Huisvestingsverordening Gooi- en Vechtstreek 2015De raad van de gemeente Weesp; gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 mei 2015; gelet op de Huisvestingswet 2014; overwegende dat in de regio Gooi en Vechtstreek al sinds een groot aantal jaren sprake is van schaarste zoals onderbouwd in de toelichting op deze verordening; na overleg met woningcorporaties en alle gemeenten in de regio; Besluit: Vaststellen van de Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek 2015 De verordening 1 dag na publicatie in werking te laten treden. De voorgaande Huisvestingsverordening Gooi- en Vechtstreek op die datum in te trekken. HOOFDSTUK1.Algemene bepalingen Artikel1.1Begripsbepalingen In deze verordening wordt verstaan onder: Brp: (Wet) basisregistratie personen; bijzondere maatschappelijke doelgroep: woningzoekende, die ingezetene van de regio is en die vanwege huurschuld en/of ernstige overlast ontruimd is en waarbij zelfstandig huurderschap vanwege de overlast en of financiële problematiek (nog) niet mogelijk is; directe bemiddeling: beschikbaar stelling van een woning door direct overleg tussen een daarvoor aangewezen medewerker (van het urgentiebureau of de woningcorporaties) met de woningcorporatie; doorstromer: woningzoekende die een zelfstandige huur- of koopwoning achterlaat in de regio; economische binding: de situatie dat de woningzoekende met het oog op de voorziening in het bestaan een redelijk belang heeft zich in de woningmarktregio te vestigen. Hieronder wordt verstaan het duurzaam (tenminste 19 uur per week) verrichten van arbeid binnen of vanuit de woningmarktregio. Er moet eveneens sprake zijn van een duurzame relatie tussen arbeid en betrokken gebied. Het duurzaam volgen van een dagopleiding in de woningmarktregio wordt hiermee gelijk gesteld; gemeentebinding: economische of maatschappelijke binding conform deze verordening aan uitsluitend de betreffende gemeente; herhuisvestingsurgentie: urgentie die wordt toegekend omdat een bestaande woning in de regio van een corporatie moet worden verlaten door grootschalige renovatie of sloop; huishouden: een alleenstaande die een huishouden voert, danwel twee of meer personen die een gemeenschappelijke huishouding voeren, danwel wenst te voeren resp. wensen te voeren; huishoudinkomen: gezamenlijke verzamelinkomens als bedoeld in Rijksregelingen; huren onder voorwaarden: een (te sluiten) huurcontract met bijzondere voorwaarden over gedrag, goed huurderschap en/of een zorgcontract ten behoeve van een woningzoekende uit de bijzondere maatschappelijke doelgroep waarbij het huurcontract in eerste instantie op naam van een zorgaanbieder gesloten kan worden. inkomen: conform rijksbeleid inwoning: bewoning van een woonruimte die onderdeel uitmaakt van een woonruimte die door een ander huishouden in gebruik is genomen; ingezetene: degene die, voorafgaand aan de urgentieaanvraag en/of woningtoewijzing, gedurende tenminste één jaar onafgebroken in de Brp van één van de gemeenten in de woningmarktregio is ingeschreven en in die gemeente daadwerkelijk zijn/haar hoofdverblijf heeft conform de wet Brp; inschrijving: inschrijving als woningzoekende; inschrijfsysteem: de door of namens B&W bijgehouden registratie van woningzoekenden; kamer: elke afzonderlijke ruimte in een woning bestemd voor woon- en/of slaapruimte; loting: het gebruikmaken van een toevalsgenerator om de rangorde bij woningtoewijzing te bepalen; maatschappelijke binding: De situatie dat de woningzoekende een redelijk, met de plaatselijke samenleving verband houdend belang heeft zich in de woningmarktregio te vestigen. Hieronder wordt in deze verordening verstaan de ingezetene van de woningmarktregio in de zin van deze verordening, de woningzoekende die gedurende de voorafgaande tien jaar tenminste zes jaar onafgebroken ingezetene is geweest van de woningmarktregio en de mantelzorger die conform de definitie uit deze verordening, mantelzorg verleent aan een inwoner van de woningmarktregio. mantelzorg: intensieve, langdurige zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende in de woningmarktregio, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond; onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte; oude waarde: voor doorstromers: de woonduur van de woningzoekende in de huidige huur- of koopwoning in de regio tot 29 september 2011, Voor starters en woningzoekenden van buiten de regio: de inschrijfduur van de woningzoekende tot 29 september 2011. pfho: portefeuillehoudersoverleg Sociaal Domein van de regio Gooi en Vechtstreek; postcodegroep: een verzameling adressen met een identieke door Post NL