Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam houdende regels omtrent de MBO-agenda Subsidieregeling MBO-Agenda 2019Burgemeester en wethouders van Amsterdam Brengen ter algemene kennis dat zij in hun vergadering van 5 februari 2019 hebben besloten: De Subsidieregeling MBO-Agenda 2019 vast te stellen, op grond waarvan de subsidies worden verstrekt voor: De Amsterdamse Teambeurs mbo, bedoeld om 3.000 docenten, instructeurs en begeleiders in het mbo te professionaliseren De Projectplannen mbo, bedoeld om innovatieve projecten voor toekomstbestendig beroepsonderwijs te financieren De subsidieplafonds behorende bij de subsidieregeling MBO-Agenda 2019 vast te stellen, voor de schooljaren 2019/2020, 2020/2021, 2021/2022 en 2022/2023, onder voorbehoud van de vaststelling van de gemeenteraad van de betrokken begrotingen over voornoemde periode: voor de Amsterdamse Teambeurs mbo telkens, €1,25 miljoen per schooljaar; voor de Projectplannen mbo, telkens €2,25 miljoen per schooljaar; Subsidieregeling MBO-Agenda 2019 Hoofdstuk1Algemene bepalingen Artikel1.1 Begripsomschrijvingen In deze subsidieregeling wordt verstaan onder: ASA 2013: Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013; bestuurlijk overleg MBO-Agenda : overleg van de wethouder onderwijs en afgevaardigden van het College van Bestuur van de vier mbo-instellingen; college: college van burgemeester en wethouders van Amsterdam; groep: groep van minimaal 5 docenten die aan teamoverstijgende professionalisering werken; MBO-Agenda: gemeentelijk beleidskader voor het middelbaar beroepsonderwijs in Amsterdam met als doel te investeren in onderwijsinnovatie, professionalisering van onderwijsteams en de samenwerking met het bedrijfsleven; MBO-instelling: rijksbekostigde instelling voor middelbaar beroepsonderwijs, voor zover het een locatie betreft in de gemeente Amsterdam van ROC van Amsterdam, ROC TOP, Hout- en Meubileringscollege en het Mediacollege Amsterdam; Samenwerkingsverband VO: Samenwerkingsverband Voortgezet Onderwijs Amsterdam-Diemen coördineert en ondersteunt scholen bij het organiseren van passend onderwijs voor iedere leerling; schooljaar: de periode die loopt van 1 augustus van een kalenderjaar tot en met 31 juli van het daarop volgende kalenderjaar; team: een als afzonderlijke eenheid te onderscheiden team van onderwijsgevend en onderwijsondersteunend personeel dat onder leiding van een teammanager of programmaleider verantwoordelijkheid is voor het onderwijs van een aantal opleidingen; werkgroep MBO-Agenda: werkgroep van vertegenwoordigers van vier mbo-instellingen en ambtenaren van de gemeente Amsterdam die sturing geeft aan de uitvoering van de MBO-Agenda. Artikel1.2Toepasselijkheid Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013 De Algemene Subsidieverordening Amsterdam 2013 is van toepassing, tenzij daarvan in deze regeling uitdrukkelijk wordt afgeweken. Artikel1.3Doel subsidieregeling Het doel van deze subsidieregeling is dat Amsterdamse MBO-instellingen en hun teams in staat worden gesteld om met kwalitatief sterk onderwijs jongeren goed voor te bereiden op de eisen van de samenleving en de arbeidsmarkt, nu en voor de toekomst. Artikel1.4Aanvraagtermijn De subsidieaanvraag voor een projectplan of teambeurs wordt uiterlijk op 22 april voorafgaand aan het schooljaar waarop de aanvraag zich richt, ingediend. Artikel1.5Aanvullende verplichtingen Naast de verplichtingen op grond van artikel 10 en 11 van de ASA 2013, zijn aan de subsidie de volgende verplichtingen verbonden: de aanvrager en zijn medewerkers waarvoor subsidie wordt ontvangen, werken mee aan inhoudelijk onderzoek door de gemeente Amsterdam ten behoeve van evaluatie en monitoring; de aanvrager is bereid ervaring en ontwikkelde producten in het kader van de subsidiabele activiteiten ter beschikking te stellen aan andere teams en opleidingen binnen en buiten de eigen mbo-instelling; Als voor de uitvoering van gesubsidieerde activiteiten gebruik wordt gemaakt van een externe deskundige mogen de kosten hieraan verbonden niet meer bedragen dan €125,- per uur; Indien in verband met de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten binnen de reguliere werktijd een of meerdere betrokken docenten vervangen worden, mogen de vervangingskosten maximaal € 50,- per uur per persoon bedragen. Artikel1.6Verantwoording In aanvulling op artikel 14, tweede lid, van de ASA 2013 bevat de aanvraag tot subsidievaststelling hoeveel de aanvrager zelf heeft bijgedragen aan de kosten verbonden aan de uitvoering van de gesubsidieerde activiteiten; Hoeveel uren aan vervangend personeel en externe deskundigen over de gesubsidieerde periode is ingezet, uitgesplitst naar functies, uren en daaraan verbonden loonkosten. Hoofdstuk2Projectplannen mbo Artikel2.1Subsidiabele activiteiten 1.Het college kan een eenmalige subsidie verlenen als bijdrage aan de kosten verbonden aan de uitvoering van projecten gericht op de verwezenlijking van een van de volgende speerpunten van de MBO-Agenda : Investeren in onderwijsinnovatie en vernieuwing curriculum; Intensivering samenwerking onderwijs-werkveld; Opzetten van infrastructuur voor Leven Lang Ontwikkelen; Verbeteren van overstap vo-mbo; Stimuleren van mbo-studenten om op te stromen en door te stromen; Goede ondersteuningsstructuur ter voorkoming van verzuim en uitval; Inzetten op jongeren in een kwetsbare onderwijspositie. 