Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Breda houdende regels omtrent huisvesting Verordening doelgroepen sociale woningbouw & middenhuur gemeente Bredagezien het voorstel van burgemeester en wethouders en met overname van de daarin vermelde overwegingen; gelet op de artikelen 1.1.1 eerste lid, onder d en j van het Besluit ruimtelijke ordening, 147 en 149 van de Gemeentewet; besluit vast te stellen: de Verordening doelgroepen sociale woningbouw & middenhuur gemeente Breda Artikel1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Aanvangshuurprijs: de huurprijs bij start van een huurovereenkomst exclusief servicekosten en/of een voorschot op de nutsvoorzieningen. Huishouden: een huishouden, bestaande uit een natuurlijk persoon en/of zijn niet duurzaamgescheiden levende echtgenoot of geregistreerd partner, of degene die met hem eengezamenlijke huishouding voert of zal gaan voeren in de te huren woning, niet zijnde kinderen of pleegkinderen; Inkomen: verzamelinkomen op basis van de Wet op de inkomstenbelasting 2001 of, wanneer geen inkomstenbelasting wordt geheven, het belastbare loon volgens de Wet op deloonbelasting 1964; Middeldure huurwoning: een huurwoning zoals gedefinieerd in artikel 1.1.1 lid 1 sub j van het Besluit ruimtelijke ordening; Sociale huurwoning: een woning zoals gedefinieerd in artikel 1.1.1 lid 1 sub d van het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel2Doel De gemeenteraad geeft in deze verordening uitvoering aan het gestelde in artikel 1.1.1, eerste lid, onder d en j van het Besluit ruimtelijke ordening. Artikel3Doelgroep sociale woningen 1.Als doelgroep voor sociale huurwoningen worden aangemerkt huishoudens met een inkomen tot aan de inkomensgrens van het DAEB-besluit van de Europese Commissie. Deze inkomensgrens refereert naar de inkomensgrens conform het besluit van de Europese Commissie ten aanzien van staatsteun. 2.De in deze verordening genoemde inkomensgrens wordt geïndexeerd wanneer de inkomensgrens uit het in het vorige lid genoemde besluit van de Europese Commissie wordt geïndexeerd. Artikel4Doelgroep middeldure huurwoningen Als doelgroep voor middeldure huurwoningen worden aangemerkt huishoudens met een inkomen tot aan 45.717,- Euro. Artikel5De huurprijsgrenzen 1.Een middeldure huurwoning in de vorm van een appartement dient een aanvangshuurprijs te hebben van maximaal 850 Euro. 2.Een middeldure huurwoning in de vorm van een grondgebonden eengezinswoning dient een aanvangshuurprijs te hebben van maximaal 925 Euro. 3.De gemeentelijke indexering van deze maximale huurprijsgrens vindt jaarlijks plaats aan de hand van de Consumenten Prijs Index (CPI) van het CBS, vanaf 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.