Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Beekdaelen houdende regels omtrent notitie inrichting van het sociaal domein in BeekdaelenVoorwoord Olifantenpaadjes dwars door Beekdaelen U kent het wel. Ligt er een mooi netwerk van betegelde voetpaden, lopen er van die paadjes over het gazon: olifantenpaadjes. Beeldender kunnen wij het niet maken: mensen laten zich niet sturen. Zij zoeken zelf oplossingen en hun eigen weg om ergens te komen. Dan kan de gemeente nog zo’n mooi pad uitstippelen en aanleggen. Maar als het niet uitkomt gebruikt iedereen het olifantenpaadje. Beekdaelen koestert olifantenpaadjes Vergelijk de betegelde voetpaden met het overheidsbeleid. Dan zijn zelfredzaamheid en leefbaarheid de olifantenpaadjes. Wij zien de afkortingen die onze inwoners gebruiken als hun manier om van A naar B te komen. Door te luisteren naar de inwoners zullen ze ons uitleggen waarom zij niet over het door ons aangelegde voetpad lopen, maar over het olifantenpaadje. Beekdaelen staat ervoor dat in de toekomst geen betegelde paden bedacht worden achter het bureau. Maar dat we samen met de gebruikers kijken welke weg voor hen de meest logische is. En zodra er dan toch weer een olifantenpaadje ontstaat, is dat voor Beekdaelen aanleiding om het beleid aan te passen. Zo maken wij gebruik van de kennis en kracht uit onze samenleving. Op een manier die past bij Beekdaelen: praktisch en van onderop. Niet met ingewikkelde termen en processen. Maar krachtig, eigenwijs en met geloof in eigen kunnen. Elkaar beter begrijpen De komende jaren zullen wij met zijn allen meer veranderingen doormaken dan de afgelopen veertig jaren hebben plaatsgevonden. In het referentiekader ‘Iedereen doet mee’ zijn de veranderingen benoemd. Kortheidshalve verwijzen wij hiernaar, maar denk aan: toenemende arbeidsmigratie waardoor de gemeenschappen wijzigen, robotisering en automatisering waardoor de arbeidsmarkt verandert, etc. Iedereen ziet volop veranderingen in de eigen leef- en werkomgeving of voelt dat grote veranderingen er aankomen. De gemeente Beekdaelen is ervan overtuigd dat mensen niet bang zijn voor verandering. Onze samenleving verandert voortdurend en mensen bewegen mee. Waar mensen vaak mee worstelen, is de aanpassing op de verandering. Want wij leven in structuren, met gebaande en betegelde voetpaden. En als mensen dan het olifantenpaadje bewandelen, staat de overheid klaar met het bonnenboekje. De overheid als scheidsrechter geeft dan een rode kaart in de vorm van een bekeuring want regels zijn regels. Zo’n overheid wil gemeente Beekdaelen niet zijn. Beekdaelen wil een partner zijn die inwoners begrijpt en waar ruimte is voor creatieve oplossingen die anders zijn. Beekdaelen daagt inwoners ook uit tot burgerlijke ongehoorzaamheid. Zolang dat maar bedoeld is om de gemeente scherp te houden op actueel beleid en een dienstverlening die iedereen begrijpt. Luisteren en maatwerk Vanaf 2019 mag de inwoner van de nieuwe gemeente Beekdaelen ervan op aan dat hun gemeentebestuur en hun ambtenaren echt luisteren en iets doet met de signalen. Wij zullen met deze houding en werkwijze niet iedereen tegemoet kunnen komen. Maar wij zijn bereid om maatwerk te leveren. Wij maken onderscheid tussen de kernen en buurtschappen, omdat wat bij de ene kern past, niet hoeft te passen bij de andere kern. Wij leggen in Beekdaelen duidelijk uit welke keuzes wij maken en waarom we die keuzes maken. En daar hoort ook soms ‘nee’ bij want niet alles kan en mag. Gemeente Beekdaelen wil trots zijn op de olifantenpaadjes. Want deze zijn het bewijs van de kracht van de samenleving en een typisch kenmerk van de Beekdaelense mentaliteit. Vertaling naar het sociaal domein De voorliggende notitie over de toegang tot het sociaal domein van Beekdaelen houdt rekening met en speelt in op de ambities van Beekdaelen, de visie van Beekdaelen en dat wat de inwoners hebben ingebracht tijdens de dorpsbijeenkomsten. Deze notitie is de basis voor het inrichten van een organisatie die mensen uitdaagt om olifantenpaadjes te maken. Omdat wij naar de mensen toe gaan, kunnen wij mensen bevragen waarom zij de dingen