inpassing, waarbij de nevenfunctie niet mag leiden tot een onevenredige aantasting van de in het gebied voorkomende natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden; d. er mag geen sprake zijn van een onevenredige vergroting van de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking; e. parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden. f. een verzoek om toepassing van deze ontheffingsbevoegdheid kan ter toetsing worden voorgelegd aan een agrarisch deskundige (onderdelen a en
- b)een deskundige inzake natuur en landschap (onderdeel
- c)met de vraag of aan het gestelde onder onderdeel wordt voldaan. Bijlage 2 Ruimtelijk instrumentarium voor de transformatiegebiedenVoor transformatiegebieden worden het hierna beschreven planologisch regime voorgesteld: 1. Bestemmingsomschrijving De voor Agrarisch aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. sierteeltbedrijven, met daarbij behorende bebouwing; b. het behoud en de versterking van de aan deze gronden eigen zijnde landschappelijke, cultuurhistorische en natuurwaarden waarbij de volgende karakteristieken; 2. Nadere bestemmingsomschrijving De voor Agrarisch aangewezen gronden zijn, naast deze functies tevens bestemd voor: a. burger- en plattelandswoningen met bijbehorende voorzieningen, waaronder begrepen het uitoefenen van een aan-huis-gebonden beroep en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten; b. bestaande niet-agrarische bedrijven; c. water met bijbehorende voorzieningen; d. wonen, tuinen en erven; e. verkeersvoorzieningen, waaronder rijbanen, kunstwerken, parkeerplaatsen en -voorzieningen, voorzieningen voor het stallen van fietsen, geluidwerende voorzieningen, in- en uitritten, voetpaden, sloten, bermen, beplantingen en andere groenvoorzieningen, fietspaden, ruiterpaden en straatmeubilair, bruggen, duikers, nutsvoorzieningen, één en ander hoofdzakelijk gericht op de verblijfsfunctie, met uitzondering van verkooppunten voor motorbrandstoffen; f. uitsluitend in onderstaande tabel toegestane agrarische en niet-agrarische nevenfuncties, waarbij in de tabel is aangegeven welk oppervlak aan bebouwing en gronden ten hoogste in gebruik mag worden genomen ten behoeve van de nevenfunctie: Tabel toegestane nevenfuncties g. extensieve teelten; h. watercompensatie en –berging; i. energieparken; j. enterijen; k. waterrecreatie; l. verblijfsrecreatie; m. agrarische aanverwante en andere bedrijven, vallende onder categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten; 3. Specifieke gebruiksregels a. Het gebruik van de gronden en bouwwerken bedoeld in artikelen 1 en 2 dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan mag niet worden gewijzigd in een ander gebruik; b. In uitzondering op het bepaalde in het eerste lid is het gebruik onder artikel 2 onder f bij sierteeltbedrijven toegestaan. 4. Afwijken van de gebruiksregels 4.1 Nevenfuncties Burgemeester en wethouders kunnen met een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 3 onder b ten behoeve van a. het toestaan van één of meerdere nevenfuncties zoals opgenomen in de onderstaande tabel. Tabel nevenfuncties via afwijking met een omgevingsvergunning b. het toestaan van nevenfuncties die naar aard, omvang en invloed op de omgeving geacht kunnen worden te behoren tot de ingevolge de in de tabellen weergegeven nevenfuncties c. het toestaan van een verruiming van de voor de in de tabellen weergegeven maximale oppervlakte van in gebruik te nemen gronden en/of bebouwing voor de nevenfuncties. d. de omgevingsvergunning kan slechts worden verleend indien wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: Voorwaarden a. nevenfuncties dienen milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; b. er mogen geen onevenredige beperkingen voor omliggende, bestaande agrarische bedrijven optreden (dit betreft zowel de bestaande bedrijfsvoering als de uitbreidings-en ontwikkelingsmogelijkheden); c. er dient sprake te zijn van een goede landschappelijke inpassing, waarbij de nevenfunctie niet mag leiden tot een onevenredige aantasting van de in het gebied voorkomende natuurlijke, landschappelijke en cultuurhistorische waarden; d. er mag geen sprake zijn van een onevenredige vergroting van de publieks- en/of verkeersaantrekkende werking; e. parkeren dient op eigen terrein plaats te vinden. f. een verzoek om toepassing van deze ontheffingsbevoegdheid kan ter toetsing worden voorgelegd aan een agrarisch deskundige (onderdelen a en
- b)een deskundige inzake natuur en landschap (onderdeel