toegekende postcode; regionale urgentiecommissie: de commissie als bedoeld in artikel 1 onder g van het Reglement Regionale Urgentiecommissie Gooi en Vechtstreek 2015; regionaal medisch deskundige: een door burgemeester en wethouders aangewezen medisch adviseur; starter: woningzoekende ingezetene van de regio die geen zelfstandige huur- of koopwoning achterlaat; tweede kans: het aan een huurder van een toegelaten instelling, die met uitzetting wordt bedreigd vanwege omstandigheden in de persoonlijke sfeer van die huurder, bieden van een tweede (meestal laatste) mogelijkheid zich als een goed huurder te gedragen in de huidige woning of een andere woning van dezelfde (of een andere samenwerkende) woningbouwvereniging. Hierbij is verplichte begeleiding een voorwaarde voor de huurder om de problematiek die tot uitzetting van de huurder zou leiden op te lossen of sterk te verminderen urgentie: een door burgemeester en wethouders toegekende voorrang op andere woningzoekenden; vergunninghouder: (statushouder) persoon van wie de asielaanvraag uitmondt in een geldige status tot verblijf (verblijfsvergunning) in Nederland en voor wie als gevolg daarvan dezelfde rechten en plichten gelden als voor Nederlanders; vestiger: woningzoekende van buiten de woningmarktregio; wet: Huisvestingswet 2014; woning: woning als gedefinieerd in artikel 7:234 BW welke een eigen toegang heeft en welke de bewoner kan bewonen zonder daarbij afhankelijk te zijn van wezenlijke voorzieningen buiten de woning; woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 70 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in woningmarktregio; woningmarktregio: het grondgebied van de gemeenten Blaricum, Bussum, Hilversum, Huizen, Laren, Muiden, Naarden, Weesp en Wijdemeren; woningzoekende: huishouden dat in het inschrijfsysteem is ingeschreven; woonduur: de tijd dat de woningzoekende feitelijk als huurder of koper zijn hoofdverblijf op het huidige adres in de regio heeft conform de wet Brp; zelfstandige woonruimte: de woning conform Burgerlijk Wetboek 7 artikel 234, zoekwaarde: waarde waarmee sinds 29 september 2011 de rangorde van woningzoekenden bij de woningtoewijzing wordt bepaald; zorgcontract: een door een gemeente gecontracteerde instelling of door een gemeentelijke Wmo medewerker opgesteld plan voor zorg of behandeling van een persoon uit de bijzondere maatschappelijke doelgroep ten behoeve van huisvesting voor die persoon, geaccordeerd door zowel de gecontacteerde instelling als de gemeentelijke Wmo medewerker en de persoon uit de bijzondere maatschappelijke doelstelling; zorgindicatie: vaststelling van de behoefte voor langdurige persoonlijke zorg en/of begeleiding in een zelfstandige woning door de wijkverpleging, op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning of de Wet langdurige zorg. Artikel1.2Berekening Zoekwaarde 1.Voor woningzoekenden die al vóór 29 september 2011 als huurder of eigenaar een zelfstandige huur- of koopwoning bewoonden in de regio en deze ná 29 september 2011 zullen achterlaten bij het betrekken van een sociale huurwoning van de corporaties in de regio geldt de navolgende zoekwaarde: bij inschrijving als woningzoekende vóór 29 september 2011: 100% van de oude waarde vermeerderd met de inschrijfduur vanaf 29 september 2011. bij inschrijving als woningzoekende ná 29 september 2011: 100% van de oude waarde vermeerderd met de actuele inschrijfduur van na 29 september 2011. 2.Voor woningzoekenden die na 1 januari 2011 zijn uitgeschreven als woningzoekende vanwege de acceptatie van een sociale huurwoning van de corporaties in de regio geldt bij nieuwe inschrijving als woningzoekende: 75% van de zoekwaarde die nodig was om de laatste sociale huurwoning te verkrijgen vermeerderd met de duur van die nieuwe inschrijving. 3.Voor woningzoekende starters of vestigers van buiten de regio die al vóór 29 september 2011 ingeschreven stonden als woningzoekende en niet als huurder of eigenaar een zelfstandige woning in de regio achterlaten geldt: de oude waarde tot 29 september vermeerderd met de inschrijfduur vanaf 29 september 2011. 4.Bij echtscheiding of verbreken van een relatie na 29 september 2011 geldt: de laatst in de woning achterblijvende woningzoekende krijgt de eventuele extra zoekwaarde als bepaald in lid 1 en 2, vermeerderd met de eigen inschrijfduur als woningzoekende als hoofdaanvrager respectievelijk partner. Voor de woningzoekende die de woning als eerste gaat verlaten of al verlaten heeft geldt: de eigen inschrijfduur als hoofdaanvrager respectievelijk partner. 