doen, zoals zij ze doen. En dat vertalen wij naar het beleid, opdat inwoners het beleid ook herkennen en begrijpen. De veranderingen die op ons afkomen en reeds in volle gang zijn (zie referentiekader en overdrachtsdocument): Demografische veranderingenDe samenstelling van de bevolking verandert. De bevolking vergrijst en leeft langer. Jongeren trekken weg. Arbeidsmigratie en migratie brengt andere culturen naar onze gemeenschappen. Beekdaelen zal niet de verschillen benoemen, maar samen met de inwoners op zoek gaan naar manieren hoe wij gebruik kunnen maken van de demografische verandering. Veranderende vraag naar en aanbod van voorzieningenAls de samenstelling van de bevolking verandert, verandert ook de vraag naar voorzieningen. De gemeente Beekdaelen zal daarop inspelen, niet zo zeer door zelf allerlei nieuwe voorzieningen te realiseren, maar door inwoners te ondersteunen en stimuleren die voorzieningen te realiseren die zij denken nodig te hebben. Wij zullen met de inwoners op zoek gaan naar een nieuwe leefbaarheid. Heb je een voetbalcomplex in je eigen kern nodig, om het dorp leefbaar te houden? Of gaat dat over identiteit en dorpse rivaliteit? In Beekdaelen gaan wij hierover de discussie aan met de inwoners. Veranderingen in de zorgIedereen ervaart zorg als belangrijk, zeker als je er op aangewezen bent. Maar tegelijkertijd moeten de financiën beheersbaar blijven. In Beekdaelen gaan wij op zoek naar samenwerking met alle partijen vanuit een coöperatieve gedachte. De gemeente bedenkt niet meer zelf welke zorg nodig is. In Beekdaelen zullen buren er trots op zijn dat zij de vakantie hebben uitgesteld, omdat ze de buren geholpen hebben. In Beekdaelen zorgen wij voor elkaar. DigitaliseringAls één verandering niet meer te stuiten is, dan is het digitalisering. En die vergadering gaat in een sneltreinvaart. De gemeente gaat inwoners vragen om elkaar te helpen hierbij. Digitalisering maakt veel mogelijk, maar als mensen afhaken, zijn wij verkeerd bezig. Voor die mensen moeten wij niet terug naar het papieren tijdperk. Voor deze inwoners organiseren wij vanuit een coöperatieve gedacht hulp. Veranderende relatie overheid en burgerAls de burger echt niet anders kan en het vangnet van de gemeente moet worden aangesproken, dan kan de burger op de gemeente rekenen, zonder voorbehoud. Maar de gemeente is geen organisatie waar je als burger een probleem kunt neerleggen, dat de gemeente voor jou zal oplossen. Beekdaelen zorgt ervoor dat inwoners problemen eerst zelf proberen op te lossen. Zelfredzaamheid wordt in Beekdaelen ingegeven vanuit de overtuiging dat niemand graag afhankelijk is van een ander. Niemand zit graag in een rolstoel, wacht graag een uur op een busje om van A naar B te komen of leeft graag van een minimale uitkering. Zelfredzaamheid is in Beekdaelen geen kreet om bezuinigingen te rechtvaardigen. Zelfredzaamheid is waar mensen in Beekdaelen trots op zijn, omdat zij niet door de gemeente maar met de gemeente tot een oplossing zijn gekomen. Aanbod werk en samenstelling beroepsbevolking veranderenWij denken dat dit grootste uitdaging van onze gemeenschappen wordt. De veranderingen in het aanbod van arbeid gaan snel en zijn onomkeerbaar. In Beekdaelen zullen wij inwoners helpen bij die veranderingen. Maar wij moeten ook inspelen op de steeds ouder wordende beroepsbevolking. Deze ontwikkeling heeft dan ook gevolgen voor de samenstelling van de bevolking. In Beekdaelen creëren wij een omgeving, waar mensen graag willen wonen en dat doen wij samen met de inwoners. Het model dat in deze notitie wordt beschreven, opent de organisatie van de gemeente Beekdaelen voor de interactie met de inwoners. De dorpscoördinatoren zijn in de dorpskernen en buurtschappen te vinden. De consulenten hebben nauw contact met huisartsen, praktijkondersteuners, intern begeleiders, etc. Beleidsmedewerkers gaan actief in gesprek met belangengroepen en schrijven beleid dat inwoners herkennen. 