- c)met de vraag of aan het gestelde onder onderdeel wordt voldaan. 4.2 Vervolgfunctie t.b.v. transformatiegebieden Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikel 3 indien sprake is van een algehele bedrijfsbeëindiging van een ter plaatse gevestigd (agrarisch) bedrijf in een transformatiegebied, met inachtneming van het volgende: a. vestiging van een sierteeltgerelateerde of sierteeltondersteunende functie is mogelijk; b. de wijziging van het gebruik moet bijdragen aan de aanwezige landschappelijke, cultuurhistorische en natuurkwaliteiten; c. er moet sprake zijn van een gebied gebonden of een specifieke functie; d. ten behoeve van vervolgfunctie gelden de volgende bouwregels: - de vervolgfunctie maakt gebruik van de bestaande en/of onherroepelijk vergunde bebouwing; - indien de resterende bebouwing niet functioneel is in te zetten voor de vervolgfunctie, mag nieuw gebouwd worden nadat sloop van bedrijfsbebouwing heeft plaatsgevonden, met dien verstande dat ten hoogste 50% van het oppervlak aan gesloopte gebouwen mag worden herbouwd. e. er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein; f. het voorgenomen gebruik is aanvaardbaar gelet op de verkeerskundige situatie ter plaatse en op de aan- en afvoerroutes naar het perceel; g. het voorgenomen gebruik levert geen milieuhygiënische belemmeringen op voor de belendende percelen; h. in de nabijheid gelegen functies worden niet in onevenredige mate in hun ontwikkelingsmogelijkheden geschaad; i. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van betrokken en nabijgelegen gronden worden niet onevenredig geschaad; j. ter beoordeling van het vorenstaande punten wordt getoetst aan het Visiedocument ransformatiegebieden. 4.3 Het gebruik van de bedrijfswoning als burgerwoning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikelen 1 en 2 voor het gebruik van de bedrijfswoning bij een agrarisch bedrijf als plattelandswoning, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. Het bestemmingsvlak heeft een maximale oppervlakte van 1.000 m2, met dien verstande dat de bestaande situatie aanleiding kan geven tot een grotere oppervlakte; b. De afstand tussen de achtergevel van de bestaande woning en de grens van het bestemmingsvlak bedraagt maximaal 15 meter, met dien verstande dat de bestaande situatie aanleiding kan geven tot een grotere afstand; c. de onder a en b genoemde bestaande situatie kan onder andere worden veroorzaakt door de situering van de woning op het perceel en/of een bestaande toegangsweg en/of de aanwezigheid van een natuurlijke perceelgrens van water en/of groen; d. de woning en het bedrijf waartoe de woning voorheen behoorde, hebben ieder een eigen rechtstreekse verbinding met de openbare weg; e. de burgerwoning dient milieuhygiënisch inpasbaar zijn; f. omliggende, bestaande agrarische bedrijven, inclusief het voorheen bijbehorende agrarisch bedrijf, mogen niet in hun belangen worden geschaad. Dit betreft zowel de bestaande bedrijfsvoering als de uitbreidings- en ontwikkelingsmogelijkheden; g. indien niet zonder meer aan het gestelde onder e en f kan worden voldaan, dienen voorzieningen te worden getroffen, zoals de aanleg van een sloot, het realiseren van een bufferzone, het plaatsen van een scherm en/of een andere doelmatige bouwkundige voorziening. 4.4 Het gebruik van de bedrijfswoning als plattelandswoning Burgemeester en wethouders zijn bevoegd met een omgevingsvergunning af te wijken van het bepaalde in artikelen 1 en 2 voor het gebruik van de bedrijfswoning bij een agrarisch bedrijf als plattelandswoning, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. Het bestemmingsvlak met de aanduiding plattelandswoning heeft een maximale oppervlakte van 1.000 m2, met dien verstande dat de bestaande situatie aanleiding kan geven tot een grotere oppervlakte; b. De afstand tussen de achtergevel van de bestaande woning en de grens van het bestemmingsvlak bedraagt maximaal 15 meter, met dien verstande dat de bestaande situatie aanleiding kan geven tot een grotere afstand; c. de onder a en b genoemde bestaande situatie kan onder andere worden veroorzaakt door de situering van de woning op het perceel en/of een bestaande toegangsweg en/of de aanwezigheid van een natuurlijke perceelgrens van water en/of groen; d. het bedrijf waartoe de woning voorheen behoorde blijft toegankelijk, hetzij door een rechtstreekse verbinding met de openbare weg, hetzij door een verbinding met een naastgelegen perceel; e. de bouw- en gebruiksregels die van toepassing zijn op een bedrijfswoning (inclusief bijgebouwen) blijven na wijziging van toepassing; f. het bedrijf waartoe de bedrijfswoning behoorde, heeft de bedrijfsactiviteiten niet beëindigd; g. de plattelandswoning dient milieuhygiënisch inpasbaar te zijn; h. omliggende bestaande agrarische bedrijven mogen niet in hun belangen worden geschaad. Dit betreft zowel de bestaande bedrijfsvoering als de uitbreidings- en ontwikkelingsmogelijkheden; i. indien niet zonder meer aan het gestelde onder g. en h. kan worden voldaan, dienen voorzieningen te worden getroffen, zoals de aanleg van een sloot, het realiseren van een bufferzone, het plaatsen van een scherm en/of andere doelmatige bouwkundige voorziening. 