2.Voor aanvragen van een College van Bestuur van een mbo-instelling bedraagt de subsidie: wanneer het een nieuwe aanvraag betreft maximaal 100% van de aan de uitvoering van het project verbonden kosten; wanneer het een aanvraag betreft gericht op voortzetting van een project activiteiten dat ie in het voorgaand schooljaar is zijn gesubsidieerd op grond van deze subsidieregeling of een voorafgaande subsidieregeling deze subsidie maximaal 75% van de aan de uitvoering van het project verbonden . Artikel2.2Subsidieplafond Het college stelt voor de activiteiten die volgens dit hoofdstuk voor subsidie in aanmerking komen per schooljaar het subsidieplafond vast. Artikel2.3Verdeelsleutel subsidieplafond en advies 1.De aanvragen die voor subsidie in aanmerking komen worden gerangschikt op een prioriteitenlijst. 2.Over de rangschikking en de hoogte van de te verlenen subsidie laat het college zich adviseren door het Bestuurlijk overleg MBO-Agenda. 3.De rangschikking wordt bepaald door het aantal punten dat een projectplan behaalt op basis van de volgende tien criteria: de mate waarin het project zich richt op : de speerpunten van de MBO-Agenda; innovatie; actuele thema’s. de mate waarin het plan getuigt van ambitie aan de hand van: de verhouding tussen de besteding van middelen en het doel; de verduurzaming van het project in de onderwijsorganisatie. de mate waarin het plan getuigt van kwaliteit volgend uit een: concrete, realiseerbare doelstelling; methodische onderbouwing; effectmeting; evaluatie van het project; kennisdeling met andere opleidingen, locaties en mbo-instellingen. 4.Per criterium kan nul tot en met tien punten worden behaald. 5.De aanvragen worden gehonoreerd naar de volgorde op de prioriteitenlijst. Artikel2.4Aanvrager De subsidie uit dit hoofdstuk kan uitsluitend worden aangevraagd door het College van Bestuur van een mbo-instelling of door het bestuur van het Samenwerkingsverband VO. Artikel 2.5 Weigeringsgrond In aanvulling op artikel 9, eerste lid van de ASA 2013 weigert het college een subsidie te verlenen, als een aanvraag op een criterium genoemd in artikel 2.3, derde lid op twee onderdelen 0 punten heeft gescoord, of minder dan 60% van het totaal te behalen punten heeft behaald. Hoofdstuk3Amsterdamse teambeurzen mbo Artikel3.1Subsidiabele activiteiten 1.Het college kan een eenmalige subsidie verlenen als bijdrage in de kosten verbonden aan de uitvoering van een of meerdere activiteiten gericht op professionalisering van docenten en onderwijsondersteunend personeel zoals beschreven in speerpunten 1 en 2 van de MBO-Agenda. 2.Deze in het eerste lid bedoelde bijdrage bedraagt ten hoogste 75% van de totale kosten van de te subsidiëren activiteit(en) met een maximum van € 1.500,-vermenigvuldigd met het aantal personen in het team of de groep waarvoor de aanvraag is ingediend. Artikel3.2Subsidieplafond Het college stelt voor de activiteiten die volgens dit hoofdstuk voor subsidie in aanmerking komen per schooljaar het subsidieplafond vast. Artikel3.3Verdeelsleutel subsidieplafond 1.Indien het subsidieplafond ontoereikend is om alle aanvragen die in aanmerking komen voor subsidie te honoreren, geldt de volgende verdeelsystematiek. Per aanvrager wordt procentueel berekend op welk deel van het subsidieplafond hij op basis van het aantal bij zijn instelling ingeschreven studenten maximaal recht heeft ten opzichte van het totaal aantal studenten van alle aanvragende instellingen samen. Als het aangevraagde bedrag hoger is dan voornoemd percentage, wordt het bedrag verlaagd tot dit percentage. 2.Aanvrager bepaalt zelf in geval van een lager verleend subsidiebedrag als bedoeld in het eerste lid, welk team eventueel niet in aanmerking komt voor de teambeurs en stelt de gemeente hiervan op de hoogte. Artikel3.4Aanvrager De subsidie uit dit hoofdstuk kan uitsluitend worden aangevraagd door het College van Bestuur van een mbo-instelling. Artikel3.5Weigeringsgrond In aanvulling op artikel 9, tweede lid, van de ASA 2013 kan het college geheel of gedeeltelijk weigeren een subsidie te verlenen als: de aanvraag betrekking heeft op het aanschaffen van roerende zaken, leermiddelen en aanpassingen aan de onderwijshuisvesting; de aanvrager voor hetzelfde team al eerder een teambeurs heeft ontvangen op grond van deze subsidieregeling; de activiteiten waarvoor de subsidie is aangevraagd onvoldoende methodische zijn onderbouwd; er geen sprake is van duurzame borging in de organisatie. Hoofdstuk4Slotbepalingen Artikel4Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling MBO-Agenda 2019 Burgemeester en wethouders voornoemd,Femke Halsema, burgemeester Peter Teesink, gemeentesecretarisToelichting bij de Subsidieregeling MBO-Agenda 2019 Algemene toelichting Deze subsidieregeling is onderdeel van de Amsterdamse MBO-Agenda 2019-
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.