1. Inleiding Op 1 januari 2019 is de organisatie van de gemeente Beekdaelen operationeel. Dan kunnen burgers bij ons terecht voor vragen en maatwerkvoorzieningen op het gebied van het sociaal domein. Maar hoe doen wij dat en wat zijn onze uitgangspunten voor hoe de organisatie wordt ingericht? Daarop geeft deze notitie antwoord. De basis is de aandachtspuntennotitie (zie bijlage 4) die door de portefeuillehouders sociaal domein is vastgesteld en dat wat in het voorwoord staat. Wij gaan naar mensen toe, wij zoeken mensen op en wij waarderen en ondersteunen particuliere initiatieven. Daarvoor gaan wij op huisbezoek en benoemen wij dorpscoördinatoren, opdat de verbinding van binnen naar buiten en omgekeerd wordt gemaakt. De gemeente laat los waar zij het vertrouwen heeft dat burgers het zelf oplossen. In de ene kern werkt deze oplossing, in een andere kern werkt een andere oplossing. Beide oplossingen zijn goed. De gemeente differentieert per kern en vertrouwt op zelfsturing door de mensen zelf. Als het wenselijk is, dan bemiddelt de gemeente, voert de regie en faciliteert, om partijen bij elkaar te brengen of initiatieven vooruit te helpen. En daar waar mensen het echt niet zelf kunnen oplossen, is de gemeente het vangnet. De burger doet nooit voor niets een beroep op de gemeente. In de gemeente Beekdaelen woon je, leef je en werk je graag, omdat de gemeente helpt waar nodig, maar vooral afstand neemt als initiatieven leiden tot oplossingen. De gemeente werkt vanuit rollen en niet vanuit de aanbieder van producten. De organisatie van de gemeente moet daarop worden afgestemd. Schematisch ziet dat er als volgt uit: 2. Burgers, verenigingen en vrijwilligersorganisaties De decentralisatie van taken op het gebied van de Wmo, Participatiewet en Jeugdwet naar gemeenten per 2015 heeft een tijdperk van grote maatschappelijke veranderingen ingeluid. Nederland transformeert van een diepgewortelde verzorgingsstaat naar een participatiesamenleving waarin burgers weer meer zelf verantwoordelijk zijn voor hun eigen leven en waarin iedereen naar vermogen meedoet. Er vindt een verschuiving plaats van zware, complexe en dure zorg naar lichtere vormen van zorg en ondersteuning en de inzet van algemeen toegankelijke voorzieningen. De focus ligt hierbij op preventie, vroegsignalering en vroeginterventie. Hoewel we de afgelopen drie jaar al de nodige aandacht hebben besteed aan deze veranderopgave, zijn we nog lang niet klaar. In dit hoofdstuk gaan we in op een aantal thema’s die belangrijk zijn voor de verdere vormgeving van de veranderopgave de komende jaren. Het gaat hierbij niet alleen om een systeemverandering, maar ook van een gedragsverandering van alle partijen, niet alleen van de burger, maar zeker ook van de overheid en van uitvoerende organisaties en hun professionals. Burgers worden meer op hun eigen vermogen tot regie en zelforganisatie aangesproken, de overheid moet loslaten in vertrouwen, ondersteunen en faciliteren en uitvoerende organisaties werken vraag- en resultaatgericht. 2.1 Uitgangspunten: Belangrijke uitgangspunten en doelstellingen voor de inrichting van het sociaal domein en de bijbehorende veranderopgave zijn: Het versterken van de zelfredzaamheid en de positie van burgers; Uitgaan van de mogelijkheden van mensen, niet van hun beperkingen; Focus op preventie en vroegsignalering; Zoeken naar integrale oplossingen: één gezin, één plan, één regisseur; Geen burger tussen wal en schip; Ondersteuning is gericht op de vraag achter de vraag; Ondersteuning is licht waar mogelijk, zwaar waar noodzakelijk; Snelle interventie en opvolging, ‘direct er op af’; Formeel en informeel in optimale verhouding; Doordachte balans van collectief en individueel; Regie bij de gemeente; Niet vrijblijvend, maar resultaatgericht werken; Ruimte aan de professional; Ruimte voor couleur local en gebruik maken van de kracht van onze dorpskernen; Vitale en leefbare dorpskernen met een ruim aanbod aan algemeen toegankelijke voorzieningen; Ruimte voor ontwikkelingen en innovatie; Samenwerking en ontschotting binnen het maatschappelijk middenveld; Communicatie en het betrekken van burgers; Doelmatigheid van middelen. We moeten niet alleen de zelfredzaamheid van onze burgers versterken, we moeten zelf ook durven loslaten. We moeten niet