4.5 Ruimte voor Ruimte regeling Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen naar de bestemmingen 'Wonen', 'Agrarisch' (onbebouwd/zonder bouwvlak)', 'Agrarisch met waarden (onbebouwd/zonder bouwvlak)' en/of 'Water', onder toepassing van de Ruimte-voor-Ruimte regeling ter compensatie daarvan één of meerdere compensatiewoningen toekennen Hierbij moet aan de volgende voorwaarden worden voldaan: a. Het bestaande agrarische bedrijf is/wordt ter plaatse volledig beëindigd en de bestaande agrarische bestemming wordt van het perceel afgehaald en de aanwezige milieurechten (melding/vergunning) die op het bedrijf rusten, worden beëindigd; b. Initiatiefnemer toont aan dat een bedrijf op de huidige locatie onvoldoende bestaansrecht en ontwikkelingsmogelijkheden heeft. Hierover kan advies worden ingewonnen bij een agrarisch deskundige; c. Initiatiefnemer toont aan dat de toepassing van de Ruimte-voor-Ruimte regeling leidt tot een 'verbetering van de ruimtelijke kwaliteit'; d. 'Verbetering van de ruimtelijke kwaliteit' betekent voor boom -en sierteeltpercelen dat wordt voldaan aan de beleidsregels zoals opgenomen in de door de raad op 23 februari 2017 vastgestelde 'Ruimte-voor-Ruimte regeling binnen het boom- en sierteeltconcentratiegebied Greenport Regio Boskoop' dan wel een opvolgende herziening van deze beleidsregels; e. Compensatie vindt plaats in de vorm van woningbouw. Eventueel is medewerking mogelijk aan een combinatie van wonen-werken of recreatie(woning). Bij woningbouw dient rekening te worden gehouden met de gemeentelijke woonvisies. Daarnaast worden in principe niet meer woningen toegestaan dan noodzakelijk is om het amoveren (of eventueel verplaatsen) van de bedrijfsactiviteiten te kunnen realiseren; f. Voor de sloop of sanering op één of meerdere percelen mag één compensatiewoning (met een inhoud van 750 m3) worden gebouwd voor iedere te saneren 1.000 m2 gebouwen (boven peil), 5.000 m2 kassen of 2,25 ha boom-en sierteeltgrond dan wel het aantal compensatiewoningen op basis van een op dat moment gangbare berekeningswijze die recht doet aan de daardoor te verkrijgen ruimtelijke kwaliteitsverbetering; g. Bij een (sierteelt)perceel dat geheel of gedeeltelijk is gelegen binnen het sierteeltconcentratiegebied, komen voor de bouw van compensatiewoningen uitsluitend de locaties in aanmerking, zoals rood omkaderd weergegeven op bijlage 1 van deze regels. In aanvulling daarop gelden de volgende voorwaarden: 1. De bestemming 'Wonen' kan niet worden toegekend aan een perceelgedeelte dat binnen het verloren gaat en de nieuwe functie geen onevenredige beperkingen oplegt aan het functioneren van het boom- en sierteeltgebied; 2. De bestemming 'Agrarisch met waarden (onbebouwd/zonder bouwvlak)' kan alleen worden toegekend aan een perceelgedeelte dat buiten het sierteeltconcentratiegebied is gelegen; 3. Er mogen binnen alle locaties samen maximaal 35 compensatiewoningen (waarvan 10 woningen op de transformatielocaties in het plangebied Sierteeltgebied -Hazerswoude- en 25 woningen op transformatielocaties in het plangebied Buitengebied Boskoop) worden gerealiseerd, met een maximum van 8 woningen per jaar; 4. Percelen binnen het sierteeltconcentratiegebied komen niet in aanmerking voor de bouw van een of meerdere compensatiewoningen die ontstaan door sanering van percelen en/of daarop aanwezige bebouwing buiten het sierteeltconcentratiegebied; h. Bij de toekenning van de bestemming 'Water' ten behoeve van geclusterde waterberging zijn de voorwaarden van de desbetreffende wijzigingsbevoegdheid van toepassing; i. Het verkrijgen van een bouwrecht voor een compensatiewoning via saldering (het samenvoegen van bebouwing/bedrijfsoppervlak op afzonderlijke percelen) is mogelijk. Vastgesteld door de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn in de openbare raadsvergadering van 13 december 2018,de griffier, de voorzitter,drs. J.A.M. Timmerman, mr. drs. J.W.E. Spies