5.Voor alle overige woningzoekenden geldt de navolgende zoekwaarde: de duur van de actuele inschrijving. Artikel1.3Inschrijfsysteem van woningzoekenden Burgemeester en wethouders houden een uniform inschrijfsysteem van woningzoekenden bij. Zij stellen regels op over de wijze van inschrijving, registratie van gegevens, opschorting en einde van de inschrijving. De woningzoekende ontvangt een digitaal bewijs van inschrijving. Inschrijvingen die in een andere gemeente binnen de regio zijn gedaan hebben gelijke gelding als inschrijvingen bij burgemeester en wethouders. Artikel1.4Bekendmaking aanbod van woonruimte 1.Het aanbod van de in artikel 4.1 aangewezen woonruimte wordt bekendgemaakt door publicatie via een (regionaal) digitaal platform. 2.Ook andere woonruimte kan via dit platform worden aangeboden. 3.De bekendmaking bevat in ieder geval: het adres en de huurprijs van de woonruimte met vermelding van woningtype, aantal kamers en ligging, en de mededeling dat de woonruimte niet voor bewoning in gebruik genomen mag worden als daarvoor geen huisvestingsvergunning is verleend, en indien van toepassing, de criteria en voorrangsregels voor het verlenen van de benodigde huisvestingsvergunning, en de op grond van artikel 26 lid 2 van de wet bepaalde huurprijs van de woning. Artikel1.5Woonruimte van een bepaalde aard, grootte of prijs 1.Woonruimte kan door burgemeester en wethouders worden aangemerkt als: woonruimte in specifieke ouderen- of jongerencomplexen; woonruimte die toegankelijk is voor mensen met een beperking en/of een zorgindicatie; woonruimte in een complex met een zorginfrastructuur; woonruimte waarbij ten behoeve van de huurders collectieve zorg wordt ingekocht; nieuwbouwwoningen die voor het eerst worden toegewezen. Woonruimte in de gemeenten Blaricum, Laren, Muiden en Wijdemeren waarvoor gemeentebinding een voorwaarde is, met een maximum van 25% van de jaarlijks beschikbaar komende woonruimte in de betreffende gemeente. 2.Burgemeester en wethouders kunnen voorwaarden formuleren waaraan een woningzoekende moet voldoen om in aanmerking te komen voor deze woonruimte. HOOFDSTUK2Urgentie Artikel2.1Toekenning urgentie 1.Burgemeester en wethouders kennen voor de in artikel 4.1 aangewezen woonruimte urgentie toe aan woningzoekenden die voldoen aan artikel 12 lid 3 van de wet: woningzoekenden die verblijven in een voorziening voor tijdelijke opvang van personen die in verband met problemen van relationele aard of geweld hun woonruimte hebben verlaten; woningzoekenden met maatschappelijke binding die mantelzorg ontvangen of verlenen, of, vergunninghouders (statushouders) als bedoeld in artikel 28 van de wet. 2.Burgemeester en wethouders kennen voor de in artikel 4.1 aangewezen woonruimte urgentie toe aan woningzoekenden die voldoen aan: de criteria voor de verlening van een huisvestingsvergunning uit artikel 4.4, met uitzondering van het criterium over de rangorde, en, de randvoorwaarden uit artikel 2.2, en, één of meer van de criteria van artikel 2.3. 3.Burgemeester en wethouders kennen voor de in artikel 4.1 aangewezen woonruimte herhuis-vestingsurgentie toe indien er een concreet plan voor sloop of renovatie van de bestaande woning voorligt dat noopt tot vertrek uit die woning. Artikel2.2Randvoorwaarden voor urgentie Voor de toekenning van urgentie gelden de navolgende randvoorwaarden: Er dient sprake te zijn van een noodsituatie die vergt dat er direct of uiterlijk binnen drie maanden een woning beschikbaar komt ter voorkoming van ernstige schade voor het welzijn van de woningzoekende, waarbij die schade het rechtstreeks gevolg is van de bestaande woonsituatie. De woningzoekende dient aan te tonen dat hij getracht heeft het probleem zelf op te lossen. In de gevallen bedoeld in artikel 2.1 lid 2 dient de woningzoekende die geen ingezetene is van de regio, maar wel een maatschappelijke of economische binding heeft, aan te tonen dat het woonprobleem uitsluitend in deze woningmarktregio opgelost kan worden. Artikel2.3Criteria voor urgentie Voor de toekenning van urgentie moet de woningzoekende en/of een lid van zijn gezin aan één of meer van navolgende criteria voldoen: Medische gronden: medische problemen waarop de huidige woonsituatie een zeer ernstige negatieve invloed heeft terwijl die problemen redelijkerwijs niet oplosbaar zijn binnen de huidige woonsituatie. De regionaal medisch deskundige en de regionale urgentiecommissie brengen advies uit. Dakloosheid ten gevolge van calamiteiten: de huidige woning is blijvend onbewoonbaar en de woningzoekende kan niet zelf in andere woonruimte voorzien. Dakloosheid van een ouder met minderjarig(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.