alleen toewerken naar een regisserende gemeente, we moeten ook goede initiatieven van onze burgers faciliteren en verbinden. We moeten daarnaast investeren om te kunnen genereren. Om dit te bewerkstelligen zijn de volgende aspecten van belang: gebiedsgericht werken en intensieve samenwerking van professionele instellingen en ketenpartners; een uitgebreid aanbod aan algemeen toegankelijke voorzieningen in de gemeente; ondersteuning en facilitering van burgerinitiatieven en informele netwerken; inzet van dorpscoördinatoren als ogen en oren van de wijk; een laagdrempelige, integrale toegang tot zorg en ondersteuning. Deze aspecten worden hieronder en in de volgende hoofdstukken verder toegelicht. 2.2 Gebiedsgericht werken De werkwijze van het gebiedsgericht werken wordt zoveel mogelijk in stand gehouden dan wel doorgevoerd. Hiermee wordt bedoeld dat de consulenten weliswaar 1 team gehuisvest op 1 locatie vormen, hetgeen voor de bedrijfsvoering cruciaal is, doch dat consulenten vooralsnog wel een aandachtsgebied hebben. Hiermee houden wij het opgebouwde netwerk en de korte lijnen met bv. de huisartsen, het onderwijs en maatschappelijk werk, welke van (groot) belang zijn in het kader van vroegsignalering, vroeginterventie en afstemming van zorg, in stand. Consulenten werken per discipline en indien noodzakelijk worden (aan)vragen besproken met het Expertiseteam. Dit omdat de kennis van het voorliggende veld en de korte lijnen met het in het gebied aanwezige zorgnetwerk van cruciaal belang kunnen zijn voor een snelle en efficiënte zorg en ondersteuning. Met deze werkwijze doen wij recht aan de benoemde aandachtpunten die zowel in de Dienstverleningsvisie vastgelegd zijn doch ook in de ambtelijke werksessies naar voren kwamen: van een laagdrempelige toegang met een integrale dienstverlening, benutting van de expertise van medewerkers, regie bij de gemeente en een goede netwerksamenwerking met ketenpartners. 2.3 Inrichting algemeen toegankelijke voorzieningen Een belangrijk instrument in de bevordering van zelfredzaamheid van burgers is de inzet van algemeen toegankelijke voorzieningen. Algemeen toegankelijke voorzieningen zijn voorzieningen waar inwoners gebruik van kunnen maken zonder formele zorgindicatie. Denk bijvoorbeeld aan Hoeskamers, open eettafels, de Wensbus, boodschappenservice, repaircafé, maatschappelijk werk, ouderwerk etc. Soms is deelname volledig gratis, soms wordt een kleine bijdrage gevraagd. Op het moment dat een burger zich meldt met een hulpvraag, dient in eerste instantie bezien te worden of deze hulpvraag opgelost kan worden door middel van inzet van zijn eigen netwerk of de inzet van algemeen toegankelijke voorzieningen in de gemeente. Hiermee kunnen dure zorgarrangementen voorkomen worden. Algemeen toegankelijke voorzieningen worden veelal gerund door vrijwilligers, waar nodig met een stukje professionele ondersteuning. Dit betekent dat – afhankelijk van het aantal beschikbare vrijwilligers – het aantal en de aard van de algemeen toegankelijke voorzieningen zal verschillen per kern. Dit is niet erg, indien burgers gebruik willen maken van een voorziening in een andere kern dan kan dit, eventueel met inzet van de Wensbus. Ten aanzien van de realisatie en instandhouding van algemeen toegankelijke voorziening heeft de gemeente een faciliterende rol, bijvoorbeeld door het regelen van een stukje professionele ondersteuning van de vrijwilligers waar nodig of financiële ondersteuning door middel van een activiteitenbudget. 2.4 Ondersteuning burgerinitiatieven Een ander belangrijk instrument in de bevordering van zelfredzaamheid van burgers is de ondersteuning en facilitering van burgerinitiatieven. De overheid wil steeds meer verantwoordelijkheden terugleggen in de samenleving. Hiervoor zullen veel initiatieven 'van onderop' - dat wil zeggen vanuit de samenleving zelf - ontwikkeld moeten worden. Om te zorgen dat dit gebeurt moet de gemeente ruimte bieden aan creativiteit, innovatie en eigen initiatief. Vanuit oogpunt van new governance is het van belang om voor de nieuwe gemeente Beekdaelen beleid te vormen gericht op de ondersteuning en facilitering van burgerinitiatieven. Het moet voor burgers, verenigingen en vrijwilligersorganisaties zo simpel en aangenaam mogelijk gemaakt worden om zelf zaken op te pakken. Regels en protocollen moeten tot een absoluut minimum beperkt worden en waar nodig dient facilitering plaats te vinden, zowel financieel als in natura. Ook is het van belang om heldere kaders te stellen waarbinnen activiteiten dienen te worden uitgevoerd. Deze moeten enerzijds ruimte bieden voor couleur locale, maar anderzijds ook helder zijn om te voorkomen dat we een vrijstaat creëren waarin alles maar moet kunnen. Tot slot willen we ook ruimte creëren voor vernieuwende concepten en instrumenten ter bevordering van eigen initiatief en burgerparticipatie (denk bijvoorbeeld aan opbouwwerk nieuwe stijl, een jeugdraad, de coöperatieve gedachte of een burgerpanel). 3. Samenwerking professionele instellingen Voor adequate hulp en ondersteuning aan inwoners die een hulpvraag hebben is – naast een stevig voorliggend veld - een sterke samenwerking met professionals die werkzaam zijn op het gebied van het sociaal domein van groot belang. 3.1 Netwerk van professionals In de gemeente Beekdaelen zijn veel professionals werkzaam op het gebied van het sociaal domein (Wmo, jeugdhulp en participatie). Deze professionals, ieder met zijn eigen kennis en kunde, vormen samen een netwerk van professionals die in principe alle zorgvragen van inwoners van Beekdaelen van 0-100 jaar op alle leefgebieden moeten kunnen oppakken. In het netwerk zijn diverse disciplines vertegenwoordigd, die elkaar weten te vinden op het moment dat zij geconfronteerd worden met een vraag die zij zelf niet kunnen beantwoorden. Er is sprake van korte lijnen tussen de leden van het netwerk. Hulpvragers worden niet doorverwezen: op het moment dat bepaalde expertise nodig is die op dat moment niet voorhanden is, dan wordt deze expertise erbij gehaald. Er vinden geen multidisciplinaire overlegtafels plaats waar plenair óver cliënten gesproken wordt. Er wordt op individueel niveau met de zorgvrager samen gewerkt aan een oplossing van de hulpvraag met de juiste inzet (tenzij de veiligheid in het geding is, hiervoor gelden protocollen). De focus ligt op inzet van eigen kracht, vroegsignalering en vroeginterventie met als doel een verschuiving van zware naar lichte vormen van zorg en ondersteunen en – liever nog – preventie. Daar waar de eigen kracht, inzet van het eigen netwerk of inzet van algemeen toegankelijke voorzieningen ontoereikend is, kan geïndiceerde zorg worden ingezet. Indicaties hiervoor worden afgegeven door de gemeente. De lijnen tussen de consulenten en de professionals uit het lokale zorgnetwerk zijn kort: men kent elkaar en weet elkaar snel te vinden op het moment dat dat nodig is. Bij zaken waarbij meer dan één professional betrokken is en de cliënt de regie zelf niet of niet goed kan voeren wordt een casemanager aangewezen die de voortgang bewaakt. Eén en ander wordt vastgelegd in een ondersteuningsplan (1Gezin1Plan) dat door alle betrokken partijen – inclusief de hulpvrager - wordt onderkend en ondertekend. De professionals zijn dus de spin in het web daar waar het gaat om het daadwerkelijk verstrekken van diverse vormen van hulp en ondersteuning, vrij toegankelijke en/of geïndiceerde zorg. Een niet limitatieve opsomming van de professionals: Contractpartners Wmo en Jeugd KOMPAS MEE Welzijnsorganisaties Huisartsen / POH Onderwijs 3.2 Strategisch partnerschap De komende jaren zullen in het teken staan van de transformatieopgave. Om hier invulling aan te geven gaan wij een strategisch partnerschap aan met innovatieve partners die bereid zijn om over hun organisatiebelang heen te kijken èn te handelen. Partners die bereid zijn te investeren in bijvoorbeeld een preventieve aanpak die ertoe leidt dat zij zelf op termijn minder cliënten zullen krijgen. Of partners die enorm investeren in het netwerk van de cliënt, waardoor de inzet van het eigen personeel teruggedrongen kan worden. Met deze strategische partners kunnen wij de zoektocht naar transformatieoplossingen aangaan. Transformeren vergt transparantie en vertrouwen. Alleen in een sfeer van openheid en vertrouwen kan immers buiten de bestaande kaders worden gedacht en kunnen oplossingen worden geprobeerd welke mogelijk ook anders kunnen uitpakken dan verwacht/gehoopt. Strategisch partnerschap is investeren in relaties. Aan de partijen die zich in woord en daad actief strategisch partner betonen, die zichtbaar bijdragen aan de transformatie en buiten hun organisatiebelangen denken, kan een langer lopend contract worden aangeboden, om zo ruimte te creëren en eventuele risico’s beter op te kunnen vangen. Een strategisch partnerschap kan daarom niet zomaar met elk organisatie aangegaan worden, men zal zich moeten conformeren aan de transformatiedoelstellingen. Met aanbieders van algemene voorzieningen kan gaan wij eveneens een partnerschap aan waarin wij verwachten dat zij actief bijdragen aan innovatieve oplossingen om de zelfredzaamheid van onze inwoners te vergroten en de vangnetvoorzieningen op een effectieve en efficiënte wijze vorm te geven. De partners kunnen per deelterrein verschillen. Transformeren gaat, zoals gezegd, over het veranderen van het samenspel tussen inwoners, organisaties en de gemeente. Ook de inwoners en de Adviesraad Sociaal Domein zijn daarmee belangrijke partners. De gemeente als betrouwbare partner en opdrachtgever Samenwerking met strategische partners vindt plaats vanuit de gemeentelijke rol als beleidsontwikkelaar en regisseur in het sociaal domein. Daarnaast is de gemeente opdrachtgever. Vanuit die rol is het van belang zo scherp mogelijk te formuleren wat de kaders zijn waarbinnen de opdracht moet worden vervuld en de opdrachtnemer aan te spreken op de (kwaliteit van) de geleverde prestatie. De gemeente zal de verschillende rollen die zij heeft, op een betrouwbare wijze invulling geven. Als betrouwbare opdrachtgever en als betrouwbare transformatiepartner: zijn we duidelijk over de kaders waarbinnen transformatieoplossingen moeten liggen; zijn we open over de vraagstukken waarop we nog geen antwoord hebben en zoeken we in openheid samen met de partners naar werkbare antwoorden op deze vraagstukken; geven we zo concreet mogelijk aan wat de opdracht is en binnen welke voorwaarden deze moet worden vervuld, door middel van een samenwerkingsovereenkomst of opname van de voorwaarden in de inkoop- of subsidievoorwaarden; spreken we opdrachtnemers aan op hun verantwoordelijkheid voor het nakomen van de opdracht èn hun maatschappelijke verantwoordelijkheid in het realiseren van de transformatie; sturen we – daar waar nodig – bij voorkeur bij door middel van dialoog. Bijsturing door middel van het beëindigen van opdrachtgever-opdrachtnemer relatie of het doorvoeren van financiële consequenties behoort tot de mogelijkheden, maar alleen dan wanneer er de dialoog onvoldoende resultaat oplevert. Daarnaast kunnen natuurlijk beleidswijzigingen een reden zijn op opdrachtgever-opdrachtnemer relaties te beëindigen. In die gevallen zal dat tijdig worden aangekondigd, zodat de partner tijd heeft om zich op de nieuwe situatie voor te bereiden. 3.3 Netwerkbijeenkomsten voor professionals en vrijwilligersorganisaties Om de korte lijnen tussen de professionals van het Beekdaelense zorgnetwerk te bevorderen, worden regelmatig netwerkbijeenkomsten georganiseerd. Deze bijeenkomsten zijn enerzijds bedoeld om te netwerken en om kennis en ervaringen met elkaar te delen. De deelnemers kunnen zichzelf en de expertise van zijn of haar organisatie presenteren aan de andere deelnemers. Het informele karakter van de netwerkbijeenkomsten is belangrijk. Juist ook partners die geen contractpartner van de gemeente zijn, zoals bijvoorbeeld het onderwijs, huisartsen/POH’s en wijkverpleegkundigen, worden uitgenodigd. Als men elkaar goed kent en goed op de hoogte is van wie waarvoor ingezet kan worden, kan hulp en ondersteuning sneller en adequater ingezet worden. De netwerkbijeenkomsten moeten ook een podium bieden aan vrijwilligersorganisaties of partijen die algemeen toegankelijke voorzieningen organiseren. In het kader van de transformatieopgave is het belangrijk dat de professionals uit het zorgnetwerk behalve van het zorgaanbod ook goed op de hoogte zijn van de mogelijkheden van het lokale voorliggend veld en informele netwerk. Ook verenigingen of een Hoeskamer kunnen immers iets betekenen in de ondersteuning van een hulpvrager. Anderzijds bieden de netwerkbijeenkomsten de mogelijkheid om te werken aan deskundigheidsbevordering. In de bijeenkomsten kunnen trainingen of workshops gegeven worden over nieuwe wetgeving en beleid – zowel op Rijks- als op gemeentelijk niveau - nieuwe ontwikkelingen of nieuwe werkwijzen (denk aan het werken met 1Gezin1Plan, omgaan met privacywetgeving, het herkennen van verward gedrag bij verwarde personen etc.). 4. Toegang en bedrijfsvoering 4.1 Dienstverleningsvisie Beekdaelen Bij de inrichting van de Toegang Sociaal Domein wordt rekening gehouden met de uitgangspunten van de Dienstverleningsvisie voor Beekdaelen. Deze gaat ervan uit dat de vraag en de situatie van de burger centraal staan, niet onze eigen processen en systemen. Wij zorgen ervoor dat de burger niet telkens contact moet zoeken of informatie moet aanleveren, maar wij organiseren onze diensten aan de achterkant in samenhang. Onze dienstverlening is primair digitaal, maar ook persoonlijk contact is erg belangrijk, vooral daar waar maatwerk nodig is. Begin januari 2018 is alle (huidige) medewerkers van het sociaal domein van de 3 gemeenten verzocht om mee te denken over hoe de toegang tot het sociaal domein en hoe de interne bedrijfsvoering van de afdeling sociaal per 1-1-2019 zou kunnen (c.q. moeten) functioneren. De hoofdlijnen die in de bijeenkomst in januari naar voren kwamen zijn: regie bij de gemeente (ten aanzien van de inzet van (maatwerk)voorzieningen integraal werken benutting expertise van medewerkers laagdrempelige toegang inzet voorliggende voorzieningen goede netwerksamenwerking eenduidig ICT-systeem Vervolgens zijn drie werkgroepen gevormd, te weten Loket, Consulenten en Administratie om per werkgroep verder uit te werken welke taken er bij de desbetreffende functie horen en hoe deze uitgevoerd moeten worden. De uitkomsten van de 3 werkgroepen zijn als bijlagen bij deze notitie gevoegd. In grote lijnen zijn er geen grote verschillen en/of discussiepunten over de (uitvoering) van taken. Echter, enkele adviezen en suggesties kunnen om moverende redenen niet (volledig) uitgevoerd worden. In een separaat nog op te stellen en vast te stellen document zal de toegang en de bedrijfsvoering verder volledig uitgewerkt worden, inclusief interne processen in relatie tot de diverse ICT-systemen van de afdeling Sociaal Beekdaelen. NB: de nieuwe raad van Beekdaelen zal nieuw beleid vaststellen voor het sociaal domein. Dit kan andere elementen bevatten dan waar deze visie vanuit gaat, waardoor één en ander aanpassing behoeft. 4.2 Dorpscoördinatoren Om dicht bij de gemeenschappen van de dorpen aanwezig te zijn, zet de gemeente dorpscoördinatoren in. Aangestuurd vanuit de gemeente, maar luisterend naar en denkend vanuit de dorpskern, is de dorpscoördinator de verbinder tussen gemeenschap en gemeente. De dorpscoördinator is de opbouwwerker nieuwe stijl. Hij/zij helpt met het vinden van antwoorden op vragen vanuit de gemeenschap en hij/zij legt contacten met de juiste personen binnen de gemeentelijke organisatie. De dorpscoördinator legt niet alleen contacten t.b.v. het sociaal domein, maar ook voor andere taakvelden van de gemeente. Hij/zij is buiten het gemeentehuis actief en bedient, afhankelijk van de omvang, 3 tot 4 dorpskernen. De dorpscoördinator kent de sleutelfiguren in elk dorp persoonlijk. Met hen heeft hij/zij een vertrouwensrelatie. De dorpscoördinator bouwt een netwerk van vrijwilligers op die hem/haar helpen en dat netwerk onderhoudt hij/zij. 4.3 Model Toegang Het gestelde in de voorgaande hoofdstukken/paragrafen is vertaald in een model voor de Toegang. Het model moet vanaf 1-1-2019 verder ontwikkeld worden en groeien naar een vertrouwd stelsel voor onze burgers, (professionele) partners, verenigingsleven, vrijwilligers etc., doch ook bij ambtelijk en bestuurlijk Beekdaelen: Toelichting op het model van Toegang: Een inwoner die een (ondersteunings-)vraag heeft kan vanaf 1-1-2019 gebruik maken van de website ‘Sociaal Domein Beekdaelen’ (verder: website SD). Deze website bestaat uit een digitaal loket en sociale kaart en zal naast de gemeentelijke (hoofd)website bestaan. Via een link/koppeling (toptaak) op de website van de gemeente komen bezoekers direct op de website SD, waar ze alles kunnen vinden over het sociaal domein; alles op één plek. Het is een informatieve website voor iedereen die vragen heeft over o.a.: de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zorg opvoeden en opgroeien (Jeugdhulp) werk en inkomen (Participatiewet) vrijwilligersbeleid mantelzorgbeleid …. …. Met de invoering van de Wmo, jeugdwet en participatiewet in 2015 ligt de nadruk in het sociaal domein meer dan ooit op zelfredzaamheid. Wat kan iemand nog zelf doen? Wat kan iemand samen met de directe omgeving van familie, buren en vrienden? En waar kan iemand terecht als er hulp nodig is van een organisatie, of van de gemeente? Deze kantelingsgedachte vormt de kern van deze website. De website biedt: laagdrempelige informatie en tips (zelf doen) een koppeling met de sociale marktplaats (samen doen) een uitgebreide digitale sociale kaart (laten doen) Om dicht bij de gemeenschappen van de dorpen aanwezig te zijn, zet de gemeente tevens dorpscoördinatoren in. Zie het gestelde in paragraaf 4.2 Zowel digitaal als ook via de dorpscoördinatoren kan men de weg naar activiteiten, zorg en ondersteuning vinden. Doch uiteraard kan hij/zij ook ondersteuning zoeken in zijn eigen netwerk, bijvoorbeeld bij buren, familie of vrijwilligers. Hierdoor zullen andere inwoners of organisaties op basis van een signaal en/of een verzoek, op zoek gaan naar informatie. In veel gevallen zal de inwoner het antwoord op zijn vraag zelf of met ondersteuning kunnen vinden. Het gaat dan hoofdzakelijk over vraagstukken waarbij niet zo veel aan de hand is, die snel op te lossen zijn en waarbij de vereiste ondersteuning in het algemeen kortdurend van aard is. Met de informatie via de website SD en de (door)verwijzing van dorpscoördinatoren kan de inwoner vormen van ondersteuning direct zelf organiseren. De website SD kan (op termijn) ook een vraagbaak zijn waar inwoners ideeën kunnen plaatsen of zelf ondersteuning kunnen aanbieden aan anderen. Of de hulpzoeker krijgt antwoorden op de meest gestelde vragen. Indien de inwoner via de website SD en/of dorpscoördinator de informatie niet kan vinden of deze bronnen niet kan of wil raadplegen, dan kan (via het KCC) contact gelegd worden met de uitvoering Sociaal (administratie) Beekdaelen. De administratie bewaakt de voortgang van alle processen en dossiers. De administratie vormt het professionele loket, omdat de administratie tijdens kantoortijden continu bezet kan worden. De administratie zorgt ervoor dat beschikkingen worden verzonden en bekijkt of de zorg en ondersteuning ook daadwerkelijk wordt geleverd. De administratie is niet verantwoordelijk voor de inhoud van de adviezen, zorg of ondersteuning. Op dat gebied heeft de administratie een belangrijke signaleringsfunctie t.b.v. de consulenten en beleidsmedewerkers,alwaar men ook de informatie over het sociaal domein kan verstrekken. De administratie kan wanneer de vraag niet complex van aard is, maar er wel behoefte is aan extra ondersteuning, telefonisch direct doorverwijzen naar b.v. algemene toegankelijke voorzieningen (voorliggend veld). Indien nodig wordt de aanvraag/melding geregistreerd en kan er door een huisbezoek en/of met het opvragen van extra informatie tot snelle inzet van ondersteuning worden gekomen. Het gaat hierbij dan over het algemeen om kortdurende ondersteuning vanuit een professionele organisatie of, als dat mogelijk is, vanuit een vrijwilligersorganisatie. Wanneer de vraag van de inwoner betrekking heeft op meervoudige problemen waarbij meer aan de hand is en het huishouden de regie in zelfredzaamheid dreigt te verliezen, wordt een consulent ingezet. De consulent geeft informatie, wijst de weg en ondersteunt de betreffende burgers(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.